1900-04-13 Parijs, Le meeting du Pâques

Meyers te Parijs!

Harie Meyers, onze Maastrichtse landgenoot, is weer naar Parijs; hij gaat uitkomen in de wedstrijd om de Paasprijs. Hij schreef aan Le Vélo, dat hij zich niet geregeld heeft kunnen trainen in Maastricht wegens het ongunstige weer. Hij gaat nu hard aan ’t werk op de 666 meter van het Parc des Princes

Harie Meyers

Tilburgsche courant 15 april 1900:

Jaap Eden en Mathieu Cordang zijn volgens het blad De Kampioen dezer dagen naar Maastricht vertrokken om zich daar zoetjesaan te gaan prepareren voor de grote wielersport gebeurtenissen van het aanstaande seizoen. Ze hebben dus het voorbeeld gevolgd van onzen kampioen Harie Meyers, die op de Limburgse wegen eveneens zijn trainingswerk begonnen is en thans nog slechts wat „speedwork” op de baan van nodig heeft om behoorlijk in form te zijn. Jaap heeft een contract gesloten met een bandenfabriek.Wat Cordang’s voornemens zijn, valt thans bij benadering af te leiden uit de omstandigheid, dat ook hij met een fabriek gecontracteerd heeft om haar banden te berijden. De oude liefde is dus ten slotte tóch weer bovengekomen, zijn vroegere plannen om niet meer aan de rennerij te doen ten spijt. Zodra hij in conditie is, vertrekt hij naar Berlijn. Hij hoopt in alle grote lange-afstand-wedstrijden uit te komen. De rijwielfirma te Rotterdam, waarin hij vennoot was, is met wederzijds goedvinden ontbonden.

Gian Ferdinando Tomaselli

Voor de grote wielerwedstrijden met Pasen op de Parc-baan te Parijs te houden zijn ingeschreven de volgende renners, geregeld naar hun nationaliteit:

Italië: Tomaselli, Pasini, Momo, Conelli. Minozzi. Bixio. Ferrari, Magli.

Duitsland: Huber, Verheyen, Kuscliera.

Amerika: Banker, Vanoni.

Zwitserland: Gougoltz.

België: Grogna, Deleu.

Nederland: Meyers.

Frankrijk: Jacquelin, Louvet, Bourotte. Domain, Prévot, Max, Brécy, Geutel, Collomb aicé. Collomb jeune, Mathieu, Thuau. Jue, Govin, Dangreau, Considère, Cornet, Olivier, Ruinart, René, Leymarie, Rugère, Vidal.

Rotterdamsch nieuwsblad 18 april 1900:

Harie Meyers, die zich het vorige jaar heeft opgewerkt tot den waardige partner van een Tomaselli, een Grogna, een Momo e. t. q. is bij zijn debuut te Parijs in het seizoen 1900 niet gelukkig geweest. Het ging er op de Parc-baan aldus:

Paasprijs over 1333 m. (twee ronden) 1e afd. 1 Bixio, 2 Grogna; 2e afd. 1 Meyers, 2 Gougoltz; 3e afd. 1 Ferrari, 2 Domain; 4e afd. 1 Deleu, 2 Tomaselli: 5e afd. 1 Jacquelin, 2 Thuau ; 6e afd. 1 Momo, 2 Mathieu. Beslissing 1 Eros in 2 min. 33 1/5 sec., 2 Momo, 3 Bixio.

Waarschijnlijk was Meyers nog lang niet in conditie, evenmin als Tomaselli trouwens.

Tandemwedstrijd over twee ronden: 1e afd. 1 Banker-Tomaselli, 2 Bourotte-Thuau ; 2e afd. 1 Domain-Provost, 2 Brecy-Gentel; 3e afd. 1 Bixio-Ferrari, 2 Huber-Verheyen. Beslissing 1 Bixio-Ferrari, 2 Domain-Prevost, 3 Banker-Tomaselli.


Premiënwedstrijd over 10 kil. 1e Bourotte in 16 min. 27 1/5 sec., 2e Thuau met 1/2 wiellengte, 3e Cornet.

