1965-08-08 Tweede Profronde van Simpelveld

Ronde van Simpelveld snel beslist.
Van der Vleuten ontsnapte meteen en zegevierde met een ronde voorsprong.

Na de zege van Hub Harings in de 1e profronde van Simpelveld van 1964 waren er een jaar later, bij de 2e Ronde van Simpelveld voor profs, plusminus 10.000 toeschouwers er van nabij getuige van hoe de 22-jarige neoprof Jos van der Vleuten, nauwelijks nadat het startsein had geklonken, er tussenuit trok.

Meenden de meeste toeschouwers dat Van der Vleuten het gemunt had op de vele premies, toen na 10 ronden (er moesten in totaal 50 rondjes worden afgelegd) de Brabander bijna een halve ronde was uitgelopen op zijn concurrenten. Ja, toen werd het menens en had iedereen in de gaten dat Van der Vleuten bezig was aan een huzarenstuk: het in no time dubbelen van het peloton! Nog vóór de helft van de 95 km race er op zat, had Van der Vleuten zijn stout plan volbracht. Vanaf dat moment was de overwinnaar van de Ronde van Simpelveld bekend.

De ijverige Mierlonaar was hiermee echter nog niet tevreden, want na enkele rondjes meegedraaid te hebben in het peloton ging hij er opnieuw vandoor. Ditmaal sprong de attente Kees Lute echter mee en zo kreeg men in Simpelveld opnieuw een uitlooppoging van de Vleut te aanschouwen…..

Jos van der Vleuten foto Tonny Strouken, archief Jack Claassen

Voorbeschouwing, Limburgs Dagblad 6 augustus 1965

Zondag wielerfestijn van allure.
Profronde Simpelveld voortreffelijk bezet.
Opnieuw duel De Roo-Post?

Het wielercomité Simpelveld organiseert zondag 8 augustus haar tweede grote Ronde voor beroepsrenners. Na het succes van de eerste, door Hub Harings gewonnen Ronde in 1964 en de organisatie van tijdrit en aankomstetappe in de Ronde van Nederland eerder in 1965, is het actieve comité doorgegaan en heeft een rennersveld gecontracteerd dat klinkt als een klok.

Tot nu toe heeft van de Televizierploeg alleen landskampioen Jo de Roo zijn contract ondertekend, terwijl ook Gerben Karstens vrijwel zeker naar Simpelveld komt. Ook Hub Harings zou graag komen, als hij van zijn ploegleider mag. Enkele anderen schijnen erg tegen de steeds terugkerende lastige klim tegen de Hulsberg op te zien.

verkenning van het parcours, Peter Post, Ab Geldermans, Cor Schuuring en Rein de Jong. Foto Tonny Strouken, archief Jack Claassen

Van de renners die gecontracteerd zijn en dus zeker komen, noemen we op de eerste plaats Peter Post, die weer geweldig in vorm is en de laatste week drie overwinningen liet noteren. De Amstelvener is een van de voornaamste kandidaten voor de overwinning. Dan het klimfenomeen van enkele jaren terug en winnaar van de Tour de France: Charly Gaul. Ofschoon niet meer de grote kampioen van enkele jaren terug, zal het toch een belevenis zijn Charly Gaul tegen de Hulsberg te zien op rijden. De tweevoudige kampioen van Nederland, Jo de Roo, winnaar van een hele serie klassiekers, behoort stellig ook tot de favorieten, evenals Cees Lute die afgelopen woensdag nog de Acht van Chaam op zijn naam bracht.

Jos Verachtert, Rik Luyten. Foto Tonny Strouken, archief Jack Claassen

Leo Knops mag als een serieuze concurrent worden beschouwd. Knops won dit jaar enkele belangrijke wedstrijden, is beter in vorm dan ooit en beloofde in eigen contreien zijn uiterste best te doen om te winnen. Dan Ab Geldermans, die nu eindelijk eens voor zichzelf kan rijden op een parcours dat hem ligt.

Jan Pieterse

Voorts is er een rij van de bekendste Nederlandse renners zoals Cor Schuuring, Jos v.d. Vleuten, Jan Pieterse, Rein de Jong, Huub Zilverberg, Cees Snepvangers, P. Rentmeester, Michel Stolker, Ab Donker, Marinus Paul, André van Aert, Jan Boog, Martin van Ginneken, Jan Droog, Adri van Tilburg,  Luyten, Leo Coehorst, Ko Tolhoek, Piet van Est, Jac. Mesters en Leo Hermes. Uit Luxemburg komt met Charly Gaul. mee Lucien Gillen. België is vertegenwoordigd door het sterke vijftal: Jos Verachtert, Jos Wouters, John van Tongerloo, Theo Verschuren en Mertens. Uit Duitsland komt de bekende Tour de France-specialist Hennes Junckermann met de gebroeders Gieseler en de baanrenner Kilian. Ook uit Nederland komen er nog enkele baanrenners aan de start, zoals Jaap Oudkerk, wereldkampioen der stayers, en een der beste achtervolgers, alsmede de sprinters Captein en Van der Touw.

En dan onze Limburgers. Op Jan Hugens na zijn ze allen present. Naast Leo Knops starten Jan Schröder, Eugène Beckers, Jaap Kersten, Alphons Steuten, Jan Tummers en de kersverse onafhankelijke Jef Drummen. Zij kunnen ongetwijfeld voor een verrassing zorgen en moeten niet bij voorbaat kansloos worden geacht. Deze onder auspiciën van de Amstel bierbrouwerij te rijden wedstrijd, belooft er een van grootse allure te worden. Hij begint om drie uur en wordt voorafgegaan door een wedstrijd voor nieuwelingen die te 1 uur aanvangt Hieraan nemen vrijwel alle nieuwelingen uit onze provincie deel. De Amstel bierbrouwerij stelde een grote beker beschikbaar en het gemeentebestuur van Simpelveld een zilveren medaille. Ook pastoor Vaessen schonk een beker voor de nieuwelingen.

