1924-08-02 Parijs, Wereldkampioenschap op de weg voor amateurs

Parijs 1924, het wereldkampioenschap op de weg voor amateurs

De wereldkampioenschap op de weg voor beroepsrenners werd voor het eerst georganiseerd in 1927, sinds 1921 werden er echter wel al wegkampioenschappen om de wereldtitel gehouden voor amateurs. In 1924 vond dit WK plaats op 2 augustus te Parijs.
De wedstrijd was 180 kilometer lang en ging voor een groot gedeelte over grindwegen, zodat er zeer veel lekke banden waren. 
De Nederlander Jan Maas reed bijvoorbeeld 7 maal lek; hij eindigde op de twintigste plaats op bijna 47 minuten van de winnaar. De Belg Henri Hoevenaers moest door herhaaldelijke bandenpech opgeven.

We lezen het dagblad “Het vaderland” van 4 augustus 1924:

Heden volgden wij het Wereldkampioenschap voor amateurs op den weg, waaraan 30 renners van 9 nationaliteiten deelnamen, nl. de Franschen Leducq, Blanchonnet, Wambst en Hamel, de Belgen Hoevenaars, de Cat, van den Bosch en Saive, de Zwitsers Antenen, Blattman, Lauppi en Lehner, de Engelsen Hunter, Marsh, Pilcher en Wilson, de Denen Henry Hensen en J. Johansen, de Italianen Bresciani, Ferrario, Magnotti en Piemontesi, de Polen Bochsman, Krzeninski, Garley en Muller en onze Nederlandse amateurs Jan Maas, Cees Heeren, Daan van Dijk en Nol Muller.

De Nederlandse deelnemers, v.l.n.r: Daan van Dijk, Nol Muller, Cees Heeren en Jan Maas

Zoals vooruit te voorzien was kon op een dusdanig slechten weg, die over minstens 80 km vol met zeer scherp kiezel en vlijmscherpe glasharde stenen lag, van een regelmatig verloop van den wedstrijd geen sprake zijn, Het wordt den Fransen dan ook kwalijk genomen, dat, terwijl zij in de omgeving van Parijs over ten onzent ongekend mooie wegen beschikken, voor een wereldkampioenschap een zoo treurig traject hebben uitgekozen. Het zijn niet alleen de “kwaaddenkendsten”, die enig opzet hier achter zoeken.

Versailles (Yvelines), de start

Onze gedelegeerde, de heer Hoornberg, heeft, nadat onze jongens bij een proefrit 14 lekke banden kregen, tevergeefs getracht het parcours gewijzigd te Krijgen. Ditmaal heeft Jan Maas alleen 7, Heeren 5, van Dijk 4 en Muller eveneens 4 banden stuk gereden. Aan de nodige zorgen voor banden materiaal heelt het niet ontbroken; verschillende fabrikaten, als Pouchois, Wolber, Hutchison, Tabucchi, zelfs Vredestein’s Browns zijn beproefd en al deze soorten zijn in den wedstrijd dooreen gereden. Niets bleek tegen de scherpe stenen bestand.

te Chartres, op kop Blanchonnet

Onze jongens hadden ook wel bijzonder pech. Het is een ieder onbegrijpelijk hoe het équipe der Fransen er door kwam met resp. 0, 1, 2 en 2 banddefecten, tesamen dus niet eens ’t aantal, hetwelk Jan Maas alleen had. Ook de Belgen verloren hun besten man Hoevenaars door aanhoudende bandenpech. Zou een wereld Kampioenschap in Nederland een dergelijk verloop hebben, dan zouden zekerde leidende mannen in de wielersport zich schamen. De Fransen verheugen zich in het succes van hun mannen. Wij hebben respect voor liet kunnen dezer renners en geloven, dat ook bij een uiterst regelmatig verloop zij van de anderen de meerderen hadden kunnen zijn, des te meer echter betreuren wij het, dat die flinke renners een zoo onwaardige overwinning hebben behaald.

te Chartres, het 2e peloton aangevoerd door Otto Lehner

Het is onmogelijk bij een groten wedstrijd een overzicht over het gehele verloop te geven. Wij waren gezeten in een auto, welke bij den staart diende te blijven en behielden dus een juist overzicht van de achterblijvers en pechvogels. Reeds na 1 km moest een Deen loslaten, hij geraakte 100 meter achter, doch wist weer bij het peloton te komen. Dan zien we den Pool Krzeninski afzakken en merken op dat hij op een baanfiets met wegwielen en zonder remmen rijdt. Een gevaarlijke onderneming over het bergachtige traject. Hij bleef achter en wij zagen hem niet meer terug. Zijn landgenoot Bochsman kan dan het tempo niet volgen en geraakt achter. Plotseling zien wij Maas alleen voor ons, hij vertelde te zijn gevallen en daardoor losgeraakt. Maar jakkert wat hij kan en komt weer bij het hoofdpeloton. De Pool Muller, die ook was losgeraakt, trachtte met Maas mede te komen, doch kon zijn wiel niet houden; hij bleef achter en wij hébben hem niet meer terug gezien.

te Houdan, de kopgroep

Dan staan wij voor Skoeld, de bekende Zweed, die in 1921 het wereldkampioenschap won. Hij staat huilend van spijt bij zijn rijwiel, waarvan onder het rijden door de onderbuis van het frame, bij het balhoofd door midden was gebroken. De jongen viel gelukkig zonder zich te bezeren. Wij namen hem met zijn rijwiel, dat netjes in tweeën werd gebroken op en hebben hem tot het einde bij ons gehad. Nog vóór er 40 km zijn gereden, zijn reeds een 8-tal renners uit het hoofdpeloton achter gebleven, terwijl de Fransen Hamel en Leducq met den Belg Hoevenaars een voorsprong van ongeveer 500 meter hebben genomen. Achteraan het hoofdpeloton zit op enige minuten een groep van 2 Engelsen, een Deen, een Italiaan en een Zweed. Maas is de eerste die een lekke band krijgt en wij geloven, dat hij er ook de meeste van alle deelnemers hoeft gekregen, juist voor Houdan (op 42 km) staat hij te verwisselen.

Onze jongens hadden ook wel bijzonder pech. Het is een ieder onbegrijpelijk hoe het équipe der Fransen er door kwam met resp. 0, 1, 2 en 2 banddefecten, tesamen dus niet eens ’t aantal van 7 maal, hetwelk Jan Maas alleen al had. Hier zien we Jan Maas de zoveelste lekke band repareren.

Wij zien dan respectievelijk door bandenpech achterblijven de beide Denen, Heeren, de Belg Saive, Maas, die met den Pool Bochsman aan komt zetten, haalt de Deen Johanssen in, ziet dan Heeren in nood, houdt een beetje in en als Heeren zich bij hem aansluit, gaat het full speed verder. De Belg Saive zit er 200 M. achter en kan niet bijkomen. Wij verwachten, dat het onzen landgenoten zal gelukken het hoofdpeloton nog te halen, ondanks het scherpe tempo, dat er daar ingehouden wordt. De Zweed Frimodig wordt ingehaald en met 5 man gaat de jacht verder.

te Versailles, de Zwitser Otto Lehner

Bij de  vliegende controle te Dreux komt de Belg bij hen en vertrekt van daar zelfs voor hen. In suizende vaart gaat het dan weer voort. Na Dreux ontmoeten wij den Engelsman Munter die opgeeft en de Zwitser Blattman, die op zijn gemak terug peddelt. Niet lang daarna is Maas weer slachtoffer, dan Heeren en Saive. Wij wachten en volgen de laatste. Weer vooruitkomende zien wij Saive heel kameraadschappelijk voor de Italiaan Magnotti, die banddefect heeft, zijn pomp lenen, zelfs een paar slagen mede pompen. Hij springt weer op en vertrekt 100 meter voor de Italiaan. Wij vinden dan ook Blattman weer met een lekken band, kort vóór hem Maas en Heeren met Johanssen daarvoor de Zwitser Lauppi. Zo wordt Chateau Neuf, de eerste vaste controle, op 75 km van de start, bereikt. Wij vernemen daar, dat de Fransman Hamel aan het hoofd zit, daarachter Leducq met Hoevenaars op een halve minuut, dan een 2e peloton een minuut later, waarin onze Muller, een derde peloton op 5 minuten achter hen, een peloton waarin van Dijk, die ook al had moeten verwisselen.

te Chartres, alleen op kop de Fransman René Hamel

Van Chateau Neuf af begon de erbarmelijk slechte weg. Het eerst zien we alweer Maas sukkelen, daarna is er geen bijhouden meer aan. Maas en Heeren moeten vrij aardig om beurten van band verwisselen. In Chartres vernemen wij, dat Hoevenaars ook al door defecten veel is achter geraakt en dat Hamel, Leducq en kort daarachter Blanchonnet aan het hoofd gaan. Wij komen dan eindelijk weer eens bij van Dijk, die met de Fransman Wambst samenzit: beiden zijn door banddefecten achter geraakt.

Vlak voor de finish, Leducq lost Blanchonnet

Als wij hen hebben laten gaan en op de achtersten wachten, verschijnt het eerst Saive, die ons beduidt reeds 5 lekke banden te hebben gehad. Bij de tweede vaste controle te Ably vernemen wij, dat Muller en van Dijk pech hebben gehad en tezamen zijn gekomen; zij hadden daar 18 minuten achterstand op de leider Leducq. Wij nemen dan den Fransman Hamel met defect voorwiel op; hij moet de strijd staken; even later ook de Zweed Svensson. Wij zullen niet verder gaan met het eindeloze relaas van pech en nog slechts de uitslag vermelden.

De finish van de nieuwe wereldkampioen op de weg 1924: André Leducq
  1. André Leducq (Fransman) 5 u. 30 min. 34 4/5 sec.
  2. Otto Lehner (Zwitser) 5 u. 31 min. 36 3/5 sec.
  3. Armand Blanchonnet (Franschman) 5u. 34 min. 27 sec.
  4. Libero Ferrario (Italiaan)
  5. Georges Wambst (Franschman)
  6. Georges Antenen (Zwitser)
  7. Arturo Bresciani (Italiaan)
  8. Alfons de Cat
  9. v. d. Bosch
  10. Pilcher
  11. Piemontesi
  12. Bohlin
  13. Wilson
  14. j. G. van Dijk 6 u. 2 min. 15 sec.
  15. Magnotti
  16. Lauppi
  17. Johanssen
  18. Hansen
  19. Bochsman
  20. Jan Maas 6 u. 17 min. 10 sec.
  21. Cees Heeren 6u. 17 mm. 52 sec.
Links Otto Lehner 2e, rechts André Leducq 1e
Links Armand Blanchonnet 3e, rechts André Leducq in zijn verworven regenboogtrui
Libero Ferrario, de regerend wereldkampioen van 1923 bezette nu de 4e plaats

In de landenclassificatie is Frankrijk eerste, Italië tweede, Zwitserland derde en Nederland vierde. Er namen tien naties deel.

