1938-08-31 Rotterdam, Ronde van Feijenoord

Koninginnedag 1938: Ronde van Feijenoord

Mooie overwinning  Jan Gommers

Mouke wint bij de amateurs

Onder enorme belangstelling van het publiek, er waren in den ochtend reeds voor de amateurs naar officiële schatting ruim 100.000 toeschouwers, werd gisteren de vierde ronde van Feijenoord verreden.

Het traject, dat evenals vorige jaren liep over Maashaven, Putschelaan, Hilledijk, Paul Krugerstraat, Bloemfonteinstraat en Maashaven, was 2,5 kilometer lang en moest door de amateurs 36 maal gereden worden.

De regeling van het verkeer stond onder leiding van commissaris Kok en den hoofdinspecteur Weekenstroo, geassisteerd door de inspecteurs Van der Most en Enklaar, en was tot in de perfectie verzorgd.

Foto John Gommers

Meer dan 100.000 toeschouwers zien de ereronde van Jan Gommers, winnaar van de Ronde van Feijenoord 1938

De ochtendrace 

Op het startsein vertrokken er plusminus 120 amateurs. Op dit buitengewoon goede traject — het bestaat bijna geheel uit de bekende Hamburger bestrating, waarin slechts een 600 meter „kinderhoofdjes” zitten — werd van start of een fel tempo ingezet.

De eerste 50 K.M. werden afgelegd in 1 uur 13 min. 55 sec. Toen begon er enige tekening in de strijd te komen. De felle jacht om de leiding bleef voortduren. De Belg Mouke nam het initiatief over en nestelde zich enige ronden lang aan den kop met Sprengelink en den Amsterdammer Wijdenes, die in een geweldig tempo er vandoor gingen.

Het bleef zo tot de laatste ronde, toen zij in een felle eindsprint voor de laatste maal over de streep stoven. Mouke won het duel en werd winnaar in den tijd van 2 uur 14 min. 57 sec.

De uitslag luidt:

1. Mouke, België
2. Luppers, Amsterdam
3. Sprengelink, Hengelo
4. Hordijk, Rotterdam
5. Nuyen, Rotterdam
6. Joosen, Made
7. Saes, Weert
8. Pippermans, Hoensbroek
9. van Vliet, Gouda
10. Lodewijks, Rotterdam

Twentsch dagblad Tubantia en Enschedesche courant 1 september 1938

De middagrace

Was het aantal toeschouwers bij de ochtendrace ver over de 100.000 te schatten, in de middaguren, toen de profs aan den start verschenen was het aantal toeschouwers nog veel groter.

Precies om 1.45 uur vertrokken de 68 profs en onafhankelijken voor de 150 kilometer race. Zestig maal moesten zij de finish passeren. Het valt dan ook niet te verwonderen, dat van de 68 deelnemers 39 het eind niet bereikt hebben. Deels door pech, en een nog groter aantal moest de vlag strijken voor het geweldige tempo, dat de leiders reden.

Reeds in de tweede ronde had Weemaes uit Bergen op Zoom de leiding genomen met een 40 M. voorsprong op het jagende peloton, waarin als van ouds Middelkamp achteraan bungelde. Het interesseerde hem voorlopig nog niets wat de renners in de kopgroep deden.

De Maasbode 1 september 1938

In de kopgroep was het een gedrang om de leiding te nemen. Dan weer was het Jan Gommers en ronden lang André de Korver uit Willemsdorp, die het tempo aangaf. Dit had tot gevolg, dat het peloton in stukken getrokken werd, want de Korver werd weer van de kop verdrongen door Overweel uit Rotterdam, die een ronde later moest bukken voor de macht van Kees Valentijn, die toen doorkwam met Jan Leeuwenburg aan het wiel en de Hagenaar Motke.

Maar toen was het weer gedaan, want de Korver hield weder vier ronden lang de leiding, terwijl John Braspenninx de rij sloot. De eerste 25 km. werden afgelegd in 38 min. 10 sec.

Jan Gommers deed rondenlang veel kopwerk, maar blijkbaar vond hij het nog wat te vroeg om er tussenuit te gaan, de Korver en Janus Hellemons hielden hem bovendien trouw gezelschap, zodat er van wegkomen geen sprake was.

