2018-04-19 boekpresentatie “Janssen 68”

Boekpresentatie

“Janssen 68”

Het nieuwe boek van sportjournalist Raymond Kerckhoffs en fotograaf Tonny Strouken
V.l.n.r: Raymond Kerckhoffs, Christian Prudhomme, Jan Janssen & Tonny Strouken
Tour de France 1968 in een notendop:
‘Niets wijst er op dat Janssen de 55e editie van de Tour gaat winnen. Op de slotdag staat hij slechts derde in het klassement, op 16 seconden achterstand van de Belgische geletruidrager Herman Van Springel. 

Maar in de afsluitende tijdrit naar de wielerbaan van Vincennes in Parijs buigt Janssen de achterstand om in een voorsprong van 38 seconden. Van Springel redt het niet en moet genoegen nemen met de tweede plaats in het eindklassement. 

Huilend neemt Janssen de huldiging door supporters in ontvangst en krijgt het geel om de schouders.’
Jan Janssen vertelt over zijn Tourzege
Om te sfeer van 21 juli 1968 nog eens op te roepen enkele bewegende beelden (Ik heb er zelf vorig jaar geknutseld met de beschikbare beelden, deels in kleur !!), van de laatste rit en huldiging van de Tour de France winnaar Jan Janssen in 1968. 

TdF1968, 22ème étape B, Melun-Paris La Cipale (C.L.M.), 55,2 KM. 
21 juillet Jan Janssen, le premier hollandais Terminé le Parc des Princes. Pour la première fois, le Tour de France s’achève dans le bois de Vincennes, au vélodrome de la Cipale:
 

Op uitnodiging van Tonny, ik sprak hem vorige week bij de Amstel Gold Race, was ook ik aanwezig bij de boekpresentatie. Uiteraard veel wielercoryfeeën present, ik zag en sprak o.a. Ab Geldermans, Jo de Roo, Christian Prudhomme, Bennie Ceulen, Ben Koken, Jan Krekels, Hub en Ger Harings, Hennie Kuiper, Cor Schuring etc, bijgaand enkele beelden van de presentatie.

Liefst 68 foto’s uit het rijke archief van Strouken en bijpassende teksten wordt de spannende Ronde van Frankrijk nog eens herbeleefd. Niet alleen de ontknoping op de wielerbaan in het Bois des Vincennes was spectaculair; drie weken lang gebeurden op de Franse wegen de meest gekke dingen. Met slechts drie ploegmaten aan zijn zijde wist Janssen vanuit een outsiderpositie heel verrassend deze Tour de France op zijn naam te schrijven. Ik heb nog ergens een grammofoonplaat liggen met het radioverslag en op de B kant, of was dat nou net de A kant een lied van Ted de Braak, dan nu een gouden herinnering bekroond met een boek met de prachtige titel “Janssen 68”, ge wel dig !

Tonny Strouken, Raymond Kerckhoffs

Wielerman en Sportfotograaf Tonny Strouken (1936) reisde in zijn carrière, sinds het WK van 1948, met zijn fotocamera de wereld rond in opdracht van alle grote dagbladen en sportmagazines. Hij behaalde diverse internationale fotografieprijzen, o.a. een kleinood als de zilveren camera.

Tonny Strouken, Raymond Kerckhoffs

Raymond Kerckhoffs volgt al dertig jaar lang als toonaangevende sport- journalist voor o.a. De Telegraaf het peloton over de hele wereld op de voet.

Tonny Strouken, Raymond Kerckhoffs

In 1968 volgde Tonny Strouken vanaf de motor de hele Tour de France in het kielzog van Jan Janssen. Hij kent de Zuid-Hollander al vanaf 1956 toen hij foto’s maakte van het criterium in Wijnandsrade voor aspiranten, dat door Janssen gewonnen werd.

