1968-06-16 Jan Krekels wint Österreich-Rundfahrt

Österreich-Rundfahrt 1968

Nederlandse aangelegenheid in Oostenrijk

Jan Krekels groot triomfator

Jan Krekels geflankeerd door de Oostenrijker Georg Postl en de Pool Czeslaw Polewiak foto Jan Krekels

Na zijn overwinningen in verschillende Nederlandse klassiekers was het Krekels gelukt een voorlopige kroon te zetten op zijn amper vierjarige loopbaan als wielrenner door een indrukwekkende zege in de Ronde van Oostenrijk. Na René Lotz, Jan Pieterse en Rini Wagtmans was hij de vierde Nederlander die deze zware, bijna 1600 kilometer lange etappekoers — de eerste grote ronde na die van Olympia waaraan hij deelnam — op zijn naam schreef.

„Het is zeker zwaar geweest”, geeft Jan eerlijk toe. „Het heeft vrijwel aan één stuk door geregend, behalve de laatste dag en iedere etappe weer waren er heuvels en bergen te beklimmen.”
Toch heeft Krekels juist in die bergen zijn slag geslagen. „Ja, dat was op de Grossglockner. Op de top had ik drie minuten achterstand, maar alle concurrenten lagen achter mij en toen heb ik me maar gewoon laten vallen. In de afdaling heb ik ze allemaal gepakt. Het gekke was: hoe hoger ik klom, des te gemakkelijker ging het. Het was behoorlijk koud en dat heb ik graag.”

Jan Krekels, de winnaar van de Ronde van Oostenrijk werd in zijn woonplaats Born uitbundig gehuldigd. De krans en een aantal bekers waren de in Oostenrijk gewonnen „trofeeën”.

Hoe koud het was blijkt uit de stapels foto’s die Jan mee naar huis bracht. Te midden van de eeuwige sneeuw rijden enkele renners in een majestueuze omgeving met Jan Krekels voorop. „Ik reed het liefste van voren, dan kon ik me het beste verdedigen”, zegt hij zonder enige opsmuk, daarbij in het midden latend dat die strijdwijze enorme veel vraagt. Krekels maakte zijn woorden waar. Betekende dit dat Limburg een tweede Jan Nolten had gevonden? Hij lacht er om. „Dat wil ik niet beweren, maar het ging inderdaad wel heel lekker.”

„Mijn ploegmakkers hebben me prachtig geholpen. Zij hebben veel kopwerk voor me gedaan en het tempo bepaald. Wanneer er een kopgroep ontstond, waren zij er steeds bij om het tempo te drukken. Het waren voorbeeldige ploegmakkers. Deze sfeer is er ingebracht door onze ploegleider Janssen. Hij had het slim gespeeld. Met veel loftuitingen had hij in Oostenrijk de komst van Olympia-Tourwinnaar Leen de Groot aangekondigd. Hij stempelde hem tot favoriet en repte met geen woord over mij. Men lette niet op me en de eerste de beste rit was het meteen al raak. Ik werd tweede. Als ik niet gehinderd was, had ik al direct de gele trui gegrepen. Toen ik eenmaal dat ding om mijn schouders had, was dat stuk textiel enorm zwaar. De Oostenrijkers gingen samenwerken om mij uit de trui te fietsen. Op de Grossglockner zullen we je wat voor de ogen draaien, kreeg ik van hen te horen. Ik werd er nerveus van. Gelukkig viel alles nogal mee. In plaats van tijd te verliezen, zette ik hen nog op een grotere afstand. Het klimmen ging heerlijk en bij het dalen liep ik alsmaar op mijn collega’s uit. Het was toch wel gevaarlijk. Het zicht was soms niet meer dan een meter of twaalf. Ik heb alsmaar op die gele streep op het wegdek gekeken. Angst had ik niet, maar af en toe heb ik toch maar stiekem een kruisteken gemaakt als ik beneden was.

„ledere dag moest ik voor de televisiecamera verschijnen om mijn relaas te doen. De eerste keer liep het niet al te best, maar daarna raakte ik er bedreven in. Voor de radio heb ik talrijke keren commentaar moeten geven. Het Oostenrijkse volk heeft hij de overwinning van harte gegund. Ik werd spontaan gehuldigd. Het leukste vond ik de reactie van een 11-jarig meisje. Zij had op witte stof een beker geborduurd met mijn en haar naam er in. Die tweede plaats in de tijdrit heeft mij bijzonder veel plezier gedaan. De Ronde van Oostenrijk is heel iets anders dan een Olympia-Tour. Elke etappe is langer dan 200 km. Er moet kilometers lang worden geklommen. Daar moet je alleen tegen de concurrentie vechten. Veel renners bezweken door de aanhoudende hitte Leen de Groot had te kampen met aanhoudende kramp. We vonden ’t jammer, want nu moesten we met minder mankracht de Oostenrijkse aanvallen afweren. Mijn vrienden hebben me echter geen moment in de steek gelaten. Vooral Henk Van der Vught was ’n meesterknecht. Hij had deze ronde verleden jaar al gereden en maakte me iedere dag opmerkzaam op geniepige trajecten of gevaarlijke belagers”

Limburgs Dagblad 16-06-1968: Österreich-Rundfahrt 1968, Nederlandse aangelegenheid in Oostenrijk, Jan Krekels groot triomfator

We lezen het Limburgs dagblad van 17 juni 1968:
In de schaduw van de aloude Sint Stefans toren in Wenen klonk zondagmiddag het „Wilhelmus” ter ere van Jan Krekels. Nog eenmaal moest de man uit Born, die negen dagen lang het fel begeerde leiderstricot in de Ronde van Oostenrijk droeg, een huldiging ondergaan. Met een levensgrote lauwerkrans om de schouders stond de 20-jarige Jan op de hoogste trede van het erepodium als eindoverwinnaar van een ronde waarin de Nederlandse équipe volledig de toon aangaf. Immers Jan Krekels zorgde niet alleen voor de overwinning in het algemeen klassement, hij sleepte ook de eerste plaats in het puntenklassement in de wacht. En alsof dat nog niet voldoende was: de Nederlandse ploeg, onder aanvoering van Jan Krekels, greep met goot vertoon van overmacht de zege in het algemeen ploegenklassement.