Foto's archief John Gommers ( hartelijk dank John !)

Dan weer was het Jan Gommers en ronden lang André de Korver uit Willemsdorp, die het tempo aangaf. Dit had tot gevolg, dat het peloton in stukken getrokken werd..

In de 15e ronde zat de Korver weer aan de kop met Leeuwenburg en Willemse bij zich, terwijl Janus Hellemons met Theo Middelkamp het rennersveld sloten.

Weer was het Louis Motke, die in de 25e ronde als eerste doorkwam, gevolgd door Bervers uit Delft en Piet van Gerven, die een geweldige koers reden in een razend hoog tempo. Nu nam Arie Overweel het initiatief over en demarreerde hard aan den kop, scheurend en trekkend.

Lauwers kreeg een lekke band en kon nog juist bij de verzorgingspost van rijwiel verwisselen, maar dit oponthoud had zoveel tijd gevergd, dat zijn achterstand hopeloos was, in de 30e ronde gaf hij dan ook de ongelijke strijd op.

De Maasbode 1 september 1938

Andere renners kwamen bij het hoofdpeloton en het was de Rotterdammer van Gent, die in de 27e ronde de leiding nam, rondenlang wist hij deze te behouden, maar Middelkamp joeg er zo hard op los, dat hij van Gent toch te pakken kreeg en in het hoofdpeloton opnam, er zo voor zorgend, dat hij geen kwaad meer kon doen. In die groep zaten Gerrit van der Ruit, Aad Van Amsterdam en John Braspennincx.

Het gevecht werd echter onverminderd voortgezet want op een gegeven moment gingen Kees Valentijn en Frans van der Zande er vandoor. Verscheidene ronden wisten zij zich aan de kop te handhaven, ondanks het feit, dat zij danig op de huid gezeten werden door een groep van acht renners. Jammer genoeg konden de leiders tegen zo’n overmacht niet op en de groep Van der Ruit c.s. haalde ook deze vluchtelingen terug.

Niemand wenste voorlopig Gommers te achterhalen. Het gevolg was dat deze steeds verder uitliep. Nu werd het jagende peloton wakker….

Toen zag Jan Gommers zijn kans schoon, met een sprong was hij weg, nam 100 meter, daarop volgden Van Amsterdam en van der Ruit, Braspennincx en de anderen. Gommers had de smaak te pakken, zette hard door en nu kwam hij, steeds zijn voorsprong vergrotend, ronde na ronde alleen door.

Dat bracht in de groep, die aanvankelijk de leiding had, nogal enige consternatie, maar van een jacht was nog geen sprake, niemand wenste voorlopig Gommers te achterhalen. Het gevolg was dat deze steeds verder uitliep en nu werd het jagende peloton wakker.

Jan Gommers had een voorsprong van enige minuten genomen en kwam onbedreigd als eerste over de streep, de andere renners zijn blijkbaar gedubbeld

Van Amsterdam sprong weg, maar van der Ruit lag op de loer en sprong mee en wel in zulk een geweldig tempo, dat Van Amsterdam en alle anderen, die aan het wiel zaten, moesten lossen.
En in die groep zaten Alfons Stuyts en Middelkamp, maar Gommers had nu reeds een voorsprong van enige minuten genomen en kwam onbedreigd als eerste over de streep.

De strijd in het tweede peloton werd een duel tussen van der Ruit en van der Zande, maar van der Ruit won het sprintje met enige lengten van v. d. Zande, die evenals de overige renners een schitterende wedstrijd gereden hebben.

Rechts winnaar Jan Gommers, links Gerrit van der Ruit

De uitslag:

1 Jan Gommers, Dongen, in 3 uur 50 min. 5 sec.
2 Gerrit van der Ruit, Capelle a. d. IJssel
3 Frans van der Zande, den Haag
4 Aad v. Amsterdam, Leiden
5 Kees Valentijn, St. Willebrord
6 Fiel Middelkamp, Kieldrecht
7 John Braspennincx, Princenhage
8 Alfons Stuyts, Hoogerheide
9 André de Korver, Willemsdorp
10 Arie Overweel, Rotterdam.