Paul Bourotte

Vreemdelingenprijs over 1333 m. 1e Ferrari in 2 min. 6 2/5 sec., 2e Grogna, 3e Gougoltz, 4e Bixio, 5e Tomaselli.

Eduard Taylor

Wedstrijd over 10 mijl met gangmaking. 1e Taylor in 16 min. 18 sec. (record is van Elkes met 15 min. 26 1/5 sec.), 2e Baugé met 3/4 baan achter, 3e Jacquelin met 2 1/2 baan achter, 4e Gougoltz met 3 banen achter.

Edmond Jacquelin

Henri Desgrange, de directeur van de wielerbaan, heeft, profiterende van de aanwezigheid van zo veel beroemdheden, tegen 22 April een nieuwe wedstrijd uitgeschreven met prijzen van 500, 200, 100 en 50 francs voor de sprinters, 200, 100 en 50 francs voor de handicap en 500, 200 en 100 francs voor de tandems.

Eros

 

1959-05-28 Nijmegen, 3e etappe Olympia’s Tour

Militair succes in Nijmegen

Hub Harings vertelde me van zijn zege in de 3e etappe van Olympia’s Ronde van Nederland in 1959, de rit naar Nijmegen. Hub: “Ik reed op kop door de bocht op het kazerneterrein om de sprint aan te trekken voor van Egmond, er lag daar grind. Volgens velen reed ik daar te rap maar kwam goed door de bocht. Achter me kraakte het echter, een aantal renners waaronder ook Ab van Egmond sloegen tegen de grond. Ik trok door en won met een nog 50-tal meters voorsprong”.

Ik vond een paar prachtige foto’s van bij de start van deze etappekoers te Amsterdam in het nationaal archief en las een vreemd, enigszins grappig artikel in Het Parool van 29 mei 1959:

Wethouder mr. G. van ’t Hull loste op het Museumplein het startschot van de Ronde van Nederland 1959. „Olympia’s Tour”. Bij het vertrek te Amsterdam de militaire ploeg van ploegleider Schulte op de eerste rij (in de leiderstrui Ab van Egmond, daarnaast van Dijk, Hugens, Harings (geheel links), Solaro, van Kouwenhoven, Visser en Sijthoff), 2e lijn Denemarken en op de 3e lijn de Limburgse ploeg (Boss, Brunenberg, Doek, Knoops, Ramakers, Steuten en Willemsen).

TOER-LANTIJNEN Misleidende eindsprint van een „tandestoker”

Gistermorgen om tien over half twaalf stormde in de Snijderskazerne te Nijmegen vlak achter de reclame-karavaan van Olympia’s toer een renner in een blauw tricot op de eindstreep af. Zijn benen wentelden in tomeloze vaart, zijn armen rukten aan het gebogen stuur, van zijn hoofd lag de hele voorzijde op de bidon en was alleen het achterste gedeelte zichtbaar. Enkele centimeters voor de finishlijn strekte de blauwe renner zijn rug en hief juichend z’n armen ten hemel.

Gerrit Schutte is weer „wielergeneraal”. Zijn dienstplichtige troetelkinderen in Olympia’s Toer door Nederland beschikken over het beste materiaal wat er is. Maar, zo vindt Schulte, dat materiaal moet dan ook op de beste manier gebruikt worden. Voor de start inspecteerde hij alle onderdelen. „Dat zadel moet je zó zetten,” commandeert hij. Foto: collectie Anefo

Ongeveer 500 officieren, onderofficieren, korporaals en manschappen van de Koninklijke Luchtmacht draaiden hun ogen gelijktijdig met de coureur over de eindstreep en zagen in een flits zijn rugnummer: 11. De weinige gelukkigen met een programma van Olympia’s Toer door Nederland zochten snel naar de naam van nummer elf. Cristensen van de Deense ploeg, gonsde het even later langs de rijen. Alleen de hoogste baas van de Nijmeegse militairen, de kazerne-commandant Tennissen, had in die ene flitsende seconde de zegevierende renner herkend. Het was de tandarts van de Snijderskazerne, de eerste luitenant W. G. A. Welp. De zege van tandarts Welp sloeg als een bom in het kampement. Commandant Teunissen zei ons, toen ook de „echte” winnaar, Hub Harings, over de eindstreep was gesneld en burger en militair eendrachtelijk rond de aantrekkelijk gedekte tafels in de onderofficiersmess zaten: “Hij heeft ons allemaal te grazen gehad, die tandenstoker.”