Limburgsch Dagblad 4 augustus 1924
Het Vaderland 4 augustus 1924

 

1935-06-22 1e KKK Ronde van Hoensbroek

De Kasteel Kermis Koers in Hoensbroek 

Belangrijkste wielergebeurtenis van het jaar 1935.
Meer dan honderd renners aan de start.
Radio-reportage van Han Hollander.
Filmopnames van Polygoon

Het eerste Limburgse beroepsrenners criterium werd gehouden in Eygelshoven in 1934. De belangstelling was aldaar van dien aard dat spoedig meerdere wedstrijden van dit soort volgden. Het in 1935 volgende mega evenement was de eerste KKK van Hoensbroek met meer dan 100 renners aan de start, welke voor de organisatoren met burgemeester Martin aan het hoofd een groot succes is geworden.

Naar schatting waren ongeveer 20 a 23.000 toeschouwers langs het schitterende parcours samengestroomd, die eerst getuigen waren, hoe de Belgische amateurs de prijzen weghaalden voor de neuzen van hun Nederlandse collega’s terwijl zij later eveneens tot de ervaring moesten komen, dat ook de Belgische profs een voor een onze landgenoten de baas waren. Onze landgenoot Theofiel Middelkamp was met zijn 5e plaats de eerste Nederlander.

De Belg Frans Dictus won onbedreigd in den tijd van 3 uur en 20 minuten, gevolgd door zijn landgenoot Louis Duerloo, met wie hij na de 20ste ronde was uitgelopen, waarin zij samen met de regelmaat van een klok hun voorsprong op het peloton vergrootten. Zij waren toen voor de anderen onbereikbaar en slechts pech of ongeval had voor dit tweetal de eerste twee plaatsen verloren kunnen doen gaan. In de laatste ronde beschikte Dictus nog over voldoende reserves om met een grote spurt als eerste over de finish te gaan.

Het is niet onbekend meer wie de grondlegger van de eerste grote Limburgse wielercriteriums is geweest. Het eerste criterium werd gehouden in Eygelshoven (1 september 1934, klik hier en lees). De belangstelling was aldaar van dien aard dat spoedig meerdere wedstrijden van dit soort volgden. De Edelachtbare Heer J. H. Martin, toentertijd burgemeester van Eygelshoven, was de initiatiefnemer van dien koers. Het valt dus niet, te verwonderen dat, toen Burgemeester Martin van gemeente veranderde en in Hoensbroek zijn intrek nam, aldaar door hem ook spoedig de idee geopperd werd eenzelfde wedstrijd in het leven te roepen. Gezien het resultaat van Eygelshoven had dhr. Martin spoedig ook in Hoensbroek mensen bereid gevonden, deze onderneming — ook voor de ingezetenen van niet te onderschatten waarde — te steunen.

Reeds in Oktober 1934 stond het vast dat in 1935 de ”K.K.K.” van Hoensbroek er zou komen, dank zij Burgemeester Martin. Nauwelijks was de winter voorbij of er werd begonnen met de voorbereidingen, want wil een dergelijk criterium in alle opzichten goed slagen, dan moet alles tot in de puntjes verzorgd worden, vooral daar het in de bedoeling ligt de K.K.K. ieder jaar te houden.
De Limburgers aan de start van de eerste Ronde van Hoensbroek

Allereerst werd een vergadering gehouden, waarin een zestal werkcommissies werden gekozen. Een financiële opzet werd gemaakt, waarbij bleek, dat de voorbereidingen rond f 3000.- zouden kosten. Hieruit volgt al direct, dat niets nagelaten is ter perfectionering van deze koers. Het laat zich begrijpen, dat in den aanvang bij niet ingewijden enig pessimisme ontstond, want om f 3000.— zomaar bij elkaar te trommelen is in den tegenwoordige tijd geen peulenschilletje. De laatste dagen is dit pessimisme echter grotendeels verdwenen, daar de belangstelling ten top is gestegen.

 

Om 2.30 uur wordt door Pastoor Röselaers het startschot gelost voor een groep van 60 amateurs Limburger Koerier 24 Juni 1935Voorbeschouwing:

Limburger Koerier 12 Oktober 1934
Algemeen Dagblad 3 Mei 1935
Limburger Koerier 3 Mei 1935
Limburgsch Dagblad 23 Mei 1935:

De groote internationale „Burgemeester Martin”

Zaterdag 22 Juni.

klik en lees de krant

Na vele moeilijkheden te hebben overwonnen is Hoensbroek er in geslaagd een „Ronde van Hoensbroek” te organiseren. Deze wedstrijd zal plaats hebben op Zaterdag 22 Juni a.s. op een bij uitstek gunstig traject n.l. rond het Kasteel van Hoensbroek. Deze prachtige weg met een novomac dek en een flinke breedte, op sommige plaatsen zelfs 13 Meter, is 2.8 K.M. lang. Een mooier parcours is haast niet denkbaar. Bij de startplaats worden honderden zitplaatsen ingericht. Duizenden toeschouwers hebben een ruime blik op de renners. Er worden 2 categorieën  toegelaten namelijk Prof & Onafhankelijken en Amateurs. De prijzen voor de eerste categorie zijn van f 250 (5000 francs) 1e prijs tot f 10 (200 francs) de 22e prijs, in totaal meer dan f 1000 aan geldprijzen. Voor de amateurs zijn de prijzen eveneens groot, zoals rijwielen enz. De amateurs starten om 2 uur n.m. en rijden 70 K.M. en de profs om 4.30 uur en hebben 125 K.M. af te leggen. Inschrijfgeld bedraagt voor profs f 1 en voor amateurs f 0.50, hetgeen voor de start moet worden gestort. De inschrijving staat open tot en met 3 Juni 1935. Inschrijvingen te richten aan P.J. van Els Prinsenstraat 13 Heerlen met duidelijke opgaaf van Categorie, adres en licentienummer. De renners zullen goed doen zich spoedig op te geven, aangezien de mogelijkheid niet is uitgesloten dat inschrijvingen zullen worden afgewezen, wegens beperkt aantal deelnemers. Wij verwijzen de renners naar de advertentie in dit blad, waarin de prijzen zijn vermeld en tevens het adres van inschrijving. Na ontvangst van hun adres, zal hun een contract worden gezonden, zodat iedere renner vooraf wordt gecontracteerd. De renners gelieven niet te vergeten hun licentie-nummer te vermelden en categorie profs, onafhankelijk of amateur.

Limburgse renners met verzorgers, v.l.n.r: vier renners: Clignet, M. Kisters, J. Pisters en Bern. Koumans
Limburger Koerier 4 Mei 1935
reglementenboekje 1e KKK Ronde van Hoensbroek, 22 juni 1935, klik en bekijk het complete boekje
reglementenboekje 1e KKK Ronde van Hoensbroek, 22 juni 1935, klik en bekijk het complete boekje
Limburgsch dagblad 23 Mei 1935:

DE GROOTE RONDE VAN HOENSBROEK.

De neringdoenden krijgen een goeden dag.
Klik en lees de krant

Weer is meer dan een week voorbij gegaan, zonder dat we iets van de Ronde van Hoensbroek vernamen. De organiserende commissie had het erg druk, vandaar dat zo weinig nieuws werd doorgegeven, zodat wij zelf op zoek gingen om een en ander te vernemen. Met de hele commissie werd het te rijden traject nog eens in studie genomen en wij moeten zeggen, dat dit circuit als ’t ware speciaal voor dit doel werd aangelegd. De mensen die hier een kijkje gaan nemen, zullen dien dag genieten van eerste klas wielersport, terwijl de entrees voor iedereen toereikend zijn gesteld. De verdere inrichting van het parcours bespreken wij nog nader, wanneer de grote mannen die reeds hebben ingeschreven, bekend worden gemaakt. Wij mogen gerust thans reeds aannemen, dat Hoensbroek een tweede „Brasschaet” zal worden, die telken jaren in grotere omvang zal worden verreden.  Voor de plaats zelf, voor de neringdoenden in Hoensbroek en omstreken is deze opzet van grote waarde, vooral wanneer men weet, dat de autoriteiten van Hoensbroek alle medewerking verlenen om die dag ook den middenstand ten volle te laten profiteren. Na afloop van de course zullen alle zaken in Hoensbroek geopend blijven tot 12 uur en de café’s tot 1 Uur ’s nachts. Hierbij komt nog, dat „De Ronde van Hoensbroek” alle vorige gehouden wedstrijden zal overtreffen. Ook vernamen wij nog, dat talrijke premies beschikbaar zijn gesteld, die de wedstrijd spannend zullen maken. Op ruim 500 M. voor de finish — de breedte van dien weg is daar 13 M. macadam — worden de premies aan de renners bekend gemaakt door „Janssen met de witte vlag” de bekende term van de Ronde van Eygelshoven. Wij maken de renners er nog op attent, dat de inschrijving op Maandag 3 Juni a.s. sluit en nadien geen enkele aanmelding meer kan worden aanvaard.

Limburger Koerier  7 Juni 1935:

De groote ronde van Hoensbroek.

klik en lees de krant

Nadat de inschrijving geopend werd, regende het contract-aanbiedingen bij de commissie. Deze is nu tot schifting overgegaan en heeft bereids met diverse grote mannen gecontracteerd. Wie? Veel liet de commissie niet los. Toen wij er naar vroegen, lachte de secretaris geheimzinnig, maar wij hadden toch gelegenheid uit het dikke dossier enige namen te noteren.

Dictus, de winnaar van de Zondag j.l. verreden ronde van Roozendaal, Billiet, de winnaar van Amstenrade, „Don Fredo” ofwel Haemerlinck, de Koning der kermiskoersen, enz. Van de Nederlandsche renners was ook het keur genomen, zoals Valentijn, gebroeders Vroomen, Muller. Clignet, terwijl met nog eenige renners onderhandeld wordt

Tevens is de commissie bezig met het afsluiten van een contract met een renner uit het land van Mussolini. Meer konden wij niet los krijgen.

Wat het traject aangaat, ook dit is nog eens herzien. Op deze prachtige wegen is een Belgische zege niet te voorspellen, immers onze Limburgse jongens zullen zich hier niet de kaas van het „wielerbrood” laten eten. Zij hebben met de winnaars van Amstenrade een zuur appeltje te schillen. Een Belgische zege is niet 100 pct.

Wielerclub Nuth, geheel rechts Jan Pisters

 De dag voor de koers:

programmaboekje 1e KKK Ronde van Hoensbroek, 22 juni 1935, klik en bekijk het complete boekje
Limburger Koerier  20 Juni 1935:
Bezoekt op 22 Juni de Groote KKK Ronde van HOENSBROEK, de Limb. Brasschaet

Deelname van renners van wereldvermaardheid.
Grootste sportevenement van dit wielerseizoen.
Aanvang Amateurs (54) om 2.00 uur; Professionals en Onafhankelijken (59) om 4.30 uur.

WEDSTRIJD VOOR IEDER TE VOLGEN. RECHTE STUKKEN VAN 200, 600 en 800 M.
VLAKKE, BREEDE WEGEN EN GEEN HELLINGEN. SNEL TEMPO
POLYGOON FILMT.  A.V.R.O. REPORTAGE.

De heer HAN HOLLANDER naar HOENSBROEK.

De uitzending van de A.V.R.O. geschiedt op Zondag.

Klik en lees de krant

Thans staan wij aan de vooravond van een groot wielergebeuren. Groter dan ooit in Limburg of Nederland werd georganiseerd. Ook belangstelling voor dezen wedstrijd bleef niet in een klein kringetje rondom Hoensbroek, doch de naam K.K.K. werd de laatste dagen ook besproken tot ver over onze grenzen.