Provinciale Noordbrabantsche en ’s Hertogenbossche courant

Later meer over de avonturen van Jan Gommers naar aanleiding van zijn voorjaarstrainingen in Zuid Frankrijk en Afrika (wielerpionierswerk in het voorjaar van 1937 !!)

1937-06-12 Nederlandse Kampioenschappen op de weg te Valkenburg

John Braspennincx landskampioen 1937.

Hij klopte Jan Verveer met 3 lengten, maar Cees Bronger en Kees Valentijn waren te Valkenburg Nederlands beste renners

Jan Theuns Onafhankelijken kampioen

Henk de Hoog bij de amateurs

Als Limburg zich op iets bijzonders voorbereidt, gebeurt dat in den regel uitstekend. Grote sportfeesten en landdagen waren steeds een succes.
Voor “tam-tam” heeft men in het uiterste Zuiden nu eenmaal een zuivere feeling, en het was daarom, dat men ook voor de Nationale kampioenschappen in het Zuiden het beste beentje voorzette om er het beste van te maken.

In Valkenburg, waar men in het verleden al meermalen een wegwedstrijd organiseerde, heeft men van soortgelijke gebeurtenissen onderhand de nodige kaas gegeten, en daarom klopte ook nu weer alles als een bus!
Als een bus, voor zover het de bemoeiingen van “Valkenburg Omhoog” betrof. Met man en macht was men gemobiliseerd, om alle onderdelen te regelen, nodig om een en ander een goed verloop te doen hebben.
’s Morgens, voordat dit sportgebeuren een aanvang nemen zou, stond Zuid-Limburg in zomerse feesttooi na de onweersbui van de nacht van Vrijdag op Zaterdag.

Drie kampioenen onder een dak. Hierboven links Johnny Braspennincx, zoon van de beroemde vader. Johnny werd Zaterdagmiddag alg. kampioen van Nederland maar vader, die ondanks zijn 49 jaar nog meereed bij de veteranen, won in deze klasse ‘ het kampioenschap. In het midden op de foto de renner Theuns, aangenomen zoon van den ouden „Bras”, die bij de onafhankelijken kampioen werd.

’s Morgens. Zaterdags, was de lucht boven de heuvels van dit wonderschone land bewolkt en we dachten dat het optimisme, waarmee men in Valkenburg en omgeving dit wielerfeest, de Nationale kampioenschappen had voorbereid, de domper opgezet zou krijgen. Maar gelukkig brak na veel moeite de zon door en daar lag Limburg weer, zoals het zijn kan op de beste ogenblikken van het jaar: en dan is de uitdrukking: wuivende korenvelden geen versleten zegswijze. Want zo is het inderdaad. En als men van Maastricht naar Valkenburg gaat dan is er weer die altijd bloeiende wisseling in groen en bloemen, die Limburg in de feesttooi zet, nodig om dit gebeuren de nodige luister te geven. Zo werd het een juichende dag van kleur en zon, en men mocht verwachten, dat duizenden naar de Cauberg zouden komen, om getuige te zijn van wat zich hier voltrekken zou.

Tribunes met vlaggen en wimpels wachtten de honderden af, die intussen niet in dien getale opkwamen, als men wel gehoopt had. In de loop van den morgen werden de tenten langs de weg opgeslagen van hen die verwachtten, aan deze wedstrijd een extraatje beter te worden. Vrouwen poetsten de stoep, mannen maakten het voortuintje in orde, en ergens voor een open venster kraaide een ouderwetse grammofoon een schoon lied, ten bewijze, dat Limburg „après tout” ook nog bij Nederland hoort. Dat lied was natuurlijk de onderhand versleten romance van „De mooie molen”.

Valkenburg, het centrum van de gebeurtenis van de dag, is intussen al met de cracks vertrouwd geworden. Al enige dagen immers wordt op en om den Cauberg getraind, en in de verschillende hotels zijn de bekende renners, die van deze wedstrijd een serieuze onderneming willen maken, het middelpunt van de belangstelling.

Vijftienduizend toeschouwers hebben deze wedstrijd gezien, en zij hebben, vooral tegen het laatste uur de spanning beleefd, die een wedstrijd als deze eigen is.

