2019-12-03 Jacques Nieskens

Ik hoorde de Gens nog zeggen “kom Chris, we maken dat we wegkomen, Kueb wordt wild op die fiets”

Kueb (Jacques) Nieskens, 87 inmiddels, was in de eerste helft van de jaren vijftig, vorige eeuw een van de beste amateurs in het Limburgse land. Naar eigen zeggen waren de jaren ’52, ’53 en ’54 zijn beste jaren. Dat het inderdaad beste jaren waren is ook terug te zien aan zijn palmares. Ik lees in zijn plakboeken o.a. een keer Limburgs kampioen, 3e in het eindklassement van de Ronde van Belgisch Limburg, etappezege’s in de Ronde van Limburg en de Ster van Namen en Ronde van de Twaalf Kantons, 8e in het eindklassement van Île de France. Winnaar van tal van criteriums in België, Duitsland en Nederland. Ook was hij enkele keren als 1e reserve geselecteerd voor de WK’s maar het is er nooit van gekomen. Ik was graag meegegaan naar enkele van die mooie WK‘s, ik noem met name Solingen in ’54 waar Mart van der Borgh nog mooi 3e werd.

Jacq. Nieskens met z’n zoveelste overwinningskrans

Kueb kon goed bergop maar was daarnaast ook nog eens een rappe eindspurt.  Hij maakte deel van een uitstekende lichting Limburgse amateurs en onafhankelijken, ik noem Jan Nolten, Piet Haan, de gebroeders Steevens, Kees Boelhouwers, Jef Lahaye, de gebroeders Gelissen, Piet van den Brekel, Flor van der Weijden, Harry Schoenmakers, Mart van den Borgh, Sjra Vergooszen, Nol Ehlen, en zeker nog een tiental namen moeten in dit rijtje eigenlijk ook nog benoemd worden, b.v. Fons Steuten, Willy Gramser, …

V.l.n.r: ploegleider Toine Gense, Jacq, Nieskens, Flor van der Weijden en Mart van der Borgh

In 1932 geboren in Swalmen, niet ver van Roermond. “Ik  was een echte Schwaamer zoals ze dat zeggen, ze daar allemaal “enne slaag van de meule”. Ja, Jacq kan goed vertellen over de koers en meer, en dit met, zoals meteen al met deze uitspraak blijkt, veel humor.

Bij Swalmen denk ik al meteen aan de wielerpionier Mathieu Cordang die daar ook woonachtig was. Ja zegt Jacq, ik heb hem nog gekend, al was ik toen nog een kwajongen van een jaar of tien. Hij had aan de provinciale weg in Swalmen een garage. Er waren 2 benzinepompen voor de deur, een met diesel en een met benzine. Ik zat ooit aan een van de hendels van zo’n pomp te frunniken, ik had niks in de gaten tot ik plots van achteren een oorvijg kreeg, het was Mathieu Cordang zelf… Een jaar later schat ik, dat hij is overleden, dat was in de oorlog, in 1942”.

Onthulling van het monument ter ere van Mathieu Cordang in Swalmen , 29 augustus 2018, geheel links Jacq. Nieskens. Inzet rechts: Het monument

“Ik was een knaap van zo’n 14 jaar toen ik begon met werken, dat was in Swalmen bij de houtfabriek. “Een oom van me  die was daar machinist, die wilde graag hebben dat ik daar kwam werken. Na verloop van tijd, niet lang nadat ik er was begonnen, zei tegen oom Willem, Ik blijf hier niet, ik kreeg meteen een draai om mijn oren, jij blijft hier en je word net als ik ook machinist op die stoommachine. Maar ik wilde dat niet. Ik zag in de krant staan dat er in Tegelen, bij een machinefabriek, mensen gevraagd werden waarop ik tegen mijn vader zei dat ik daar heen ging om te vragen of ik er mocht beginnen want dat hout, het interesseerde me totaal niet”. Het enige wat hij zei “als er maar brood op de plank komt”.

