1936-05-02 2e Ronde van Valkenburg

2e Grote Prijs van Valkenburg 1936

De eerste ronde in dit seizoen 1936 een waar succes.

Gommans wint bij de amateurs, Pellenaars bij de profs.

De 2e Ronde van Valkenburg, de “Grooten KAVEEWEE Prijs” is rijk geweest aan spannende momenten en bittere strijd. Wat hebben we Slaats bewonderd die gedurende 11 ronden de strijd alleen aangebonden heeft tegen het hele peloton en zich kranig weerde, doch toen hij merkte dat een klein ploegje los was zich wijselijk door deze liet inlopen en met deze samen doorging. Ook Marinus Valentijn en Ebeling die lange tijd met hun tweeën de strijd aanbonden en daarom vonden we het zo jammer dat Ebeling op het laatst zijn zwoegen door een lek bandje zag teloor gaan. Ook Muller moeten we bewonderen voor zijn taai volhouden, want reeds in het begin raakte hij om de een of andere oorzaak achter en heeft het grootste gedeelte alleen moeten rijden, hetgeen een zware strijd is.

Kees Pellenaars, die met veel overleg te werk ging heeft verdiend gewonnen en was geen ogenblik in moeilijkheden. v. d. Ruit en J. Braspennincx kunnen we tegelijk noemen, want beiden hebben hard gewerkt om zich bij de leider te voegen, terwijl op het laatst Middelkamp en Meerschaert zeer gevaarlijk kwamen opzetten en voor de leiders een groot gevaar werden. Onze Limburgse jongens Lambrichs, Vluggen, Clignet en Velraeds hebben zich met ere geweerd en leverden een schone koers. De Belgen die anders zo een belangrijke rol speelden hebben ditmaal niet veel gepresteerd en we kunnen met voldoening constateren dat de Hollanders hun ditmaal met hun eigen wapenen bestreden hebben en wel de onderlinge samenwerking, want het was zeer goed bezien toen Slaats weg was en daarna Pellenaars dat v. d. Ruit en Braspennincx kwamen opzetten om hun collega’s te helpen. Dat was mooi werk en indien ze bij de 2e  Kasteel Kermis Koers te Hoensbroek aanstaande hetzelfde systeem toepassen dan zijn we er van verzekerd dat ook daar de Belgen een toontje lager zullen zingen.

Ronde van Valkenburg 1936. beeld van de wedstrijd op het grasgedeelte van het parcours, op kop zo te zien Sjaak Sijen.

Voorbeschouwingen

Limburgsch dagblad 9 april 1936

Limburger koerier 9 maart 1936: De Ronde van Valkenburg Het parcours wordt verbeterd. Valkenburg, dat het vorig jaar het wielerseizoen op den weg op zoon schitterende wijze sloot, valt de eer te beurt het wielerseizoen op den weg 1936 op gelijke wijze te openen, want de ronde van Valkenburg is de eerste, die onder de NWU bepalingen in Zuid-Limburg wordt verreden, namelijk op Zaterdag, 2 Mei a.s. Met de voorbereidende werkzaamheden is de vereniging „Valkenburg’s Belang” reeds druk bezig en de secretaris der organisatie dhr. Sjir Pisters deelde ons mede, dat in het parcours een kleine wijziging zal komen en dat voorts enige verbeteringen zullen worden aangebracht. Het is een verblijdend teken, dat zich nu reeds meerdere renners hebben opgegeven. De ronde wordt wederom verreden voor nieuwelingen, amateurs en, beroepsrenners niet onafhankelijken in omloop van 1700 meter, thans echter respectievelijk over 35, 55 en 100 kilometer. Bij de nieuwelingen en amateurs worden enkel Nederlandse deelnemers toegelaten, namelijk 30 nieuwelingen en 40 amateurs. Voor de profs met onafhankelijken bedraagt het maximum aantal 50. Deze klasse wordt met internationale deelname. 

Limburgsch dagblad 9 maart 1936

Vorig jaar reden elf Belgen mede en een Duitser. Voor dit jaar wordt liet aantal Belgen nog ingekrompen en gebracht op hoogstens zes, zonder daardoor echter een mindere klas Belgen te brengen. Onder de deelnemende Belgen zullen we de faire winnaar van 1935 Juul Schepers aantreffen. Zat dit jaar een Valentijn, Pellenaars, van Oers of de Groen of een stoere Limburger in faire strijd de Belgen van de eerste plaatsen doen wijken? De kansen zijn iets verhoogd, door vermindering van het getal Belgen, doet daarom wordt niet in een mindere klasse naar renners uit België gezocht. Getracht wordt een Duits team hier te krijgen. Zoals gezegd, worden de wedstrijden onder de NWU bepalingen verreden en zonder in het bezit te zijn van een NWU licentie behoeft men zich dus niet op te geven en zonder dat de licentie getoond kan worden, wordt geen aanmelding aangenomen. Hieraan wordt de hand gehouden ter voorkoming van onaangenaamheden voor organisators en ook voor renners. In totaal wordt dit jaar voor ƒ 850.— aan prijzen gegeven.

Bij de amateurs een koersrijwiel als 1e prijs
Bij de nieuwelingen een koersframe als 1e prijs
Bij de beroepsrenners is de 1e prijs ƒ 150.—, 2e prijs ƒ 120.—, 3e prijs ƒ 100.—, 4e prijs ƒ 75.—, 5e prijs ƒ 60.—, 6e prijs ƒ 50.—, 7e prijs ƒ 40.— en zo vervolgens iedere lagere prijs iets minder, totaal 20 prijzen.

Met het oog op de te verwachten vele inschrijvingen, want velen van het vorige jaar willen gaarne terugkomen naar Valkenburg, wordt de renners in overweging gegeven met hun aanmelding niet te lang te wachten, temeer waar — naast de komende wegwedstrijden in België — ook de Ronde van Valkenburg wel in aanmerking zal komen om onze Hollandsche jongens aan de slag te zien, waarvan er ook gaarne aan de Ronde van Frankrijk zouden willen deelnemen. Ter voorkoming van teleurstelling wacht men dus niet te lang. Een mooie plaats in de Ronde van Valkenburg, zo vroeg in het seizoen, is zeker een goede reclame voor de rest van het seizoen. Het mooie feest, dat Valkenburg het vorig jaar in oktober beleefde, zal dus nu hopelijk in nog grotere drukte op 2 Mei — dus in het voorseizoen — plaats hebben, sport en nering ten voordele. Het secretariaat is gevestigd Walramplein 13 te Valkenburg.

Limburgsch dagblad 1 mei 1936:

Nederlands beste renners komen

Sterke Limburgse vertegenwoordiging

Pellenaars favoriet

Wij constateren het met genoegen, dat de z.g. „rondes”‘ – in het Vlaamse land worden zij populair „kermiskoersen” genoemd – in Zuid-Limburg burgerrecht hebben verkregen, sterker gezegd, dat zij het hart hebben gestolen van alles wat zich met de schone wielersport pleegt op te houden, in welk opzicht ook. Dit is een verblijdend teken, waar algemeen de klacht wordt geuit, dat de belangstelling voor deze sport dalende is. De verovering heeft niet veel moeite gekost, zonder slag of stoot gaf de grote massa zich gewonnen, toen op initiatief van burgemeester Martin in Eygelshoven, bij gelegenheid van de Oranjefeesten aldaar de eerste ronde in Zuid-Limburg werd georganiseerd, in navolging van België, waar bijna elk plaatsje zijn „kenniskoers” heeft. Het Eygelshovense voorbeeld werkte aanstekelijk, in verschillende plaatsen stak men de koppen bij elkaar, men voegde de daad bij ’t woord en thans zijn wij zoo ver, dat wij elk jaar van een zeker aantal, rondes verzekerd zijn.

Valkenburg, het schone Geulstadje, heeft dit jaar de primeur. Morgen, Zaterdag 2 mei 1936, wordt de tweede Ronde van Valkenburg verreden en na de ervaringen welke men in die eerste heeft opgedaan belooft dit wielerfestijn er een van de grootste betekenis ie worden. De dagen van voorbereiding zijn voor de Valkenburgse organisatoren onder leiding van Sjir Pisters achter de rug, alles is tot in de puntjes geregeld; de deelnemers zijn allen bekend en het wachten is nu op de publieke belangstelling en op schoon weer, want zonder de medewerking hieraan kan de tweede Ronde het niet stellen om aan de algemene verwachtingen te voldoen.

Limburgsch dagblad 1 mei 1936

We krijgen als voorspel een 55 K.M. wedstrijd voor amateurs

Dat voorspel , met veertig deelnemers, zal wel eerder een grote slag worden, want als de voortekenen niet bedriegen zal de amateurwedstrijd in alle hevigheid betwist worden.. Veertig amateurs, het getal zegt niks, maar wie nemen er allemaal deel? En dat zegt alles!