John Braspennincx jr De nieuwe algemene Nederlands Kampioen op de weg in 1937

Jan Gommers en Toon van Schendel over het parcours
In hotel Palanka logeren sinds woensdag al Antoon van Schendel en Jan Gommers, enkele van de meest ernstige overwinningskandidaten voor deze wedstrijd. Kort voor den start spraken we deze renners nog even, en zij noemden het parcours vrij lastig. De Cauberg is wel te rijden voor renners van een van Schendel- of Gommers-reputatie, maar de rust die de renner krijgt na deze berg opgeklommen te zijn, is te gering om 18 ronden lang behoorlijk op kracht te blijven. Bovendien was er, volgens van Schendel, de Geulhemerberg, en hierin zag hij een gevaar, wanneer er een honderdvijftig tegelijk zouden starten. Gelukkig is dit niet gelopen, zoals verschillende renners en ook wij dit verwachtten. Er zijn geen ongelukken van betekenis voorgevallen op dat gedeelte. Maatregelen hiertegen waren voldoende genomen. Wagons stro had men eraan besteed, om de gevaarlijke bocht te maken tot een zo mild mogelijke strandplaats.

Enige kritiek, moge dit een les zijn voor later: De verkeersregeling was in overleg met den Provinciale Waterstaat en de Politieautoriteiten perfect in orde. Alleen over de regeling voor de Pers  die de N. W. U.- meer speciaal dhr. Swaab de Beer- had getroffen waren de Limburgse journalisten niet bijzonder te spreken. En terecht. Reeds voor de wedstrijd was dhr. Swaab als N. W. U.-autoriteit weinig coulant tegenover de Limb. Pers. De N. W. U. en de Wielersport in het algemeen hebben toch belang bij een zo groot mogelijke publicatie van nieuws, dat vóór den wedstrijd te geven is. Ongeveer 12 dagen voor den wedstrijd hebben we herhaaldelijk aan de N. W. U. opgave van de rennerslijst gevraagd. Het kantoor der N. W. U. weigerde ons die te geven. Later, eerst dinsdag, kregen we een zeer onvolledige rennerslijst via het Alg. Nederl. Persbureau in Amsterdam. Gelukkig hadden we de medewerking van „Valkenburg Vooruit”, dat ons de overige rennersnamen opgaf. Zodoende konden we onze lezers gelukkig nog volledig inlichten over het programma. Op de wedstrijddag was het gebrek aan medewerking van dhr. Swaab de Beer al even groot. Aan de on-attendheid van de N. W. U. was het te wijten, dat de wegen te laat voor het verkeer werden afgesloten. De verkeersborden wezen „vanaf 2 uur” aan. Om kwart over één probeerden de Limburgse journalisten van verschillende kranten met hun eigen wagens den Cauberg te bereiken vanaf Valkenburg. Volgens officiële aanwijzing was dit dus volkomen “en règle”. Men liet de pers niet door en dhr. Swaab dwong de journalisten een wandeling van 20 minuten te maken, die na de woordenwisseling welke eraan voorafging tengevolge had dat de Limburgse journalisten te laat op hun persplaatsen kwamen. En dit terwijl de auto’s klaar stonden, om de Pers naar de voor haar bestemde plaats te brengen. Op deze manier bewees dhr. Swaab de wielersport geen dienst, omdat immers de populariteit van de wedstrijden voor een belangrijk deel afhankelijk is: óók van de bekendheid door de Pers eraan gegeven. Dit moge een les zijn voor later. Men zal waarschijnlijk de Limburgse Pers nog wel eens nodig hebben voor grote wielerwedstrijden in deze provincie. Overigens was er geen wanklank.