De Ronde van (Belgisch) Limburg, TWC Maastricht (10 renners per ploeg) vóór de start, Kueb Nieskens, 3e van links nam 4 maal deel aan deze 5 daagse etappekoers, en won een etappe en 3e in het eindklassement

Ik ben toen met mijn fiets, er zaten niet eens banden op dus op de velgen, naar Tegelen gereden. Ik stond er aan de poort te kijken toen de baas me zag staan en vroeg:  “Jong, wat kumste doon? Of ik er mocht komen werken. Morgen zei hij, wat mij betreft morgen, morgen mag je beginnen! Maar ik moest eerst nog ontslag nemen op de houtfabriek in Swalmen. Twee weken later stond aan de zaagmachine, ijzer te zagen. Ik reed al een week op en neer naar Tegelen, toch een dikke 15 km enkele reis met mijn fiets, op de velgen toen hij van mijn collega’s vernam. Hij kwam naar me toe en vroeg “Joong, heb je geen geld voor banden?  Ik kreeg wel 3 gulden 60 reiskosten vergoeding per week, die hield ik fijn mijn zak. Ik was de benjamin van het bedrijf en moest ook wel eens boodschappen hiervoor doen, met die fiets zonder banden. Hij kwam naar me toe en zei: “En straks ga je naar Strouken, die naam vergeet ik nooit. Rijwielzaak Strouken dat was in Tegelen, je gaat daar een stel binnen en buitenbanden halen, en morgen dan kom je naar je werk met je fiets mét banden! ’s Anderendaags stond hij mij al bij de fietsenkelder op te wachten, ik heb er uiteindelijk 6 jaar gewerkt. Ik heb er een super leerschool gehad, die baas, die man was als een vader voor me.

foto Tonny Strouken

Hoe ik aan het fietsen toe gekomen ben? Nou, op de fabriek in Tegelen daar kwamen 20 fietsen aan, Peugeot, sportfietsen, die kostten toen 125 gulden per stuk, super sportfietsen.  Sjaak, zei mijn baas, geef je op, dan krijg je ook een fiets. Ik dacht dat ik geen kans op een fiets zou hebben maar hij zei, Sjaak, geef je op, dan krijg je er een, ik zorg daar voor! En zo was het, ik kreeg een fiets, een Peugeot sportfiets, mét spatborden, maar die waren er al af voordat ik thuis was. Er zat wel nog geen koersstuur op. Nog geen 100 meter van ons huis was een vuilnisbelt, daar heb ik een oud stuur van een omafiets af gehaald, omgedraaid, afgezaagd en nog wat aan gelast en kijk, ik had een koersfiets! Zo ben ik aan wielrennen toe gekomen. Mijn eerste wedstrijden reed ik bij de “wielerbelang’ ( de latere NWB), dat was meen ik in 1946. De eerste wedstrijd die ik heb gewonnen, dat was in Haelen, ook dat vergeet ik nooit van mijn leven,want ik klopte daar Hans Voesten. Die Voesten won destijds bijna alles maar toen ik in Haelen met hem op de streep afkwam…Tjoep… de bloemen. Ik had wel inmiddels een andere fiets. Ik  kocht een frame van Sjef Janssen in Elsloo, Sjefke had toen nog geen winkel, het was een frame dat hij afdankte. Ik moet zeggen, ik was er erg blij mee. Met het frame op mijn rug reed ik van Elsloo naar terug naar huis. Die renfiets heb deze toen zelf opgebouwd, Sjef Janssen had me er nog enkele onderdelen bij gedaan, ja, ik koester ook goede herinneringen aan Sjef, een sympathieke man met een groot wielerhart.

Jacq. Nieskens met zijn trotse ouders

Valpartijen? Ik? Ik durf het niet te zeggen, zo vaak, ik heb mijn rechter sleutelbeen in een koers gebroken, wáár was dat ook alweer? Een flinke valpartij, hup naar het ziekenhuis, ik kreeg een harnas aan. Na verloop van tijd ging het toch kriebelen. Ik zei tegen mijn moeder, ik woonde nog thuis, Mam, ik ga wat fietsen. Kijk uit zei ze, dat je niet op je beest valt. Via de dakkapel heb ik mijn koerskleren naar buiten gegooid, mijn vriend Jef stond buiten te wachten, op naar Overpelt in België, met de fiets natuurlijk, we gingen altijd met de fiets naar de koers. Mijn ploegleider Wouters zei nog Nies, ge gaat toch niet koersen met die arm? Gelukkig waren er geen kasseien. Ik werd 2e, als ik dat niet met die arm had gehad, dan had ik gewonnen, ik kon rechts niet aan het stuur trekken. Mijn moeder wist van niks, maar ik had toch weer een mooie cent, nee frank verdient. Bij de omloop Het Volk van 1956, de aankomst was op de baan, het zogenaamde Kuipke van Gent. Bij het binnenrijden van de piste kwam ik ten val, ik brak de knieschijf van mijn rechter been, het betekende het einde van mijn wielercarrière dus van valpartijen, ik weet er alles van! In 1957 ben definitief ik gestopt.