Zuid-Limburg is vertegenwoordigd door Sjaak Sijen, de winnaar van 1935, Lebon, Jansen, Derij van Maastricht, van Loo en Lemmens uit Gulpen, Da Silva, Hugo Peters en Kleintjes uit Heerlen, van Ommeren Amby, Juul Beckers Heer, Victor Reynaerts Valkenburg, Jeuf Hendriks Sibbe, H. Knarren Vaals, J. Bastings Mechelen-Wittem, G. Verschueren Schinnen, Ramaekers Hoensbroek, Meijer Kerkrade, van Oosterbosch Schinveld en Vinken te Geleen.

Noord-Limburg komt naar Valkenburg met Hoffman, Motké en Schemen (Roermond), Gommans Reuver, Beulen Swalmen en Smits (Tegelen).

Noord-Brabant zal vertegenwoordigd zijn door Hein Janssen, de kampioen van Nederland 1935, Schipper, van Est, Dinteloord, Hendriks (Tilburg), Scherens (Hilvarenbeek), Tilburgs, van den Heuvel en Sanderse (Helmond)

Gelderland zakt af met Heuting, Gemonde, Montfrooij en Janssen (Arnhem), Pieper Dieren en van Swelm te Nijmegen.

De overwinnaar van het vorige seizoen, Sijen vindt dit jaar een heel sterk veld tegen zich geplaatst en zal zich danks zijn Belgische routine niet gemakkelijk gewonnen geven. Naast Sijen kunnen we als de zwaarste concurrenten voor de erepalm aanduiden van Zuid-Limburg Bastings uit Mechelen-Wittem, van Loo uit Gulpen. Deze won vorig jaar met voorsprong het traject in Valkenburg bij de nieuwelingen. Verder de plaatselijk favoriet Victor Reynaerts, welke echter zijn ogen goed de kost zal moeten geven, want men wint niet enkel met duwen op de pedalen. Voorts als v. Ommeren het zal uithouden, 55 K.M. lang en bij de hoofdgroep zal kunnen blijven, is hij allicht in staat de besten in de sprint te kunnen vloeren. Met dit vijftal zal Zuid-Limburg ’n goed figuur slaan, alhoewel al de anderen onmiddellijk achter hen als outsiders beschouwd moeten worden.

Noord-Limburg stuurt ons zes afgevaardigden waarvan weer blijkt dat Gommans, die het vorige jaar een eervolle tweede plaats bezette wel de kopman zal zijn. Ch. Hofman was verleden jaar 2e bij de nieuwelingen en klopte een hele groep in de sprint, waaronder Toontje Pijnenburg (Tilburg). Hij zal zich dus zeker in deze klasse weten te onderscheiden. Het bewijs dat hij bij de amateurs op zijn plaats is, heeft Hofman enige maanden geleden geleverd, door Gommans in Noord-Limburg op een trainingsrit te kloppen. De vier anderen zullen echter aan dit tweetal evenmin toegeven.

Noord-Brabant, de bakermat van de wegrenners in Nederland. Acht afgevaardigden, waaronder Hein Janssen de landskampioen 1935 der amateurs en Schipper, de afgevaardigde naar de wereldkampioenschappen 1935 te Floreffe.

Hein Janssen uit Breda, Nederlands kampioen op de weg 1935

Beiden zijn de laatste tijd flink op dreef, getuige de laatste uitslagen, zodat wij ook hen onmiddellijk bij de favorieten moeten plaatsen. De amateur Scherens heeft veel in België gereden en ook voldoende ereplaatsen behaald om in Valkenburg een goed figuur te kunnen slaan. De anderen zijn wel minder bekend doch zullen alles in het werk stellen om onze pronostiek met de pedalen te vergruizelen

Gelderland: De bestbekende is Willy Kleijnen, welke verleden jaar 7e werd hij de amateurs in Valkenburg. Maar zijn stadgenoot van Swelm, die in Vlaanderen in de leer is bij Middelkamp en zijn form heeft bewezen in de laatste ronden in Nederland, is ook niet een van de minsten. Het zou ons dan ook helemaal niet verwonderen, mocht van Swelm als overwinnaar uit de strijd komen. Wij aarzelen dan ook niet met van Swelm als favoriet te geven. Verder verschijnt Arnhem met 5 afgevaardigden van de wielerclub „Reto” te Arnhem, allemaal flinke renners, waarvan ons de prestaties op den weg echter niet genoegzaam bekend zijn en waarover wij na de Ronde zullen kunnen oordelen.

Men dient verder niet uit het oog te verliezen dat dit jaar de wedstrijd 55 km zal zijn. De KAVEEWEE schonk een prachtbeker als nimmer te voren in Valkenburg is uitgeloofd. Een andere milde gever schonk een prachtige plaquette terwijl nog een tiental andere prijzen, totaal 15, alle bestaande uit renmateriaal, te halen zijn.

Later, wij hopen op een sportleven eerlijke strijd tussen het sterke amateurpeloton.

De Profs en Onafhankelijken

De profs en onafhankelijken zijn in ploegen ingedeeld. Eerstens de Oranjeploeg (de Nederlanders van buiten Limburg die allen in een Oranjetrui starten. Dan de Limburgse ploeg. Vervolgens de Belgische ploeg (de Belgen in rode trui) en de Duitse ploeg (in witte trui)

Het eerste zullen we de Oranjeploeg de revue laten passeren. Het is de inrichters gelukt alles wat Nederland aan wegrenners kan presteren in de Ronde van Valkenburg zal zitten. Zodat de Oranjeploeg niet alleen in aantal of kwantiteit, doch ook in kwaliteit er het sterkste voor staat. Te beginnen met onzen landskampioen 1932 en 1935 Marinus Valentijn, welke in de Ronde van Valkenburg als eerste Nederlander de 4e plaats bezette, en ook dit jaar een van de hoofdkluiven zal willen meenemen.

Middelkamp, Stuijts en Heeren, de afgevaardigden van de N.W.U. op de “wereldkampioenschappen 1935 te Floreffe. Alle drie en bijzonder Middelkamp hebben zowel in België als in Nederland hun sporen op de weg verdiend. En wie zou het verwonderen als „de oude” Braspenninx eens het veld te Valkenburg murw reed. Braspenninx immers is zijn loopbaan op de weg begonnen en die oude liefde tot de weg keert steeds terug, ondanks de verlokkelijke baancontracten. Wie verdedigde de Oranjekleuren in 1932 op den Rocco di Papa, bij gelegenheid der wereldkampioenschappen in Italië’? Braspenninx, Bogaert en Valentijn! Kees Pellenaars heeft ons zelf verklaard, dat hij de vorige ronde in 1933 had moeten winnen en Pellenaars, de anders gemoedelijke Brabander, doch in koers een harde duivel en taaie tegenstander, zint thans op wraak. Het Z.-Limburgse publiek kent slechts één favoriet onder de Oranjeploeg en dat is onze Kees. De Groen liet het vorig jaar in Valkenburg een stevige indruk achter evenals Kees Valentijn en de jonge Braspennincx in dit trio zal zeker vechten om een oranjetrui het eerst over de meet te zien bollen. De jonge Braspennincx zit reeds in vorm, getuige zijn overwinning in de ronde van het Haarlemmermeer en zijn goed rijden in Purmerend en Oss. Een nieuw gezicht voor Valkenburg geeft Verveer en Peters, met Gommers en Louis Reynen (kampioen onafhankelijken 1935). Verveer en Ger. Peters deden reeds in internationale wegwedstrijden van zich spreken. Eerstgenoemde kwam voor enige weken met een schitterende 19e plaats uit de strijd in Parijs-Brussel, 380 K.M. uit circa 150 deelnemers en waarop veel Belgische renners hun slagveld vonden. Peters (Eindhoven) eindigde al enige oranjetrui in de Ronde van Vlaanderen (250 K.M.) een ware afvalwegwedstrijd vanwege het gure en zware weer. Beiden zullen in Valkenburg bij hun eerste debuut een joyeuzen entree willen doen.