HET DOEL VAN DEZE KOERS.

Dat de initiatiefnemer niet alleen de wielersport bij de organisatie voor ogen had, laat zich begrijpen. Hij combineerde twee belangrijke factoren, nl. de wielersport en de charitas. Het werd dus geen opzet, om ten eigen bate winst te maken. Het overschot, dat van deze wedstrijd zou komen, komt ten goede aan Armbestuur, Crisis-Comité enz. in de gemeente Hoensbroek en wij hopen van harte, dat dit overschot heel groot mag zijn. De sportieve opzet wordt daardoor meer dan 100 pct. Uit dit oogpunt alleen is een woord van hulde aan Burgemeester Martin hier niet misplaatst.

PARCOURS EN INRICHTING.

Reeds bij onze eerste berichten hebben wij vermeld. dat het uitgezochte circuit zich bij uitstek leende voor een dergelijke koers. De lengte van het parcours is 2800 meter lopende over snelle novomac- en macadamwegen, met vier zeer goed te nemen bochten. De start en finish liggen op een 600 meter recht stuk met een breedte van 13 meter.. zodat ieder renner zich volkomen kan geven in premie- en eindspurt. Zodra zij de finish voorbij zijn volgt op 100 meter een zeer grote bocht, met een spiraal breedte van 40 meter. Weer 100 meter voorbij deze bocht is een grote ruimte voor de verzorging der renners, hetgeen uitsluitend op deze plaats is toegestaan. In het traject zijn twee, voor een renner onbeduidende hellingen. In de Overbroekstraat, waar de weg het smals is, namelijk  4 a 5 meter, wordt, geen publiek toegelaten; dit met het oog op het gevaar voor de renners. In de bocht voor de Heerbaan, plusminus 600 meter  voor de finish, staat “Janssen met de witte vlag”, die de renners de premies zal aankondigen. Op de Heerbaan, tegenover de finish, zijn grote tribunes opgebouwd, waarop ongeveer 1000 personen kunnen plaats nemen. Nabij deze plaats zal door twee muziekkorpsen, nl. de “Harmonie”  van Hoensbroek en het muziekkorps van de Staatsmijn Emma worden geconcerteerd. Het verloop van den wedstrijd wordt doorlopend bekend gemaakt door middel van 6 grote en enkele kleine luidsprekers. De controle is zo scherp georganiseerd, dat onregelmatigheden uitgesloten moeten worden geacht. Over het gehele traject zijn geheime controleurs, speciale boetecommissarissen, verzorginscontrole enz. terwijl voor iedere 2 renners een rondeteller is aangewezen met speciale ronde-tel-staten. Deze controleurs zitten op een verhoging, zodat zij de deelnemer tot 100 meter kunnen volgen. Deze methode is onmisbaar gebleken, aangezien het meermalen is voorgekomen dat renners 1 of meer ronden uit de strijd bleven. Verder zijn voor de regeling van het verkeer 60 politieambtenaren aanwezig, benevens een groot aantal padvinders. Men ziet hieruit, dat de regeling van de wedstrijd zeer goed is verzorgd. Groote parkeerplaatsen zijn rondom het parcours in ruime mate aanwezig.

DE RENNERS-DEELNEMERS.

Wanneer wij in deze voorbeschouwing alle renners hier zouden gaan bespreken, zou deze pagina te klein zijn, want het grootste aantal der renners zijn mannen van naam en specialisten op dit gebied. Er schreven 178 renners in, waarvan 78 amateurs en 117 profs en onafhankelijken. Hoe ongaarne ook, moesten de organisators noodgedwongen tot schifting overgegaan, zodat de besten in aanmerking kwamen. Er zullen thans starten 55 amateurs en 59 profs. Bij de amateurs starten 44 Nederlanders, 9 Belgen en 2 Duitsers en bij de profs 38 Nederlanders, 16 Belgen en 5 Duitsers.

De Amateurs: 25 ronden of 70 K.M. start om 2 uur.

Profs en onafhankelijken: 45 ronden of 126 K.M Start 4.30 uur.

 

Twee Limburgse kampioenen, Piet Kersten en jan Pisters (1934)

Wij achten het overbodig om deze renners individueel te bespreken, want het is ene onmogelijkheid te voren, zelfs niet bij benadering, een overwinning van deze of gene te voorspellen. Het, is met de wielrenners niet meer zoals enige jaren terug, toen er maar enkelen waren die voor zo’n overwinning in aanmerking kwamen. Toen kon men ongeveer zeggen, wie zou zegevieren. Thans is het anders. Het groots leger van renners heeft de laatste jaren zulke verrassingen gebracht, dat er thans 10-, 20-tallen renners zijn, die in zo’n koers onderling op èèn lijn gesteld kunnen worden.

Deelnemende amateurs
Deelnemende Profs en Onafhankelijken
DE KANSEN VAN DE NEDERLANDERS.

De amateurs brengen meestal de grootste verrassingen. Wie had b.v. vóór 1934 gehoord van een Pellenaars? De Wereldkampioenstitel maakte hem met een slag populair. Onder een groot aantal jonge krachten, schuilen altijd van die grootheden, die plotseling naar voren komen en een meesterstuk uithalen. Ook bij deze deelname verwachten wij een Nederlandsche verrassing. Wij hebben een goede hoop op Wolfhagen. Brouns, Buyck. Rulkens, Hermans, Lammerts, Smolenaars, Buijzen of Braspennincx. Bij de Belgische deelnemers zijn zeer goede krachten, o.a. Segers, Ignoul, Staeren, Loncke en Thielens, doch de bovengenoemde Nederlanders achten we zeker zo sterk.

Jan Wauters; Raes
P. van Nek; Wolfhagen
Muller; Duerloo

Profs en onafhankelijken. Valentijn is een onzer meest bekende wegrenners, die ook in deze koers een der beste van de onzen zal zijn. Toch gaat onze hoop nog meer uit naar onze Limburgers, nl.: W. Vroomen, Clignet, M. Vroomen, Bockkom, Muller, van Wunnik, enz. Juist het bijna geheel vlakke traject, komt ten goede aan de snelle renners, waar de kracht der Belgen veel zal worden tegengegaan. Ook de afstand nl. 126 km ligt juist in de lijn van onze baanrijders die ook reeds voorheen hebben getoond de wegwedstrijden onder de knie te hebben. Volgens aan ons verstrekte gegevens mogen wij ook den naam noemen van Middelkamp. Deze renner is woonachtig in België, doch is Nederlander, die zich speciaal toelegt op wegwedstrijden en criteriums en daarin zeer goede plaatsen heeft bezet tegen de beste Belgen.

Bockum; Billiet
Clignet; Hamerlinck
Van Wunnik; Valentijn

Dat voor België goede krachten aanwezig zijn is bekend, namen, zoals Haemerlink, Dictus, Billiet, Duerloo, Wauters, Horemans, Peers, Mertens, Leemans spreken voor zich zelf. Wij kunnen aannemen, dat deze mannen zullen trachten de Hollanders van zich af te schudden, zoals zij dat in Amstenrade klaar speelden. Dit zal hun in Hoensbroek echter niet zo glad zitten. Wij geven de Limburgers een zeer goeden raad om als een man bij de Belgen te blijven, d.w.z. dat wanneer de Limburgers ieder een Belg voor hun rekening nemen, deze geen kans krijgen om los te komen. In ieder geval dient hiervoor te worden gewaakt, om niet te worden verschalkt. Van de Duitsers noemen wij Esser en Reilander als de besten, doch geven hun weinig kans op een overwinning, daar het overige veld te sterk is.

Kisters; Plantaz
Tacken; Beckers
Wagenaar; Renzen

Wij zullen het hierbij laten, voor wat betreft de kansen. In ieder geval kan worden aangenomen, dat er vinnig en hard gestreden zal worden, om de ƒ 250.— in de wacht te slepen.

Voor de Profs is in totaal ƒ 1220.— aan geldprijzen aanwezig, verdeeld over 22 prijzen. De deelnemers zijn allen contractueel verplicht, zodat men kan rekenen dat de lijst zo als in dit blad aangegeven, zonder uitzondering compleet is. De prijzen voor de amateurs, zijn in vergelijking met de profs zeer hoog te noemen. De eerste prijs is een race-flets ter waarde van ƒ 85.—.

Quax; Castermans, Cober; Vinders; Bertram; Bindels
j. Aerts; K. Wildschut
M. Vroomen; W. Vroomen
DE PREMIE-REGEN

Bij de profs zowel als bij de amateurs, zijn tot heden per 2 en 3 ronden vaste premies, waarbij als voornaamste premie 2 diamanten ringen (van de North State sigaretten). Verder: geldpremies. fototoestellen, vulpennen, enz. enz. Niet alleen de renners, maar ook het publiek zal met premies worden verrast. De bekende North-Stateman zal zich tussen het publiek begeven, om aldaar rijkelijk te doen blijken van de mildheid der fabriek-directie.

HAN HOLLANDER AAN DE MICROFOON.

Het is gelukt dhr. Han Hollander, de bekende sportreporter van de A.V.R.O. bereid te vinden de microfoon te bedienen. De wedstrijd zal tevens worden opgenomen op grammofoonplaten, welke na afloop en des Zondags door de A.V.R.O. ten gehore zullen worden gebracht. Verder komt de filmmaatschappij Polygoon om de “K.K K.” te verfilmen, zodat het verloop van den wedstrijd enkele dagen na afloop, op het witte doek kan worden gehoord en gezien. Men ziet dus dat de organisators niets hebben nagelaten om den K. K. K. tot een der beste wedstrijden te maken, die ooit in Limburg werden gehouden.

Han Hollander aan het werk tijdens de Ronde van Hoensbroek 1935
DHR. ADRIAN NAMENS N. W. U. AANWEZIG.

De Nedederlandse Wielren Unie zal worden vertegenwoordigd door het hoofdbestuurslid dhr. Adrian.

Het traject biedt voor 50.000 personen plaats. Er is voor gezorgd dat het publiek een ruime blik heeft over de wedstrijd. Op de Heerbaan waar 12000 mensen kunnen staan, zijn de renners tot 500 meter ver te zien. Na afloop van den wedstrijd blijft het tot 1 uur ’s nachts feest in Hoensbroek. Alle zaken blijven tot 12 uur open en de café’s tot 1 uur.

VAN ACHTER DE SCHERMEN.
„Hoe wordt een „Ronde in elkaar gezet? Ziet hier het recept. Men neme een traject, een groep renners, wat publiek, enige prijzen, en het succes is verzekerd, mits... degenen, die het verder organiseren, het menu zo smakelijk weten te maken, dat het eenieder aanstaat. Deze zijn de koks, die in de stilte werken, waarvan de gasten niets merken. Het zijn ook de koks, die nooit lof uitingen: dat het smaakt, dat het goed bevallen is horen. Mag ik de harde werkers, „de koks van dit rondenmenu" vanaf deze plaats hartelijk dank zeggen voor de vele uren van moeite, opoffering en inspanning. Naast deze woorden van dank een opwekking,  „tot het volgend jaar". Hoensbroek's middenstand zal het weten te waarderen."
H. MARTIN, Burgemeester.