Limburgs Dagblad 16 juni 1952

Ik ben in bezit van een gouden, zilveren en bronzen medaille van de KNWU, een keer 1e, 2e en een keer 3e in het Limburgs kampioenschap. Dat kampioenschap dat ik behaalde op het Caubergcircuit. Die Cauberg vlóóg ik altijd omhoog, ik hoefde niet eens uit het zadel te komen, ik woog immers maar een kilo of 53. Het was in 1952 dat ik het Limburgs kampioenschap won, wat was me dat een heisa daar aan de streep. Velen meenden dat ik daar onterecht op het hoogste schavot stond, dat het Hein Gelissen was, Gibson noemden we hem, die de ware kampioen was die dag. Hein zou het eerst zijn wiel over de streep hebben geduwd. Maar Sjra Sillen, de bekende sportredacteur zei later “Jacq, ze hebben je willen besodemieteren, die foto’s van de finish, die hebben ze verdraaid” Hoe dat gaat weet ik ook niet, maar ik ben en blijf toch de Kampioen van Limburg van 1952.

vooruitblik uit de krant van juni 1956 met de uitslagen van de vijf voorafgaande jaren

Piet Haan klopte ik in zijn eigen dorp Mechelen, dat was een van mijn mooiste overwinningen, toch de koers waar ik de mooiste herinneringen aan heb. Het was mijn tweede of derde wedstrijd bij de amateurs. Mijn supporters van Swalmen die wilden me zelf naar Mechelen brengen met de auto. Dat was niks voor mij, ik ben met de trein naar Maastricht gereden en van daaruit met een rugzak op de fiets naar Mechelen. Ik had me nota bene bij Piet thuis omgekleed, hij had me dat zelf aangeboden. Een man vijf  hadden afspraken gemaakt, Piet zou voor eigen publiek mogen winnen, maar mij was daarover niks verteld.

foto Tonny Strouken

De dag erna, op maandag,  moesten we in Maastricht fietsen. Radium Ronde meen ik dat het was. Ik kwam Pietje voor de koers tegen, “Sjaak, zei hij, je hebt me gisteren de das om gedaan, wil je me hier niet helpen want hier heb ik ook veel supporters zitten. Ik zelf had trouwens ook een grote supportersclub met meer dan 500 leden, die gaven iedere maandag een kwartje.  Als mijn sponsor, dhr. Evers het goed vind ga ik akkoord. Nou, die vond het na die overwinning in Mechelen wel goed. En Piet Haan? Die won hierop de Radium Ronde van Maastricht. Ik kon met Piet Haan goed door één deur, we waren goede vrienden. Met  de andere coureurs kon ik ook goed mee overweg, behalve met Harry Ehlen….

Limburgs Dagblad 15 september 1952

Ronde van Mechelen 1952, met Piet Haan op de foto van sportfotograaf Tonny Strouken

Harry was een neef van Nol Ehlen. Nol was een geweldig coureur, en altijd eerlijk. Dat laatste kon ik van Harry niet zeggen. Het had allemaal te maken met de Ronde van Swalmen van 1956. Ik zat in de slag met Fons Steuten  en Harry Ehlen, we zaten samen in de kopgroep en de afspraak was dat ik zou winnen, met niet veel machtsvertoon. Ze wisten wel dat ik niet te kloppen was. We kwamen de laatste bocht uit, ik op kop, zet niet al te hard aan, ik kijk naar Fons Steuten en flits, de “schmale remmel” vliegt me voorbij… hij klopte me en ik was zó kwaad, mijn fiets vloog over een heg en ik snoeksprongde er ook nog overheen, ik was niet moe, helemaal niet. Klaartje, de vader van Harry, die kwam naar met toe, “Sjaak , zei hij, wat die witte van mij vandaag geflikt heeft, zal je hem wel nooit vergeven”. Ik zei, over drie weken dan is de Ronde van Geleen… daar wint hij nog niet één cent !! Oei, was zijn reactie, je gaat toch geen kloterijen uithalen Sjaak? Nee dat niet, maar ik ga er wel alles aan doen, dat heeft hij nog nooit meegemaakt!