Louis Reynen, de kampioen der onafhankelijken 1935, zal zeer zeker zijn beste beentje willen voorzetten, terwijl Gommers al goed presteerde op de ronde van Oss. Martens van Tilburg vormt ook een nieuwe verschijning in ’t Zuiden en het zal ons benieuwen wat deze trainingsvriend van Frans Slaats zal bereiken. Resten ons nog Jan van Hout en Frans Slaats. Beiden hebben hun sporen op de binnen- en buitenlandse wielerbanen dubbel en dwars verdiend. We zijn dan ook zeer benieuwd wat hun prestatie te Valkenburg zal worden. Jan van Hout zal allicht plaatselijk favoriet zijn, want in zijn geboorteplaats Valkenburg heeft men de werelduurrecordhouder nog niet op de weg aan het werk gezien. Een renner die ausdauer heeft om een wereldrecord op de baan op zijn naam te brengen heeft toch ook macht genoeg in zijn lijf om in een 100 K.M. wegwedstrijd een goed figuur te slaan. Frans Staats, die ook zijn debuut op de weg begonnen is in Noord-Brabants doch zich langzamerhand tot een wereldkracht op de baan heeft geopenbaard, zal zeker proberen om in het zog van Braspennincx en Pellenaars te blijven. En tenslotte krijgen we nog de jonge Gijsen, die de ronde van Purmerend en Oss heeft gewonnen. Alle commentaar is hier overbodig!

Limburger koerier 1 mei 1936

 Ontegenzeggelijk een zeer sterk „veld”.

Summa summarum zal het toch wel iedereen met ons eens zijn, dat deze Oranjeploeg bijna niet versterkt kan worden. Dat zowel de Limburgse ploeg evenals de twee buitenlandse ploegen, hieraan de handen vol zullen hebben, wie zal het durven ontkennen? Als favorieten uit den Oranjeploeg durven we naar voren te schuiven Marinus Valentijn, Kees Pellenaars en Theo Middelkamp, mits deze laatste zijn form reeds ver genoeg gevorderd is. Een en twintig stoere Limburgers vormen de Limburgse ploeg. Het zijn Piet Vluggen, Velraedts, Gebroeders Vroomen, Muller, Clignet. Savelsberg, Le Haen, Lambrichs, Koumans, E. Hermans, Pietje Ramakers, Piet Kersten, Arn. Vaessen. Scholten, Pisters, Hermans (Banholt), Kuipers, Krol, Gerritsen en Kortis.

Al dezen hebben hun naam hoofdzakelijk te danken aan de wielerbanen, doch hij het opkomen van de wegronden in Limburg (waarvan burgemeester Martin de geestelijke vader is), hebben velen zich speciaal op de weg voorbereid en niet zonder succes.

Speciaal voor wegwedstrijden lijken ons Vluggen, Velraedts en Willy Vroomen (winnaar Eygelshoven 1934) Muller (winnaar Roermond 1935), Le Haen. P. Ramaekers, Giel Hermans en Kortis de besten. Kortis was in 1935 te Valkenburg de eerste Limburger.

Ramaekers was vorig jaar door een valpartij een ronde achter geraakt en maakte zich erg populair door de wijze waarop hij Pellenaers weer op den hoofdgroep sleepte. Bovendien hebben de laatste tijd in België aan allerhande wegwedstrijden deelgenomen, hoofdzakelijk met het doel om zich de form op de weg te verzekeren en zich in de z-Limburg ronden te onderscheiden: Piet Vluggen, Velraedts, Muller, Ramaekers en Giel Hermans. Van deze vijf maken we dan ook de Limburgse kopstukken.

Piet Vluggen

Onze buitenlandse gasten.

De Duitse ploeg zal bestaan uit Rudi en Toni Reinländer, Alfred Ebeling, Gerh. Esser en Fritz Heitzer. Van deze zijn Ebeling en de oudste Reinlander de beste. Ebeling reed het vorig jaar in de Ronde van Roermond als een van de besten doch had in Valkenburg met onkans af te rekenen. Voor het laatst hebben wij de Belgische ploeg bewaard. Hij zal beslaan uit de winnaar van 1935 Juul Schepers, Louis Duerloo (in ’35 2e in de ronde van Valkenburg) en vier nieuwe renners, die nog niet in Valkenburg reden. In de eerste plaats noemen we Eloi Meulenberg, de glorierijke overwinnaar van Parijs— Brussel, die Bonduel en Hardiquest in de sprint wist te vloeren. Meulenberg is zeker een van de besten, want het selectie commitée heeft hem aangewezen als lid van de Belgische landsploeg voor deelname aan de a.s. Ronde van Frankrijk.

Verder krijgen we Flander Horemans, die zijn grote naam in de Vlaanderens ere zal willen aandoen en een flink debuut maken in de ronden van Limburg.

Rest ons nog Toon Loncke, de Belgische Limburger, welke eveneens in den hoofdgroep te vinden zal zijn, doch over te weinig sprint beschikt en het zal moeten hebben – wil hij tenminste de erepalm behalen – van zich los te rukken. Doch, daarmede is Loncke niet gewonnen, want de sterke Ernst Muller heeft ons gezworen een weggelopen Belg zolang te gaan halen en zo dikwijls het peloton weer bij de roden trui te brengen, al moet hij er zelf na halve koers bij neervallen. Dat is rennerstaal !

Memoreren we nu nog even de diverse favorieten Valentijn, Pellenaars, Middelkamp, Vluggen, Velraets, Willy Vroomen, Muller, Ramaekers, Guill. Hermans, Ebeling en Rudi Reinlander dan moeten we van de Belgen er bij voegen Juul Schepers, Duerloo en Meulenberg.

Deze veertien kleppers houden ons inziens de winnaar zeker in. Wij zijn er zeker van overtuigd, dat Juul Schepers, die het parcours op zijn duimpje kent (kwestie van verzet, enz.) zijn overwinning van 1935 graag zal willen herhalen, maar wij geloven niet dat hij z’n zege nogmaals kan bevestigen, doch wel een ereplaats zal behalen. Duerloo zal thans trachten, daar hij vorig jaar beweerde bij verrassing geklopt te zijn, allemaal zijn achterwiel te laten zien, waartoe hij zeker in staat is, doch indien de samengepakte spierbundels van de Limburgers en van de sterke Oranjeploeg uit elkaar vliegen, dan is het nog niet zo heel zeker dat het een Belgische zege zal worden. Voor Meulenberg vrezen wij, dat de 100 K.M. wat licht wegen. Deze renner heeft blijk gegeven op den lange afstand, wanneer alle renners op de knieën zitten, niet alleen nog uithoudingsvermogen te hebben, doch ook nog zo veel reserve om een sprint af te dwingen van een Bonduel en Hardiquest, welke beiden bekend staan als zeer sterke sprinters na een zware wegwedstrijd. Beide Duitsers achten we voor een eindoverwinning te zwak. Wanneer zulks toch zou gebeuren zouden we het meer als een verrassing kunnen beschouwen.

Van onze Limburgers menen wij dat Giel Hermans de overwinning nog wat zwaar zal zijn, Willy Vroomen te veel baanrenner, terwijl Velraets nog wel eens met inzinkingen te kampen heeft, welke hem wel eens noodlottig kunnen worden voor een eindzege. Pietje Ramaekers komt nog wat macht te kort, hetgeen hij echter aanvult met twee lepe ogen, toch wij hem toch ook niet tot een eindzege vasthouden. Resteert ons nog Piet Vluggen en Ernst Muller. Van beide weten wij dat het zeer taaie en van geen opgeven wetende renners zijn. Muller bewees zulks met de ronde van Roermond en een zeer goede plaats in Purmerend. Piet Vluggen plaatste zich voor kort nog 10e in de Ronde van Belgisch Limburg in een weer nog te slecht om een hond naar buiten te jagen, want de Belgische renners gaven met bosjes op verkleumd van de koude. Wie echter de ronde van Valkenburg wil winnen zal over pure macht moeten beschikken en in dat geval lijkt het ons, dat Ernst Muller, de sterke Canera, de meerdere is van Piet Vluggen. Dit zware parcours met zijn afstoppen en in gang sleuren is meer naar de tand van Muller dan van Piet Vluggen en Muller houden we dan ook over als de Limburgse favoriet!

De favorieten van den Oranjeploeg waren Valentijn, Pellenaars en Middelkamp en onomwonden durven we zeggen dat hier Pellenaars het beste in staat is om zelfs de landskampioen Valentijn en de sterke Middelkamp achter zich te houden. Vorig jaar kwam Pellenaars wat laat op de hoofdgroep en werd daardoor door Valentijn geklopt en Middelkamp heeft verleden jaar bewezen op het laatste van het seizoen de besten niet te duchten, maar wij vrezen dat voor hem het seizoen nog niet ver genoeg gevorderd is om een zege af te dwingen.

Houden we dus over Duerloo, Muller en Pellenaars. Mocht de zege in een eindsprint betwist worden, dan staat het onomstotelijk vast dat Pellenaars zijn sprintkwaliteiten zal lonen. Mocht het anders uitvallen, wie zal het dan zijn, die ’s avonds de ovatie in ontvangst moet nemen. Zal het de faire Duerloo zijn of zal het zich Muller moeten laten welgevallen?