Het parcours loopt vanaf het startpunt in de Remigiusstraat, via de P. A. Diddenstraat, Verzetstraat,. Norbertijnenstraat, Van Werschstraat, Houbiersstraat, Stampstraat naar finish in de Remigiusstraat. Het startschot wordt gelost door burgemeester W. E. A. Scheelen.

Het wielercomité wiens hoofddoel het is het plaatselijk bevorderen van de wielersport en dit de laatste jaren telkens weer op grootse wijze heeft gedaan, speelt iedere keer weer: alles of niets! Tot nu toe was het alles. Laten we hopen dat bij deze kostbare wedstrijd de weergoden ook weer meewerken, zodat het weer alles wordt, waardoor volgend jaar de tijdrit van de Tour door Europa zonder zorgen georganiseerd kan worden.

Wedstrijdverslag, Limburgs Dagblad 9 augustus 1965

Ploegmaten dekten vlucht van de Vleut

Wie er nog aan mocht twijfelen, of de pas 22-jarige Brabantse professional Jos van der Vleuten uit Mierlo een vrij behoorlijk stuk met een racefiets rijden kan, had zondagmiddag naar de profronde van Simpelveld moeten gaan kijken. Circa 10.000 toeschouwers hebben het van nabij kunnen zien, hoe Van der Vleuten, nauwelijks nadat het startsein had geklonken, er tussenuit trok. Meenden de meeste toeschouwers dat Van der Vleuten het gemunt had op de vele premies, toen na 10 ronden, er moesten in totaal 50 rondjes worden afgelegd, de Brabander bijna een halve ronde was uitgelopen op zijn concurrenten. Ja, toen werd het menens en had iedereen in de gaten dat Van der Vleuten bezig was aan een huzarenstuk: het in no time dubbelen van het peloton! Nog voor de helft van de 95 km race er op zat, had Van der Vleuten zijn stout plan volbracht en vanaf dat moment was de overwinnaar van de Ronde van Simpelveld bekend.

Jan Schröder, John van Tongerloo, Peter Post, Leo Knops, Jan Tummers en Piet Rentmeester. Foto Tonny Strouken, archief Jack Claassen

V.l.n.r: Peter Post, Jef Drummen, Jan Schröder en Leo Knops. Foto Tonny Strouken, archief Jack Claassen

We willen niets, te kort doen aan de magnifieke prestatie van de Mierlonaar, maar eerlijkheidshalve moeten we schrijven dat Van der Vleuten niet die tegenstand ondervond die hij had moeten ondervinden. Hij kon namelijk rekenen op een hele reeks ploegmaten, waaronder Peter Post, Jan Pieterse, Huub Zilverberg en de Belg John Van Tongerloo, die de vlucht van Van der Vleuten tactisch dekten. Toen het ongeveer 40 koppen tellende peloton goed in de gaten kreeg hoe het spel gespeeld werd, was het reeds te laat en had Van der Vleuten zijn ronde winst reeds te pakken.

Piet Rentmeester, Piet van Est, Jaap Kersten en Huub Zilverberg. Foto Tonny Strouken, archief Jack Claassen

De ijverige Mierlonaar was hiermede echter nog niet tevreden, want na enkele rondjes meegedraaid te hebben in het peloton ging hij er opnieuw van door. Ditmaal sprong de attente Kees Lute echter mee en zo kregen we opnieuw een uitlooppoging te aanschouwen van Van der Vleuten met Lute, die opnieuw winst opleverde, want het duo werd niet meer bijgehaald. Toen Van der Vleuten aan zijn tweede aanval begon, hadden de renners iets meer dan die helft van de race erop zitten.

De bocht Remigiusstraat – Diddenstraat, John Van Tongerloo, Jaap Kersten, Peter Post, Leo Knops, Jan Pieterse.  Foto Tonny Strouken, archief “25 jaar Wielercomite Simpelveld”.

Inmiddels was reeds een hele serie binnen en buitenlandse pedaalridders van het strijdtoneel verdwenen o.m. De Wit, Gieseler (D), Coehorst, Kilian (D), Luijten (B), Gaul (L), Grim, Thull (L), Verachtert (B), Weckert (D) en Pos.

Het achtervolgend peloton, v.l.n.r: Jef Drummen, Cees Snepvangers, Jan Schröder, Jan Pieterse, Jaap Kersten, Jan Tummers, Ab Geldermans en Leo Knops. Rechts organisator Jeu Thill

Naar later zou blijken zouden slechts 24 renners het einde halen, waaronder zegge en schrijven vier buitenlanders. De verslagenen probeerden tijdens de tweede wedstrijdhelft ervan te maken wat er nog van te maken viel. In de 34e ronde gingen Geldermans, Pieterse, Rentmeester, Schuuring en Tummers achter het duo Van der Vleuten-Lute aan, maar hun aanval duurde amper 4 ronden, toen werden ze weer door het peloton bijgebeend.