Uw sportredacteur. z'n lach en z'n traan.
De zaak is maar: Hoe krijg je zo gauw vijfentwintig duizend mensen bij elkaar, die het de moeite waard vinden, om eens te komen kijken. Zijn zij er een keer geweest, dan zijn zij klant voor alle volgende jaren, daar kan men veilig op rekenen. Als je op een regenachtige Dinsdagmiddag in Hoensbroek komt, je ziet een stuk of wat mensen bezig met den bouw van een grote tribune, je hebt bovendien gemerkt, dat de hele Mijnstreek volgepakt is met allerlei aanplakbiljetten en je maakt een globaal berekeningetje van wat dit gevalletje wel kosten zal, dan krijg je lichtelijk de rillinkjes over het vege lijf bij de gedachte, die de burgemeester van Hoensbroek al menig stukje gemoedsrust zal hebben gekost: Hoe krijg je zo gauw vijf en twintig duizend mensen bij elkaar. Als je de uitvinder bent van een artikel, dat erin gaat als keek, een artikel, dat, omdat men er nu eenmaal geen patent op krijgen kan al door verschillende anderen op meer of minder goede wijze werd geïmiteerd, dan moet je je klanten goed bedienen, en wanneer het dan een artikel is, dat in de buitenlucht moet worden genuttigd, terwijl je gelijks tot je ergernis ondervindt, dat moeder natuur ongezouten met de crisis meedoet, dan denk je toch in beve aan de angstaanjagende nachtelijke uren die burgemeester Martin den laatsten tijd moet hebben doorgemaakt. Als je dan een ambtswoning hebt, die mijnschade vertoont als je het hart hebt, om in je bed te rillen kan men zich voorstellen, met hoeveel geest drift Zaterdagmiddag den burgemeester van Hoensbroek feliciteren als we maar een beetje zonneschijn hebben. Er heerst hoogspanning in Hoensbroek. Bakkers, kruideniers en kasteleins durven het hardop te zeggen, maar eigenlijk is het zo dat ze er allemaal op rekenen, dat ze er een slaatje uit kunnen slaan. En als het een beetje wil, lukt dat ook… D’r zijn al bakkers geweest, die gevraagd hebben om langer te mogen werken, allemaal vanwege verse kadetje, dat naar we hopen, lichter verteebaar zal zijn dan dat van de ronde van Amstenrade waar een wielrenner met meer succes vijf-en-twintig gulden aan premies won, dan dat men op de perstribune een broodje met kaas verwerken kon. De zaak is dus dat dhr. Martin de uitvinder is van de „Ronden". Het vorig jaar in Eygelshoven zei men: nou ja... laten we maar eens afwachten... En toen het op afwachten aankwam, bleek, dat geen enkele bakker van het dorp, en geen slager, en evenmin de brouwerij, het kon bijhouden. De uitvinder had succes gehad, en hoe ! Aangezien een burgemeester van Hoensbroek moeilijk een ronde van Eygelshoven kan gaan organiseren, is dhr. Martin het dit jaar met de ronde van Hoensbroek gaan proberen, de grote K.K.K.-wedstrijd, hetgeen beduidt, dat het de „Kasteel-Kermis-Koers" is. Ik weet niet, in hoeverre men met plezier burgemeester van Hoensbroek is, maar dit is zeker, nergens in Limburg kan men met zoveel succes een ronde van dit formaat in elkaar zetten, als juist rondom het oude kasteel, en dit is dus voor een sportief burgemeester een stokpaardje…

Laten we maar eerlijk afspreken, dat als we er niet van zagen gebeuren, dat dit 't jaarlijks terugkerend wielersportgebeuren zal gaan worden van het allergrootste formaat voor ons land, wij er ons niet zo druk over zouden maken. Maar nu het een keer zo is, sla ik ook op den trommel en steek de trompet, of hoe zeggen ze dat ook weer, omdat zo iets niet alle dagen voor komt.

„Polygoon" komt het geval verfilmen, en Han Hollander komt, om de gebeurtenis op de AVRO-grammofoonplaat vast te leggen, en daarmee hebben we het beste van het beste. Het feit, dat het in Amsterdam de moeite waard wordt gevonden, om er Hollander op af te sturen, zegt al voldoende voor de betekenis van dezen wielersportzaterdagmiddag, dunkt, me zo.

Het wachten is op het startschot
Hollands trio aan de start (foto WK 1935) Middelkamp, Stuyts en C. Heeren

Wedstrijd verslag

Limburgsch Dagblad 24 Juni 1935:
DE RONDE VAN HOENSBROEK DE BELGEN TOONEN ZICH WEER ONWEERSTAANBAAR DE STERKSTEN.

DE EERSTE ELF PLAATSEN, UITGEZONDERD DE 5de DOOR BELGEN BEZET.

DICTUS WINT DEN KOERS IN DEN TIJD VAN 3 UUR 20 MINUTEN, GEVOLGD DOOR ZIJN LANDGENOOTEN DUERLOO EN VERHAGEN.

DE NED. RENNER MIDDELKAMP EINDIGT OP DE 5de PLAATS.

20.000 à 23.000 TOESCHOUWERS WAREN AANWEZIG.

Klik en lees de krant
Onder buitengewoon grote belangstelling is Zaterdag de eerste ronde van Hoensbroek verreden, welke voor de organisatoren met burgemeester Martin aan het hoofd een groot succes is geworden. Naar schatting waren ongeveer 20 a 23000 toeschouwers langs het schitterende parcours samengestroomd, die eerst getuigen waren, hoe de Belgische amateurs de prijzen weghaalden voor de neuzen van hun Nederlandse collega's terwijl zij later eveneens tot de ervaring moesten komen, dat ook de Belgische profs een voor een onze landgenoten de baas waren. Uitgezonderd de 5de plaats welke voor onzen landgenoot Middelkamp was, bezette de Belgen de eerste 11 plaatsen. Dictus won onbedreigd in den tijd van 3 uur en 20 minuten, gevolgd door Duerloo, met wie hij na de 20ste ronde was uitgelopen, waarin zij samen met de regelmaat van een klok hun voorsprong op het peloton vergrootten. Zij waren toen voor de anderen onbereikbaar en slechts pech of ongeval had voor dit tweetal de eerste twee plaatsen verloren kunnen doen gaan. In de laatste ronde beschikte Dictus nog over voldoende reserves om met een grote spurt als eerste over de finish te gaan. De prestaties van de Ned. profs doen daartegenover wel wat min aan, maar daarbij mag niet uit het oog worden verloren dat de meesten hunner als zuivere pistiers den strijd moesten aanbinden tegen mannen van de weg. De 5de plaats werd zoals gezegd door Middelkamp, waarna de Groen en Heere op de 12e en 13e plaats volgden, terwijl Valentijn als no. 14 arriveerde. Onze Limburgse jongens is het dezen koers niet voor den wind gegaan. Ofschoon zij goed het tempo tot het einde hebben volgehouden — er werd zeer snel gereden — konden zij het tegen het geroutineerde rijden van de Belgen niet bolwerken en moesten zij zich ten slotte met de laatste plaatsen tevreden stellen. Vluggen, W. Vroomen, Bockom, Muller en Clignet waren jammer genoeg genoodzaakt den strijd te staken. De Ned. renners stonden van meet af aan reeds voor een moeilijke taak. Zij moesten de strijd aanbinden tegen geroutineerde wegrenners, als Dictus, Billiet Hamerlinck, Duerloo en Raes, kerels, die de knepen van het vak kennen, die al zijn mogelijkheden door en door verstaan en weten wat er in een wegwedstrijd te koop is. Daarom stond het voor ons reeds bij voorbaat vast, dat de zege voor de Belgische kopstukken zou worden. Na de 20ste ronde was het een uitgemaakte zaak, dat de eerste twee plaatsen, behoudens onvoorziene omstandigheden, voor de Belgen Dictus en Duerloo zouden worden, die gesteund door hun moreel overwicht langzaam maar zeker hun voorsprong op het peloton opvoerden en tenslotte onbereikbaar meer waren. De spanning om de twee eerste plaatsen was toen feitelijk reeds verdwenen, waarna aller interesse uitging, voor wie de volgende plaatsen zouden zijn. De derde plaats bezette glansrijk Verhagen, ook weer een Belg, die tegen het einde van den koers kans zag zich van t peloton los te werken. Hij zette onweerstaanbaar door om tenslotte als no. 3 met 40 sec. achterstand op Duerloo te arriveren. Ook de volgende 8 plaatsen waren voor de Belgen, die elkaar braaf gezelschap bleven houden, met Haemerlink aan het hoofd, die er deze middag niet altijd even sportieve praktijken op na hield, waarvoor hij van de jury enige malen werd gewaarschuwd. Onmiskenbaar hebben de Belgen dus weer hun superioriteit op de weg aangetoond, al waren alle omstandigheden voor hen gunstig om dat op zulk een grootse wijze te doen.
Theofiel Middelkamp, met een 5e stek de beste geplaatste Nederlander
Perfecte organisatie.

De organisatoren zullen ongetwijfeld met grote tevredenheid op deze eerste ronde van Hoensbroek terugzien. Daartoe hebben zij alle reden. Het weer heeft prachtig meegewerkt, een stralend zonnetje, dat het verblijf op de perstribune, niet altijd even aangenaam maakte, begunstigde deze koers, iets wat we na de regenachtige dagen van den laatste tijd niet hadden durven hopen. De publieke belangstelling overtrof alle verwachtingen. Zoals gezegd waren er over 20.000 toeschouwers, waaronder, naar men ons vertelde, er 16.000 betalenden waren. Er werden door de meisjes van de KJV 3000 programmaboekjes verkocht, zodat alles bij elkaar genomen na aftrek der onkosten een mooie som aan het plaatselijk crisiscomité van Hoensbroek Konï worden afgedragen, ten behoeve waarvan deze ronde was ingericht. De organisatoren hadden voor een perfecte regeling gezorgd. Gemeentepolitie, rijksveldwacht en marechaussee, hielden toezicht langs het parcours, padvinders bewezen allerlei diensten, het Rode Kruis bood haast altijd gewaardeerde hulp, waar nodig aan, de pers werd vertroeteld, jury en wedstrijdcommissie zorgden, dat de wedstrijd naar goede orde verliep. En daar tussen door hield burgemeester Martin, van wie het initiatief tot deze ronde was uitgegaan, een waakzaam oog op het geheel, opdat alles naar wens zou marcheren. Burgemeester, met behulp van Uw stad medewerkers, was alles perfect in orde, het was model en daarvoor onze hulde!

De start der amateurs, Nieuwe Tilburgsche Courant 24 juni 1935

In deze opsomming zouden wij nog haast vergeten, dat de Radiocentrale van Brunssum op verschillende plaatsen langs het parcours luidsprekers had aangebracht, zodat naast de mededelingen voor het publiek „Jansen met de witte vlag” telkens op tijd een sprint gewaarschuwd kon worden. Over muziek hebben wij ook niet te klagen gehad. De Harmonie van de Staatsmijn Emma en die van Hoensbroek bliezen er lustig op los en zorgden voor de nodige „stimmung”. En dan waren er Zaterdag nog enige gasten in ons midden. De Polygoon en Profilty vertoonden zich met hun filmwagens, om het meest interessante op het celluloid vast te leggen. En dan was er de Avro met den populaire Jan Hollander, die een gedeelte van den wedstrijd op de hem eigen prettige en vlotte manier heeft „omgeroepen”. Het is alzo een succes geworden, dat het beste belooft voor de tweede ronde.