Wedstrijdverslagen

Limburgsch dagblad 4 mei 1936

 

Prachtige zege van de Nederlandse renners

Gommans wint bij de amateurs

Onder geweldige belangstelling, er waren naar schatting meer dan 10.000 toeschouwers, is Zaterdag de Ronde van Valkenburg verreden. Het stemt werkelijk tot genoegen, dat de overwinning ditmaal niet in Belgische handen is gekomen, maar dat de zege bij een onzer landgenoten is beland en wel bij Kees Pellenaars. De eerste daarop volgende vier plaatsen werden ook door landgenoten bezet, hetgeen het succes van de Nederlandse rijders des te groter maakte. Bij de Amateurs zegevierde Gommans, die zelfs enige krachten van naam achter zich liet.

De start van de 2e Ronde van Valkenburg 1936

Om 1.30 uur wordt ’t vertreksein gegeven aan 43 Amateurs. De eerste ronde afgelegd in 2 min. 37 1/5 sec. met Hein Janssen aan het hoofd, doch de groep zit gesloten bij elkaar. De 2e ronde wordt in 2 min. 29 1/5 sec. afgelegd en het is Smits die voor Sijen als eerste over de meet gaat. Ramaekers en Beulen raken iets achter. In de 3e ronde heeft zich een groep los gemaakt en is het Motké die hier de leiding heeft. Sijen en Brauns volgen even later. De 4e ronde wordt door Tilburgs geleid, doch de groep blijft gesloten. Brauns en Sijen zijn weer bijgelopen. In de 5e ronde passeert Smits weer het eerst de streep, gevolgd door Sijen, v. Loo, Tilburgs en een hele groep, even later volgt Kleintjes en daarna een groep getrokken door Heyting, Brauns Megen en enkele anderen. In de 6e ronde komt v. Swelm met enkele meters voorsprong voorbij, gevolgd door Pieper, Scherens, Reynaerts, Schipper en een hele groep; dan volgt Kleintjes, even later Sanders, Meyer, Brauns, Beulen, Ramaekers en Peters. In de 7e ronde heeft Smits de leiding, gevolgd door v. Swelm, Pieper, Reynaerts en een hele groep. Bij de 8e ronde beeft Gommans een 30 Meter voorsprong op het peloton, dat aangevoerd werd door Smits, Reynaerts, Tilburgs en daarna volgen Kleintjes, Sanders, Meyer Heyting, Ramaekers, Beulen, Peters; Hendriks en Ramaekers zijn 1 ronde achter. Ook in de 9e ronde weet Gommans zijn voorsprong te handhaven, gevolgd door Sijen en Jansen, die een kleine voorsprong op de groep hebben, die geleid wordt door v. Loo, terwijl een tweede groep volgt waarin Kleintjes, Sanders, Heyting, Meyer en Ramaekers, die reeds een ronde achter zijn. Brauns geeft op. Gommans wordt door Sijen en Jansen ingelopen en in de 10e ronde passeert Sijen als 1e, op 25 Meter volgt de hoofdgroep, getrokken door Banken. Peters komt te vallen. In de 11e ronde hebben Gommans, Jansen en Sijen 30 meter voorsprong op de groep, die geleid wordt door v. Ommeren, Schipper en Banken In de 12e ronde hebben de 3 leiders 5 sec. voorsprong op het peloton dat onder leiding van Banken flink jacht maakt. Verschillende renners zijn reeds een ronde achter en anderen hebben de strijd gestaakt. Ook in de 13e ronde en 14e ronde is de stand hetzelfde, doch dan moeten de leiders hun voorsprong afgeven en weet de groep te vervoegen, waarin vooral Schipper en Banken een groot aandeel hebben gehad. Baetsen komt te vallen en moet van verdere strijd afzien. In de 16e ronde is het Schipper die de groep leidt. Scherens en van Loo zijn verachterd. Daarna zien we N. Jansen het peloton aanvoeren, maar Schipper zit in de groep, evenals de overige favorieten. De 18e en 19e ronden worden weer door Schipper geleid. Vinken raakt een ronde achter, ook v. Loo is verachterd en volgt op 2 min. Steeds zien we de gesloten groep voorbij komen en telkens zijn het Schipper H. Jansen, Smits, Sijen, Gommans, Banken en Reynaerts die aan de kop zitten, v. d. Brink geeft op. Dan valt de groep in twee delen. De eerste wordt geleid door Smits, Sijen, Gommans, enz., terwijl de tweede groep bestaande uit 10 renners en getrokken door Lemmens op 45 sec. volgt. N. Jansen verachterd. Er zijn dan 22 ronden gereden en de stand blijft tot aan de 30e ronde ongewijzigd. Groep 2 maakt echter flink jacht en bij de 3e ronde zijn de groepen hervormt, v. Loo en Hendriks hebben opgegeven. Gommans komt met 40 meter voorsprong voorbij en weet deze voorsprong te behouden; de groep wordt geleid door Kleijnen. Het einde nadert, maar Gommans bluft steeds met een 40-tal meters voor de groep uitrijden. We raken aan de laatste ronde en Gommans weet zijn voorsprong nog iets te vergroten, niettegenstaande in de groep flink gejaagd wordt, waarbij vooral Smits, H. Jansen, Schipper en Banken zich onderscheiden. Met de overwinning in zicht stormt Gommans vooruit en weet met 100 Meter voorsprong te zegevieren. In de sprint welke door de hele groep betwist wordt weet Smits te zegevieren voor H. Jansen, Schipper, Banken enz.

Winnaar bij de amateurs, Reuvenaar Piet Gommans wordt gefeliciteerd door burgemeester Hens van Valkenburg

Hier volgt de uitslag:

  1. Piet Gommans, Reuver, in 1 uur 36 min.
  2. Piet Smits, Tegelen, op 100 Meter.
  3. Hein Jansen, Breda.
  4. P. Schippers, Amsterdam.
  5. Banken, Eygelshoven.
  6. H. Sijen, Maastricht.
  7. J. v. Swelm, Nijmegen.
  8. W. v. Ommeren, Maastricht.
  9. L. Motké, Roermond.
  10. E. de Silva Heerlerheide.
  11. Oosterbosch.
  12. V. Reynaerts, Valkenburg.
  13. J. Scherens.
  14. W. Lemmens.
  15. Tos. Bastings.
  16. G. Verschuren.
  17. H. Montfrooy.
  18. J. Pieper.
  19. P. v. d. Heuvel.
  20. J. Schemen.