Piet Rentmeester voor Jef Drummen. Foto Tonny Strouken, archief Jack Claassen

Rein de Jong, Hennes Junkermann, Martin van Ginneken en Michel Stolker. Foto Tonny Strouken, archief Jack Claassen

In de 39e ronde trok Post ertussen uit en hij kreeg een zeer attente Rentmeester mee. Deze poging zou wel slagen en voor hen was de derde en vierde plaats weggelegd. Ook de Limburgse tandem Schröder-Tummers slaagde erin enkele ronden voor het einde zich los te maken van het peloton en kon de kleine voorsprong tot het einde toe bewaren, waardoor Tummers vijfde en Schröder zesde werden. Voor de zevende plaats werd gesprint door Junckermann, Van Tongerloo en Pieterse, die zich op hun beurt hadden kunnen losmaken van de groep, waarvan even later Drummen de eindsprint won en hierdoor als tiende door de finish kwam. Jos van der Vleuten was toen al reeds vele minuten winnaar, een kranig en verdiend winnaar, ook al genoot hij de hulp van een aantal vaste en gelegenheidsploegmaten.

Jos van Vleuten wint de 2e Ronde van Simpelveld. Foto Tonny Strouken, archief “25 jaar Wielercomite Simpelveld”.

Peter Post (links) sprint zich naar de derde plaats vóór Piet Rentmeester

Jef Drummen wint de sprint van het peloton voor Cor Schuuring. Foto Tonny Strouken, archief Jack Claassen

De uitslag luidde:

1 J. van der Vleuten, Mierlo 95 km in 2.47.23
2 K. Lute, Beverwijk op 2.34 min
3 P. Post, Amstelveen op 3.23 min
4 P. Rentmeester, lerseke z.t.
5 J. Tummers, GeulIe op 4.27 min
6 J. Schröder, Kontogsbosoh z.t.
7 H. Junckermann, Duitsland op 4.35 min
8 J. van Tongerloo, België z.t.
9 J. Pieterse, Oude Tonge z.t.
10 J. Drummen, Bemelen op 4.40 min
11 C. Schuuring. Amsterdam
12 M. van Ginneken, ’t Schijf
13 A. Geldermans, Beverwijk
14 M. Stolker, Breda
15 J. Boog, Laren
16 C. Snepvangers, Zundert
17 Th. Verschueren, België
18 L. Knops, Spekholzerheide
19 K. Tolhoek, lerseke
20 J. Kersten, Siebengewald
21 P. van Est, Zundert
22 A. van Aert, Achtmaal
23 F. Eugen, Denemarken
24 A. Donker, Amsterdam

Jammer NIET MINDER dan 25 renners, in het programmaboekje van de Ronde van Simpelveld vermeld, verschenen niet aan de start, waaronder de 15 coureurs die het TeleViziershirt dragen. Manager Ton Vissers had wel voor een tiental merendeels buitenlandse plaatsvervangers gezorgd, maar deze konden geen cachet geven aan de Simpelveldse wielerronde. Door velen werd de afwezigheid van Pellenaars’ ploeg betreurd, vooral omdat het bekend is dat bij de aanwezigheid van de TeleVizieren steeds voor spanning en spektakel wordt gezorgd. Hun remplaganten lieten het afweten en van de vele buitenlanders kwamen alleen Junckermann, Van Tongerloo, Verschueren en Eugen in het stuk voor. De met veel tam tam aangekondigde Gaul staakte reeds de strijd nog voor deze goed en wel begonnen was en onze mening is dan ook dat al deze renners hun startgeld niet waard zijn geweest. De afwezigheid van de complete TeleVizierploeg mag men de renners die er deel van uitmaken en ook niet hun ploegleider kwalijk nemen. Zij hadden namelijk geen contracten getekend voor de Ronde van Simpelveld. Wel was er onderhandeld omtrent hun deelname en als we goed zijn geïnformeerd, dan zijn deze onderhandelingen afgesprongen op een bedrag van ƒ 125 t.w. het bedrag dat de renners zou worden afgetrokken voor de onkosten van manager Ton Vissers. Ploegleider Pellenaars wilde hiervan echter niets weten en beiden Vissers en Pellenaars hielden het been stijf, waardoor de TeleVizieren wegbleven in Simpelveld. Voor de vele duizenden toeschouwers was zulks jammer, bijzonder jammer zelfs, want nu kregen zij een ongelijke strijd te zien die hoofdzakelijk beheerst werd door ’n combinatie van renners die geen enkele tegenstand ondervonden. Nogmaals het was jammer! TOINE GENSE

Jos Dohmen wint de Nieuwelingenwedstrijd

Voordat de profs en onafhankelijken reden, streden de nieuwelingen 40 km (23 ronden) op het allesbehalve makkelijke Simpelveldse circuit. Jos Dohmen uit Rothem verraste vriend en vijand door met grote voorsprong (1.06 min) deze race te winnen. De eindsprint van hel volgende peloton was voor Jan Krekels uit Born de zich sneller toonde dan Ger Harings uit Scheulder en Leo Franssen uit Ubachsberg.