In de twee laatste etappen etaleerde Jan Krekels nog eens overduidelijk zijn grootse vorm. Hij liet niets aan het toeval over en overzag als een veldheer hat slagveld. Alleen voor de onbekende goden, die geen rol van betekenis vermochten te spelen in het algemeen klassement, kende de Limburger nog pardon. Iedere andere coureur die Jan Krekels kon bedreigen werd door hem zelf tot de orde geroepen, dan wel door zijn trouwe ploeggenoten Henk van Vught en Wim Prinsen.
In de achtste etappe, die de karavaan zaterdag over een afstand van 155 km van Klagenfurt naar Graz voerde kregen de „kleintjes” toestemming een graantje mee te pikken. Drie Oostenrijkers, Schaïtielbauer. Hummenberger en Frisch, konden daarvan het meeste profileren.

In een tropische regenbui ging dit drietal tenslotte uitmaken wie voor de ereplaatsen in aanmerking zou komen. Het was Schattelbauer die de zege kon opeisen vóór zijn landgenoten Hummenberger en Frisch. In deze rit kon Jan Krekels het zich permitteren met een achterstand van bijna zes minuten op de winnaar tiende te arriveren, omdat hij zich in gezelschap bevond van zijn grootste rivaal de Oostenrijker Georg Postl. Laatstgenoemde was eigenlijk nog slechts da enige overgebleven concurrent voor Jan Krekels. Vrijdag kreeg namelijk de Pool Polewiak, die derde in het algemeen klassement stond, een tijdstraf van twee minuten en een geldboete van 200 Oostenrijkse shilling (circa 12 euro), omdat hij zich had laten voorttrekken. Daarmee verdwenen de illusies van de Pool — voor zover nog aanwezig — volledig naar het hiernamaals.

Dan de slotetappe van zondag, van Graz naar Wenen (229 km), niet meer veel „vuurwerk” te zien zou geven lag voor de hand. Jan Krekels zag weer toe, dat er geen verrassingen uit de bus konden komen. Daartoe behoefde hij alleen nog maar Georg Postl in de gaten te houden. Aan de finish in Wenen diende zich tenslotte de Ilaliaan Sanantonio als eerste aan. Vijfentwintig seconden later meldde zich de Oostenrijker Pruschka en vervolgens diens landgenoot Rothauer. Jan Krekels bevond zich, samen met Wim Prinsen en Henk van Vught, in een groep die ex-aequo op de tiende plaats werd geklasseerd. Daarmee was voor de Limburger de buit in het individueel en puntenklassement binnen en voor de Nederlandse equipe, die na het uitvallen van Leen de Groot nog slechts uit drie man bestond, de zege in heft algemeen ploegenklassement een feit.

De uitslag van de achtste etappe-luidde :
1. Schattelbauer (Oost.) 155 km in 3.54.19 (mat bonificatie)
2. Hummenberger (Oost.) 3.54.34 (met bon.)
3 Frisch (Oost.) 3.54.49
4. Günther Schwab (Oost.) 3.56.4
5. Robert Csenar (Oost.) 3.59.47
14. ex aequo. O.a. Czeslaw Polewiak (Polen), Georg Postl (Oost.), Jan Krekels (Ned.) en Wim Prinsen (Ned.) allen in 4.00.07
29. Henk van Vught (Ned.) 4.00.20

De uitslag van de laatste etappe luidde :
1. Sanantonio (It.) 5.37.43 (inclusief bonificatie);
2. Pruseha (Oost.) 5.38.23 (inclusief bonificatie)
3. Rothauer (Oost) 5.38.39
4. Treis (Lux.) 5.40.27
5. Köcher (W-Dld) z.t.
6. De Mol (Belg.) 4.41.09
10. ex aequo: o.a.: Prinsen (Ned.), Krekels (Ned.), van Vught (Ned.).

Eindklassement :
1. Krekels (Ned. 41.08.45;
2. Postl (Oost.) 41.12.52;
3. Polewiak (Pol.) 41.18.40;
4. Janssens (Belg.) 41.19.10;
5. Spaniniger (Zuidsl. 41.20.08;
6. Csenar (Oost.) 41.20.59;
9. van Vught (Ned) 41.23.31;
12. Prinsen (Ned.) 41.24.15.

Puntenklassement:
1. Krekels (Ned.) 78 punten;
2. Csenar (Oost.) 67; 3. Maggioni (II.) .48;
4. Schattelbauer (Oost.) 41;
5. Van Vught (Ned.) 41.

Ploegenklassement:
1. Nederland 122.15.45
2. Steiermark (Oostenrijk) 122. 44.08
3 Polen 122.47.00

1968-04-13 Ronde van Sibbe

Belgische triomf in Sibbe

Jean-Pierre Monseré eerste

De zaterdagmiddag verreden wielerronde van Sibbe is, wat de 92 km (40 ronden) race voor amateurs betreft, geëindigd in een dubbele Belgische triomf. Zegekoning Jean-Pierre Monseré uit het verre Roeselare won terwijl zijn boezemvriend Roger De Vlaeminck (amateurwereldkampioen cyclocross 1968), die uit het Westvlaamse Eeklo afkomstig is, legde beslag op de tweede plaats. Beide zuiderburen bewerkten hun triomf via een attent gereden wedstrijd en daarna in de eindsprint van een kopgroep van dertien renners de concurrentie geen schijn van kans te geven.

Plaatselijk favoriet Theo Leenders met in zijn wiel de Vlaamse zegekoning Jempi Monseré


Paas-zaterdag 14 juni Ronde van Sibbe

Het wielercomité van Sibbe, dat al vele jaren met succes cyclo-crosswedstrijden organiseerde, houdt zaterdagmiddag een wielerronde van amateurs, nieuwelingen en adspiranten. Op een fraai, 2300 meter lang circuit zal deze Ronde van Sibbe plaatsvinden en een groot aantal renners zal er aan deelnemen. 

Het aantal inschrijvingen was zo groot dat vele renners teleurgesteld moesten worden. We vragen ons af of het niet hoog tijd wordt dat organisatoren in hun programma twee nieuwelingenwedstrijden gaan opnemen anders zullen elke week opnieuw vele van deze renners langs de kant moeten blijven staan.