Pellenaars passeert als eerste de finish

Om 4 uur wordt het startschot gelost voor de Profs. 48 renners stormen de baan op, die een verwoede strijd leveren. Het is Willy Vroomen die de eerste ronde de leiding heeft en de eerste ronde aflegt in 2 min. 31 3/5 sec. De groep is spoedig compleet, doch dit duurt niet lang, want reeds in de tweede ronde is Kuypers achter geraakt, welk voorbeeld spoedig door Krol gevolgd wordt. In de 5e ronde wordt een record gereden en is het Emile Hermans die in den tijd van 2 min. 25 1/5 sec de ronde aflegt en tevens de premie van ƒ 5 door burgemeester Hens geschonken in de wacht sleept, In de 6e ronde komt hij met 50 Meter voorsprong op het peloton voorbij maar Pellenaars weet zich bij de vluchter te voegen en de volgende ronde zien we deze twee met 50 Meter voorsprong op het peloton voorde groep getrokken wordt voor Gijzen en Kees Valentijn. In de volgende ronde is de groep, die door Pellenaars getrokken wordt, weer intact. A. Braspennincx zit iets achter, maar weert zich flink. Kuypers, die gevallen is, geeft op. Ook Scholten geeft de strijd op en meerdere volgen. Krol raakt een ronde achter. Van de beroemde Belgen blijkt nog niet veel uit te gaan en alleen in de 9e ronde is het Jules Schepers die de groep leidt, doch die zien we later opgeven. Bij de volgende ronde is het Muller en Le Haan die de groep leiden. Het is een felle strijd en we zien Velraedts en Ebeling zich van de groep losmaken en met een 50-tal Meter voorsprong voorbij komen, maar de groep weet onder leiding van de Groen een flink tempo er in te zetten, zodat de vluchtelingen weer gehaald worden. Ramaekers raakt een ronde achter en zal later opgeven. Kortis die gevallen is geeft ook op, evenals Krol, die een ronde achter is. Jan van Hout is bij de Bras terecht gekomen en samen volgen ze op 50 sec. van de kopgroep, welke enkele ronden door M. Valentijn en Ebeling geleid wordt. Deze twee weten dan een 100 Meter voorsprong te nemen en deze voorsprong een tiental ronden lang vol te houden, maar dan weten Slaats en Lambrichs zich bij dit tweetal te voegen en komen in de 22e ronde met een kleine voorsprong op de groep, die door Stuyts geleid wordt, voorbij. Tijdens deze jacht onderscheidt zich vooral Ebeling, die met M. Valentijn het grote werk doet. In 1 uur zijn afgelegd 38.8 K.M., zodat er niet geslapen wordt. Braspenning heeft de strijd gestaakt, v. Hout volgt op 1 min. 11 sec. en zal later ook opgeven. Reynen en Willy Vroomen staken, evenals Le Haan, die door een val opgeeft In de 20e ronde heeft een valpartij plaats gehad en raken er nog enkele rijders uit de strijd. Gommers, Ramaekers en Koumans geven op. Stuyts komt enkele malen aan de kop voorbij. Muller raakt iets achter en volgt op 100 Meter. Hij weet echter weer iets in te lopen, maar dan gaat Peters er van door en komt enkele malen met een 40-tal Meter voorsprong voorbij, zodat de groep moet gaan jagen. Hierdoor raakt Muller weer iets achter. De 50 km worden afgelegd in 1 uur 18 min. Heeren en Velraedts doen flink kopwerk en weten de vluchter weer bij te brengen. De groep valt in twee stukken. Voorop leiden Heeren, Velraedts, Slaats, Peters, Vluggen en K. Valentijn. Daarna passeert Groen alleen en dan volgt het peloton getrokken door Kees Pellenaars. Slaats gaat er dan alleen vandoor en neemt 40 meter op de groep, die door Velraeds getrokken wordt, terwijl groep 2 onder leiding van Pisters op 80 Meter volgt. Kersten, die 2 ronden achter ligt, geeft de strijd op, evenals Reinlander. Slaats vergroot zijn voorsprong geregeld en trapt er flink op los. Op 22 sec. volgt groep 1 onder leiding van J. Braspennincx en Heeren. Op 30 sec. Pellenaars en Lambrichs. Op 40 sec. Hooremans, Martens, Klignet, Stuyts en M. Valentijn. M. Vroomen, die gevallen is, komt samen met Muller voorbij. In de 36e ronde heeft Slaats 30 sec. op groep 1, geleid door K. Valentijn en hierbij is Pellenaars en Lambrichs gekomen. Groep 2 onder leiding van v. d. Ruit en Toon Loncke. Pellenaars weet zich uit de groep los te maken en volgt op 30 sec. van Slaats, terwijl de groep die weer bij elkaar is gekomen op 47 sec. volgt. Muller en M. Vroomen zitten nog steeds achter. Er begint enige tekening te komen, want in de 39e ronde hebben we de volgende stand. Op kop Slaats, op 32 sec. Pellenaars, op 42 sec. v. d. Ruit en J. Braspennincx en daarna C. Heeren, waarna de groep, onder leiding van Peters, Lambrichs, Velraedts, de Groen, Vluggen, enz.

Slaats weet zijn voorsprong te behouden maar Pellenaars wordt door v. d. Ruit en Braspennincx ingelopen en volgen op 31 sec. Op 54 sec. de groep, onder leiding van de Groen en Velraeds. M. Vroomen heeft opgegeven en Muller volgt op 1/2 ronde. Slaats ziet het nutteloze van alleen aan de kop te gaan in en laat zich door v. d. Ruit, Pellenaars en Braspennincx inlopen en deze 4 hebben 42 sec. voorsprong op de groep, die door Meerschaert geleid wordt. De 4 vluchters weten hun voorsprong geleidelijk te vergroten en brengen deze op 1 min. 12 sec. op groep Middelkamp, Heeren, Lambrichs, Verveer, Meerschaerts, enz. In de 51e ronde wordt Muller door de 4 vluchter ingelopen en gaat met deze verder. Deze 5 hebben 1,09 sec. op Middelkamp en Meerschaerts en 1,26 sec. op groep Stuyts, Heeren, Lambrichs, Clignet, v. d. Leur, Duerloo, Gijzen, enz.

Het wordt thans een verwoede strijd, want Middelkamp en Meerschaerts komen geweldig opzetten en bedreigen de leiders. In de groep weert zich Stuyts los te maken en gaat alleen er vandoor. Ook Lambrichs en Heeren maken zich uit de groep los, evenals Peters, terwijl de groep bestaat uit de Groen, Velraedts, Clignet, v. d. Leur, Vluggen, Verveer, Hooremans, Duerloo en Ebling.

In de 59e ronde is de stand als volgt: Op kop: v. d. Ruit, Pellenaars, Slaats, Braspenning en Muller. Op 27 sec. Middelkamp en Meerschaert. Op 1 min. 25 sec. Lambrichts, Stuyts en Heeren. Op 1 min. 40 sec. K. Valentijn. Op 1 min. 45 sec. Peters. Op 1 min. 50 sec. Velraeds. Vluggen, v. d. Leur, Klignet, Duerloo. de Groen, Gijsen, Ebeling, Hooremans en M. Valentün.

Dan komt de laatste ronde met een flinke strijd en weet Pellenaars met gering verschil voor v. d. Ruit te zegevieren.

Kees Pellenaars, winnaar van de 2e Ronde van Valkenburg wordt gehuldigd door burgemeester Hens , Foto Jo Hendriks (Het epos van wielerstad Valkenburg deel 1)

De uitslag luidt:

  1. Kees Pellenaars, in 2 uur 37 min. 30 sec, gem. 38.200 meter
  2. Gerrit v. d. Ruit, op 1/2 lengte
  3. Frans Slaats, op 1 lengte
  4. John Braspennincx
  5. Theo Middelkamp, op 25 sec
  6. L. Meerschaerts (B.), on 25 sec
  7. Cees Heeren, op 1 min. 20 sec
  8. Alfons Stuyts
  9. Jan Lambrichs, 1e Limburger
  10. Kees Valentijn, op 1 min. 40 sec.
  11. Albert Gijzen
  12. Piet Vluggen
  13. Marinus Valentijn
  14. Joep Klignet
  15. Verveer
  16. Louis Duerloo
  17. Laurens de Groen
  18. Math. Velraedts
  19. Fl. Hooremans (B.)
  20. A, Loncke (B.)
  21. v. d. Leur
  22. G. Peters
  23. A. Ebeling (lekke band)
  24. E. Muller, op 1 ronde.

Limburgsch dagblad 4 mei 1936

Limburger koerier 4 mei 1936

Kees Pellenaars, winnaar van de 2e Ronde van Valkenburg

1930-08-30 Liège, WK op de weg

De Italianen zegevieren

ALFREDO BINDA, winnaar bij de beroepsrenners
GIUSEPPE MARTANO, winnaar bij de amateurs

Alvast een korte samenvatting van het wedstrijdverloop:
Om 10.40 wordt op de Place de la Republique te Luik het vertrek gegeven aan 27 Profs, welke zich in een kalm tempo op weg begeven. In het uitgaan van Pepinster heeft Georges Ronsse een lekke band, doch komt in Theux weer bij. Bij de beklimming bij Francorchamps heeft Ricardo Montero gedemarreerd en is 25 meter los doch Bram Polak trekt de groep bij de vluchter. Jan van der Heijden lijdt aan maagkrampen en geeft op. Joep Franssen zit bij de hoofdgroep. Bij Stavelot stapt hij af en gaat zich hoofd en benen aan een fontein verfrissen. Het gaat zo op Marche aan waar de bevoorradingscontrole is en waar om 15.25 uur aangeland wordt. Franssen zit hier bij de groep. Na verzorgd te zijn trekt hij mee weg. Polak heeft een lekke band gekregen en arriveert 2 minuten later. De Duitser Oscar Tierbach geeft hier op. Charles Pelissier en Bram Polak komen weer bij de leiders. Te Barvaux stappen heiri Suter en Max Bulla af om zich te verfrissen. De Nederlanders gaan hier de huizen binnen om te drinken. Ze hebben veel last van de dorst. We gaan verder op naar Theux en in de berg van La Reid is de stand als volgt: Kurt Stöpel, Learco Guerra, Alfredo Binda, Georges Ronsse, Allegro Grandi, Minter, Polak en Émile Joly. Op 20 meter Leduc, op 50 meter Pélissier op 200 meter Antenen, Buse, Muller en een ander wiens nummer we niet zien, op 300 meter Bisseron en Franssen, op 500 meter Suter. In de berg van Les Forges begint de strijd. Op de top is de aankomst als volgt: Binda en Ronsse, op 300 meter Mantero op 50 meter Stöpel, op 100 meter Grandi, op 125 meter Guerra, op 50 meter Canardo op 100 meter Leduc, op 200 meter Pelissier, Bulla en Hamerlinck, op 3 min. Antena. Nog iets later volgen Franssen en daarna Polak. Joly en Nicolas Frantz hebben opgegeven. Bij aankomst zijn Alfredo Binda en Georges Ronsse bij elkaar op 1200 meter volgen Learco Guerra en Kurt Stöpel. De eersten wagen zich niet aan de sprint met gevolg dat de beide anderen ze inlopen, zodoende wordt Ronsse geklopt. 