De uitslag luidde:

1 J. Dohmen, Rothem 40 km in 1.11.47
2 J. Krekels, Born op 1.06 min
3 G. Harings Scheulder;
4 L. Franssen, Ubachsberg
5 Th. Leenders, Valkenburg
6 J. van Oppen, Klimmen
7 H. Noteboren, Schinnen
8 J. Kohlen Heerlerbaan
9 Th. Peters, Hoensbroek
10 P. Vluggen, Lemiers
11 H. Pepels, Stein
12 H. Meertens, Gulpen op 1.39 min
13 G. Abraas, Heerlen
14 C. Tuit, Valkenswaard
15 L. Meijers, Maastricht

klik en lees het Limburgs Dagblad van 9 augustus 1965

 

 

1952-08-23, Luxemburg, WK op de weg, amateurs

Wereldkampioenschap op de weg voor amateurs

Piet Van den Brekel miste wereldtitel wegens diskwalificatie Limburger finishte gelijk met de Italiaan Ciancola, de nieuwe wereldkampioen

Hein Gelissen bezette de 4e plaats

V.l.n.r: Kees Aanraad, Arend van ’t Hof, Piet van den Brekel, Piet Kooyman, Hein Gelissen en Adri Voorting

Voorbeschouwing:
Bepaald moeilijk is circuit niet, maar wel interessant
Plantaz, uit vorm, op eigen verzoek vervangen door Kooijman

LUXEMBURG, 21 Aug 1952. Donderdagavond is het verzamelen geblazen voor de Nederlandse deelnemers aan de wereldkampioenschappen In Luxemburg. Dan komen de amateurs en de professionals op de weg te Echternach tezamen, waar zij tot Maandagochtend zullen vertoeven. De chef d’equipe, John van Eck, is reeds te Luxemburg aangekomen om voorbereidende maatregelen te treffen. Hij is begonnen, tezamen met zijn commissieleden de heren H. Martin en J. Stol het parcours te verkennen. De heer Martin had dat enkele weken geleden reeds gedaan onder leiding van een vertegenwoordiger van het ministerie van de Sport, dat Luxemburg, in tegenstelling met ons land, rijk is. En over dat parcours, dat 17,5 km lang is en 4km buiten Luxemburg begint en via Bettembourg en Leudelange loopt, heeft hij een uitvoerig rapport uitgebracht aan de leden van de Sportcommissie, die zich dus volkomen hebben kunnen oriënteren. En toen Van Eck en Stol Woensdagmiddag na hun aankomst te Luxemburg het circuit zijn gaan verkennen, beantwoordde de werkelijkheid geheel aan de gegevens van het rapport van de heer Martin.

Wim van Est inspecteerd de fiets van Piet van de Brekel

Wim van Est inspecteerde de fiets van Piet van den Brekel

Gelissen kans op eervolle plaats.
„Bepaald moeilijk is het parcours niet”, zo luidde de mening van de chef d’equipe tegenover onze verslaggever. „Het is heuvelland, er is geen berg in, maar die klim bij Abweiler onmiddellijk na de bocht In het stadje Bettembourg over 650 meter met een stijgingspercentage van 7 tot 9 %, zal toch niet meevallen. Vergeet niet, dat de amateurs het parcours tien keer moeten rijden en de professionals zeventien keer. En dan kan die klim tenslotte in de benen gaan zitten. Moeilijk, neen nogmaals, dat is het parcours niet, maar toch wel interessant. Want let eens op; ongetwijfeld zullen vele renners proberen om op de smalle weg, die overigens in uitstekende staat verkeert, in het prachtige sparrenbos van Leudelange, te ontsnappen. Lichte klims en lichte dalingen, maar bijna nooit vlak en, wat nog belangrijker is, zeer bochtig. Een scherpe demarrage, een drie tot vier honderd meter voorsprong en de vluchtelingen zijn al uit het gezicht verdwenen.”

Kansen voor weglopers.
Wij hebben het parcours zelf rond gereden en wij kunnen niet anders dan de mening van John v. Eck onderstrepen. Het begin van het circuit, van Luxemburg naar Bettembourg is zeer schaduwrijk. De weg is breed, vrij bochtig en ’t wegoppervlak bestaat uit stroef asfalt. Langs dat gedeelte is een luidspreker installatie gemaakt, zodat de vele tienduizenden, die men uit België, Frankrijk, Duitsland, maar ook uit Nederland verwacht, voortreffelijk op de hoogte kunnen worden gehouden van het verloop van de strijd. Enkele kilometers voor Bettembourg houdt ’t bos op. Men heeft er een prachtig uitzicht over het vriendelijke Luxemburgse landschap. Er is een vrij lange afdaling naar Bettembourg. In het plaatsje zelf is een zeer scherpe bocht, waarna onmiddellijk de klim van Abweiler, waarover wij reeds schreven, aanvangt. Daarna volgt het sombere sparrenbos van Leudelange en 4 km voor de finish komen de renners op de grote weg van Esch-sur-Alzette naar Luxemburg, waarin nog een tamelijk lange stijging zit.

De finish, waar tribunes zijn gebouwd, ligt uitstekend en mocht de aankomst en masse zijn, iets, wat wij niet geloven, dan is het wegdek breed genoeg voor een fel betwiste sprint.

Dat men op het laatste ogenblik nog veel te doen heeft, blijkt ook wel uit de verrassende mededeling, welke wij uit de mond van de chef d’equipe in Mondorf les Bains vernamen. Jan Plantaz, nummer drie uit het wereldkampioenschap van het vorig jaar te Varese, de man, die Nederland op de Olympische Spelen te Helsinki heeft vertegenwoordigd, doet niet mee. Niet, dat de sportcommissie besloten had hem te vervangen, maar de Eindhovense amateur heeft zelf gezegd, dat hij op het ogenblik totaal uit vorm is. Dat hij erg tegen het wereldkampioenschap opziet, dat hij moeilijk draait en dat het daarom veel beter zou zijn, indien men hem, Jan Plantaz, zou vervangen door een van de reserves.