Om 13.00 uur bijten de adspiranten de spits af van de Sibber wielerronde en opnieuw zal het er spannend toegaan. Tot de favorieten behoren ondermeer Dohmen, Keijers, Klinkers, Spronkmans en Vasmeer.

De nieuwelingen gaan om 13.45 uur van start en ook hier zijn een groot aantal kanshebbers voor de zege. We noemen o.a. Deckers, Dohmen, Hendriks. Meijs, Koken, Koot, Schetters, Sijen, Driessen en Odekerken.

Het hoofdnummer, de amateurrace, begint om 15.00 uur. Naast vrijwel alle bekende Limburgers, onder wie Harings, Knubben, Leenders, Vrancken, van Pol, Krekels, Keybeck en verder de Belgen Geelen, Monseré en De Vlaeminck.
Limburgs Dagblad 16 april 1968, klik en lees deze krant

De kopgroep van 13 renners had zich eerst vlak voor slot kunnen vormen en heel eventjes leek het erop dat Sjaak Spetgens uit Someren en Jo Vrancken uit Linne nog uit de sterke greep der Belgen zouden ontsnappen. Zij waren voornamelijk kort voor slot gedemarreerd. Het bevatte echter allemaal niets, evenmin alle pogingen die vooraf ondernomen werden. Steeds waren het Monseré ofwel De Vlaeminck die de orde herstelden.

Toen 13 van de 40 te rijden ronden onder de wielen waren doorgegaan, ontsnapten Floor de Bree, Jan van Katwijk, Hennie Pepels, Jo van Pol en Math Pustjens. Dit vijftal kreeg enkele ronden later gezelschap van Jan Krekels en Meijers en dat betekende het einde van deze vluchtpoging.

Toen het rondebord nog 17 ronden aanwees, sloeg Pustjens op de vlucht. Hij werd achtervolgd door het duo Lucassen-Ramaekers op korte afstand gevolgd door een ander tweetal: Hindriks en Moonen. Het peloton kwam echter terug en toen de orde hersteld was, ging De Vlaeminck het heel even alleen proberen. Hindriks en Moonen sprongen erbij evenals Gricar, Janssen en Chris Pepels. Opnieuw kregen we een gedeeltelijke hergroepering te aanschouwen, waarna Janssen (Weert) een mislukte poging deed, welke gecounterd werd door Jempi Monseré himself. De sterke Belg zette echter niet door en kreeg gezelschap van een twaalftal anderen, waarvan Spetgens en Vrancken nog poogden weg te komen. Het bleef bij een poging, waarna een lange eindsprint de beslissing zou brengen.

De Belg Jean Pierre Monseré gaat in Sibbe als eerste over de eindstreep voor zijn landgenoot Roger De Vlaeminck. Op de achtergrond Jo Vrancken uit Linne die als derde zal eindigen.

De voorwedstrijden voor adspiranten en nieuwelingen leverden overwinningen op voor oude bekenden. Bij de adspiranten zegevierde Jacques Spronkmans uit Elsloo voor Boonstra uit Schaesberg en Dohmen uit Born. Bij de nieuwelingen was het opnieuw Ben Koken uit Grevenbicht die aan het langste eind trok. Hij sprintte sneller dan Schetters uit Meerssen en Boersma uit Treebeek.

De uitslagen luidden:
AMATEURS

1. J. P. Monseré Roeselare (B) 92 km in 2.14.05 uur

2 R. De Vlaeminck Eeklo (B)

3 J. Vrancken Linne

4 J. Spetgens Someren

5 M. Pustjens Roosteren

6 M. Gerrits Oploo

7 J. Moonen Voerendaal

8 F. Sluper Terwinselen

9 J. Willemsen Reuver

10 J. van Katwijk Oploo

11 K. Keybeck Schaesberg

12 P. Deenen Vlijmen

13 H. Geilenkirchen Schaesberg

14 J. Krekels Born op 18 sec.

15 H. Lucassen Geleen

16 H. Greymans Weert op 20 sec

17 R. Hindriks Sittard op 24 sec

18 B. Franssen Ubachsberg

19 S. Bergsma Geleen

20 A. Gricar Waubach

De prestatieprijs werd toegekend aan Math. Pustjens uit Roosteren.

Jempi Monseré Foto www.dewielersite.nl: © Hugo Gouweloose
NIEUWELINGEN

1 B. Koken Grevenbicht 56 km in 1.25.59 uur

2 H. Schetters Meerssen

3 C. Boersma Treebeek

4 P. Driessen Stem

5 W. Meurs Voerendaal

6 H. Koot Eindhoven

7 B. Daemen Elsloo

8 F. Hendriks Valkenburg

9 J. Sijen Maastricht

10 J. Courage Sittard

11 J. v.d. Loo Weert

12 G. Oosterbos Valkenswaard op 30 sec.

13 W. Meijs Gulpen

14 H. Dohmen Rothem

15 J. Odekerken Meerssen

De prestatiepremie werd toegekend aan Cor Boersma uit Treebeek.

 

ADSPIRANTEN

1 J. Spronkmans Elsloo 23 km in 36.34 min.

2 G. Boonstra Schaesberg

3 M. Dohmen Born

4 K. Klinkers Hoensbroek

5 T. van de Burg Valkenswaard

6 V. Janssen Vallkenswaand

7 W. Wilms Munstergeleen

8 H. Geldens Valkenswaard

9 N. Swelsen Brunssum

10 J. Poulsen Buchten

De prestatieprijs werd toegekend aan Klinkers uit Hoensbroek.

1937-06-12 Nederlandse Kampioenschappen op de weg te Valkenburg

John Braspennincx landskampioen 1937.

Hij klopte Jan Verveer met 3 lengten, maar Cees Bronger en Kees Valentijn waren te Valkenburg Nederlands beste renners

Jan Theuns Onafhankelijken kampioen

Henk de Hoog bij de amateurs

Als Limburg zich op iets bijzonders voorbereidt, gebeurt dat in den regel uitstekend. Grote sportfeesten en landdagen waren steeds een succes.
Voor “tam-tam” heeft men in het uiterste Zuiden nu eenmaal een zuivere feeling, en het was daarom, dat men ook voor de Nationale kampioenschappen in het Zuiden het beste beentje voorzette om er het beste van te maken.