DE WEDSTRIJD.

Om 2.30 uur wordt door den Z.Eerw. Heer Pastoor Röselaers het startschot gelost voor een groep van 60 amateurs, die het 2800 meter lange traject 25 keer zullen rijden, zodat deze dus 70 K.M. te rijden hebben. Reeds aanstonds wordt er een flink tempo ingezet en onder leiding van Verheul wordt de eerste ronde afgelegd in 16 3/5 sec. Het eerste slachtoffer is Schipper, die defect krijgt en een ronde achter raakt om later uit den strijd te verdwijnen. In de tweede ronde zijn het Staeren en Verheul die het peloton leiden en wordt de ronde in 4.25 2/5 afgelegd. Reeds noteren we Rulkens en Lutters als achterblijvers. Bij de derde ronde is er een premie welke Tulleneers weet binnen te palmen voor Helden met een kleine voorsprong op het peloton maar ze zetten niet door, zodat alles weer bij elkaar komt.

Een blik in het programmaboekje van de 1e KKK ronde van Hoensbroek, (archief Rob Pelt)

Al spoedig komen dan opgevers en een der eersten is Leton, die wegens ziekte den strijd staakt. De ronde wordt thans in 4.23 en 4.33 gereden. Ramaekers weet in de 5e ronde de premie van de North State te winnen. In de 6e ronde heeft Staeren een voorsprong van 50 meter op de groep en rijdt de ronde in 4.23 3/5. maar hij wordt weer ingelopen door Seyen, die samen de 7e ronde met 40 meter voorsprong passeren, doch in de 7e ronde is de groep weer intact Leistra en Verheul staken den strijd. Dan zijn het Hermans en Frederiks die 60 meter voor het peloton liggen doch Frederiks en Hermans vallen weer terug en worden aan de leiding vervangen door Bruysen en Clerx, die met 40 meter voorsprong alleen aan den kop liggen.

In de 12e ronde weet Braspennincx met 40 meter voorsprong op het peloton te passeren, doch wordt direct gevolgd door Clerx terwijl ook Staeren zich bij hem voegt en deze weten 70 meter voorsprong te halen. In de 15e ronde heeft Braspennincx een voorsprong van 40 meter en zet flink door maar het zal hem niet lukken want het pechvogeltje zit hem op de hielen en bezorgd hem een lekke band zodat hij in de 17e ronde een 200 meter achterstand op de groep heeft, terwijl Tulleners met 500 meter voor het peloton is gekomen en er verder alleen van door gaat.

Hubert (Sjaak) Sijen, in de finale als eenzaat in de achtervolging op Tullenaers, redt het niet alleen, maar eindige toch nog mooi als 3e in de pelotonsprint.

De ronde werd voordien gereden in 4.48 1/5 sec, doch in de 17e ronde doet Tulleners er slechts 4.41 3/5 over, hij vergroot zijn voorsprong en legt de 18e ronde af in 4.26 2/5 sec. en heeft reeds 36 sec. voorsprong op de groep welke hij in de 20e ronde opvoert tot 40 sec. Als hij bemerkt dat hij niet gehaald wordt doet hij het iets kalmer aan, doch heeft nog steeds 27 sec. voorsprong bij de 21e ronde, waar een groep van 5 man hem volgt, terwijl een 2e peloton van 13 man hier kort achter zit.

Seyen weet zich van de groep los te maken en gaat alleen achter den vluchter aan, doch deze zet flink door en in de 22e ronde heeft hij 26 sec. voorsprong op Sijen, terwijl de groep op 56 sec. volgt, Sijen die zo strijdlustig was, kan zijn voorsprong niet houden en wordt door Staeren, Lammerts, Hermans en Ignoul ingelopen, terwijl Tulleners nog steeds met 32 sec. voorsprong aan de kop ligt.

De bekende Kaveeweefabrikanten zijn op het toneel verschenen en schenken een tweetal bekers één voor de winnaar amateurs en één voor de winnaar der profs. Tulleneers behoudt een voorsprong van 30 sec. op de groep die er echter niet stil bij bluft, maar de leider doet de ronde in 4.32 zodat de groep hem niet meer bereiken kan.

De laatste ronde gaat in en Tulleneers, die zeker is van de zege stormt moedig verder en komt alleen toe, terwijl de groep op 36 sec. volgt.

De uitslag van de amateurs luidde: 

1. A.Tulleners B in 1 uur 54 min.
2. J.Staeren B op 35 sec
3. H.Seyen, Maastricht, op 1 lengte.
4. P.Hermans B.
5. M.Ignoul B.
6. N.Slangen.
7. F.Lammerts
8. A.Heeren.
9. P.Segers B.
10.G. Tielens B.
11.W. Buysen.
12.Frederiks.
13.Jongen.
14.de Witte.
15.Clerx.
Een blik in het programmaboekje van de 1e KKK ronde van Hoensbroek, (archief Rob Pelt)
Een blik in het programmaboekje van de 1e KKK ronde van Hoensbroek, (archief Rob Pelt)

Als dan de drie eerste amateurs een ereronde gedaan hebben, verschijnen de profs, welke onder de tonen der nationale volksliederen een voor stellingsronde afleggen en om 5.30 uur wordt door burgemeester Martin het startschot gelost en trekken 58 stoere kerels de baan op om hun kansen te wagen. Het is ten prachtige blik die kerels in hun bonte shirts te zien passeren. Het is de Groen, die de bende in de eerste ronde aanvoert en de ronde wordt in 4.26′ 1/5 afgelegd. Er is voor de deelnemers heel wat te verdienen, want een groot aantal premies is er reeds beschikbaar gesteld, terwijl er nog verschillende andere volgen, want de bekende firma Wolf en Hertzdahl geeft al aanstonds 5 premies van f 10 en er zal hier wel flink voor gestreden worden.

De eerste premie in de 3e ronde is een sigarettenetui van de North State en deze wordt door Leemans binnen gepalmd, die de ronde in 4.15 aflegt. Hierna volgt de eerste premie van f 10 en dit is iets voor den Limburger Clignet, die de ronde in 4.15 4/5 sec. doet.

Een blik in het programmaboekje van de 1e KKK ronde van Hoensbroek, (archief Rob Pelt)

Het Oranje-comité van Eygelshoven heeft een premie van f 10 beschikbaar gesteld in de 5e ronde en hier heeft Velraeds zijn zinnen op gezet en weet deze dan ook binnen te palmen voor v. Wunnink en Pekel, die iets voor die groep liggen, die door Billiet wordt aangevoerd. In de 6e ronde is er een premie van zes flessen wijn van Martini en Velraeds schijnt een liefhebber van het druivennat te zijn want hij kaapt deze voor de van Heeren weg, die ook al belust op een slokje was. Peers en Quax raken de voeling met den hoofdgroep kwijt en volgen reeds ver achter, terwijl Heitzer de strijd opgeeft in de 9e ronde weet Horemans beslag te leggen op een premie van f 3.50 voor Valentijn.

In de 10e ronde heeft Valentijn de leiding met Hooremans, Wouters en Dictus. In de 11e ronde heeft de Moderne Wegenbouw Mij. een premie van f 15 beschikbaar gesteld, die door Dictus met een formidabele spurt voor Hooremans, Wouters en Valentijn wordt gewonnen. De groep zit op 25 sec. achter. De volgende premie van f 6 is voor Wouters en de vier leiders hebben 12 sec. voorsprong. Een premie van f 10 van W. en H. wordt ditmaal door Hooremans gewonnen, terwijl Valentijn in de volgende ronde beslag legt op een vulpen van de North State.

In de 17e ronde weet Dictus een premie van f 6 binnen te palmen en de vier leiders zijn nog steeds bij elkaar. Haemerlinck volgt op 15 sec. en de groep getrokken door Billet op 25 sec.

In 1 uur zijn afgelegd 36 km. Het peloton maakt een valpartij en Bokkom, Willems en Aerts vallen als slachtoffers uit de strijd. Een premie van f10 van W. en H. wordt door Wouters binnen gepalmd voor Hooremans die alleen op kop zitten, op 7 sec. volgt Haemerlinck en op 17 sec. het peloton. In de 19e ronde Hooremans en Valentijn alleen terwijl de groep op 10 sec. volgt. In de 20e ronde is er een gouden ring door de North State beschikbaar gesteld, en de ijdele Dictus, die graag met diamanten pronkt, weet er alleen van door te gaan en pikt deze ring meteen binnen. Hij doet deze ronde in den kortste tijd en wel 4.12 2/5 sec, dus een gemiddelde snelheid van 40 K.M. Het peloton onder leiding van Haemerlinck volgt op 15 sec. Dictus blijft alleen voorop, Haemerlinck en de Groen volgen op 10 sec. het peloton op 15 sec. In de 23e ronde palmt Dictus een premie van f 15 geschonken door de Ned. Wegenbouw Mij. binnen en heeft 15 sec. voorsprong. In de 23e ronde is het Duerloo gelukt om uit de groep te schieten en zich bij Dictus te voegen en deze twee weten 23 sec voorsprong te nemen op het peloton.

De f 10 van W. en H. welke in de 24e ronde betwist worden, weet Duerloo voor Dictus te winnen. Het peloton onder leiding van Haemerlinck volgt op 18 sec. Laatstgenoemde krijgt van de jury een waarschuwing om het peloton niet op te houden. In 2 uur 76 km . Een premie van f 6 is voor Dictus. Thans komt er tekening in de strijd. De beide uitlopers verstaan elkaar en gaan overhands aan de kop. Een premie van f 5 is weer voor Dictus. Velraeds wint een camera van de North State. De twee leiders hebben dan reeds een voorsprong van 50 sec. op de groep. In de 33e ronde weet Verhagen zich los te maken en volgt de leiders op 57 sec, terwijl de groep op 1 min. 10 sec. volgt. Een premie van f 10 van de fa. Lennarts en Asdonk voor de eerste Limburger, is voor Renzen.

In de 35e ronde zijn Duerloo en Dictus 1.05 voor op Verhagen en v. d. Wijngaard en 1.29 op de groep. De premie van f 10 van W. en H. wordt door Verhagen gewonnen in de 36e ronde, die met v. d. Wijngaard op 1.3 van de leiders volgt; op 1.34 Cardinaals, Loncke en Hooremans op 1.46 de groep. In de 38e ronde een premie van f 10 van de Limb. Radio-Centrale voor de eerste Limburger is voor Velraeds. De leiders hebben reeds 1.10 voorsprong op Verhagen en v. d. Wijngaard bij wie Velraeds is, die een ronde achter is. Op 1.30 Loncke, Hooremans op 1.40 de groep.