Wat kon de sportcommissie van de K.N.W.U. anders doen dan deze eerlijke en zeer sportieve houding respecteren? En dus werd de organisatie-machine in werking gesteld teneinde er zorg voor te dragen, dat Piet Kooyman, de Haagse amateur, die dit seizoen constant goed heeft gereden en als reserve op de lijst stond voor het wegkampioenschap te Luxemburg donderdagavond op tijd in Echternach te doen zijn. De sportcommissie van de N.W.U. stelt in Kooyman veel vertrouwen. Voor de etappe-wedstrijd, welke dit seizoen in Denemarken is gereden, stond hij eveneens als reserve ingeschreven. Op het laatste ogenblik moest hij invallen en dat hij toen ook zijn mannetje heeft gestaan werd wel bewezen door het feit, dat hij het klaar speelde een etappe te winnen.

De meeste kansen op eervolle plaatsen worden voor wat de amateurs betreft door de sportcommissie toegekend aan Gelissen uit Beek, die knap reed in het heuvelland en naarmate het seizoen is gevorderd, een steeds betere vorm is gaan vertonen en aan Adri Voortuig, die te Helsinki in buitengewone vorm was, maar door pech achtervolgd, reeds vrij spoedig nr het begin uitgeschakeld was voor een medaille
Op de professionals komen wij nog nader terug. Zij alleen nog vermeld, dat de amateurploeg dus door het uitvallen van Plantaz definitief als volgt is samengesteld: Adri Voorting (Haarlem), Arend van ’t Hof (Sassenheim), Kees Aanraad (Oud-Gestel), Hein Gelissen (Beek), Piet van den Brekel (Echt L.) en Piet Kooyman (Den Haag).

Erelijst der amateurs:
1934: Leipzig: 1 Kees Pellenaars (Nederland) 113 km in 2.34.02.6; 2 A. Deforge (Frankrijk); 3 André (België).
1935: Floreffe: 1 Mancini (Italië) 152 km in 4.37.16; 2 R. Charpentier (Frankrijk); 3 W. Grundahl Hansen (Denemarken).
1936: Bern: 1 E. Buchwalder (Zwitserland) 145 km in 3.58.02; 2 G. Weber (Zwitserland); 3P. Favalli (Italië).
1937: Kopenhagen: 1 A. Leoni (Italië) 204 km in 5.48.20; 2 F. Sörensen (Denemarken); 3 F. Scheller (Duitsland).
1938: Valkenburg: 1 H. Knecht (Zwitserl.) 170 km in 4.51.59.8; 2 J. Wagner (Zwitserland); 3 Joop Demmenie (Nederland).
1946: Zürich: 1 H. Aubry (Frankrijk) 189 km in 3.12.41; 2 E. Stettler (Zwitserland); 3 H. v. Kerckhoven (België).
1947: Reims: 1 A. Ferrari (Italië) 164 km in 4.18.58; 2 Pedroni (Italië); 3 Gerrit van Beek (Nederland).
1948: Valkenburg: 1 H. Snel (Zweden) 185 km in 5.16.22.1; 2 I. Lerno (België); 3 O. Viinlund (Zweden); 4 Wim van Est (Nederland).
1949: Kopenhagen: 1 Henk Faanhof (Nederland) 194 km in 4.53.42; 2 H. Kass (Luxemburg) 3 Hub. Vinken (Nederland).
1950: Moorslede: 1 Jack Roobin (Australië) 175 km in ‘ 4.29.24; 2 Varnajo (Frankrijk); 3 Ferrari (Italië); 6 Thys Roks (Nederl.); 11 Hans Dekkers (Nederland).
1951: Varese: 1 Ghidini (Italië); 2 Benedetti (Italië); 3 Jan Plantaz (Nederland) ; 5 ex aequo 13 renners w.o. Van Roon en Joris (Nederland).

Luxemburg „verkocht” zijn wereldkampioenschappen, Gepeperde toegangsprijzen, die Zondag variëren van f 20,- tot f 8,-

Wereldkampioenschap op de weg voor amateurs Luxemburg 1952

Officials en renners in dorpen buiten Luxemburgse hoofdstad ondergebracht

Hoensbroekse bus voor Nederlandse deelnemers
MONDORF LES BAINS, 21 Aug 1952 Alle hotels in de stad Luxemburg zitten vol met gasten. Niet alleen zijn er de jaarlijks terugkerende vakantiegangers, maar degenen, die betrokken zijn bij de uitvoering van het Plan-Schumann, zijn allen te Luxemburg gedetacheerd, zodat geen bed meer over is voor de renners, die over enkele dagen zullen deelnemen aan de wereldkampioenschappen op de weg, voor de officials, die oudergewoonte in grote getale de renners vergezellen en voor de journalisten, die uit geheel Europa naar het Groot-Hertogdom zijn gekomen om het nieuws over de verrichtingen van de amateurs en de professionals over de wereld te verspreiden. De Luxemburgse wielerbond zat dan ook volkomen met de handen in het haar. Het is met de organisatie van deze wereldkampioenschappen merkwaardig gesteld.