In Valkenburg, waar men in het verleden al meermalen een wegwedstrijd organiseerde, heeft men van soortgelijke gebeurtenissen onderhand de nodige kaas gegeten, en daarom klopte ook nu weer alles als een bus!
Als een bus, voor zover het de bemoeiingen van “Valkenburg Omhoog” betrof. Met man en macht was men gemobiliseerd, om alle onderdelen te regelen, nodig om een en ander een goed verloop te doen hebben.
’s Morgens, voordat dit sportgebeuren een aanvang nemen zou, stond Zuid-Limburg in zomerse feesttooi na de onweersbui van de nacht van Vrijdag op Zaterdag.

Drie kampioenen onder een dak. Hierboven links Johnny Braspennincx, zoon van de beroemde vader. Johnny werd Zaterdagmiddag alg. kampioen van Nederland maar vader, die ondanks zijn 49 jaar nog meereed bij de veteranen, won in deze klasse ‘ het kampioenschap. In het midden op de foto de renner Theuns, aangenomen zoon van den ouden „Bras”, die bij de onafhankelijken kampioen werd.

’s Morgens. Zaterdags, was de lucht boven de heuvels van dit wonderschone land bewolkt en we dachten dat het optimisme, waarmee men in Valkenburg en omgeving dit wielerfeest, de Nationale kampioenschappen had voorbereid, de domper opgezet zou krijgen. Maar gelukkig brak na veel moeite de zon door en daar lag Limburg weer, zoals het zijn kan op de beste ogenblikken van het jaar: en dan is de uitdrukking: wuivende korenvelden geen versleten zegswijze. Want zo is het inderdaad. En als men van Maastricht naar Valkenburg gaat dan is er weer die altijd bloeiende wisseling in groen en bloemen, die Limburg in de feesttooi zet, nodig om dit gebeuren de nodige luister te geven. Zo werd het een juichende dag van kleur en zon, en men mocht verwachten, dat duizenden naar de Cauberg zouden komen, om getuige te zijn van wat zich hier voltrekken zou.

Tribunes met vlaggen en wimpels wachtten de honderden af, die intussen niet in dien getale opkwamen, als men wel gehoopt had. In de loop van den morgen werden de tenten langs de weg opgeslagen van hen die verwachtten, aan deze wedstrijd een extraatje beter te worden. Vrouwen poetsten de stoep, mannen maakten het voortuintje in orde, en ergens voor een open venster kraaide een ouderwetse grammofoon een schoon lied, ten bewijze, dat Limburg „après tout” ook nog bij Nederland hoort. Dat lied was natuurlijk de onderhand versleten romance van „De mooie molen”.

Valkenburg, het centrum van de gebeurtenis van de dag, is intussen al met de cracks vertrouwd geworden. Al enige dagen immers wordt op en om den Cauberg getraind, en in de verschillende hotels zijn de bekende renners, die van deze wedstrijd een serieuze onderneming willen maken, het middelpunt van de belangstelling.

Vijftienduizend toeschouwers hebben deze wedstrijd gezien, en zij hebben, vooral tegen het laatste uur de spanning beleefd, die een wedstrijd als deze eigen is.

John Braspennincx jr De nieuwe algemene Nederlands Kampioen op de weg in 1937

Jan Gommers en Toon van Schendel over het parcours
In hotel Palanka logeren sinds woensdag al Antoon van Schendel en Jan Gommers, enkele van de meest ernstige overwinningskandidaten voor deze wedstrijd. Kort voor den start spraken we deze renners nog even, en zij noemden het parcours vrij lastig. De Cauberg is wel te rijden voor renners van een van Schendel- of Gommers-reputatie, maar de rust die de renner krijgt na deze berg opgeklommen te zijn, is te gering om 18 ronden lang behoorlijk op kracht te blijven. Bovendien was er, volgens van Schendel, de Geulhemerberg, en hierin zag hij een gevaar, wanneer er een honderdvijftig tegelijk zouden starten. Gelukkig is dit niet gelopen, zoals verschillende renners en ook wij dit verwachtten. Er zijn geen ongelukken van betekenis voorgevallen op dat gedeelte. Maatregelen hiertegen waren voldoende genomen. Wagons stro had men eraan besteed, om de gevaarlijke bocht te maken tot een zo mild mogelijke strandplaats.

Enige kritiek, moge dit een les zijn voor later:

De verkeersregeling was in overleg met den Provinciale Waterstaat en de Politieautoriteiten perfect in orde. Alleen over de regeling voor de Pers  die de N. W. U.- meer speciaal dhr. Swaab de Beer- had getroffen waren de Limburgse journalisten niet bijzonder te spreken. En terecht. Reeds voor de wedstrijd was dhr. Swaab als N. W. U.-autoriteit weinig coulant tegenover de Limb. Pers. De N. W. U. en de Wielersport in het algemeen hebben toch belang bij een zo groot mogelijke publicatie van nieuws, dat vóór den wedstrijd te geven is. Ongeveer 12 dagen voor den wedstrijd hebben we herhaaldelijk aan de N. W. U. opgave van de rennerslijst gevraagd. Het kantoor der N. W. U. weigerde ons die te geven. Later, eerst dinsdag, kregen we een zeer onvolledige rennerslijst via het Alg. Nederl. Persbureau in Amsterdam. Gelukkig hadden we de medewerking van „Valkenburg Vooruit", dat ons de overige rennersnamen opgaf. Zodoende konden we onze lezers gelukkig nog volledig inlichten over het programma.

Op de wedstrijddag was het gebrek aan medewerking van dhr. Swaab de Beer al even groot. Aan de on-attendheid van de N. W. U. was het te wijten, dat de wegen te laat voor het verkeer werden afgesloten. De verkeersborden wezen „vanaf 2 uur" aan. Om kwart over één probeerden de Limburgse journalisten van verschillende kranten met hun eigen wagens den Cauberg te bereiken vanaf Valkenburg. Volgens officiële aanwijzing was dit dus volkomen “en règle”.