Op 25 kilometer van de finish, bij Theux, beklimmen de beroepsrenners de zware côte. De drie Italianen leiden de kopgroep, links Learco Guerra in het midden Alfredo Binda en rechts Allegro Grandi. (v.l.n.r: Guerra, Joly, Montero, Binda, Canardo, Ronsse en Grandi. Tussen de laatste twee is op de achtergrond Charles Pélissier te zien)

De amateurs vertrekken een uur later dan de profs. Reeds aanstonds wordt er flink aan getrokken. Tot Theux blijft alles te samen, dan beginnen de afvallers te komen. Te Francorchamps zitten nog 12 man bij elkaar, doch in het dalen komen verschillende gelosten weer bij. Zo gaat het op La Roche aan. In de berg Baraque de Fraiture wordt het een lange sliert. Onze Nederlandse vertegenwoordigers zitten er nog steeds bij, behalve Cober, die een pedaal breuk heeft opgelopen. In de bevoorradingscontrole te Marche komen de renners in groep binnen met Van den Bos en Vluggen bij de leiders, Cober volgt op 2 min. Ze hebben 20 minuten korter gereden dan de profs. Te Hotton loopt Cober weer in. Daar vallen er weer slachtoffers, zowel door lekke banden als door moeheid, doch successievelijk komen deze weer bij. Vluggen krijgt ook een slapte maar is er spoedig overheen en komt dan weer bij. Iets verder krijgt hij kramp en zit langs den weg. Hij rijdt later nog een verkeerde weg en zal hun niet meer terugzien. Als we bij Aiwaille komen zijn er verschillende renners die afstappen om zich te verfrissen. Willy Cober raakt iets in moeilijkheid doch komt tenslotte weer bij de leiders. Bij de beklimming van La Reid wordt de slag gestreden. We achtervolgen Carone, Hein, Mouillifarne, Rigeaux, Van den Bos, Nemus, Gastro, dan een peloton van 6 renners, waarbij Cober, terwijl Martano en Reisch de leiding hebben met een tamelijke voorsprong. In Theux krijgt Bertolazzi bandbreuk. Cober heeft nogmaals pech met zijn pedaal, die hij thans verliest. In de berg van Theux zit Martano voorop, gevolgd door Risch. Een peloton van 4 man maakt geweldig jacht op hen. Gestri komt geweldig opzetten en te Beaufays heeft hij Risch reeds ingelopen en zit op 1500 meter van Martano, doch de aankomst is kort bij. Hij komt dan nog bij hem doch wordt in de sprint geklopt.

DE VOORBESCHOUWING

we lezen het Limburgsch dagblad van 28 augustus 1930

De wereldkampioenschappen op de weg zullen 30 augustus (1930) a.s. zal plaats vinden met vertrek en aankomst te Luik alwaar de Nederlandse kleuren zullen worden verdedigd door Joep Franssen, Jan v. d. Heijden Amsterdam, en Bram Polak Steenbergen, terwijl als amateurs zijn aangewezen Willy Cober Hoensbroek, Piet Vluggen Ulestraten en W. v.d. Heijden Limmel Maastricht. Daar laatstgenoemde Zondag voor 8 dagen te Eijsden een flinke val deed, waarbij hij een lichte hersenschudding kreeg zal hij vervangen worden door de amateur C. v.d. Bos uit Enschede, die een paar weken geleden amateurkampioen van Nederland 1930 is geworden.

We hebben het traject hier voor ons liggen en bemerken dat dit uiterst zwaar is niet alleen door den afstand welke 203 km bedraagt doch door de talloze bergen die er in voorkomen. We zullen de kansen onzer deelnemers eens nader bespreken. Beginnen we met de profs waar onze onafhankelijken legen moeten uitkomen. Jan van der Heijden Amsterdam, wegkampioen van Nederland 1930 kunnen we weinig kans geven tegen mannen als Grandi, Binda, Ronsse, Joly, e.a. en zal naar onze mening wel opgeven voor dat Marche bereikt is. Bram Polak uit Steenbergen zal het wel iets verder brengen doch ook hem zullen we niet in de voorste gelederen treffen zodat ons alleen onze Limburger Joep Franssen die als een goed bergbeklimmer bekend staat en de laatste tijd ook op het vlakke terrein beter vooruit kan dan vroeger. Indien hij nu niet te veel angst heeft in het dalen der bergen zal hij niet ver achter blijven en zeer zeker een van de 10 eerste plaatsen bezetten, indien het pechduiveltje hem zal willen verschonen. Vooruit dus Joep, houdt niet alleen de Nederlandse doch ook de Limburgse kleuren hoog en toon dat we nog waardige navolgers van Mathieu Cordang bezitten. Bij de amateurs zijn we iets beter vertegenwoordigd met onze nationale kampioen v.d. Bos, die in Duitsland veel routine heeft opgedaan hopen we succes evenals met Piet Vluggen die den laatsten tijd in zeer goede vorm is, doch vooral is onze hoop gevestigd op Wim Cober die in België een gevreesde tegenstander is. Alleen de Italianen met wie hij nog niet in aanraking kwam zullen z’n zwaarste concurrenten zijn. Doch het geen we in den laatste tijd van hem gezien hebben doet ons het beste hopen. Vorige week is hij nog op training geweest en we hebben een onderhoud gehad met enkele Belgen die hem per motor op ’t wereldtraject gevolgd hebben en deze waren uiterst enthousiast en voorspelden hem een goede kans, want in de bergen gaat hij alle op zonder afstappen en daar zijn er bij die 16-17 procent stijgen. Ook in het dalen is hij goed en heeft snelheden van 65-70 km bereikt. We voorspellen hem een van de ereplaatsen en indien hij van pech verschoond blijft wie weet of hij niet de wereldtitel bemachtigd. Vooruit dus Wim, op jou hebben allen hun hoop gericht. Toon hun dat je het waard bent. Deze week wordt er onder leiding van de ploegleider de heer J. Darmstadt nog eens flink getraind.

De Nederlandse wegrenners, die zaterdag 30 augustus 1930 deelnemen aan de wereldkampioenschappen in Luik deelnemen kwamen te Roermond bijeen. De Amsterdammer Jan van der Heijden echter ontbrak, daar hij in Brussel was. V.l.n.r: Ploegleider Dhr. J. Darmstadt (Roermond) Wim Cober (Hoensbroek), Bram Polak (Stadsche dijk), L.J. van den Bos (Enschede), Piet Vluggen (Ulestraten) en Joep Franssen (Ubachsberg) en NWU-consul Theo Houben (Blerick)

Hoe onze jongens het er af brachten; een ooggetuigenverslag door J. Damstadt:

De week voorafgaand aan het WK te Luik, op maandagmorgen 25 Augustus kwamen de Nederlandse vertegenwoordigers die aan het Wereldkampioenschap zouden deelnemen te Roermond samen. Nadat alle voorbereidingen voor de trainingsdagen waren getroffen, werd in de namiddag een trainingstocht over 200 km door Limburg gemaakt.
Dinsdagmorgen om 6 uur werd uit Roermond vertrokken naar Luik. Te Maastricht sloot zich de wielrenner Jeu Vroomen uit Heerlen bij de renners aan, die als verzorger der renners zou optreden. Om 9 uur werd Luik bereikt, waar in het hotel du Luxembourg de tenten werden opgeslagen. Na aankomst werden de renners eerst door de verzorger Vroomen even onder handen genomen Inmiddels was het twaalf uur geworden en maakten de renners zich gereed voor de eerste kennismaking met het parcours.
De eerste dag, dinsdagmiddag, werden 150 km terrein verkend van Luik ging het over Chènée naar Spa, waar de eerste grote en uiterst zware helling te nemen viel. De Cauberg bij Valkenburg, de berg bij Huls, de omgeving van Vaals, die kennen de renners, doch al deze hellingen te samen zijn niet zo zwaar als de minste van de hellingen die hier overwonnen moesten worden „Het parcours is te zwaar” was de algemene opmerking en wij zouden woensdag bemerken, dat wij het zwaarste nog lang niet hadden gezien.