Drie weken later de thuiswedstrijd van Harry Ehlen. Ik had al een paar premies voor de neus van Harry weggekaapt en hem er nog eens op gewezen dat hij geen cent ging verdienen.  Winand Kamphuis, die was ook uit Sittard, komt naast me rijden “Kuub, als ik nu wegspring, kom je dan terughalen?”, Nee Winand, jou niet, maar die “kruppel“ die zal achter ons eindigen.

Winand sprong weg, ik haalde hem niet terug, maar een ronde of drie, vier voor het einde wordt hij weer bijgehaald. Ik zat midden in de groep, ik hield alleen Harry in de gaten. We gaan op de streep aan, ik trek de spurt aan, ik win… en op de streep draai ik me om op de fiets en trek met mijn hand een lange neus naar Ehlen, ik heb er nog krantenartikel van, ge-wel-dig.

We gaan op de streep aan, ik trek de spurt aan, ik win… en op de streep draai ik me om op de fiets en trek met mijn hand een lange neus naar Ehlen

Ik reed al die jaren bij een Belgische ploeg, Victory (Jozef Schaeken Maaseik). Voor elke wedstrijd die ik won kreeg ik 100 gulden. En natuurlijk een fiets, koerskleding en tubes (maar niet zo veel tubes). De Victory fiets heb in nog steeds, al ligt hij wel uit elkaar, het frame de onderdelen en de wielen zijn er nog. Op een gegeven moment kwam er min of meer herrie, men wilde dat ik Belg zou worden, maar dat wilde ik niet, en mijn ouders al helemaal niet. Toen ben ik overgestapt naar de Eroba ploeg van Toine Gense.

V.l.n.r: Jozef Schaeken, (Victory rijwielen) met zijn dochter, Jacq Nieskens en rechts achter Kees Boelhouwers

Ronde van Epen 1952, jonge joong, wat was het slecht weer, wat een modderballet. Piet Haan moest daar winnen, hij was weggesprongen met Leo Steevens. Ik ben daar toen alleen naar toe gereden. Toen ik er bij zat zei Pietje tegen mij “Sjaak, ik wil hier graag winnen, dan delen we de prijzen en premies” Ik vond het goed, dat hebben we daarna nog vaak gedaan, de prijzen gedeeld.

Ronde van Epen 1952, v.l.n.r: Jacq Nieskens, Piet Haan en Leo Steevens. foto Tonny Strouken

Waar ik ook een gouden herinnering aan heb overgehouden is de 3e rit van de Ster van Namen, Stavelot– Jupille in 1955. Leo Stevens, die reed in de gele leiderstrui die hij na een geweldige tijdrit om de schouders had. In die derde etappe naar Juplille was op een gegeven moment mijn derailleur kapot, ik lag ruim een minuut achter. Mijn ploegleider, Toine Gense stopte met zijn Jeep naast me, Chris van Dooren zat achter het stuur. Ik kreeg de reservefiets van Harry Schoenmakers, die had dezelfde maat fiets als mij. Gense riep “als je maar zorgt dat je binnen de tijdslimiet binnenkomt!”. Tijdslimiet? Hoezo, tijdslimiet? Als je niet maakt, dat je snel wegkomt, dan, slinger ik deze bidon naar je hoofd! En er hoeft ook niemand op me te wachten, ik kom gemakkelijk alleen terug!!

Jacq. met zijn clubgenoten van TWC Maastricht

Ik hoorde de Gens nog zeggen “kom Chris, we maken dat we wegkomen, Kueb wordt wild op die fiets” Een motorrijder bleef bij me, die vroeg op een gegeven moment of ik nog goed wijs was, zo hard ging ik bergaf. Voor mij was het geen nieuws, dalen kon ik als de beste, ja, met doodsverachting! Zoals ook bij de criteriums, ik trapte in de bochten gewoon door, velen durfden me niet te volgen. Onder aan een berg kon ik weer aansluiten en dacht, als ze nu maar niet gaan demarreren want dan word ik er zo weer afgepiert, maar het viel mee, gedurende de beklimming schoof ik al doende steeds iets meer naar voren. De Gens kwam naast me rijden en stak zijn duim op. Bij de beklimming van de Hallembaye koos ik de aanval. En niemand kon me volgen, ik won de etappe met 31 seconden voorsprong.

Jacq. Nieskens winnaar van de Grosser Mücken Preis in Krefeld, ik won daar een sportfiets. Wat doen we daar mee? vroeg mijn broer Ton. Rij er maar mee naar huis, dan is hij van jou !! zei ik.

 

1969-07-27 Ronde van Ransdaal

Felle strijd op heuvelachtig circuit.