Nieuwe Apeldoornsche Courant 24-06-1935

In de 40e ronde een gouden ring van de North State, te betwisten door de groep, wordt een prooi van Valentijn. De leiders vergroot en hun voorsprong. In drie uur zijn afgelegd 114 K.M. De leiders met 1.4 min. voor Verhagen en v. d. Wijngaard, op 1.35 de groep. In de 42e ronde Duerloo en Dictus op kop gevolgd op 1.36 door Verhagen en v.d. Wijngaard met Velraeds, op 1.47 Valentijn voor de groep. In de 43e ronde Dictus en Duerloo nog steeds op kop, op 52 sec. v.d. Wijngaard, Verhagen en Velraeds, op 1.37 Middelkamp, Mertens, Hooremans, op 1.41 Biliet met de groep. Het veld raakt uit elkaar en wordt in 4 groepen verdeeld. Voorop nog steeds de twee leiders, daarna Verhagen en v.d. Wijngaard, daarna volgt Middelkamp, die zich eveneens heeft los gemaakt, even later Loncke alleen, dan ’n groepje onder leiding van Haemerlinck, waarna de grote groep.

Frans Dictus, winnaar bij de profs
Louis Duerloo, 2e bij de profs

Het einde nadert en in de laatste ronde weet Dictus zich van Duerloo los te maken om al leen toe te komen onder de daverende toejuichingen van het publiek, terwijl ook de overige deelnemers gescheiden binnen komen.

De uitslag van de Profs en Onafhankelijken luidde:

1 F. Dictus, België in 3 uur 20 min.
2 L. Duerloo, België op 100 meter.
3 A. Verhagen, België op 40 sec.
4 K. v. d. Wijngaard, België op 50 sec.
5 T. Middelkamp, Holland op 55 min.
6 A. Loncke, België op 1.08 min.
7 A. Haemerlinck, België op 1.12 min.
8 M. Raes, België op 1 lengte.
9 A. Billiet, België op 2 lengten.
10 P. Martens, België
11 F. Horemans, België
12 De Groen, Holland
13 C. Heeren, België
14 J. Wouters, België
15 M. Valentijn, Holland
Een blik in het programmaboekje van de 1e KKK ronde van Hoensbroek, (archief Rob Pelt)
Een blik in het programmaboekje van de 1e KKK ronde van Hoensbroek, (archief Rob Pelt)
Limburger Koerier 24 Juni 1935:
klik en lees de krant
Limburgsch dagblad 26 Juni 1935:

Limburgsch dagblad 2 Juli 1935:

Limburgsch dagblad 31 Juli 1935:
DE COMING-MAN:

HARRY BROUNS

Een dezer dagen knoopten we een gesprek aan met de bekenden Heerlense wielrenner Harry Brouns. Het begon eigenlijk over de afvaardiging naar de wereldkampioenschappen. Want zoals men misschien weet, viel ook Brouns de eer te beurt, om bij de tien mannen te zijn, welke aan de trainingswedstrijden in Floreffe hebben deelgenomen. Als men nu weet, dat er in Nederland een kleine drie duizend amateur-wielrenners zijn, dan zal men ongetwijfeld een goed rijder moeten zijn, om bij de 10 uitverkorenen te kunnen zijn. Welnu, dit is Brouns zeer zeker. Eigenlijk gezegd wordt er aan hem niet genoeg aandacht geschonken. Hij is nu 19 jaar oud, dus een leeftijd, waarop nog een succesvolle lijd kan volgen. In 1932 begon hij zijn wielerloopbaan bij de adspiranten. Van de 6 wedstrijden won hij er vier, werd één-maal 2e en één-maal 5e. In 1933 ging hij over naar de nieuwelingen, en reed er 23 wedstrijden mee, en dit mag wel een succesjaar voor hem genoemd worden, want hiervan won hij maar liefst 17 maal de 1e prijs, een keer 2e en 2 maal 3e en moest enige malen wegens pech opgeven. Iin 1934 besloot Brouns het in de Amateurklasse te gaan proberen. En alras bleek, dat hij ook hier niet als een vreemdeling in Jeruzalem ronddwaalde. Hij begon alvast met vijftien wedstrijden te rijden, ging 7 maal met den erepalm strijken, werd vier maal 2e; 2 maal 6e, en werd enige malen gedwongen op te geven. En als men nu nagaat, dat hij deze wedstrijden in 1934 allen in België gereden heeft, dan zal men begrijpen, dat dit geen peulschilletjes zijn. Het is voldoende bekend, hoe geweldig de Belgen in wegcoursen zijn. Ze worden dan ook de beste ter wereld genoemd. Brouns sprak nog over de wedstrijden welke hij meegemaakt heeft en de Ronde van Hoensbroek. Daar kwam hij als 4e man bij de amateurs aan, maar toch werd hij, op een voor hem onverklaarbare wijze, niet in het bezit van zijn prijs gesteld. Hoe ik ook protesteerde, zei hij, het hielp niets. Enfin, deze jongeman belooft veel goeds voor de toekomst, en laten we hopen, dat vooral de heren van de N.W.U. een oogje op hem houden, dan zullen we binnen onafzienbare tijd ook een kampioen in de wielerwereld in het Zuiden hebben. Dat dit niet zo gemakkelijk gaat, weet iedereen, en ook Brouns, maar te oordelen naar de door hem gemaakte prestaties kunnen we toch met een gerust hart de toekomst tegemoet zien. Brouns,  good luck!

Klik en lees de krant
Ik nam ooit zelf nog deel aan de KKK ronde van Hoensbroek, deze medaille viste ik uit de kist met prijzen op mijn zolder, met moet in 1971 of 1972 zijn geweest…

1971-06-19 Nederlands wegkampioenschap amateurs Valkenburg

Limburgers vooraan in magnifiek amateurschouwspel

JAN SPETGENS: „HALF KOERS WIST IK DAT HET ERIN ZAT”

VALKENBURG, 21 juni 1971- De 24-jarige Jan Spetgens uit Someren is zaterdag in Valkenburg op overtuigende  wijze Nederlands kampioen op de weg bij de amateurs geworden. Met de fantastisch rijdende Wim Kelleners uit Born, door zijn aanvalsdrift de meest bejubelde held van het honderdvijfentwintig renners tellende veld, de uitgekookt en intelligent koersende Mathieu Pustjens uit Roosteren, en de favoriet par excellence, Fedor den Hertog, zorgde de Oostbrabantse tegelzetter voor een magnifieke ontknoping van een van de attractiefste amateurkampioenschappen van de laatste jaren.

door Harry Muré (Limburgs Dagblad)

Na een barre tocht van 171 kilometer met achttien moordende klims over de Cauberg tooide „De Spet” – vijf jaar amateur en afgezien van een zege in de Omloop van de Baronie in 1969 steeds in de schaduw van de groten vertoevend – zich min of meer verrassend, maar volledig verdiend, met de hoogste eer.

Foto’s Johan van Gurp, BN De Stem, met dan aan het stadsarchief Breda.

Hoe spijtig het ook is voor de Limburgers (Kelleners werd tweede en Pustjens derde), aan het kampioenschap 1971 ie kolossaal sterk klimmende Spetgens valt niets af te dingen. Kelleners en Pustjens bezorgden Limburg niettemin eindelijk de „kick” waar de zuidelijke supporters al maanden vergeefs op gewacht hebben. Met Jo van Pol (achtste) verpulverde dit duo eindelijk  de Hollandse suprematie, in de wedstrijd de waarheid.

Limburgs Dagblad 19 juni 1971 voorbeschouwing

Cees Koeken
Cees Koeken
Arie Hassink

Wim Kelleners en Mathieu Pustjens konden hun optimale vorm niet met een complete triomf bekronen, deels  door pech, deels misschien door gebrek aan oplettendheid In de laatste achthonderd meter lange klim van twaalf procent naar de streep boven op de Cauberg. Pech gold in dit geval niet als excuus, want ook  Jan Spetgens heeft zijn deel gehad. Vele malen blokkeerde zijn ketting; hij moest viermaal een nieuwe fiets nemen.

vlnr 88 Schür, 29 van Dongen, 80 van Pol
vlnr 115 Vrancken, 36 Den Hertog, 16 van Bragt, 91 Smit, 66 Luppers
vlnr 59 Kuiper, 35 van Helvoirt, 82 Priem, 53 Koeken, 80 van Pol, 64 vd Loo, 88 Schür
vlnr 80 van Pol, 31Duyker, 88 Schür, 111 Vlot, 64 vd Loo, 97 Spetgens, 82 Priem
vlnr 106 van Venrooy, 36 den Hertog, 53 Koeken, 116 de Waal
vlnr 31 Duyker, 116 de Waal, 97 Spetgens,
17 Broere
116 Wim de Waal
vlnr 64 Theo vd Loo, 20, Toine vd Bunder
vlnr 53 Cees Koeken, 82 Cees Priem

In de geweldig spannende finale zegevierde echter het intellect van Jan Spetgens. Kelleners, Pustjens, Den Hertog en Spetgens hadden in de voorlaatste ronde de achtervolgers definitief verslagen. Toen was duidelijk dat bij dit viertal de winnaar zat. ..Eén tegen drie, er was geen beginnen aan”, verzuchtte Fedor den Hertog teleurgesteld na afloop. Inderdaad’, Kelleners,  Pustjens en Spetgens, drie leden van Mars Flandria, rekenden kordaat af met de „eenzame” Den Hertog die in de voorlaatste ronde gelost werd maar nog één keer op eigen kracht aansluiting kreeg. Maar aan de voet van de laatste klim brak zijn verzet. Hij schakelde verkeerd en moest lossen. De drie „spoten” omhoog. Honderd meter voor de finish lag Mathieu Pustjens in de beste positie. Een te wilde pedaalbeweging werd de 22-jarige bankwerker uit Roosteren noodlottig. Jan Spetgens zag het vlak vóór zich gebeuren.

vlnr 9 Berkhout, 83 Prinsen, 45 Kamper
37 Aad van den Hoek
Cees bal heeft pech
Cees Bal

Op dat moment reed de hoogblonde, slanke coureur uit Someren alles of niets. Met een vernietigende sprint-omhoog schoot Spetgens het Limburgse tweetal voorbij, Kelleners en Pustjens waren verslagen! Gejoel voor Fedor een Hertog die in de laatste klim twintig seconden moest prijsgeven, teleurstelling bij Wim Kelleners en Mathieu Pustjens („Als mijn voet niet uit de toeclip was geschoten, dan was ik kampioen geweest”) en dolle vreugde bij de aanhang van Jan Spetgens. Bondscoach Joop Middelink: „Spetgens heeft het dik verdiend. Wat die jongen allemaal gedaan heeft. Hij reed volledig geconcentreerd.  Hij schakelde niet meer in de laatste klim en behield daardoor de juiste cadans.” Die soepele cadans, gekoppeld aan enorme kracht en koersinzicht in de laatste kilometers, was het geheime wapen van Jan Spetgens. „Ik ben geen moment bang geweest voor de Cauberg, al had ik hem pas een paar keer gezien. Vanaf half koers had ik het gevoel dat het erin zat. Ik kreeg toen plotseling zoveel zelfvertrouwen dat ik helemaal voor mijn eigen kans ging rijden. Ik had voor de laatste klim 53×14 staan. Dat heb ik zo gelaten en ben daarna in de laatste klim meteen in de aanval gegaan. Wat ben ik bij! Zon overwinning in zon grote wedstrijd! Daarvan kun je alleen maar dromen.”

vlnr 88 Schür, 10 Beurskens, 111 Vlot, 29 van Dongen, 1 Aling, 97 Spetgens, 82 Priem, 36 den Hertog, 34 Hassink
vlnr 84 Math Pustjens, 26 Karel Delnoy
vlnr 29 vd Donk, 1 Aling, 59 Kuiper, 47 Kelleners
vlnr 24 Cornelissen, 20 vd Bunder, 41 Hulzebosch, 46 F van Katwijk

Jo van Pol: „Den Hertog zat slecht op het valse plat”

Het amateurkampioenschap in Valkenburg is de wedstrijd van de Limburgers geworden. Behalve Wim Kelleners en Mathieu Pustjens onderscheidden zich ook veel andere Limburgse coureurs temidden van de elite. Zoals Jo van Pol die ruim tevreden was over zijn achtste plaats. Commentaar van de man uit Montfort: „Ik heb griep gehad. Daarom had ik niet zoveel ambitie. Op het laatst heb ik me ingehouden, omdat mijn ploeggenoten Kelleners en Pustjens vooruit zaten. Anders was ik zeker nog verder naar voren gekomen. Fedor den Hertog heeft verloren omdat hij elke keer op het valse plat boven op de Cauberg heel moeilijk zat. Normaal zou hij daar ongenadig hebben toegeslagen, maar hij kón het niet. Dat valse plat heeft hem de das om gedaan. Ik heb duidelijk gezien dat hij daar elke ronde enorm slecht zat.”