Het parcours van het WK 1930 op de weg in de provincie Luik

In elk geval waren allen er thans reeds van overtuigd, dat de wereldkampioen dezen titel niet cadeau zou krijgen. Doch met dit alles bleven de jongens vol goede moed, en soigneur Vroomen zorgde er wel voor dat de goed stemming niet bedorven werd. De Duitsers Tierbach en Stöpel, profs, en hun amateur collega’s Risch en Hofman waren inmiddels ook in het hotel, waar de Nederlandse renners verbleven gearriveerd: daar kwamen nog bij de Oostenrijker Bulla, de Zwitsers Suter en Antenen. de Hongaren Tstenes en Vida; toen het tafel-tijd was geworden zaten Nederland, Duitsland, Oostenrijk, Hongarije en Zwitserland aan één tafel: het ging er broederlijk en hartelijk toe. Na het eten werd een uurtje gewandeld, en met de concurrenten werden de kansen besproken. We zorgden er voor, dat om negen uur „Holland in rust” was.

V.l.n.r: Cober, v.d. Bos, Polak, Vluggen en Franssen

Woensdagmorgen werd gerust en werd deze voormiddag aan masseren van de renners besteed. Inmiddels arriveerden de grote mannen van de weg de Fransen André Leducq en Charles Pélissier. De Belgische wereldkampioen George Ronsse, de Luxemburger Nicolas Frantz, die in een hotel naast het onze hun intrek namen. We gingen even kennis maken en Joep Fransen bleek hier een echte tolk te zijn, met armen en benen maakte hij hun duidelijk wat hij met spreken te kort kwam, maar het slot was dat men elkaar altijd verstond en begreep. We waren spoedig het met elkaar eens en allen, ook de grote routiers, vonden het een zwaar en lastig parcours De Italianen werden algemeen als de winnaars beschouwd al zouden Leducq, Pelissier, Ronsse en Jolly ook een hartelijk woordje meespreken. Behalve de Italianen, die even buiten Luik gehuisvest waren bevonden zich woensdag alle deelnemers in Luik en dicht bij elkaar. Het was rond de hotels een hele drukte en vooral de kopstukken hadden over belangstelling niet te klagen. Woensdagmiddag maakten onze jongens, slechts een korte training over 75 km in tegenovergestelde richting van de eerste dag zodat zij het gehele parcours kenden. De dag erna werd gerust.
Vrijdagavond was het en hele drukte in het Hollandsche kamp en van alle kanten kwamen zich Hollandse vakantiegangers die te Luik vertoefden, bij ons aanbieden om aan de jongens hulp te verlenen, indien nodig. Het was een drukte van belang. Om 8 uur kwamen de Nederlandse persvertegenwoordigers, nog een uurtje in ons midden doorbrengen en toen het negen uur was zorgden wij er voor dat Holland rustte. De renners waren vol goede moed en allen overtuigd dat ze een goed figuur zouden maken.

DE WEDSTRIJD

Zaterdagmorgen om zes uur waren we present en zorgden voor een extra goed ontbijt. Om 6.30 uur begon de verzorger Jeu Vroomen met alle nog een goede massage-beurt te geven en om negen uur waren allen op de plaats van samenkomst voor de start aanwezig. De drukte die hier heerste was enorm. Duizenden en duizenden mensen waren hier aanwezig en we bemerkten zeer veel Limburgers onder de toeschouwers. een legioen van fotografen was mede aanwezig, waar ook onze jongens er ook “er op” werden gezet. Tegen tien uur werd naar de officiële startplaats vertrokken achter de officiële auto’s. Vooral de grote kopstukken werden langs de weg door de duizenden enthousiast toegejuicht: ook onze jongens hadden niet te klagen. Vele malen hoorden wij “Joep haut tich jöt!”, en Pie (tegen Vluggen) “hauw diech goot Jong!”. Joep Franssen is ook in deze streek geen vreemde. Bij de startplaats werden aan de renners nog de laatste raadgevingen gegeven en vol moed werd toen aan ’t lange en lastige parcours begonnen.

Klik en lees het dagblad “Voorwaarts”

De start had plaats ten Oosten van Luik bij Chênée. Van hier ging het naar Pepinster (16 km) waar de karavaan tot stoppen wordt gedwongen bij een spoorwegovergang, van daar verder naar Spa (29 km) en toen door de Ardennen en Luxemburg langs Francorchamps naar La Roche, van hier naar Marche (115 km), waar de voedings-contróle was ingericht: van hier uit vervolgde de route naar Remouchamps (160 km ) over Theux en Louvengne (182 km) naar Luik (203 km) Wij volgden met een goede voorraad levensmiddelen voor de deelnemers die te Marche verzorgd moesten worden.

Reeds direct na de start begint de weg te stijgen tot voor Spa en dan krijgen wij de eerste klimpartij te zien, hier hebben wij over een afstand van plm. 6 km een stijging van 300 meter Deze geweldige berg werd het eerst genomen, door de Spanjaard Mariano Cañardo die hier plm 100 meter vóór was. Dan het hoofdpeloton met een Nederlander Bram Polak op  kop. De Fransman Bisseren volgt op 100 Meter en dan de Zwitsers Heiri Suter en Georges Antenen op 600 meter Bram Polak en Joep Franssen! Het gaat nu berg af en na plm. 30 km krijgen wij den hoogste berg te nemen bij Baraque Fraiture. Wij hebben dan plm 80 km afgelegd. Even moeten wij opmerken, dat de Nederlander Jan v. d. Heijden na 30 km heeft moeten opgeven. (Wij vernamen, dat hij een lichte zonnesteek had bekomen). Later te Luik troffen wij hem in bed maakte hij het goed. Onze jongens, Joep Franssen en Bram Polak hadden tot op dat moment geen duim breed toegegeven en het was zelfs het rood wit blauwe tricot, dat zéér veel aan de kop ging! Juist op het moment dat wij de hoofdgroep verlieten om langs een tussenweg naar de voedings en contróle post te Marche te gaan, waar wij tijdig aanwezig moesten zijn werd het peloton door Franssen geleid. Grote mannen als Nic Frantz, Heiri Suter, Oscar Tierbach, e.a. zaten toen achter het peloton. Wij arriveerden inmiddels te Marche waar voor ieder land een lange tafel in gereedheid was gebracht. Wij hadden geen moeite onze plaats te vinden, spoedig hadden wij onze tafel in beslag genomen waarboven de Nederlandse driekleur wapperde, en de naam Nederland met 80 cm grote letters prijkte. Rechts van ons Frankrijk en links de Italiaanse verzorging. Wij hadden alles voor de komst van onze jongens in gereedheid gebracht. Wij wachtten nu vol spanning. Zouden de onzen er nog niet bij zijn ? Het duurde lang ! De massa mensen, die hier bij elkaar gekomen was, was enorm. Dan komen de officiële volgauto’s een luid gejuich gaat op. Ze komen ! Ze zijn met 11 man voorop. Zouden Joep Fransen en Bram Polak er nog bij zijn ? En Ja! op 50 meter voor de groep stuift de Belg Émile Joly binnen, dan een groep van 10 man, allen grote bekenden, en bij die grote bekenden één rood-wit-blauwe trui. Joep ! Joep ! klonk het van vele kanten. Alle handen hielpen. De spanning steeg ten top. Wat vonden wij op dit moment dezen eenvoudige jongen uit Ubachsberg een grote kerel!

Haastig werd hij verfrist en met een enorme snelheid, vloog hij uit de controle weg, gelijk met de grootste routiers, die de wegrensport kent. Bravo Joep ! Wij waren voldaan: wij kennen Joep, doch hadden niet gedacht, dat hij zo iets tussen deze koningen van de weg zou presteren. En Bram Polak, deze die tot 10 minuten voor Marche bij de leiders had gezeten, kreeg bandenpech en kwam enkele minuten later in de controle aan. Met alle handen werd Polak verzorgd en als een pijl schoot hij de leiders achterna, die hij na 9 km weer te pakken had. Hoe zou de aankomst zijn ?