Het volksdagblad  14 juni 1937

Bij de nationale weg-kampioenschappen van Nederland welke Zaterdag 13 juni te Valkenburg zijn verreden is wel duidelijk bewezen dat het Valkenburgse circuit voldoet aan de hoogste eisen welke aan een omloop voor het wereldkampioenschap kunnen worden gesteld. Sterke hellingen en dalingen, men denke aan de steile Cauberg en de niet minder steile Geulhemerberg. De eerste moest op en de tweede afgereden worden en wel achttien maal hebben ze het allerbeste van de renners gevraagd. Alleen voor de geboren wegrenners waren in deze wedstrijd de titels te verdienen. De landstitel kwam tenslotte terecht bij John Braspennincx die, nadat eenmaal Cees Bronger en Kees Valentijn ongelukkigerwijze uit de koers waren verdwenen de meeste aanspraak op de titel mocht maken. Bronger en Kees Valentijn, dat waren op het Valkenburgse circuit zonder overdrijving de besten van de wedstrijd. Die twee gingen de steile 1200 meter lange Cauberg op met zulk een gemak als reden ze op de vlakke weg. Dat Bronger in het begin van fiets moest veranderen en Valentijn te half-koers zijn ketting afliep was voor geen van beiden bezwaar om dadelijk al hun tegenstanders weer voorbij te snellen en zonder zichtbare inspanning weer aan de kop post te vatten. Wreed is echter dikwijls de teleurstelling voor de wegrenner. Toen van de 185 km, die te rijden waren reeds 175 km waren afgelegd trof tegenslag zowel Bronger als Valentijn opnieuw en werden beiden uitgeschakeld: Bronger door bandbreuk, de jonge Valentijn door kettingdefect.

Drie wielerkampioenen onder één dak

Braspennincx Sr.en Jr. winnaars.
Ook zijn aangenomen zoon kampioen.
Vijftienduizend toeschouwers bij de wedstrijden om het Nederlands kampioenschap.

Het was de wedstrijd voor de familie Braspennincx. „D’n Bras” Sr. won bij de Veteranen. Zijn zoon Johnny werd algemeen  kampioen en zijn aangenomen zoon, Theuns, die bij hem inwoont, werd eerste bij de Onafhankelijken. Een victoriedag dus voor „het huis Braspennincx”. Drie kampioenen onder één dak !

Over de wedstrijd in zijn geheel het volgende : Precies 2 uur starten 150 renners. Mooi opgesteld alsof er een levende damwedstrijd gespeeld wordt, staan de mannen op hun aangegeven nummer. Een wirwar van renners met alle kleurschakeringen worstelt voor de eerste maal de Cauberg op. Wij zullen de eerste 5 ronden maar buiten beschouwing laten, al zij vermeld, dat Gerrit Schulte de eerste was die met een lekke band langs den weg stond. De gemiddelde tijd was per ronde plusminus 18 minuten.

Kees Valentijn

Het eerste uur was een verkenningstocht, waarbij de „grote mannen” zich veel op den achtergrond hielden. Toch kon men al dra bespeuren wie goede en wie slechte klimmers waren. Marijn Valentijn ( kampioen 1935) viel al spoedig uit wegens defect. In de zesde ronde heeft zich een groep renners, w.o. Joep Savelberg en Jan Lambrichs uit het hoofdpeloton losgewerkt. Kees Valentijn voelt zich bij deze groep niet thuis en gaat alleen aan den haal en weet een voorsprong te behalen van ongeveer 200 meter . Ofschoon het nog vroeg is, menen Alfons Stuijts en Cor van der Star toch, dat er gevaar kan dreigen van deze kleine Brabander en zij gaan op pad om Valentijn te halen. Dit gelukt hen en twee ronden later is Stuyts alleen los gerukt, hetgeen deze sterke boy 30 km volhoudt. Ook dit is nog te vroeg, want de andere grote mannen blijven nog zeer gereserveerd, al zijn thans al talrijke kopstukken uit de strijd wegens bandenpech en ook vele renners wegens derailleur-pech. Hieronder bevonden zich ook Joep Savelberg en Willy Vroomen, die op dat moment nog in goede positie lagen.

Limburger koerier 14 juni 1937

De oude Braspennincx wint bij de veteranen Intussen is de wedstrijd voor Veteranen reeds geëindigd, waarbij een felle strijd werd ontwikkeld tussen Braspennincx Sr. en Willemsen (De vader van Jan Willemsen uit Nuth, heette hij ook Jan? Ik kende hem alleen als “Pa” Willemsen). De Brabander was in de Cauberg iets sterker en zodoende wist hij Willemsen aldaar te kloppen, ofschoon beiden ondanks hun hogen leeftijd (Braspennincx is 49 jaar) nog als jonge mannen de Cauberg opklauterden.