Men liet de pers niet door en dhr. Swaab dwong de journalisten een wandeling van 20 minuten te maken, die na de woordenwisseling welke eraan voorafging tengevolge had dat de Limburgse journalisten te laat op hun persplaatsen kwamen. En dit terwijl de auto's klaar stonden, om de Pers naar de voor haar bestemde plaats te brengen. Op deze manier bewees dhr. Swaab de wielersport geen dienst, omdat immers de populariteit van de wedstrijden voor een belangrijk deel afhankelijk is: óók van de bekendheid door de Pers eraan gegeven. Dit moge een les zijn voor later. Men zal waarschijnlijk de Limburgse Pers nog wel eens nodig hebben voor grote wielerwedstrijden in deze provincie. Overigens was er geen wanklank.
Het volksdagblad  14 juni 1937
Bij de nationale weg-kampioenschappen van Nederland welke Zaterdag 13 juni te Valkenburg zijn verreden is wel duidelijk bewezen dat het Valkenburgse circuit voldoet aan de hoogste eisen welke aan een omloop voor het wereldkampioenschap kunnen worden gesteld. Sterke hellingen en dalingen, men denke aan de steile Cauberg en de niet minder steile Geulhemerberg. De eerste moest op en de tweede afgereden worden en wel achttien maal hebben ze het allerbeste van de renners gevraagd. Alleen voor de geboren wegrenners waren in deze wedstrijd de titels te verdienen. 
De landstitel kwam tenslotte terecht bij John Braspennincx die, nadat eenmaal Cees Bronger en Kees Valentijn ongelukkigerwijze uit de koers waren verdwenen de meeste aanspraak op de titel mocht maken. Bronger en Kees Valentijn, dat waren op het Valkenburgse circuit zonder overdrijving de besten van de wedstrijd. Die twee gingen de steile 1200 meter lange Cauberg op met zulk een gemak als reden ze op de vlakke weg. Dat Bronger in het begin van fiets moest veranderen en Valentijn te half-koers zijn ketting afliep was voor geen van beiden bezwaar om dadelijk al hun tegenstanders weer voorbij te snellen en zonder zichtbare inspanning weer aan de kop post te vatten. Wreed is echter dikwijls de teleurstelling voor de wegrenner. Toen van de 185 km, die te rijden waren reeds 175 km waren afgelegd trof tegenslag zowel Bronger als Valentijn opnieuw en werden beiden uitgeschakeld: Bronger door bandbreuk, de jonge Valentijn door kettingdefect.

Drie wielerkampioenen onder één dak

Braspennincx Sr.en Jr. winnaars.
Ook zijn aangenomen zoon kampioen.
Vijftienduizend toeschouwers bij de wedstrijden om het Nederlands kampioenschap.

Het was de wedstrijd voor de familie Braspennincx. „D’n Bras” Sr. won bij de Veteranen. Zijn zoon Johnny werd algemeen  kampioen en zijn aangenomen zoon, Theuns, die bij hem inwoont, werd eerste bij de Onafhankelijken. Een victoriedag dus voor „het huis Braspennincx”. Drie kampioenen onder één dak !

Over de wedstrijd in zijn geheel het volgende : Precies 2 uur starten 150 renners. Mooi opgesteld alsof er een levende damwedstrijd gespeeld wordt, staan de mannen op hun aangegeven nummer. Een wirwar van renners met alle kleurschakeringen worstelt voor de eerste maal de Cauberg op. Wij zullen de eerste 5 ronden maar buiten beschouwing laten, al zij vermeld, dat Gerrit Schulte de eerste was die met een lekke band langs den weg stond. De gemiddelde tijd was per ronde plusminus 18 minuten.

Kees Valentijn

Het eerste uur was een verkenningstocht, waarbij de „grote mannen” zich veel op den achtergrond hielden. Toch kon men al dra bespeuren wie goede en wie slechte klimmers waren. Marijn Valentijn ( kampioen 1935) viel al spoedig uit wegens defect. In de zesde ronde heeft zich een groep renners, w.o. Joep Savelberg en Jan Lambrichs uit het hoofdpeloton losgewerkt. Kees Valentijn voelt zich bij deze groep niet thuis en gaat alleen aan den haal en weet een voorsprong te behalen van ongeveer 200 meter . Ofschoon het nog vroeg is, menen Alfons Stuijts en Cor van der Star toch, dat er gevaar kan dreigen van deze kleine Brabander en zij gaan op pad om Valentijn te halen. Dit gelukt hen en twee ronden later is Stuyts alleen los gerukt, hetgeen deze sterke boy 30 km volhoudt. Ook dit is nog te vroeg, want de andere grote mannen blijven nog zeer gereserveerd, al zijn thans al talrijke kopstukken uit de strijd wegens bandenpech en ook vele renners wegens derailleur-pech. Hieronder bevonden zich ook Joep Savelberg en Willy Vroomen, die op dat moment nog in goede positie lagen.

Limburger koerier 14 juni 1937
De oude Braspennincx wint bij de veteranen

Intussen is de wedstrijd voor Veteranen reeds geëindigd, waarbij een felle strijd werd ontwikkeld tussen Braspennincx Sr. en Willemsen (De vader van Jan Willemsen uit Nuth, heette hij ook Jan? Ik kende hem alleen als "Pa" Willemsen). De Brabander was in de Cauberg iets sterker en zodoende wist hij Willemsen aldaar te kloppen, ofschoon beiden ondanks hun hogen leeftijd (Braspennincx is 49 jaar) nog als jonge mannen de Cauberg opklauterden.
De nieuwe Nederlands kampioen op de weg 1937 bij de veteranen John Braspennincx sr. meldt zich bij de jurywagen

Tot op de helft van den koers is er weinig nieuws te vertellen, alleen dat reeds 60 procent  de strijd heeft gestaakt, waarvan de meesten wegens pech. De voorsprong, die Stuijts lange tijd had volgehouden en waarbij velen in hem reeds de winnaar gingen zoeken, werd mede door de Limburgse krachten te niet gedaan. Er heeft zich een kopgroep gevormd, bestaande uit de renners Hubert Sijen, Cees Bronger, Saarloos, Kees Valentijn, Theofiel Middelkamp en John Braspennincx Jr.

Wielercoryfee Gerrit Bontekoe verfrist een coureur voor hotel restaurant de Geulhemermolen onderaan de Geulhemmerberg. Wagons stro had men eraan besteed om de gevaarlijke bocht te maken tot een zo mild mogelijke strandplaats.