Museumplein Amsterdam, bij de start van Olympia’s Ronde van Nederland 1959. Foto: collectie Anefo

Vreemd. Een meer gedetailleerd verslag van de etappe vond ik in andere krant, het Overijssels dagblad:

Overijssels dagblad 29 mei 1959

Zelfs de heuvels van Berg en Dal konden in de eerste korte halve etappe van de derde dag geen scheiding inde rennerskaravaan teweeg brengen. ‘ Toch kwam de militair Hub Harings met acht seconden voorsprong op het terrein van de Snijderskazerne te Nijmegen als eerste over de eindstreep.

Museumplein Amsterdam, bij de start van Olympia’s Ronde van Nederland 1959. Foto: collectie Anefo

Nog geen 300 meter voor die streep had zich ineen van de onoverzichtelijke bochten op het kazerneterrein een valpartij voorgedaan, waarbij onder meer Ab van Egmond, Bart Solaro en Harry Scholten, die toen aan het hoofd van het peloton aan het wiel van Harings reden, betrokken werden. Door de verwarring kon Harings, die de sprint voor Van Egmond had moeten aantrekken, toen die acht seconden uitlopen. Hij veroverde tevens de voor de militairen zo belangrijke minuut bonificatie, waardoor hun achterstand op de ploeg van de Zwaluw tot iets meer dan twee minuten slonk.

Start van de 1e etappe van Olympia’s Tour, de Ronde van Nederland voor amateurs 1959 te Amsterdam. Foto: collectie Anefo

De Zwaluwrijders hadden de koers geheel beheerst. Zij voerden het tempo in deze rit door de prachtige Overijsselse en Gelderlandse landouwen zo hoog op, dat bijna niemand weg kon komen. Dick Enthoven, die het na 30 km probeerde, kreeg de Zwaluw van der Sluis mee om het tempo te drukken, en zelfs de hulp van Vander Steen en Aanraad kon dit groepje geen voldoende voorsprong opleveren. Vander Sluis vervulde zijn knechtenrol uitstekend en was er weer bij toen Boom een tot mislukking gedoemde vlucht ondernam.

Olympia’s Toer door Arnhem op weg naar Nijmegen. Het peloton snelt, het damcircuit op, de brug tegemoet. De grote middagpauze werd gehouden in de Snijderskazerne te Nijmegen, waar de renners de gasten waren van het garnizoen. Er was toen een parcours van 98 km verreden en vooral bij de heuvels van Berg en Dal hadden de renners hard getrapt. Deze halve etappe eindigde met een sprint rondom de kazerne, die met een kleine voorsprong werd gewonnen door Harings; hij had het parcours in 2 uur 3 minuten en 6 seconden afgelegd. Tijdens de rondrit om de kazerne had in een bocht nog een valpartij plaats, waarbij drie renners waren betrokken. Het liep allemaal nog tamelijk goed af alleen met schrammen en builen. Om half vier vanmiddag vertrokken de renners voor de tweede helft van de etappe, die hen door Limburg voert. De uitslag van de halve etappe van hedenmiddag luidt: 1. Harings; 2. Wuurman; 3. Niesten; 4. v. d. Steen; 5. Corstjens; 6, Visser en 7. Van Smirren.   Arnhemsche Courant 28 mei 1959