Jan Janssen en Christian Prudhomme
21 juli 1968.  In het Bois des Vincennes in Parijs wint Jan Janssen, als eerste Nederlander, de Tour de France. Niet ver van die bewuste wielerbaan in de Franse hoofdstad kijkt een zevenjarige Franse jongen zijn ogen uit. Hij ziet voor het eerst beelden van de Tour de France, het is Christian Prudhomme.
Die zevenjarige jongen van toen, de huidige directeur van de Tour de France, reikte het eerste exemplaar van een boek over die bewuste Tour uit aan Janssen. "Ik was bij thuis bij mijn ouders, zag Jan Janssen de Tour winnen op onze zwart-wit televisie. Het waren de eerste beelden ooit die ik zag van de Tour de France"...
Emoties bij Jan Janssen en Christian Prudhomme, vrienden voor het leven

Vanwege zijn goede relatie met Janssen was Strouken in staat om tijdens deze voor Nederland historische Ronde van Frankrijk unieke beelden van Jan te maken.

“Janssen 68” kan besteld worden via info@parkhotelvalkenburg.nl  met vermelding van uw NAW-gegevens en het aantal boeken dat u wenst te ontvangen. Het boek kost trouwens €39,50
Zie hiervoor ook: parkhotelvalkenburg boekpresentatie jan janssen 68
Mijn gesigneerd exemplaar met opdrachten/ handtekeningen van Raymond Kerkhoffs, Christian Prudhomme, Jan Janssen, Tonny Strouken en Ab Geldermans 
Ab Geldermans toont de voorlopige samenstelling van de ploeg voor de Tour van 68
Jos van de Mortel opende de presentatie
De boekpresentatie Jan Janssen 68, aandacht voor mooie anekdotes …
Emile Peerenbooms, Hennie Kuiper
Christian Prudhomme
Christian Prudhomme

Video van André Jansen (WAF): Ab Geldermans, Arie den Hartog, Eddy Beugels, Gerard Vianen en Huub Zilverberg over Jan Janssen en de Tour de France van 1968:

Tour de France 1968 op WAF

Ab Geldermans, Arie den Hartog, Gerard Vianen, Eddy beugels, Jan Janssen en Huub Zilverberg over TdF 1968.

Geplaatst door André Jansen op donderdag 24 maart 2016

 

Christian Prudhomme, Jan Janssen
Raymond Kerkhoffs, Christian Prudhomme, Jan Janssen, Tonny Strouken
Raymond Kerkhoffs, Christian Prudhomme, Jan Janssen, Tonny Strouken
Raymond Kerkhoffs, Christian Prudhomme, Jan Janssen, Tonny Strouken
Raymond Kerkhoffs, Christian Prudhomme, Jan Janssen, Tonny Strouken
Zonder die laatste tijdrit van Melun naar Parijs was het leven van Jantje heel anders gelopen. Voor hij die dag aan de start kwam, had Janssen een achterstand van 16 seconden op de Vlaamse geletruidrager Herman van Springel, die als een betere tijdrijder werd beschouwd.

Bovendien had hij slechts een voorsprong van 1 minuut 40 op de uitgesproken tijdritspecialist en houder van het werelduurrecord Ferdinand Bracke, die opmerkelijk goed de bergen doorgekomen was.

Niets wees daarom die zondagochtend in Melun op een Hollandse tourzege. Toch geloofde Janssen erin, getuige zijn opmerking tegen Trouw-verslaggever Frans Nypels: „Nog nooit heb ik zo dicht bij de verwezenlijking van mijn ideaal gestaan. Dacht je nou werkelijk dat Jan Janssen zich de kaas van het brood laat eten?”

En zo gebeurde het. Janssen reed als een ’dolle stier’ en had na afloop in het Parc des Princes 38 seconden voorsprong op Herman van Springel en zelfs 3 minuut 3 op Ferdinand Bracke. 