De Luxemburgse Wielerbond is een naar verhouding kleine organisatie, zonder bureau, zonder geld, zonder employees, wat kon men, toen de organisatie van de wedstrijden om de wereldtitels aan Luxemburg werden opgedragen, anders doen dan de kampioenschappen te „verkopen”? Zo kon een drietal gegadigden gezamenlijk het wegkampioenschap kopen en de baanwedstrijden werden overgedaan, natuurlijk tegen ’n behoorlijke prijs, aan Parijs, waar het Parc des Princes het centrum van de strijd om de regenboogtruien over ’n tiental dagen zal zijn. De kopers van het wegkampioenschap namen enkele rigoureuze maatregelen. De toegangsprijzen voor de wedstrijd der amateurs en voor die der professionals werden naar Nederlandse begrippen behoorlijk opgeschroefd. Zo zal een wielerliefhebber, die Zondag a.s. de course der profs wil bijwonen, van tien uur des morgens tot ongeveer vijf uur in de middag de som van 25 gulden hebben te betalen voor een tribuneplaats. En ’n wat minder dure plaats kost toch nog 15 gulden en lager dan een gulden of acht voor een staanplaats, ergens op het circuit, is men niet gegaan. Met dien verstande, dat degene, die Zaterdag ook de wedstrijd der amateurs wil zien, er afzonderlijk voor zal moeten betalen, wel niet zo prijzig als ’s Zondags, maar toch nog ruim tien gulden voor een plaats op de tribune bij de finish.

Koersverloop

Miroir sprint 324, 25 Aout 1952

Miroir sprint 324, 25 Aout 1952

Indien Piet van den Brekel die zaterdagmiddag in de 8e ronde van de strijd om het wereldkampioenschap voor amateurs geen reservefiets had geaccepteerd van een wild-enthousiaste toeschouwer, dan zou Nederland en in het bijzonder Echt, de woonplaats van de veelbelovende Limburger, nu een wereldkampioen rijk zijn. In een nek-aan-nekrace met de Italiaan Ciancola finishte Piet v. d. Brekel over de meet. Er was nauwelijks verschil merkbaar.

Miroir sprint 324, 25 Aout 1952, de franse ploeg, links Anquetil

Door de jury werd druk beraadslaagd. Aanvankelijk werd v. d. Brekel officieus als tweede geklasseerd in afwachting van de foto-finish. Maar toen kwam plotseling de mededeling dat v. d. Brekel was gediskwalificeerd, omdat hij buiten de materiaalpost door een toeschouwer van een nieuwe fiets was voorzien. Piet gaf alles ruiterlijk toe, maar Nederland kon ondanks alles trots zijn op zijn uitstekende rit, bovendien een uitstekende 4e plaats voor Hein Gelissen, Kooyman op de 5e en Aanraad op de 7e plaats. Een uitstekende prestatie van de Nederlandse equipe.

Miroir sprint 324, 25 Aout 1952, le départ

Hein Gelissen bezette de 4e plaats
De start van de 113 amateurs, een record bij de wereldkampioenschappen, verliep minder vlot. Want de Mexicaan Cepeda was nog geen 10 meter over de streep of hij kwam ten val door slecht sturen, tegelijk met de ler Reid Grodon. De laatste zat onmiddellijk weer op zijn fiets, maar de Mexicaan, die zovele duizenden kilometers had gereisd om aan deze titelwedstrijden te kunnen deelnemen, ging huilend aan de kant van de weg zitten. Zijn fiets was stuk en hij zelf had een verwonding aan het been, zodat hij de strijd moest staken. Het tempo was bijzonder hoog en er werd fel gedemarreerd op de heuvels van het Luxemburgse landschap.

Miroir sprint 324, 25 Aout 1952

Miroir sprint 324, 25 Aout 1952, in het midden Jacques Anquetil

En toen in de tweede ronde een massavalpartij plaats vond in de bossen van Leudelange, waar de weg zeer smal en bochtig is, profiteerden onmiddellijk enkele renners van de verwarring en namen een voorsprong.
Zes renners, bestaande uit onze landgenoot Piet v. d. Brekel, Jacquet en de Uruguees de Los Santos, kwamen door met een voorsprong van 31 sec op het peloton, dat lang gerekt was. In de grote groep mankeerde een Nederlander, Arend van ’t Hof, die kennelijk moeilijkheden had met zijn derailleur, toen hij langs de eretribune kwam. Bij de valpartij in de tweede ronde waren vier renners ernstig gewond, te weten de Engelsman Graham, de Japanner Kato de Libanees Nalttchayan en de Belgische kampioen van Looy, die een arm brak. Evenals in Helsinki werd hij dus door pech uitgeschakeld. De samenwerking in de kopgroep was uitstekend en in de derde ronde, die in 25 min 18 sec (gem. 41.501 km) ging, groeide de voorsprong van de koplopers geleidelijk.

Miroir sprint 324, 25 Aout 1952

Miroir sprint 324, 25 Aout 1952

Miroir sprint 324, 25 Aout 1952

In Bettembourg waren zij reeds 300 meter voor het peloton en na Leudelange was de voorsprong 400 meter geworden. Voor de eretribune leidde Piet v. d. Brekel de kopgroep die op 40 sec werd gevolgd door het grote peloton, waarin de 4 Nederlanders zich in de voorste gelederen bevonden. Arend van ’t Hof had gezelschap gekregen van de ler Grodon Reid en de Fin Siven. Zij hadden een achterstand van enige minuten. Kort na het ingaan van de vierde ronde konden de zes vluchtelingen hun voorsprong nog iets vergroten tot 600 meter, maar toen verhoogde het peloton het tempo en 6 kilometer verder, bij Bettembourg , was de kopgroep door de achtervolgers opgeslokt.

Miroir sprint 324, 25 Aout 1952

Miroir sprint 324, 25 Aout 1952

Miroir sprint 324, 25 Aout 1952

Miroir sprint 324, 25 Aout 1952 Rik van looy wordt afgevoerd, arm gebroken

In de zesde ronde kwam de Duitse wegkampioen Walter Becker ten val, waardoor hij een ernstige blessure aan zijn linkervoet opliep. Hij moest naar het ziekenhuis worden overgebracht. Voortdurend werd er gedemarreerd, maar nauwelijks waren twee of drie renners er tussenuit of het peloton versnelde het tempo. En de moedigen, die ondanks het hoge tempo, toch een poging waagden om weg te komen, lieten zich maar weer inlopen.