De uitslag luidde: 1. Harings (militaire ploeg) 2.23.06 (met bonificatie 2.22. 06); 2. Wuurman (Le Champion) 2.23.14 (m. bon. 2.22.44); 3. Niesten (Wilhelmina) 2.23.14 (m. bon. 2.22.59); 4. Van der Steen (Wilhelmina) 2.23.14, 5. Corstjens (Wilhelmina) zt., 6. Enemark (Denemarken) z.t, 7. Wim van Smirren (Le Champion) z.t., 8. Scholten (Spartaan) z.t., 9. Swaneveld (Feyenoord) z.t.
De leiding in het algemeen klassement bleef in handen van Huub Zilverberg. Zijn ploeg „De Zwaluw” behield de leiding in het ploegenklassement.
De groene trui (puntenklassement) werd veroverd door Harry Scholten (Spartaan).

Klik en lees Het Parool 28 mei 1959

Klik en lees De Maasbode 28 mei 1959

1938-05-29 Djursholm: vierlandenwedstrijd voor amateurs

Nederlandse amateurs naar Zweden. De N.W.U. nodigt zes gegadigden uit.
Piet Smits onder de genodigden

De N.W.U. heeft van de Zweedse Wielerbond een uitnodiging ontvangen tot deelneming aan een internationale landenwedstrijd voor amateurs, welke is geaccepteerd. Deze wedstrijd zal verreden worden op zondag 29 Mei 1938 op een parcours in Djursholm bij Stockholm. De afstand bedraagt 100 km. Vier Nederlanders mogen deelnemen. Volgens „Sportecho” zijn door den heer Swaab de Beer, in overleg met de sportcommissie van de N.W.U. de navolgende zes renners uitgenodigd: P. Smits, Tegelen, A. Zwartepoorte, Amsterdam, O. Moeke, Weespercarspel, J. Demmenie, Rotterdam, H. de Hoog, Amsterdam en A. Steenbakkers. St. Michielsgestel.

Voormalig beroepsrenner Piet Smits uit Tegelen, voor de 2e wereldoorlog een vermaard crack op de piste én beste vriend en koppelgenoot van oud-wereldkampioen Jan Derksen

Opvallend is de keuze wat betreft de drie eerstgenoemden, die immers niet tot het weg-rennersgilde behoren. Nu zijn wij onkundig van de aard van het parcours. Zou dit zijn als bijvoorbeeld bij het wielercriterium te Oosterhout, dan kunnen pistiers met sprintkwaliteiten als Smits, Zwartepoorte en Moeke er wellicht goede resultaten boeken, doch in het andere geval had men wellicht beter gedaan het oog op amateurs „van de weg” te laten vallen. Demmenie, de Hoog en Steenbakkers zullen zeker hun mannetje staan. Blijft natuurlijk de vraag of de jongelui er voor zullen gevoelen de verre reis te doen, want er zullen ook wel financiële kanten aan die uitzending verbonden zijn.

Uit de plakboeken van Piet Smits: Amsterdam 25 mei 1938, het vertrek van de Nederlandse amateurploeg naar Stockholm: Piet Smits, Tegelen (in het midden); Adrie Zwartepoorte Amsterdam; Joop Demmenie Rotterdam; Antoon Steenbakkers St. Michielsgestel, De equipe staat onder  leiding van chef d’equipe dhr. B. Swaab de Beer en worden verzorgd door de N W. U.-trainer, Guus Schilling (geheel rechts),

NEDERLAND WINT DE VIERLANDENWEDSTRIJD IN ZWEDEN.
Gedurende de wedstrijd was het slecht weer.
6000 toeschouwers woonden de wedstrijd bij.

Op initiatief van den Zweedse Wielerbond werd 29 Mei op het circuit van Djursholm (in de nabijheid van Stockholm) de vier landen-wedstrijd voor amateus verreden, die in een fraaie Nederlandse overwinning geëindigd is. Aan deze wedstrijd werd deelgenomen door Zweden, Denemarken, Duitsland en Nederland. Elk land mocht vier renners afvaardigen, waarvan er drie geplaatst werden voor het landen-klassement. De ploegen zagen er als volgt uit: Zweden met Johansson, Ericsson, Berg en Jansson; Denemarken met Sörensen, Nielsen, Glöwen en Andersen; Duitsland met Bartoskiewitz, Siegel, Schmidt en Schulze; Nederland met Joop Demmenie, Adrie Zwartepoorte, Piet Smits en Toon Steenbakkers. Andere niet officiële renners completeerden het veld. In het totaal moesten er dertig ronden van 3,6 K.M. verreden worden.