De nieuwe Nederlands kampioen op de weg 1937 bij de veteranen John Braspennincx sr. meldt zich bij de jurywagen

Tot op de helft van den koers is er weinig nieuws te vertellen, alleen dat reeds 60 procent  de strijd heeft gestaakt, waarvan de meesten wegens pech. De voorsprong, die Stuijts lange tijd had volgehouden en waarbij velen in hem reeds de winnaar gingen zoeken, werd mede door de Limburgse krachten te niet gedaan. Er heeft zich een kopgroep gevormd, bestaande uit de renners Hubert Sijen, Cees Bronger, Saarloos, Kees Valentijn, Theofiel Middelkamp en John Braspennincx Jr.

Wielercoryfee Gerrit Bontekoe verfrist een coureur voor hotel restaurant de Geulhemermolen onderaan de Geulhemmerberg. Wagons stro had men eraan besteed om de gevaarlijke bocht te maken tot een zo mild mogelijke strandplaats.

Deze groep heeft Alfons Stuijts achterhaald. Er begint thans tekening in de strijd te komen. Stuijts, die klaarblijkelijk te veel van zijn krachten heeft gevergd, laat thans hard na en verliest steeds terrein. De jonge generatie komt heftig opzetten, waartegen de ouderen niets vermogen. Veler hoop was gevestigd op Antoon van Schendel, welke in Frankrijk zo’n goeden naam had als klimmer, maar deze moest hier in de Cauberg in z’n Nederlandse concurrenten zijn meerderen erkennen. Van de 60 Amateurs die gestart waren, zijn er thans maar weinig meer overgebleven. Tot onze grote verbazing moest van Schendel de ons nog onbekenden amateur de Hoog uit Amsterdam in de Cauberg lossen. Henk de Hoog die nog nooit de Cauberg had gezien, klimt die op alsof het voor hem dagelijks werk is. De rest van de amateurs waren de Silva, Heeren, Banken, Janssen en Rob Souren. Deze kampioen van de Vredesbaan, rijdt hier een pracht wedstrijd, al was hij veel achter, hij bleef buitengewoon goed vol houden. Bij de profs zijn ook bij de grote mannen talrijke slachtoffers gevallen. Zo zagen wij, dat Piet van Nek, die in goede positie lag, uit de strijd moest wegens bandenpech en dat Aad van Amsterdam wegens valpartij eveneens onschadelijk werd gemaakt. Ook hij was nog fit en had op dat moment nog een kans om te winnen. Als nog drie ronden te rijden zijn, gaan wij eens uitkijken wie eventueel de winnaar zal kunnen worden. Onze eerste gedachten gaan naar Cees Bronger, die vanaf den beginne een prachtkoers heeft gereden en zelfs in de 14de ronde een voorsprong had van 50 seconden.

Limburgsch dagblad 14 juni 1937

Onafhankelijken: Hubert “Sjaak” Sijen, de wonderman.

Buitengewoon werk zagen wij dan van de Limburger Hubert Sijen, die met een onverzettelijke wil en doorzettingsvermogen, alsof het een Trueba gold, de vluchteling achter na ging en in één ronde tijds Bronger het zwijgen ging opleggen. Wij vroegen ons af, hoe deze jonge Maastrichtenaar met zo’n geweldig tempo wist vol te houden om dan nog voldoende kracht over te houden om ook de anderen nog in bedwang te houden. Zijn concurrenten profiteerden van zijn kracht, door het wieltje van hem vast te houden. Als hij Bronger te pakken heeft, maakt Valentijn van de gelegenheid gebruik om er tussen uit te gaan, maar weer was Sijen op z’n quivive om ook de kleinen Brabander tot de orde te roepen. Zodoende had Sijen pionierswerk verricht, door alle weglopers juist op het gevaarlijkste moment te gaan halen.