Hij huilde van geluk en kon op het moment dat hij zijn vrouw Cora met dochter Karin (’Die kleine had een heel leuk jurkje aan’) in haar armen zag niets anders uitbrengen dan: „Cora, kind, ik heb ’m!” en „Karin, papa heeft de Tour gewonnen!” trouw.nl
Jan Janssen
50 jaar terug in de tijd...
 Na-Tour portret, op bezoek bij Jan en Cora Janssen, 1968, 😉):
Als Jan vertelt is het muisstil, v.l.n.r: Coby Strouken, Jos van de Mortel, Tonny Strouken, Koos Tacx, Sophie Tacx, Cora Janssen en Ab Geldermans
Nederlandse Tour de France ploeg uit Breda naar Vittel vertrokken. Jan Janssen in gesprek met ploegleider Ab Geldermans
Uiteraard had Jan zijn wollen gele trui uit 1968 bij zich, wol was duidelijk niet geschikt voor het rijden in de regen
Toen Janssen in de Pyreneeën tijdens de beklimming van de Tourmalet meer dan drie minuten verloor op zijn belangrijkste concurrenten Poulidor en Bracke, leek de Ronde verloren. Maar langzaam maar zeker veroverde Janssen terrein terug (Poulidor viel in de veertiende rit naar Albi en stapte later af) en toen hij in de laatste Alpenrit in Sallanches als vijfde eindigde, vertrouwde hij NOS-verslaggever Jean Nelissen uitgeput toe: „Ik heb mijn Tour gered.”

Dat was zo, al kon hij toen niet vermoeden dat een onbekende renner op de voorlaatste dag nog bijna roet in het eten zou gooien. Maar toen ook de onbekende André Poppe sneuvelde, kon het echt niet meer fout gaan.  trouw.nl
De eerste Nederlandse Tour winnaar ooit….
Hub Harings, Jo de Roo
Bert van Marwijk, zo als bekend ook een wieler-enthousiast, ook present..
Janssen 68, ontspanning met een hapje en een drankje

Herinnering aan juni 2015, Parkhotel Valkenburg Expositie over Historische Tour de France 1968:

 

1973-07-02 Herman Van Springel ziet geel en groen

Tour de France 1973:

Herman Van Springel:

Gele trui is een hemels geschenk

Bekend is zijn verlies van de gele trui in de laatste etappe van de Tour de France in 1968, hij kwam 38 seconden tekort voor de Tourzege. Hij werd ook nog eens tweede in de Ronde van Italië (1971) en derde in de Ronde van Spanje 1970. Hij pakte ook twee keer naast de zege in Paris-Roubaix. Bij het Wereldkampioenschap van 1968 stuitte hij op de Italiaan Vittorio Adorni en moest hij genoegen nemen met de zilveren medaille.

Herman van Springel Omloop het Volk 1973 foto: Collectie BN De Stem / Johan van Gurp

In 1971 had Van Springel een contract getekend bij de Molteni ploeg van Eddy Merckx. De Kempenaar werd dus een superknecht voor de kannibaal en mocht slechts af en toe voor zijn eigen kansen rijden.

In 1972 werd de meesterknecht op het allerlaatste moment uit de Tourploeg geschrapt, omdat hij voor het volgende jaar al een overeenkomst had getekend met Rokado. In de periode na de Tour mocht hij geen grote wedstrijden meer rijden en kwam hij als enige van zijn ploeg aan de start in Zottegem toch wist hij de overwinning te behalen.

Na de 2e etappe in de Tour van 1973 te Roubaix is Van Springel leider in het algemeen klassement, Nino Tomadesso van het Limburgs Dagblad zoekt hem op:

Het gele shirt misstaat Van Springel niet. Het fleurt hem wat op. Het maakt zijn droevig, melancholiek gezicht vrolijker. Het geeft hem als Coureur nieuwe glans. Hij ervaart dat als een geschenk uit de hemel.