Hoewel de Deen Frode Sörensen (vice-wereldkampioen 1937) als algemeen individueel favoriet gestart was, stond Nederland bij de landenploeg als beste genoteerd. Daarom is de uitslag gedeeltelijk een verrassing geworden en ligt gedeeltelijk geheel in de lijn der verwachtingen. Niet Sörensen, maar de Zweed Sven Johansson werd winnaar met een voorsprong van anderhalve minuut. Reeds in het begin van de wedstrijd (in de zevende ronde) was het de Zweeds nationale kampioen Johansson op de vlucht geslagen en had de Duitser Matthusias en de Nederlander Joop Demmenie met zich meegenomen. Dit drietal draaide een buitengewoon hoog tempo en slaagde er binnen enkele ronden in een voorsprong van 2 min. te behalen. Deze voorsprong zou nog aanzienlijk vergroot zijn geworden, indien de Duitser op dat ogenblik niet een lekke band gekregen had. Hij viel terug en moest door het hoge tempo, waarmee het peloton de vluchtelingen trachtte te achterhalen opgeven. Demmenie en Johansson gaven echter de moed niet verloren. Vooral Johansson ging buitengewoon goed en… enkele ronden vóór het einde maakt hij zich van Demmenie los en spurtte alleen naar de finish, waarbij met bijna anderhalve minuut voorsprong arriveerde. Demmenie raakte spoedig over zijn inzinking heen en kwam met vrij grote voorsprong op het hoofdpeloton als tweede binnen.

Uit de plakboeken van Piet Smits: De finish van het peloton voor de 4e plaats. In de eindsprint werd Smits tweede na de favoriet Sörensen en bezette hiermee de 5e plaats.

In het hoofdpeloton was in die tijd zeer veel gebeurd. Herhaaldelijk hadden de renners geprobeerd er tussen uit te trekken, doch vrijwel steeds zonder succes… totdat Adrie Zwartepoorte zich losrukte en alleen de uitlopers achterna ging. Ook hij werd niet meer door het peloton achterhaald en eindigde dus als derde met bijna 6 minuten voorsprong op het hoofdpeloton. Toon Steenbakkers scheen langen tijd Nederlands’ derde man te zullen worden, totdat hij door een lek bandje uit den strijd geworpen werd. Onze vierde man Piet Smits bevond zich echter gelukkig nog in het hoofdpeloton en werd bij de eindsprint tweede na de favoriet Sörensen. Hierdoor had Nederland de landoverwinning veroverd. De Duitsers hadden pech en verloren voor het einde Schmidt en Matthusias door bandenpech en kon daardoor niet geklasseerd worden in het landenklassement.

De Nederlandse renners, die hebben deelgenomen aan de vierlandenwedstrijd, welke nabij Stockholm is gehouden, en door Nederland is gewonnen. V.I.n.r.: Smits, Demmenie en Zwartepoorte, die individueel geklasseerd zijn als vijfde, tweede en derde.

 

De uitslag luidde:
1. Johansson 108 KM. in 3 uur 1 min. 53,6 sec;
2. Demmenie in 3 uur 3 min. 8 sec;
3. Zwartepoorte in 3 uur 3 min. 58,6 sec;
4. Sörensen in 3 uur 9 min. 31,2 sec;
5. P. Smits;
6. Nielsen;
7. Schulze;
8. Bartoskiewitz;
9. Ericksson.

Landenklassement:
1. Nederland met 29 pnt.;
2. Zweden met 21 pnt.;
3. Denemarken met 21 pnt.;
Duitschland uitgevallen.