Fedor den Hertog kan in Ransdaal revanche nemen.

Nederlands beste wieleramateur, Fedor den Hertog, die afgelopen Zondag in Beek onttroond werd als wegkampioen, komt zondag naar Ransdaal om revanche te nemen voor deze onverwachte nederlaag. Kost wat kost wil Fedor in Ransdaal laten zien dat hij, en niemand anders, nog steeds amateur nummer één is. Het fraaie, heuvelachtige circuit in Ransdaal leent zich uitstekend voor een revanchewedstrijd.

Ongetwijfeld zullen vele duizenden zondagmiddag naar het idyllisch gelegen kerkdorp nabij Klimmen trekken om van een brok pure wielersport te genieten. De organisatoren hebben alles gedaan om de wedstrijd voor renners en kijkers zo interessant mogelijk te maken. Er vinden wedstrijden plaats voor  adspiranten, nieuwelingen en amateurs, telkens met de hoogste prijzenschema’s. De deelnemerslijsten bevatten vele klinkende namen. Verder zijn speciale prijzen beschikbaar voor het bergklassement en een sprintklassement. De afstanden zijn flink gereduceerd, zodat vanaf het prille begin tot het bittere einde fel gestreden zal kunnen worden, hetgeen bij langere afstanden vaak achterwege blijft: lange races hebben vaak een vlak en eentonig verloop.

Niet minder dan 180 renners stuurden hun inschrijving in voor de Ransdaalse wielerronde: 40 adspiranten, 75 nieuwelingen en 65 amateurs.

Opstellen voor de start, Ronde van Ransdaal 1969, rechts Fedor den Hertog, links plaatselijk favoriet, de Valkenburger Ton Habets.  foto Willy Vasmeer

Om 13.00 uur wordt begonnen met de adspiranten-wedstrijd, welke gaat over 10 ronden (23 km). Deze race zal bijzonder spannend kunnen worden met Smeets als grootste kanshebber op de eindzege en met als outsiders Blom, Crijns, Lamerichs, Merx, Pleuger, Smulders, Langen, Swelsen en Wintraecken.

De nieuwelingen-wedstrijd begint om 13.45 uur. Deze categorie dient 20 ronden of te wel 46 km. af te leggen. Klinkers start als favoriet nummer één, maar hij zal zijn handen vol krijgen aan Boonstra, Ceulen, Dassen. Diesveld. Dirix, Dohmen, Gerards, Geurts. Pelzer en Spronkmans.

Het hoofdnummer, de amateur-wedstrijd over 35 ronden (80 km) begint om 15.00 uur. Uiteraard start Den Hertog als grootste kanshebber op de zege, maar gemakkelijk zal Fedor het zeker niet krijgen, want er zijn er velen die graag de Ransdaalse wielerronde op hun naam willen schrijven. We denken aan Boersma, Van der Borgh, De Bree, Brouns, Buckx, Geilenkirchen, Ger Harings, Keybeck, Lucassen, Moonen, Meijers, Slüper en Wanders.

Limburgs Dagblad 25 juli 1969

Fedor den Hertog, winnaar in Ronde Ransdaal: “Ik begon gewoon wat harder te fietsen”…

Fedor den Hertog, als favoriet gestart in de zondagmiddag verreden Ronde van Ransdaal, heeft zijn fans niet teleurgesteld. Een tiental ronden voor het einde van de zware 80 km amateurwedstrijd op het bergachtig Ransdaalse circuit liet Den Hertog iedereen zijn achterwiel zien. „Ik begon gewoon wat harder te fietsen en plotseling zat ik alleen”, aldus de Ermeloër die momenteel bij Amstelploegleider Herman Krott in Amsterdam woont. In amper enkele ronden wist Den Hertog meer dan een halve minuut voorsprong bij elkaar te fietsen, een voorsprong die tegen het einde wel nog wat slonk, maar dat was Fedors eigen schuld, want hij deed het tegen het einde kalm aan. Karel Keybeck werd op 11 seconden tweede. De renner uit Schaesberg wist in de voorlaatste ronde nog weg te komen uit het peloton, evenals Boersma uit Treebeek, die 11 seconden na Den Hertog door de finish kwam. Het peloton, dat 24 seconden achterstand telde, werd aangevoerd door de Rotterdammer Hordijk, die de uitstekend rijdende John Sijen in de sprint om de vierde plaats klopte. compliment verdient Math. Pustjens uit Roosteren, die zowel het berg- als het leidersklassement won, telkens vóór Fedor den Hertog, Paul Janssen uit Bocholtz en Cor Boersma uit Treebeek.