Want, nog geen veertien dagen geleden twijfelde Kempen- Zoon Van Springel aan zich zelf. Aan de vooravond van het Belgische kampioenschap op de weg, op het krachtenslopende circuit Van Soumage, vroeg Herman aan zijn vertrouwensman Harings: „Hub, wat denk je? Ben ik nog een goede coureur? Kan ik het nog?” Harings antwoordde: „Dat ben je zeker, Herman. Bewijs het maar tijdens het kampioenschap”. Die titelstrijd. Van Springel sloeg in de voorlaatste ronde op de vlucht. Hij nam in  een vloek en een zucht bijna een minuut voorsprong. Toch verloor hij het kampioenschap. Waarom? Omdat Van Springel een door veel onfortuin betroffen schlemiel is. Normaal zou hij kampioen van België zijn geworden als niet…. Lomme Driessens die dag zijn ploegleider was geweest. De afspraak luidde dat Driessens zijn Rokadorenners (Gerben Karstens, Hennie Kuiper) tijdens het Nederlands kampioenschap op de Cauberg zou coachen en dat Florent van Vaerenbergh in Soumagne die taak op zich nemen zou. Driessens hield zich niet aan de spraak. Hij ging niet naar Valkenburg, maar naar Soumagne. Het is bekend: tussen Eddy Merckx en Lomme Driessens botert het niet. Die twee kunnen elkaars bloed wel drinken. Toen Van Springel die voorlaatste ronde op het Ardennenparcours op de vlucht sloeg, toen was het Eddy Merckx die de jacht op de vluchter opende. Omdat Merckx, zo zeggen zij die thuis zijn achter de schermen van de Belgische wielersport, Van Springels overwinning aan Lomme Driessens niet gunde. Uitspraak van een Brusselse journalist (..Noem mijn naam niet”): „Als Van Varenbergh in Soumagne was geweest, dan zou Merckx niet als een wilde achter Van Springel gejaagd hebben. Florent en Eddy zijn goede vrienden….” Omdat Merckx zijn vijand Driessens treffen wilde, werd Van Springel geen kampioen van België. Zo zeggen zij die het weten kunnen.

Herman van Springel werd vijfde in dat kampioenschap. Maar hij was niettemin tevreden. Hij vond op de flanken der Ardennen het zelfvertrouwen terug. Nu draagt hij de gele trui. Maar hij is geen leider met allure. Hij speelt de rol van vedette niet. Doodeenvoudig omdat hij dat niet durft, omdat zijn bescheidenheid hem een verlegen renner doet zijn. Zonder kapsones, zonder brutaliteit. Gistermorgen vroeg ik Herman: „je gaat je gele trui toch verdedigen?” Hij keek me aan met zijn trouwe, bruine ogen. Hij trok een grimas a la Fernandel en antwoordde: „Ik zal er mijn best voor doen. Meer kan ik niet. Als ik de gele trui weer kwijt raak is dat  toch niet  zo’n ramp. Belangrijker vind ik dat ik er weer helemaal bij behoor….” Niemand gelooft dat Van Springel de gele trui nog dragen zal: Hij weet dit, maar het laat hem koud. Hij is nu eenmaal geen streber. Hij is een coureur zonder vurig temperament. Hij is een stugge harde werker op het zadel. Hij is zeker niet een artiest die met zijn tegenstanders speelt. Herman is niettemin tevreden. Van Springel: „Ik zou liegen als ik zou zeggen: ik kan de Tour winnen. Ik geloof dat namelijk niet. Ik weet dat er een dag komt dat ik de trui verliezen zal. Ik heb me er al mee verzoend….”

Herman van Springel Omloop het Volk 1973 foto: Collectie BN De Stem / Johan van Gurp

Wellicht heeft hij daarom zoveel plezier nu leider in het algemeen klassement te zijn. Hij geniet ervan. Hij geeft na afloop van de etappe minutenlange interviews, hij laat zich van camera naar camera zeulen. En hij blijft, als andere renners al onder de douches staan, rustig handtekeningen uitdelen. Geen snelle krabbels, maar duidelijk leesbare signaturen. Verleden jaar nog was hij de luitenant van Eddy Merckx. Maar hij kreeg er genoeg van. Ik was het beu schaduw van Merckx te leven. Dat klinkt gek uit de mond van de brave Herman. Men is een dergelijke uitspraak van mij niet gewend. Ik ben een eenvoudige jongen. Ik ben over het algemeen kalm en neem alles  filosofisch op. Maar het deed me pijn dat alles om Merckx draaide. Midden in het seizoen nog teken ik een  contract met Rokado. Eddy is er erg boos over geweest. Van  Springel wordt langzamerhand een oudere renner. Zijn carrière loopt af. Een, twee seizoenen nog kan hij mee. Dan is het definitief gedaan. „Ik ben nog geen versleten coureur. Ik heb nog kracht en ik durf nog”. Afgelopen winter bereidde hij zich gewetensvol voor op een seizoen waarin hij dacht met succes de strijd te kunnen opnemen tegen Eddy Merckx. Het was een verkeerde veronderstelling. In alle ééndagsklassiekers werd hij verslagen. Van Springel, de man van de zandgronden, koos de zee uit om zijn conditie te vinden. „Dagenlang ging ik op zee vissen. Heerlijk was dat. Dagenlang ook heb ik gejaagd. Toen het seizoen begon, was ik klaar. Ik had meer dan vierduizend trainingskilometers in de benen. Maar ik won niet. Eddy won alles. Dat maakte mij stuk. Ik droomde zelfs van Merckx.”