Miroir sprint 324, 25 Aout 1952

Miroir sprint 324, 25 Aout 1952

Miroir sprint 324, 25 Aout 1952

Miroir sprint 324, 25 Aout 1952

Na de zesde ronde kwam het peloton volkomen uit elkaar gerukt door met een groepje van acht man op kop onder wie zich Voorting bevond. Ghidini en Guerrini hadden niets van hun achterstand kunnen inlopen en van ’t Hof kwam alleen door, in de steek gelaten door de Deen Hansen.
In de zevende ronde zakte het tempo aanzienlijk, waarvan een stal renners gebruik maakte om een voorsprong te nemen, die bij de eretribune reeds 30 sec bedroeg.

1952 WK Luxemburg, verzorging

1952 WK Luxemburg, verzorging

De Nederlanders waren er niet in geslaagd in deze verrassende uitlooppoging mee te gaan en bevonden zich in de grote groep, die door Piet v. d. Brekel werd geleid. Het vijftal aan kop, bestaande uit de Fransman Thomas, de Zweed Johnsson, de Zwitser Graf en twee Italianen, Fantini en Bruni, had de zevende ronde afgelegd in 27 min 18 sec, gemiddelde 38.461 km. Met nog ruim 50 kilometer voor de boeg hadden zij een redelijke kans deze voorsprong te behouden of zelfs te vergroten. Dat het hun ernst was bleek uit de mededeling, dat de voorsprong in Bettembourg was aangegroeid tot 400 meter.

Van onze landgenoten maakte Piet v. d. Brekel tot nog toe de beste indruk. Hij was steeds in de voorste gelederen te vinden en toen hij in de zevende ronde een lekke band kreeg wist hij zijn opgelopen achterstand spoedig teniet te doen.

Wereldkampioenschap op de weg voor amateurs Luxemburg 1952

In de negende ronde ontbrandde de strijd in volle hevigheid. De demarrages volgden elkaar nu in snel tempo op en bij het passeren van de grote tribune, toen de laatste ronde inging, lagen zes renners op kop, de Nederlander Gelissen, de Italianen Fantini en Ciancola, de Belg van Genechten, de Deen Andersen en de Luxemburger Ludwig. Zij hadden 15 sec voorsprong op een tweede groepje met de Belg Grondelaers, de Fransman Michel, de Luxemburger Hein en de Liechtensteiner Lampert. Kort daarachter kwam een kleine groep met Adri Voorting en enkele meters daarna volgde de rest van het veld, waarin Kooyman, Aanraad en v. d. Brekel bij elkaar reden.

Miroir sprint 324, 25 Aout 1952

Miroir sprint 324, 25 Aout 1952

Miroir sprint 324, 25 Aout 1952

Miroir sprint 324, 25 Aout 1952

In de tiende en laatste ronde werden ook deze zes uitlopers ingehaald en bij de finish, waar de Luxemburgse gendarmerie, bijgestaan door soldaten de grootste moeite had de orde te handhaven en de weg vrij te houden, steeg de spanning met elke seconde.
Arend van ’t Hof, die de gehele middag met ’n grote achterstand had gereden, maar dapper had volgehouden, stapte na de negende ronde af. Minuut na minuut verstreek zonder dat iemand bij de eindstreep met de situatie in de wedstrijd bekend was. Er werden geen berichten meer omgeroepen, totdat plotseling de melding kwam dat er zes man op kop lagen, gevolgd door een groep van 12 en daarachter ’n groep van 28 renners, maar wie zich in deze groep bevonden, bleef een geheim tot enkele tientallen meters voor de finish. Er kwam een grote groep aanstormen, waarin zich aan de kop enige oranje truien bevonden.

1952. WK Luxemburg. Eindsprint. Rechts Piet van de Brekel, links Ciancola.

1952. WK Luxemburg. Eindsprint. Rechts Piet van de Brekel, links Ciancola.

Op de laatste 100 meter kwamen aan de linkerkant van de weg plotseling een Italiaan en een Belg naar voren, gevolgd door een renner, weer in oranje. Het was Piet v. d. Brekel, die met een paar machtige trappen buitenom schoot.

1952. WK Luxemburg. Eindsprint. Rechts Piet van de Brekel, links Ciancola.

Later werd bekend dat van de Brekel gediskwalificeerd was.

Het officiële klassement van het wereldkampioenschap voor amateurs op de weg ziet er als volgt uit:

1 Ciancola (Italië) 175 km in 4 uur 22 min 11.8 sec
2 Noyelle (België)
3 Ludwig (Lux.)
4 Gelissen Ned.)
5 Kooyman (Ned)
6 Michel (Fr.)
7 Aanraad (Ned.)
8 ex aequo:
v. Genechten (B.)
Andersen (Den)
Anquetil (Fr.)
Thomas (Fr)
Joergensen (Den)
Voorting (Ned.)
Heim (Lux.)
15 Bruni (It.)
16 Grondelaers (B.)
17 Gaul (Lux.)
18 Fantini (It.) 4.22.27
19 Marcel Janssens (B.) 4.22.45,4
20 Harold King (G.B.) z.t.
21 Nevin (Austr.) z.t.
22 Reitz (Dld.) z.t.
23 Eward (lerland) 4.23.37
24 Bernard King (G.8.) z.t.
25 Johnsson (Zweden) in 4.27.32
26 Bowes (G.B.) 4.29.45
27 Maue (Dld.) z.t.
Vervolgens een peloton van 23 renners.