Hubert “Sjaak” Sijen, als eenling niet opgewassen tegen het geweld van de Magneet ploeg

Als de laatste ronde ingaat, zitten 6 renners op kop, n.l, Hubert Sijen,

Kees Valentijn, Theo Middelkamp, Jan Theuns, John Braspennincx en Jan Verveer. Vier mannen van de Magneet en twee anderen. Met grote spanning wordt de eindstrijd van deze laatste ronde tegemoet gezien. Het zijn allemaal renners die voor de overwinning in aanmerking komen.

Bij het ingaan van de laatste ronde, de kopgroep met Sijen, Valentijn, Middelkamp, Theuns, Branspennincx Jr. en Verveer

Tot aan den Geulhemerberg blijven de renners bij elkaar, doch dan schieten Braspennincx en Verveer weg en dan zien wij een gecombineerd spel beginnen. De Magneet is sterk vertegenwoordigd en tegen die macht is thans niet veel meer bestand. Het komt er niet op aan welke renner er wint, maar wel welke fabriek. Het grote gevaar dat dreigde, was ontegenzeggelijk Sijen en deze moest onschadelijk gemaakt worden. Het bleek spoedig dat Theo Middelkamp zich ging belasten om de Limburger het zwijgen op te leggen. Eerst werd Braspennincx en Verveer gelegenheid gegeven om te vluchten. Gedurende dit bedrijf werd Sijen de pas afgesneden om de vluchtende achter na te gaan. Toen de twee vluchters ver genoeg los waren, achtte Middelkamp zijn taak volbracht. In plaats dat hij zijn eigen kans verdedigde offerde hij deze op voor zijn fabriek of ? Middelkamp trok er tussen uit vlak voor de Cauberg en ging naar huis toe.

De eerste Nederlandse prof-wielerploeg Magneet – OK Cycles, dominant aanwezig op het NK te Valkenburg 1937. Bovenste rij van links naar rechts: Albert Gijsen, Gerrit Schulte, Janus Hellemons, Reynen, Aad van Amsterdam, Theo Middelkamp, Stuyts, Jan Gommers, Cees Bronger, Saarloos en chef d’equipe C. Blekemolen Niet op de foto: Ernst Muller, Jan Pijnenburg en Gerrit van de Ruit Onderste rij van links naar rechts: Van Nek, Braspenninx jr., J. Heeren, Lemmers, P. Gommans, M. Heeren, Van Gageldonk, Theuns, Koppelmans

Sijen en Theuns bleef niets anders meer over dan den eindstrijd te betwisten voor de kampioenstitel der onafhankelijken. Braspennincx en Verveer bleven tot aan de eindstreep bij elkaar en het was aan te zien, dat de een voor de ander niet tot den aanval wenste over te gaan. Het was een rechts en een links kijken, totdat plotseling Braspennincx het initiatief nam en met een geweldige sprong de leiding nam, waardoor Verveer werd verrast. Voordat Verveer goed besefte wat er gebeurde, had Braspennincx voldoende voorsprong genomen om met twee lengten te winnen.

De kampioenstrui aan! John Braspennincx Jr. werd algemeen Nederlands kampioen op de weg Zaterdagmiddag. Hierboven worden vele handen toegestoken om hem de kampioenstrui aan te trekken.

Het tweede bedrijf was Sijen contra Theuns. Sijen was zeker van zijn taak om Theuns in de sprint te kloppen en deed dus geen moeite om Theuns te lossen. Wij weten dat Sijen een geweldige sprint en zodoende dachten wij ook, dat deze stoere Limburger beslag zou leggen op een kampioenstitel. Edoch, een 400 meter voor de eindstreep, toen Sijen blijkbaar wilde gaan spurten, kon men uit de verte een gekraak horen hetwelk veroorzaakt werd door het omschakelen van de derailleur, welks kamwieltje blijkbaar het vertikte om de laatste meters z’n werk te doen. Ook Theuns hoorde dit gekraak en ofschoon hij zich reeds als een verloren man beschouwde, gaf dit hem moed om van de gelegenheid gebruik te maken. Hij ging aan den haal.