Hij is eerlijk, de goede Herman van Springel. Hij zei: „Ik klim lang niet meer zo goed als drie, vier jaar geleden. In de Ronde van Zwitserland die ik als voorbereiding op de Tour reed, verloor ik meer dan een half uur op Fuente. Die man is er nu weer bij. Voor mij is hij zeker een mogelijke Tourwinnaar.”

Mecaniciën Hub Harings over Van Springel: „Herman vindt alles goed. Naar zijn fiets kijkt hij niet om. Hub, zegt hij, je bent de beste mecaniciën die ik ken. Er zijn vele coureurs die zelf aan hun fietsen sleutelen, die ze poetsen en verzorgen als speelgoed. Van Springel niet. Hij maakt er zich helemaal niet druk om. Herman is een ijzersterke renner. Hij fietst tot hij niet meer kan. Hij is er nog één van de oude stempel. Zo’n echte dwangarbeider van de weg….” Een dwangarbeider. Vlak voor het Belgisch wegkampioenschap in 1971 liep Herman een zware verkoudheid op. Zijn hele lichaam deed hem pijn. Hij telefoneerde met Lomme Driessens en zei dat hij niet van plan was van start te gaan. Driessens Praatte hem om. Van Springel de coureur die nooit neen kan zeggen, kroop toch op de fiets. En… hij deed méér. Hij begon aan een ontsnapping die bijna 130 kilometer duurde. Vergeten was de ziekte, vergeten was de pijn in zijn lichaam (hij ontving voor de start overigens twee pijnstillende injecties).

Hij ging die dag, in de regen en in de koude van Martelange, als winnaar over de streep. Hij kroonde zich als kampioen van België. Zo is Herman van Springel. Geen artiest op de fiets maar alleen een arbeider.

Tour de France 1973, 1e etappe B, Rotterdam – Sint-Niklaas, José Catieau pakt de zege, Herman van Springel in het geel, Miroir du Cyclisme-174

Limburgs Dagblad 3 Juli 1973

En verder…. in 1973 pakte hij (als niet-sprinter) toch de groene trui van het puntenklassement.

Met zeven overwinningen is Herman Van Springel de recordman in de monsterrit Bordeaux-Parijs. Rond 2 uur met slaperige ogen verzamelen in het duister van Bordeaux. Vervolgens in Poitiers achter de derny en 560 km achter de derny en fietsen naar Parijs. In 1974 deelde hij met de Fransman Régis Délépine de eerste prijs na de verkeerde weg te zijn opgestuurd.

Op zijn indrukwekkende erelijst staan bijna alle grote eendagskoersen. Zo won hij Gent-Wevelgem (1966), de Ronde van Lombardije (1968), de Omloop Het Volk (1968), Parijs-Tours (1969), de Grote Landenprijs (1969, 1970), de Trofeo Baracchi (1969), de Brabantse Pijl (1970, 1974), het Kampioenschap van Zürich (1971), het Belgisch kampioenschap (1971) en de E3-Prijs (1974). In de grote ronden behaalde hij ritzeges en ereplaatsen. Zo werd hij in 1970 in de Vuelta derde en in 1971 in de Giro tweede. In de zeventien jaar dat Herman Van Springel beroepsrenner was, won hij in totaal 136 wegwedstrijden.

Zie Herman’s voor palmares: https://nl.wikipedia.org/wiki/Herman_Van_Springel