Wij moesten in de controle blijven, om onze amateurs op te wachten, die een uur later waren vertrokken. Het eerst van de amateurs arriveerden bij de controle twee Italianen Giuseppe Martano en Eugenio Gestri, te samen met de Duitser Rudolf Risch. Enkele minuten later een groep van 15 man, waarbij één rood-wit-blauwe trui. Het was Piet Vluggen uit Ulestraten. Bravo Piet ! Je hebt je best gedaan. Vlug werd Vluggen verzorgd en vooruit! Waar is Cober en v d. Bos? Cober had een gebroken pedaal gekregen. Jammer, hij ging zo goed. Na twee minuten weer een groep, hier was v. d. Bos bij. Vlug van den Bos verzorgd en vooruit. Daar komt Cober alléén aanzetten, hij vertelt ons van zijn pech, maar vooruit, Cober zette alléén de achtervolging in en na 14 km had deze kranige knaap het peloton weer te pakken. Maar het geluk was niet op zijn hand, weer kreeg hij pech door die pedaal die weer vast liep. Wij behoefden nu niet meer in de controle te blijven. Onze jongens waren allen gepasseerd, en dat vóór vele anderen…

We gingen nu door, middels een tussenweg op Luik aan, de beroepsrenners achterna. We zagen in de hoofdgroep nog steeds Joep Fransen en Bram Polak vooraan! Toen weer langs een tussenweg op Luik aan, vol goede moed. De mensenmassa’s langs de route… het was geweldig; het leek wel, of geheel België was samen gekomen om de renners te zien. Politie te voet, per motor en te paard, zorgden overal voor een keurige regeling, (doch ook het publiek werkte hier mee). In Luik was het verkeer stil gelegd langs de straten waar de renners moesten passeren. De officials-wagens moesten te Luik ook langs andere straten naar het eindpunt. Bij de finish aangekomen speelde er muziek: een grote mensenmassa was ook hier aanwezig. Grote luidsprekers kondigden van tijd tot tijd de stand van de wedstrijd aan. Wij hadden intussen plaats gekregen op de tribune, die hier speciaal gebouwd was, onze plaatsen aangewezen onder de rood wit blauwe vlag. Alle vlaggen van de deelnemende landen wapperden op de tribune.

Attention ! attention ! kondigde de luidspreker aan: Alfredo Binda, Learco Guerra, met de Belg Georges Ronsse (wereldkampioen van 1929) hadden zich 10 km voor Luik van de anderen los weten te werken. De strijd zal gaan om de ereplaats tussen deze drie grote routiers, twee Italianen en één Belg. De luidspreker kondigde aan, dat de drie genoemde renners Luik hebben bereikt. Een geweldig lawaai stijgt op. Daar komen ze! Op de prachtige brede Asfaltstraat met het publiek achter houten hekken wordt de eindstrijd uitgevochten. De renners komen in zicht. Binda, de grote Italiaan voorop. Guerra naast hem en de Belg Ronsse er direct achter. Onder oorverdovend hoera zetten de die op 500 meter de eindspurt in: ze staan in de pedalen! Het gaat ongelooflijk hard. Binda gaat het eerste over de streep. Guerra aan zijn wiel en Ronsse op éen lengte.

Alfredo Binda en met hem Italië heeft gewonnen. De grote Italiaan is voor de derde maal „Champion du Monde”. De voorzitter der U.C.I. steekt Binda in de regenboogtrui en zet hem in de bloemen. De beide Italianen en ook de Belg Ronse rijden met bloemen langs de tribunes en worden hartelijk toegejuicht. Als 4e arriveerde Stöpel Duitsland; 5e Grandi Italië, 6e Montero Spanje, 7e Canardo Spanje. 8e Hamerlinck België, 9e Pélissier Frankrijk, 10e Bulla Oostenrijk, 11e Leducq Frankrijk, 12e Muller Duitsland, 13e Buse Duitsland, 14e Joep Fransen Nederland, 15e Suter Zwitserland, 16e Bram Polak Nederland. Alle anderen arriveerden later. De winnaar Binda reed de 203 km in dit zware terrein in 6 uur 20 minuten en 45 seconden; Joep Fransen reed dit traject in 6 uur 33 minuten 45 seconden, dus 13 minuten langer. Polak reed 7 uur 3 minuten 25 sec. Wij zien dus, dat Joep Fransen op de wereldkampioen maar 13 minuten achter was. Franssen maakte de kortste tijd van de Nederlandse deelnemers. Met deze prestatie kunnen wij ruim tevreden zijn; onze jongens hebben getoond, tussen de grote wegroutiers een eervolle plaats te kunnen bezetten; daar kunnen wij trots op zijn.

Onze amateurs hebben ook zeer eervol gereden, en had Cober geen pech gehad (tot twee maal) dan hadden wij hem zeer zeker onder de eerste zien aankomen. Piet Vluggen was de eerste Nederlandse amateur, die binnen kwam, doch kon niet worden geklasseerd, omdat hij een klein eind verkeerde weg had gereden (buiten zijn schuld), van den Bos, die ook het parcours uitreed, wat voor iemand die geen bergen gewend blijkt, een mooie prestatie is, werd 17e. Willy Cober werd 15e. Cober kwam binnen met een Zwitser, op 400 meter zetten zij de eindspurt in en deze wist Cober met 30 meter te winnen. Wereldkampioen bij de amateurs: Giuseppe Martano Italië, 2e Eugenio Gestri Italië, 3e Rudolf Risch D, 4e René Les Grevès Frankrijk, 5e Albert Buchi Zwitserland.

De uitslag der beroepsrenners luidt:

  1. Alfredo Binda, Italië 7 uur, 30 min, 45 sec
  2. Learco Guerra, Italië op 1/2 wiel.
  3. Georges Ronsse, België, op 1 wiel.
  4. Kurt Stöpel, Duitschland.
  5. Allegro Grandi, Italië,
  6. Ricardo Montero, Spanje,
  7. Mariano Cañardo, Spanje
  8. Alfred Hamerlinck, België.
  9. Charles Pélissier, Frankrijk.
  10. Max Bulla, Oostenrijk.
  11. André Leducq, Frankrijk.
  12. Muller, Luxemburg.
  13. Buse, Duitsland.
  14. Antenen, Zwitserland.
  15. Joep Franssen, Nederland.
  16. Heiri Suter, Zwitserland.
  17. Bram Polak, Nederland.

De uitslag der amateurs luidt:

1 Giuseppe Martano, Italië 7 uur, 7 min., 5 sec.
2 Eugenio Gestri Italië z.t.
3 Rudolf Risch, Duitsland z.t.
4 René Le Grevès, Frankrijk 7. 12, 35.
5 Alfred Buchi, Zwitserland z.t.
6 Karl Thallinger, Oostenrijk 7, 12, 36.
7 Jean Helsen, België z.t.
8 August Erne, Zwitserland z.t.
9 Pietro Bertolazzi Italië 7, 14, 40.
10 Kurt Szenes, Hongarije z.t.
11 Neckar, Duitsland 7, 15, 35.
12 Houdé, België 7, 15, 50.
13 Hein, Luxemburg 7, 16, 5.
14 Caironi, Zwitserland 7, 16, 35.
15 Willem Cober, Nederland 7, 21, 10.
16 Nemes, Hongarije, 7, 21 11.
17 Van den Bos, Nederland 7, 27, 6.

Na aankomst, gekleed in de kampioenstrui werd Binda, die ook in de Tour de France van zich deed spreken, op hartelijke wijze door zijn landgenoot Grandi gelukgewenst

NABESCHOUWING.

Wij kunnen ruim tevreden zijn met de prestaties van onze jongens. Zij hebben allen (op v. d. Heyden na) de wedstrijd uitgereden en zeer eervolle plaatsen bezet. Bij de profs reden Franssen en Polak een goede wedstrijd, ze waren steeds bij de hoofdgroep, uitgezonderd toen Polak een lekke band kreeg. Franssen kwam 13 minuten na Binda binnen en Polak na 20 minuten. En wat de winnaars betreft, geruime tijd heeft België zowel wat kwantiteit als kwaliteit betreft, overheerst. Dat kan nu thans niet meer gezegd worden. Frankrijk kan momenteel bogen op minstens evenveel en even goede routiers. Maar Italië spant thans wel de kroon. Heeft dit land met zijn Binda, Girardengo, Grandi, Piemontesi, Guerra e.a.  niet de grootste wegrenners? Kort geleden, 10 Augustus, had in Italië een voorbereidingsrit plaats over 130 km. Deze won Guerra met een uurgemiddelde van 39 km! En dat op de weg!

Bij de amateurs hebben Cober en v. d. Bos zich ook goed geweerd, en was Cober van pech verschoond gebleven, wie weet had hij niet een van de ereplaatsen bezet. Bij zijn aankomst werd hij door een groep Belgische supporters gehuldigd en werd een mooie bos bloemen hem aangeboden. Het geheel had een prachtig verloop.

WK 1930 amateurs uitslag

WK 1930 beroepsrenners uitslag

De wereldkampioenschappen 1930 op de weg behoren weer tot het verleden. Nederland kan over zijn vertegenwoordigers tevreden zijn! Wij kunnen niet nalaten een woord van welgemeende dank te brengen aan de wielrenner Jeu Vroomen uit Heerlen, die de jongens gedurende al die dagen gemasseerd heeft en ’n trouwe hulp was bij de voorbereidingen; wat Vroomen deed, deed hij geheel belangeloos.