Deze groep heeft Alfons Stuijts achterhaald. Er begint thans tekening in de strijd te komen. Stuijts, die klaarblijkelijk te veel van zijn krachten heeft gevergd, laat thans hard na en verliest steeds terrein. De jonge generatie komt heftig opzetten, waartegen de ouderen niets vermogen. Veler hoop was gevestigd op Antoon van Schendel, welke in Frankrijk zo’n goeden naam had als klimmer, maar deze moest hier in de Cauberg in z’n Nederlandse concurrenten zijn meerderen erkennen. Van de 60 Amateurs die gestart waren, zijn er thans maar weinig meer overgebleven. Tot onze grote verbazing moest van Schendel de ons nog onbekenden amateur de Hoog uit Amsterdam in de Cauberg lossen. Henk de Hoog die nog nooit de Cauberg had gezien, klimt die op alsof het voor hem dagelijks werk is. De rest van de amateurs waren de Silva, Heeren, Banken, Janssen en Rob Souren. Deze kampioen van de Vredesbaan, rijdt hier een pracht wedstrijd, al was hij veel achter, hij bleef buitengewoon goed vol houden. Bij de profs zijn ook bij de grote mannen talrijke slachtoffers gevallen. Zo zagen wij, dat Piet van Nek, die in goede positie lag, uit de strijd moest wegens bandenpech en dat Aad van Amsterdam wegens valpartij eveneens onschadelijk werd gemaakt. Ook hij was nog fit en had op dat moment nog een kans om te winnen. Als nog drie ronden te rijden zijn, gaan wij eens uitkijken wie eventueel de winnaar zal kunnen worden. Onze eerste gedachten gaan naar Cees Bronger, die vanaf den beginne een prachtkoers heeft gereden en zelfs in de 14de ronde een voorsprong had van 50 seconden.

Limburgsch dagblad 14 juni 1937
Onafhankelijken: Hubert “Sjaak” Sijen, de wonderman.

Buitengewoon werk zagen wij dan van de Limburger Hubert Sijen, die met een onverzettelijke wil en doorzettingsvermogen, alsof het een Trueba gold, de vluchteling achter na ging en in één ronde tijds Bronger het zwijgen ging opleggen. Wij vroegen ons af, hoe deze jonge Maastrichtenaar met zo’n geweldig tempo wist vol te houden om dan nog voldoende kracht over te houden om ook de anderen nog in bedwang te houden. Zijn concurrenten profiteerden van zijn kracht, door het wieltje van hem vast te houden. Als hij Bronger te pakken heeft, maakt Valentijn van de gelegenheid gebruik om er tussen uit te gaan, maar weer was Sijen op z’n quivive om ook de kleinen Brabander tot de orde te roepen. Zodoende had Sijen pionierswerk verricht, door alle weglopers juist op het gevaarlijkste moment te gaan halen.

Hubert “Sjaak” Sijen, als eenling niet opgewassen tegen het geweld van de Magneet ploeg

Als de laatste ronde ingaat, zitten 6 renners op kop, n.l, Hubert Sijen,

Kees Valentijn, Theo Middelkamp, Jan Theuns, John Braspennincx en Jan Verveer. Vier mannen van de Magneet en twee anderen. Met grote spanning wordt de eindstrijd van deze laatste ronde tegemoet gezien. Het zijn allemaal renners die voor de overwinning in aanmerking komen.

Bij het ingaan van de laatste ronde, de kopgroep met Sijen, Valentijn, Middelkamp, Theuns, Branspennincx Jr. en Verveer

Tot aan den Geulhemerberg blijven de renners bij elkaar, doch dan schieten Braspennincx en Verveer weg en dan zien wij een gecombineerd spel beginnen. De Magneet is sterk vertegenwoordigd en tegen die macht is thans niet veel meer bestand. Het komt er niet op aan welke renner er wint, maar wel welke fabriek. Het grote gevaar dat dreigde, was ontegenzeggelijk Sijen en deze moest onschadelijk gemaakt worden. Het bleek spoedig dat Theo Middelkamp zich ging belasten om de Limburger het zwijgen op te leggen. Eerst werd Braspennincx en Verveer gelegenheid gegeven om te vluchten. Gedurende dit bedrijf werd Sijen de pas afgesneden om de vluchtende achter na te gaan. Toen de twee vluchters ver genoeg los waren, achtte Middelkamp zijn taak volbracht. In plaats dat hij zijn eigen kans verdedigde offerde hij deze op voor zijn fabriek of ? Middelkamp trok er tussen uit vlak voor de Cauberg en ging naar huis toe.

De eerste Nederlandse prof-wielerploeg Magneet – OK Cycles, dominant aanwezig op het NK te Valkenburg 1937. Bovenste rij van links naar rechts: Albert Gijsen, Gerrit Schulte, Janus Hellemons, Reynen, Aad van Amsterdam, Theo Middelkamp, Stuyts, Jan Gommers, Cees Bronger, Saarloos en chef d’equipe C. Blekemolen Niet op de foto: Ernst Muller, Jan Pijnenburg en Gerrit van de Ruit Onderste rij van links naar rechts: Van Nek, Braspenninx jr., J. Heeren, Lemmers, P. Gommans, M. Heeren, Van Gageldonk, Theuns, Koppelmans

Sijen en Theuns bleef niets anders meer over dan den eindstrijd te betwisten voor de kampioenstitel der onafhankelijken. Braspennincx en Verveer bleven tot aan de eindstreep bij elkaar en het was aan te zien, dat de een voor de ander niet tot den aanval wenste over te gaan. Het was een rechts en een links kijken, totdat plotseling Braspennincx het initiatief nam en met een geweldige sprong de leiding nam, waardoor Verveer werd verrast. Voordat Verveer goed besefte wat er gebeurde, had Braspennincx voldoende voorsprong genomen om met twee lengten te winnen.

De kampioenstrui aan! John Braspennincx Jr. werd algemeen Nederlands kampioen op de weg Zaterdagmiddag. Hierboven worden vele handen toegestoken om hem de kampioenstrui aan te trekken.