ONDANKS DISQUALIFICATIE 

Piet van den Brekel niet geslagen in sprint en dat gaf hem voldoening 

Op de schouders van supporters

Na Ronde van 12 Kantons in Luxemburg vertrouwen in eigen kunnen Echtenaar belofte voor de toekomst
In het Hotel I’Etoile dOr hebben wij Zaterdagavond rustig met Piet van den Brekel, de 20-jarige amateur uit Echt zitten praten. Hij wist, dat hij gediskwalificeerd was, omdat hij een flets van een toeschouwer had genomen. Maar het was hem niet bekend, dat de foto’s en ook de film, welke voor officials en journalisten was vertoond, duidelijk hadden uitgewezen, dat de Italiaan voorbarig tot wereldkampioen was uitgeroepen, want dat nog nimmer een dead heat zo scherp van de foto’s en de film was te lezen als dit keer.

1952 WK Luxemburg huldiging supporters

De U.C.I. had dus weer eens een fout gemaakt, iets, wat de Internationale Wieler Federatie de laatste jaren bij elk wereldkampioenschap overkomt. Ciancola was op dat ogenblik geen wereldkampioen der amateurs op de weg. Daartoe is hij voorbarig gebombardeerd door de rechter van aankomst de Fransman Dupin, die beter, wetende dat er een foto-finish was opgenomen, zijn beslissing onder voorbehoud had kunnen geven. En dan zou Ciancola door de heer Achille Toinard niet zo de regenboogtrui zijn aangetrokken dan zou het Italiaanse volkslied niet onmiddellijk zijn gespeeld. De omstandigheid, dat Piet van den Brekel inbreuk had gemaakt op het wedstrijdreglement, was voor de wedstrijdcommissarissen een gelukkig moment, want nu werd Ciancola titelhouder, omdat onze landgenoot van de uitslagenlijst werd geschrapt. Dit laatste geschiedde, laten wij het ronduit schrijven, volkomen terecht.

1952 Wereldkampioenschap in Luxemburg

Toen wij de Limburger het verhaal van de foto’s en de film vertelden, lichtten zijn ogen even op, hij was niet geslagen in de sprint en dat gaf hem grote voldoening. In Juli van dit jaar is hij 20 jaar geworden. Van de Brekel rijdt pas een jaar als amateur en hij boekte een groot aantal successen. De belangrijkste overwinning is geweest die van de Ronde van de 12 kantons in Luxemburg, waarin hij vertrouwen in eigen mogelijkheden had gekregen. In eigen land heeft hij dit seizoen een tiental overwinningen behaald en nu deze ex aequo plaats bij het wereldkampioenschap…. en toen volgde het verhaal van die laatste ronde.
“Ik heb een grote fout gemaakt”, vertelde van de Brekel. „Ik ben veel te laat geweest met die sprint want anders….”. En in gedachten ging hij nog eens die laatste 500 meter na. De heuvel op en de 150 meter vlakke weg als sluitstuk. Pas op da laatste 150 meter dacht hij aan het feit, dat er misschien een wereldtitel te veroveren was, daarvoor, och, het was een snelle wedstrijd geweest, waarbij hij tussen de wielen was gebleven. Hij, die een jaar amateur was, had geen ervaring in een dergelijke belangrijke wedstrijd en wat had hij beter kunnen doen dat dat?

Miroir sprint 324, 25 Aout 1952

Luciano Ciancola, Miroir sprint 324, 25 Aout 1952

Miroir sprint 324, 25 Aout 1952

Miroir sprint 324, 25 Aout 1952

„Toen kwam die sprint”, vertelde van den Brekel. En bij het vertellen wordt hij de levendige jongen, die zich nog precies herinnert, wat zich had afgespeeld in die laatste seconden. „Ik voelde, dat ik ingesloten zou worden en daarom moest ik mij los werken. En toen ik vrij lag, om de Belg Noyelle heen, meende ik die blauwe trui ook te pakken te hebben. Dat Ciancola helemaal niet zeker was van de overwinning, bleek duidelijk uit zijn gezicht, dat helemaal niet vrolijk stond. Net als iemand, wien op het laatste ogenblik de zege ontnomen is. En ge begrijpt mijn teleurstelling — ik had al bloemen gekregen en zij hadden mij al op de schouders gehesen toen het Italiaanse volkslied weerklonk”. „Dacht je zelf, dat je gewonnen had?”, vroegen wij…

“Ja, inderdaad, en ik zal u vertellen waarom. Ik heb dit jaar in de verschillende wedstrijden veel geleerd, en een van die dingen is, hoe je een fel betwiste sprint moet winnen, door je met een laatste ruk naar voren te werpen, je voorwiel over de streep te gooien. Kijk maar naar mijn positie op de finish-foto”. „Blijf je amateur?” vroegen wij tenslotte. „Natuurlijk”, luidde het spontane antwoord. „Ik voel me nog te jong om professional te worden. Ik rijd pas een jaar als amateur, ik wacht nog wel even”.

En dat was het avontuur van de jeugdige Limburger, die een zeer sympathieke indruk heeft gemaakt en wat nog belangrijker is, zeer veel voor de toekomst belooft.

 

Column Wiel Verheesen

Column Wiel Verheesen

 

ga naar meer foto's van Piet van den Brekel

1958 Piet van den Brekel, volg de link naar meer foto’s van Piet

2009. Meest genoemde Limburgse sportmoment. Nr 2 !