Fedor den Hertog

Opvallend goed was ook het rijden van de Maastrichtenaar Benny Ceulen, Theo van de Loo uit Weert en Cor Boersma uit Treebeek.

vlnr 29 van Dongen, 49 Piet Kleine, 61 Jacob Langen, 116 Wim de Waal

Vooral de Prestatie van de tweede jaars-amateur Jacob Langen uit Kerkrade dwong respect af. Zijn zestiende plaats is zeer verdienstelijk.

vlnr 61 Jacob Langen, 9 Berhout, 37 van den Hoek, 20 vd Bunder, 86 Scheffer

Ook Huub Dohmen uit Rothem reed boven zijn kunnen. Reactie van de 20-jarige Rothemmer: ..Dit kampioenschap was voor mij een uitdaging. Ik had veel korter kunnen komen, maar ik heb geen risico’s genomen in de slotfase. Ik reken mij nu tot de dertig sterkste amateurs van Nederland.”

vlnr 46 Fons van Katwijk, 5 Cees Bal, 27 Huub Dohmen

Ben Koken komt niet in de uitslag voor, ofschoon de Grevenbichtenaar lange tijd op jacht is geweest naar de kopgroep. Zijn commentaar op de uitslag: „Nu weten ze daarboven in Holland tenminste dat Limburg er bij hoort. Ik zelf was er ook zeker bij geweest maar ik kon in de laatste klims niet meer aan het stuur trekken.” Ben Koken heeft nog steeds veel last van zijn gewonde rechterhand, een blessure die hij opliep in het recente kampioenschap Van Limburg.

vlnr 61 Langen, 46 van Katwijk, 89 Sengers, 43 Joore, 119 Zuidweg, 109 Verwey, 114 de Vos, 32 Geldens, 35 van Helvoirt, 63 Lenferink, 28 Math Dohmen
vlnr 53 Koeken, 82 Priem, 59 Kuiper, 35 van Helvoirt, 88 Schür, 29 van Dongen, 112 Vlot, 34 Hassink, 84 Pustjens, 24 Cornelissen, 36 den Hertog, 97 Spetgens
vlnr 88 Schür, 29 van Dongen, 46 van Katwijk, 59 Kuiper, 82 Priem, 80 van Pol, 24 Cornelissen, 35 van Helvoirt, 64 Theo vd Loo 112, Vlot, 97 Spetgens, 36 den Hertog, 116 de Waal
Limburgs Dagblad 21 juni 1971
„Cauberg grandioos parcours”

Sjefke Janssen, chef d’equipe van Mars Flandria’s amateurs was een van de gelukkigste mensen van het afgelopen weekeinde waarin het Limburgs Dagblad wieler minnend Nederland weer een Cauberg als wedstrijdmaker gebracht heeft.

door Breur Loffeld (Limburgs Dagblad)

De man uit Elsloo was al méér dan content toen hij zaterdagmiddag de drie eerstaankomenden als “zijn” jongens kon feliciteren. Jefke Janssen voelde zich de koning te rijk toen hij, als groots “plaatsvervanger van Briek Schotte zondagmiddag bij de finish van de profs opnieuw een overbekende Mars-Flandria-figuur als eerste over de eindstreep zag gaan: een waardig kampioen in de eigenlijk te frêle figuur van Joop Zoetemelk.

vlnr 97 Spetgens, 36 den Hertog, 84, Putjens 34 Hassink
vlnr Fedor den Hertog, Cees Priem
vlnr 115 Jo Vrancken, 16 van Bragt
vlnr 28 Math Dohmen, 16 C van Bragt
Hennie Kuiper
vlnr 36 Fedor den Hertog, 80 Jo van Pol, 34 Arie Hassink
vlnr 97 Jan Spetgens, 36 Fedor den Hertog, 59 Hennie Kuiper, 82 Cees Priem, 34 Arie Hassink
vlnr 84 Math Pustjens, 34 Arie Hassink, 81 Henk Poppe, 47 Wim Kelleners

En zaterdagavond zei diezelfde Jefke Janssen, onnoemlijk blij: „Wat wil je als ploegleider nog meer? De eerste drie plaatsen. Note bene. En als Jo van Pol niet ziek was geweest, — hij eindigde als 8e op slechts 23 seconden! — waren het de eerste vier plaatsen geworden. Maar we hebben er wel wat aan gedaan: veertien dagen op de Cauberg getraind. In Luik gekoerst. En na afloop met de fiets terug. ledereen vroeg me of ik gek geworden was, maar Janssen wist verdraaid goed wat hij deed. We hebben deelgenomen aan een wedstrijd vlak bij de Franse grens. Om maar kilometers te maken. En je ziet dat het niet voor niets geweest is”.

vlnr 84 Math Pustjens 97 Jan Spetgens
vlnr 59 Hennie Kuiper, 97 Jan Spetgens, 36 Fedor den Hertog
vlnr 84 Math Pustjens, 47 Wim Kelleners, 97 Jan Spetgens
Fedor den Hertog en Jan Spetgens
vlnr 82 Cees Priem, 1 Jan Aling
vlnr 47 Wim kelleners, 84 Math Pustjens, 36 Fedor den Hertog
vlnr 84 Math Pustjens, 47 Wim Kelleners
vlnr 97 Jan Spetgens, 47 Wim Kelleners
vlnr 61 Jacob langen, 9 Berhout, 37 van den Hoek, 20 vd Bunder, 86 Scheffer
Jan Spetgens, kampioen van Nederland 1971
Fedor den Hertog 4e
Cees van Dongen 6e
Toine van de Bunder 12e
Cees Priem 18e

De Uitslag:

  1. J. Spetgens. Someren 171 km in 4.17.06
  2. W. Kelleners. Born
  3. M. Pustjens. Roosteren
  4. F. den Hertog, Ermelo op 20 sec
  5. H. Poppe. Nijverdal op 23 sec
  6. G. v. Dongen. Oud Gastel
  7. A. Hassink, Neede
  8. J. van Pol. Montfort
  9. F. Schür, Hoogezand
  10. H. Kuiper, Denekamp op 31 sec
  11. A. Scheffer. Zelhem op 4.00
  12. A. v.d. Bunder. IJzendijke
  13. S. Berkhout. Schipluiden op 4.07
  14. A. v.d. Hoek, Dirksland
  15. M. v. Venrooy. Heesch
  16. J. Langen. Kerkrade
  17. J .Aling, Bunnerveen op 5.29
  18. C. Priem. Goes
  19. B. Ceulen. Maastricht op 6.29
  20. W. Albersen, Wierden op 6.33
  21. P. v. Stralen. Heerhugowaard op 6.37
  22. G. Kamper, Koedijk op 6.43
  23. P. Kleine. Hollandseveld
  24. Th. v.d. Loo. Weert op 6.53
  25. C. Boersma, Treebeek
  26. H. Perfors Rotterdam
  27. W. de Vlam. Sambeek op 11.24
  28. H. Dohmen, Rothem op 12.34
  29. A. Hulzebosch, Nijeveen op 15.40
  30. H. Prinsen. Hank
  31. J. Vrancken. Linne
  32. H. Botterhuis. Sambeek
  33. H. Lenierink. Geesteren

Bewegende beelden van het NK’71 met dank aan Fabio Farelli: Lees meer op Fabio’s blog

2e Wim Kelleners, 1e Jan Spetgens, 3e Math Pustjens

De waarheid 21 juni 1971

Fedor den Hertog drukte stempel op koers bij amateurs, maar..

Vernietigende eindspurt van Jan Spetgens

„Ook al wint hij niet, de Spet blijft toch onze favoriet” stond op het spandoek dat de trouwste supporters van de 24-jarige Jan Spetgens uit Someren ondanks de stromende regen op de Cauberg hoog boven zich bleven torsen. De Cauberg, waar zaterdag de beste 114 amateurs van ons ‘land voor het eerst sinds 1949 weer om de nationale ivegtitel streden. Het spandoek, dat de Oostbrabanders alzo vaak teleurgesteld weer hadden moeten oprollen omdat hun Spetgens maar zo zelden voor triomfen zorgde, sneuvelde in Zuid-Limburg. Want tot veler verrassing bleek deze Jan Spetgens, een eenvoudige, hoogblonde, coureur, die de wielrennerij tot nu puur voor zijn plezier beoefende, na 171 kilometer en 18 Caubergen nog kracht genoeg te hebben om m een vernietigende eindsprint zijn vluchtmakkers in de beslissende fase ruim achter zich te laten.

Jan Spetgens was kampioen van Nederland. Hij was ook tegen zijn eigen verwachting in („ik had het wel gehoopt voorin te eindigen, maar aan de titel had ik niet durven denken”) terecht gekomen op de plaats die men i eerder had toegedacht aan Fedor den Hertog of de bijzonder sterk rijdende Limburger Wim Kelleners. Vooral die twee hadden namelijk hun stempel gedrukt op de moeilijke koers, die dooide af en toe stromende regen dubbel zwaar werd. Hun namen ook werden het meest genoemd toen er tenslotte na een levendige en spectaculaire strijd een kopgroep van vier overbleef met Den Hertog, Kelleners, Spetgens en de Limburger Mathieu Pustjens. Maar Den Hertog werd al in het begin van de laatste klim gelost en vlak onder de top vormden ook Kelleners en de „wieltjesplakker” Pustjens geen probleem voor Spetgens. Er was een nieuwe wereld voor deze renner open gegaan. „Ik heb nooit plannen gehad beroepsrenner te worden, maar nu is de situatie, toch iets veranderd”, zei hij na de huldiging. Spetgens had een vérklaring voor het falen van Den Hertog: „Die Cauberg is voor hem te steil. Fedor is geen echte klimmer. Hij gaat teveel op zijn kracht naar boven”. Toch was Spetgens bang geweest voor de man die overal op de wereld successen op de weg boekt, maar geen kampioen van Nederland op de weg kan worden. „Wij vreesden dat Fedor op het vlakke stuk zou demarreren en dan zou hij nauwelijks te houden zijn geweest”. Den Hertog probeerde dat ook wel, maar hij kon niet ontsnappen aan de Brabants-Limburgse coalitie. Hij had een excuus: „Ik heb in het begin van de koers veel te veel gedaan en dat heeft zich tegen het einde gewroken. Toen wij met zijn vieren na de afdaling van de Dalhemerweg op het vlakke kwamen, gingen zij met elkaar zitten samenspannen. Toen moest ik van kop demarreren. Het leek af en toe wel een sprintwedstrijd op de baan. Zo reden wij vijftig en dan weer kropen wij met zijn vieren over de weg. Dat is geen doen.”