Het tweede bedrijf was Sijen contra Theuns. Sijen was zeker van zijn taak om Theuns in de sprint te kloppen en deed dus geen moeite om Theuns te lossen. Wij weten dat Sijen een geweldige sprint en zodoende dachten wij ook, dat deze stoere Limburger beslag zou leggen op een kampioenstitel. Edoch, een 400 meter voor de eindstreep, toen Sijen blijkbaar wilde gaan spurten, kon men uit de verte een gekraak horen hetwelk veroorzaakt werd door het omschakelen van de derailleur, welks kamwieltje blijkbaar het vertikte om de laatste meters z’n werk te doen. Ook Theuns hoorde dit gekraak en ofschoon hij zich reeds als een verloren man beschouwde, gaf dit hem moed om van de gelegenheid gebruik te maken. Hij ging aan den haal.

Hubert Sijen moest de ketting opleggen, waardoor het voor Jan Theuns gemakkelijk viel om zonder veel inspanning den kampioenstitel der onafhankelijken te bemachtigen. Op 30 seconden volgde Sijen, die zeer onder de indruk was. Niet zijn kracht, maar zijn fiets was oorzaak van deze teleurstelling.

Henk de Hoog uit Amsterdam de beste amateur

Als laatste bedrijf werd de strijd der amateurs uitgevochten. Deze categorie was ten gevolge van de heftige strijd der profs ver achter geraakt. Van de 60 amateurs waren er nog slechts een achttal overgebleven. Hierbij was de eenvoudige Amsterdammer de Hoog, wiens naam wij nog nooit te voren gehoord hadden, een der beste klimmers. Ofschoon wij veel hoop hadden op onze Limburgers, n.l. Banken, Janssen en de Silva, hebben zij de kracht van den Amsterdammer onderschat.

Henk de Hoog fietste van Amsterdam naar Limburg, om daar den kampioenstitel te halen voor de amateurs. Hij bracht het er kranig af. Hierboven de Hoog nadat hij achttien keer den Cauberg was opgeklommen op zijn fiets.

Je bent wegrenner, of je bent het niet, je bent klimmer of je bent het niet. Deze stelling is de laatste wedstrijd, nu de wedstrijden op de weg meer en meer in de belangstelling van de grote massa komen te staan meermalen ontwikkeld en aan de hand van den uitslag moet men zeggen dat daarvan veel van aan is. Als eerste bij de amateurs kwam over de finish gestoven een echte, ronde Amsterdamse jongen, n.l. Henk De Hoog, die in zijn hele leven nog niet zo’n berg van het formaat als de Cauberg had gezien maar hij die het toch klaar gespeeld heeft deze col achttien maal te nemen en evenveel malen de bochtige en gevaarlijke Geulhemerberg af te dalen. Een jongen uit het hartje van Holland, uit het vlakke land, won daar. Een geboren wegrenner? Ja, liet moet wel zo zijn. En in zijn sas dat ie met zijn overwinning was, temeer begrijpelijk als men weet, dat hij de laatste 30 km op eigen kracht was aangewezen en dat hij het gedurende de gehele wedstrijd zonder verzorger heeft moeten stellen. Is het niet bewonderenswaardig? — Dames en heren, zo sprak ie voor de microfoon, nadat Swaab de Beer ook hem met de gebruikelijke woorden had gehuldigd, ik ben erg gelukkig, dat ik gewonnen heb, ik ben pas zeventien jaren en in augustus wordt ik achttien. Meer weet ik niet..

Henk de Hoog Kampioen van Nederland op de weg bij de amateurs 1937. Met niet meer dan 85 cent op zak kwam de 17 jarige coureur uit Amsterdam op de fiets naar het Zuiden, om zijn kans te wagen bij het Nederlands weg-kampioenschap op de Cauberg.                                        Klik op de foto en lees meer over Henk’s behaalde kampioenschap…

De tegenstellingen van lief en leed, die men in het leven dagelijks ook pleegt te ontmoeten, treden ook in het bestaan van renners, van jonge mannen, die door middel van het stalen ros aan de kost komen, daarbij de eer van de triomf dikwijls nog het hoogst stellende. Vreugde bij de overwinnaars, teleurstelling en woede bij diegene, die misgegrepen hadden.

De uitslag van het NK 1937 op de weg
Verslag van de wedstrijd voor beroepsrenners, onafhankelijken en amateurs:

Om 2 uur werd aan 150 deelnemers het startschot gegeven. Het weer was tamelijk warm en er stond een lichte wind waarvan de renners geen hinder hadden. De eerste ronde wordt een beetje terrein verkend. Gerrit v. d. Ruit en de Korver komen met 150 meter voorsprong door, in 3e positie Gijsen en dan volgt de groep. In de 2e ronde gaat C. Valentijn die bij de beklimming van de Cauberg het snelst is, op kop met de Korver, Stuyts en v. d. Ruit. De voorsprong van dit groepje is 300 meter op het peloton. Marinus Valentijn heeft pech met zijn versnellingsapparaat en moet opgeven. Verschillende opgaven vielen reeds aan te stippen als van Clignet, Reynen, Louis van Schijndel, Reuter, Hellemons, v. d. Broek e.a. Overige vermeldenswaardige gebeurtenissen doen zich de volgende ronden niet voor. Het peloton wordt in stukken uiteengerukt. Als we met de volgauto tegen het einde van de 7e ronde langs de renners rijden zijn Bronger en C. Valentijn weg met Overweel en v. d. Baan aan hun wiel. Stuyts heeft 45 sec. achterstand op deze leiders. C. Valentijn weg. Een renner in vorm weet dikwijls zelf niet waartoe hij in staat is. Dat zien we de volgende ronde als we met onze volgauto langs de renners suizen. We rijden eerst het grote peloton voorbij, waarin we zien van Amsterdam, v. d. Ruit, Gageldonk, van Tichelt, Vaessen, de Hoog, Lambrichs e.a. Piet Gommans, de landskampioen 1936 demarreert om op een groep voor hem te geraken, waarbij we o.a. zien Gijsen, Stuyts, v. d. Star, v. d. Baan, Verveer, en Saarloos. We passeren dan Bronger en Overweel en moeten dan ver rijden Kees Valentijn zit zeker met 2 min. voorsprong op de grote groep. Kees vertelde ons na afloop dat hij van mening was dat de overige renners gevallen waren want hij was nog niet eens van plan geweest om zó hard weg te komen! Kees Valentijn rijdt dan in prachtig tempo gedurende 20 km alleen op kop maar Bronger en Overweel lopen op hem in en als de ketting van Valentijn afloopt gaan zij hem even voorbij. Kees heeft echter rap hersteld en krijgt terug aansluiting.