Met dank aan Willy Vasmeer voor de mooie actiefoto’s uit zijn eigen archief !!

Rechts Ton Habets, uit de strijd wegens lekke achterband

De finish, Fedor den Hertog wint met gemak de Ronde van Ransdaal

De uitslag Amateurs:

  1. F. den Hertog, Ermelo, 80 km in 2.06.12 uur
  2. K. Keybeck, Schaesberg, op 11 sec
  3. C. Boersma Treebeek, op 14 sec
  4. J. Hordijk, Rotterdam, op 24 sec
  5. J. Sijen, Maastricht,
  6. F. de Bree. Schinveld
  7. J. Moonen, Voerendaal
  8. F. Slüper, Terwinselen
  9. G. van Elburg, Eygelshoven
  10. P. Janssen, Bocholtz
  11. H. Greymans, Weert
  12. L. Meijers, Maastricht
  13. C. Stevens, Amstenrade
  14. M. Pustjens, Roosteren
  15. H. Geilenkirchen, Schaesberg, op 36 sec
  16. Th. Grant, Engeland, op 1.30 min.
  17. G. Abraas Heerlen op 1.36 min.
  18. J. Scheffers, Geleen
  19. B. Daemen, Elsloo, op 1.49 min.
  20. M. Buckx, Born.

De leidersprijs werd gewonnen door Pustjens met 89 punten vóór 2. Den Hertog 70 punten, 3. P. Janssen 39 punten, 4. Boersma 37 punten en 5. Meijers 25 punten.

Het bergklassement werd eveneens gewonnen door Pustjens met 93 punten vóór 2. Den Hertog 87 punten, 3. P. Janssen 36 punten, 4. C. Boersma 30 punten en 5. H. Geilenkirchen 24 punten.

De wedstrijd voor Nieuwelingen: Winnaar Koos Klinkers

Koos Klinkers wint de Ronde van Ransdaal vóór Math Dohmen, Dirix, Dassen en Jan Claessens

Koos Klinkers, op de achtergrond Martin Brassé en Miel Peerebooms

Koos Klinkers

De uitslag Nieuwelingen:

  1. K. Klinkers, Hoensbroek 46 km in 1.15.20 uur
  2. M. Dohmen, Born
  3. G. Dirix, Heer
  4. H. Dassen, Maastricht
  5. J. Claessens, Urmond
  6. H. Hamers, Munstergeleen
  7. J. Geurs, Klimmen
  8. B. Ceulen, Maastricht, op 12 sec
  9. J. Pelzer, Eygelshoven
  10. W. Amels Valkenswaard, op 14 sec
  11. W. Wilms, Munstergeleen, op 24 sec
  12. J. Spronkmans, Elsloo, op 36 sec
  13. J. Raven, Geleen
  14. P. Tyssen, Sittard, op 39 sec
  15. G. Gijsbers, Casteren.

De wedstrijd voor Adspiranten: Winnaar Sjaak Smeets

Afgetekend wint Sjaak Smeets wint de Ronde van Ransdaal voor Adspiranten

Sjaak Smeets wint de Ronde van Ransdaal

Sjaak Smeets

De uitslag Adspiranten:

  1. J. Smeets, Beek, 23 km in 40.07 min.
  2. M. Maessen, Elsloo
  3. P. Laan, Amstelveen
  4. R. Smulders, Maastricht
  5. J. Langen, Kerkrade
  6. J. Swelsen, Brunssum
  7. P. Wintraecken, Elsloo
  8. W. Blom Gronsveld
  9. W. Pleuger, Heerlen
  10. J. Lamerichs, Berg en Terblijt

Limburgs Dagblad 28 juli 1969

Racefiets van James Staines spoorloos

De Engelse amateurwielrenner James Staines, als militair gelegerd in Duitsland, is zondagmiddag tijdens de Ronde van Ransdaal het slachtoffer geworden van een gauwdief. Staines, die de strijd had gestaakt, had het voorwiel van zijn blauwgroene Gazelleracefiets afgestaan aan een andere renner. Toen Staines later zijn fiets wilde ophalen, bleek deze te zijn verdwenen. Een oproep via de geluidsinstallatie leverde niets op en zo moest de Engelsman zonder zijn kostbaar karretje terugkeren naar zijn basis in Duitsland.