Fedor den Hertog, die inderdaad van het begin af bij elke ontsnappingspoging betrokken was geweest en vaak nog had geprobeerd alleen, hetzij met anderen, de beslissing te vervroegen, was zeer teleurgesteld. Daarin stond hij dan niet alleen, want uiteraard nog meer renners die met vertrouwen in eigen kunnen naar Zuid-Limburg waren gekomen. De Cauberg was echter voor de meesten een te harde scherprechter. Bijvoorbeeld voor Cees Priem, die „gerodeerd” uit de ronde van Oostenrijk ‘was gekomen, maar op de Cauberg geen rol van betekenis kon spelen. Deze Zeeuw, winnaar van Olympia’s ronde, miste ook de eerste slag in de openingsronde, waarin zich meteen al een vluchtgroep afscheidde, die een groot aantal favorieten herbergde. Jan Aling, Fedor den Hertog, Gerrie Knetemann, Theo van der Loo, Frits Schür, Jan Spetgens, Mari van Venrooy, Wicher Vlot, Jo van Pol, Wim Kelleners en de verdedigende titelhouder Kees Koeken forceerden toen al een tempoverhoging, die veel, minder grote, coureurs noodlottig werd.

Zij kregen gezelschap. Toch van Cees Priem, Adrie Duyker, de pas 18-jarige maar zeer sterk fietsende Henk Poppe, Arie Hassink, Jans Vlot, Hennie Kuiper en Cees Bal om er een aantal te noemen. Die schermutselingen in de vuurlinie, waarbij Wim Kelleners zijn krachten toonde door na een lekke band alleen terug te komen, deden het veld steeds verder afbrokkelen. Ook voorin gebeurde er het een en ander. Het strijdgewoel resulteerde tenslotte in een groep van dertien renners na tachtig kilometer, die verder het beeld bepaalden: Den Hertog, Kuiper, Spetgens, Aling, Van Dongen, Hassink, Kelleners, Van Pol, Poppe, Schür, Van Venrooy en Jans Vlot. Uit de achterhoede kon later alleen nog Pustjens naar voren springen. Na zijn intocht waarbij hij werd gelanceerd door een later zeer boze Karel Delnoy („die Pustjens had steeds aan mijn wiel gezeten en demarreerde plotseling over mij heen toen het gat overzichtelijk was geworden”) ging de deur dicht voor het restant van het veld, dat tenslotte nog uit 34 renners bestond. Van die 34 speelden er maar-weinigen een rol van betekenis in de ontknoping. Het begon met een vlucht van Henk Poppe na 100 kilometer. Hij werd teruggepakt, maar bleef niet lang rustig. Achter elkaar kwamen er aanvallen van Spetgens met Kelleners, van Den Hertog met Van Pol, weer van Poppe, van Kelleners en Pustjens. Die vlucht van de twee Limburgers leidde de beslissende slag in. Het gebeurde na 140 kilometer en alleen Den Hertog en Spetgens konden nog attent reageren.

„Ook al wint hij niet, de Spet blijft toch onze favoriet;’ stond op het spandoek dat de trouivste supporters van de 24-jarige Jan Spetgens uit Someren ondanks de stromende regen op de Cauberg hoog boven zich bleven torsen. De Cauberg, waar zaterdag de beste 114 amateurs van ons ‘land voor het eerst sinds 1949 weer om de nationale ivegtitel streden. Het spandoek, dat de Oostbrabanders alzo vaak teleurgesteldiveer hadden moeten oprollen omdat hun Spetgens maar zo zelden voor triomfen zorgde, sneuvelde in Zuid-Limburg. Want tot veler verrassing bleek deze Jan Spetgens, een eenvoudige, hoogblonde, coureur, die de wielrennerij tot nu puur voor zijn plezier beoefende, na 171 kilometer en 18’Caubergen nog kracht genoeg te hebben om m een vernietigende eindsprint zijn vluchtmakkers in de beslissende fase ruim achter zich te laten.

Vooral van Spetgens was het zeer verdienstelijk, want de Brabander had intussen door pech met zijn ketting en later aan zijn versnellingsapparatuur vier keer van fiets moeten verwisselen. Het was dan ook niet verwonderlijk dat Fedor den Hertog het merendeel van het werk moest doen om de tegenactie succesvol te laten verlopen. Hij klaagde er later over: „Ik heb Spetgens in mijn eentje naar voren moeten brengen”, maar hij had geen andere keus. Intussen werd de hoop op een Limburgse zege op de Cauberg door de aankomst van Den Hertog en Spetgens bij het leidende tweetal aanmerkelijk geringer. Men vreesde niet alleen Den Hertog, maar ook Spetgens, die in de laatste ronde van Olympia zich juist op deze Cauberg zulk een voortreffelijk klauteraar had getoond. Spetgens immers mag dan als all-rounder te kort schieten, klimmen kan hij. Dat had hij ook in 1969 al laten zien in de Ronde van de Toekomst, waarin hij als 21e eindigde, maar afstand moest doen van kansen op een hogere klassering als „knecht” van de groten als winnaar Zoetemelk, Den Hertog en Oosterhof. Toch moesten de Limburgers wel een verbond met die Spetgens aangaan om Den Hertog te temmen. Dat was overigens niet zo moeilijk, want Kelleners, Pustjens en Spetgens maken deel uit van de Mars-Flandria ploeg van Sjefke Janssen. Samenwerken in het nationaal kampioenschap is dan wel niet toegestaan, maar wie bewijst de coalitie. En toen Den Hertog was afgeschud, gingen de drie weer elk voor eigen „rekening” verder, waarbij Spetgens zijn iets betere klimcapaciteiten demonstreerde. De hoogste eer ging dus naar Jan Spetgens. Zijn eerste reactie was: „Ik ben door de wielrennerij al overal geweest, behalve naar de wereldkampioenschappen. Dat kunnen ze mij nu niet meer onthouden.”

Het vrije volk 21 juni 1971

JANSENS ZUDELIJKE PARADEPAARDJES MAKEN GEEN FOUT

Spetgens wint slijtageslag Van onze verslaggever PETER OUWERKERK

Mars/Flandria-amateurploegleider Sjefke Jansen wist: als er een keer een kans lag om zijn zuidelijke paradepaardjes  in het Nederlandse wielerkampioenschap voor amateurs naar voren te schuiven, dan was het wel op deze Cauberg. De recente Ronde van Limburg had het als het ware aangegeven.

Echter, de tactische fouten dié toen waren gemaakt, moesten wél achterwege blij ven. Was het een kwestie van mentaliteit, van nervositeit of van een gebrek aan solidariteit? Jansen wist het niet, en hij gokte maar op alle drie. Met een man of tien trok hij een paar dagen naar de te nemen Cauberg, hij bezocht een koers aan de Franse grens en het hele spul ging mee naar Dolhain in de Belgische Ardennen. .

Toen iedereen dacht dat de voorbereiding daarmee wel zijn hoogtepunt zou hebben bereikt, had Jansen nog een pijnlijke surprise voor de heren. Als een soort strafexpeditie werd hun opgedragen de afstand Dolhain-Elsloo voor dit keer maar eens niet per auto, maar op de fiets af te leggen. Leuk vond het er niet een.

Het resultaat van dit interim schrikbewind van de anders zo goedmoedige Jansen was zaterdag voor vriend en vijand te zien. Niet alleen in de uitslag: 1. Spetgens, 2. Kelleners; 3. Pustjens (alledrie van Jansens Mars- Flandria A-ploeg), maar ook in de koers. Ze hadden geleerd van hun fatale fouten in de Ronde van Limburg. Aanvallen vanaf het eerste moment, het aanspreken van de reserves nog voor de wezenlijke finale begon, het onbewust tegen elkaar rijden — dat alles was er zaterdag niet bij.

Goed, men zorgde, dat de spectaculaire slijtageslag  voorin kon worden overzien; zomaar niet-zuidelijke pionnen een schijnbaar beslissende slag laten slaan, dat zou te ver gaan. Maar het instappen van Spetgens in de Den Hertogtrein richting vluchters Pustjens en Kelleners op een moment dus waarop de solidariteit als gevolg van Fedors attaque ophield te bestaan, was b.v. tekenend voor  de new-look van Mars-Flandria. Kelleners en Pustjens „dreven af” toen er nog goed twee ronden waren te rijden. De oersterke klimmer Kelleners had al van het begin af aan in de kopgroep van 15 man (soms verbrokkelend, dan weer in complete groep) meegedraaid, de rappe spurter-bergop Pustjens was als een van de laatsten via een prachtige solo bijgekomen. Niemand sprak toen meer van de lekke band van Den Hertog, van de val van Arie Hassink, van de plasproblemen van’ Aling of van het verkeerde wiel, dat Priem na een lekke band kreeg  gestoken. Hassink was op, Aling vond eindelijk “rust” achter de  kopgroep en Priem had ook te veel inspanning door dat wiel moeten doen om nog bij te blijven.

Nee, alleen Den Hertog zou nog roet in het Mars-Flandria-eten kunnen gooien. Hij was de hele dag al in het geweer geweest, dus waarom zouden zijn nukken het niet  tot het laatste metertje vol kunnen houden?

Den Hertog en Spetgens kwamen er in de laatste omloop bij. En hoe Fedor het ook probeerde op -het vlakke gedeelte, ook toen weer bleek dat het Jansen-regime succes zou oogsten. Voor deze ene keer voelde Spetgens zich Limburger tussen Kelleners en Pustjens en hoewel er nauwelijks zichtbaar in „ploegverband” werd gereden, moeilijk te concluderen,  dat het trio de titel aan iedereen behalve aan Den Hertog gunde,  was het niet.

Fedor moest er in de laatste klim af. Hij betaalde de tol van de vroegere uren en de Mars-Flandrianen konden in de klim zelf uitmaken wie de sterkste was.

Pustjens als beste sprinter leek te gaan winnen. Maar op een dramatisch moment, nog geen 200 meter van de finish, schoot zijn linkervoet uit de toeclips. Spetgens, die zijn wiel had gekozen zag het onmiddellijk en hij klopte Kelleners — die even schrok van de ietwat merkwaardige reactie van Pustjens — met ruim verschil.

De opvolger van Cees Koeken was opnieuw een Brabander, een Peel-bewoner, die zich zaterdag op de Cauberg ‘ onbetwist de allersterkste toonde..

Niets meer aan te doen: Spetgens kampioen.

Nieuwsblad van het noorden 21 juni 1971

NRC handelsblad 21 juni 1971

Met  8.000 betalende bezoekers op zaterdag en bijna 20.000 op zondag kwam de organisatie financieel rond.