Bij de tiende beklimming van de Cauberg neemt Stuyts een voorsprong. Alleen v. d Star kan hem volgen, en met een achterstand van ongeveer 5 sec. komt hij als tweede op de top aan. Bronger, Overweel, Gijzen, J. v. d. Baan en Valentijn jr., volgen op een halve minuut. Daarachter komt een peloton van 17 renners, dat  1 min. 25 sec. achter ligt en waarin we o.a. opmerken, J. Braspennincx, H. Sijen, Motké, Peek, H. de Hoog (de eerste amateur), J. Verveer, Middelkamp, A. van Schendel, A. Vaessen, Hopstaken. Het grote peloton, dat hierna  kwam en zeker een achterstand had van ongeveer 2 minuten werd aangevoerd door G. v. d. Ruit. Aan te stippen valt dat de Roosendaalsche amateur Hopstaken die nog in fraaie positie zat door pech moest opgeven. In het geheel waren nog slechts een goede 40 renners in koers. Prachtig werk van Bronger. Stuyts wordt al spoedig nagezet door Bronger. De Roosendaler nadere steeds meer op Stuyts die hij weet te bereiken. Met kracht demarreert Bronger over Stuyts heen die moet lossen en achter geraakt. Bronger vindt het nog wat te vroeg en laat zich inlopen door Verveer, Overweel, C. Valentijn en Saarloos. Verveer was dus prachtig bijgekomen. 

Middelkamp, Sijen, Braspennincx en Theuns trokken er ook tussenuit om zich bij de kop te voegen. Maar nu gaat Bronger plotseling weg en toont zijn capaciteiten. Na in de eerste ronde ongeveer 2 minuten te hebben achter gestaan, na al het werk, dat hij heeft moeten verzetten om deze achterstand in te lopen, na de bergen, die hij heeft moeten verzetten om bij te komen, na kilometers lang achter Stuyts aangejaagd te hebben, gaat hij.... rustig lopen. Met elke kilometer groeit zijn voorsprong en bij het begin van de 14e ronde heeft hij reeds 48 seconden veroverd op een groep van 8 achtervolgers: Overweel, J. Braspenninx, C. Valentijn, H. Sijen, J. Theuns, Middelkamp en J. Saarloos. Stuyts ligt op ongeveer 1,5 minuut, terwijl A. van Schendel is teruggevallen tot op ongeveer 2 minuten met H. de Hoog (1e amateur) en A. Maas aan zijn wiel. Telkens als Bronger de Cauberg opgaat wint hij veld. Zijn voorsprong groeit tot 54 sec. Maar dan gaat C. Valentijn in de achtervolgende groep aan het sleuren. In de 17e ronde liep Kees Valentijn Bronger in, die zich tactisch liet terugvallen met de bedoeling tegen het einde opnieuw voorsprong te nemen. C. Valentijn liep intussen 20 sec. uit, maar werd toen ook ingelopen.

De strijd zou gestreden worden tussen Bronger, Verveer, Sijen, Theuns, Valentijn en Braspennincx met Bronger en C. Valentijn als de grote favorieten. Maar toen kwam voor Bronger bandbreuk terwijl 7 km voor het einde C. Valentijn wegens kettingpech de strijd moest staken. Kees Valentijn kreeg dit ongeval toen hij nog juist voorsprong had genomen.... De eindsprint is gereden tussen Johny Braspennincx en Verveer. Met 3 lengten voorsprong won Johny Braspenninx. Theuns en Sijen volgden op de derde en vierde plaats, aangezien Middelkamp, toen hij in de gaten kreeg dat er voor hem niets meer te verdienen viel dan een medaille, de strijd staakte. Theuns werd kampioen van de onafhankelijken en de Hoog (Amsterdam), die met 10 min. achterstand aankwam, werd amateur-kampioen. Een keurige prestatie van deze 17-jarige jongen. Dit kereltje was vrijdag even per fiets naar Valkenburg gekomen en had zonder verzorging de strijd aangepakt.

De uitslagen bij de veteranen werd de oude Braspennincx kampioen, en met Theuns die bij Braspennincx inwoont, kreeg Princenhage dus drie kampioenen ineens.

Hier volgen de uitslagen:

1 John Braspennincx, algemeen kampioen, tijd over 182 K.M. 5 uur 31 min. 37 sec.; 2 Jan Verveer, Lokeren (België), 3 Fred Mosterd, Rotterdam.

Onafhankelijken: 1 Jan Theuns, Princenhage, tijd 5 uur 32 min. 26 sec., 2 Hubert Sijen, Maastricht, 3 J. Saarloos, Rotterdam.

Amateurs: 1 Henk de Hoog, Amsterdam in 5 uur 41 min. 52 sec.; 2 L.Heeren, Breda, 3 Jan Banken, Ubach over Worms (Lb.)

Veteranen: 1 J. Braspennincx sr., Princenhage 50 K.M. in 1 uur 40 min. 10 sec., 2 . J. Willemsen, Nuth (Lb.), 3. W. Buitendijk, Rotterdam.

Sport in beeld De revue der sporten jrg 30 1937 no 46 14-06-1937
Een goede generale repetitie.

De nationale wegkampioenschappen droegen dit maal een bijzonder karakter omdat zij waren te beschouwen als een generale repetitie voor het volgende jaar, wanneer op het zelfde circuit de internationale wegkampioenschappen verreden zullen worden. Alle hens waren aan dek, om het verloop van de koers zo goed mogelijk te doen slagen. De besturen der gemeenten, waardoor heen het circuit gelegd was, hadden hun volle medewerking verleend, terwijl ook de Prov. Waterstaat zijn onmisbare steun verleende door het verkeer over de prov. wegen, die een deel van ’t circuit uitmaakten gesloten te houden en over andere wegen om te leggen. Een groot aantal rijksveldwachters en manschappen van de Koninklijke Marechaussee, wier directe chefs zich mede op de hoogte stelden van de loop der zaken, hielden goede orde langs de weg. De totale organisatie van de wegkampioenschappen berustte bij de Ver. „Valkenburgs Belang”. De regeling was in orde, zodat men met een gerust hart de wereldkampioenschappen in 1938 tegemoet kan zien. Valkenburg, Zuid-Limburg, de N.W.U. gaat een grote tijd tegemoet.