Hubert Sijen moest de ketting opleggen, waardoor het voor Jan Theuns gemakkelijk viel om zonder veel inspanning den kampioenstitel der onafhankelijken te bemachtigen. Op 30 seconden volgde Sijen, die zeer onder de indruk was. Niet zijn kracht, maar zijn fiets was oorzaak van deze teleurstelling.

Henk de Hoog uit Amsterdam de beste amateur

Als laatste bedrijf werd de strijd der amateurs uitgevochten. Deze categorie was ten gevolge van de heftige strijd der profs ver achter geraakt. Van de 60 amateurs waren er nog slechts een achttal overgebleven. Hierbij was de eenvoudige Amsterdammer de Hoog, wiens naam wij nog nooit te voren gehoord hadden, een der beste klimmers. Ofschoon wij veel hoop hadden op onze Limburgers, n.l. Banken, Janssen en de Silva, hebben zij de kracht van den Amsterdammer onderschat.

Henk de Hoog fietste van Amsterdam naar Limburg, om daar den kampioenstitel te halen voor de amateurs. Hij bracht het er kranig af. Hierboven de Hoog nadat hij achttien keer den Cauberg was opgeklommen op zijn fiets.

Je bent wegrenner, of je bent het niet, je bent klimmer of je bent het niet. Deze stelling is de laatste wedstrijd, nu de wedstrijden op de weg meer en meer in de belangstelling van de grote massa komen te staan meermalen ontwikkeld en aan de hand van den uitslag moet men zeggen dat daarvan veel van aan is. Als eerste bij de amateurs kwam over de finish gestoven een echte, ronde Amsterdamse jongen, n.l. Henk De Hoog, die in zijn hele leven nog niet zo’n berg van het formaat als de Cauberg had gezien maar hij die het toch klaar gespeeld heeft deze col achttien maal te nemen en evenveel malen de bochtige en gevaarlijke Geulhemerberg af te dalen. Een jongen uit het hartje van Holland, uit het vlakke land, won daar. Een geboren wegrenner? Ja, liet moet wel zo zijn. En in zijn sas dat ie met zijn overwinning was, temeer begrijpelijk als men weet, dat hij de laatste 30 km op eigen kracht was aangewezen en dat hij het gedurende de gehele wedstrijd zonder verzorger heeft moeten stellen. Is het niet bewonderenswaardig? — Dames en heren, zo sprak ie voor de microfoon, nadat Swaab de Beer ook hem met de gebruikelijke woorden had gehuldigd, ik ben erg gelukkig, dat ik gewonnen heb, ik ben pas zeventien jaren en in augustus wordt ik achttien. Meer weet ik niet..

Henk de Hoog Kampioen van Nederland op de weg bij de amateurs 1937. Met niet meer dan 85 cent op zak kwam de 17 jarige coureur uit Amsterdam op de fiets naar het Zuiden, om zijn kans te wagen bij het Nederlands weg-kampioenschap op de Cauberg.                                        Klik op de foto en lees meer over Henk’s behaalde kampioenschap…

De tegenstellingen van lief en leed, die men in het leven dagelijks ook pleegt te ontmoeten, treden ook in het bestaan van renners, van jonge mannen, die door middel van het stalen ros aan de kost komen, daarbij de eer van de triomf dikwijls nog het hoogst stellende. Vreugde bij de overwinnaars, teleurstelling en woede bij diegene, die misgegrepen hadden.

De uitslag van het NK 1937 op de weg

Verslag van de wedstrijd voor beroepsrenners, onafhankelijken en amateurs: Om 2 uur werd aan 150 deelnemers het startschot gegeven. Het weer was tamelijk warm en er stond een lichte wind waarvan de renners geen hinder hadden. De eerste ronde wordt een beetje terrein verkend. Gerrit v. d. Ruit en de Korver komen met 150 meter voorsprong door, in 3e positie Gijsen en dan volgt de groep. In de 2e ronde gaat C. Valentijn die bij de beklimming van de Cauberg het snelst is, op kop met de Korver, Stuyts en v. d. Ruit. De voorsprong van dit groepje is 300 meter op het peloton. Marinus Valentijn heeft pech met zijn versnellingsapparaat en moet opgeven. Verschillende opgaven vielen reeds aan te stippen als van Clignet, Reynen, Louis van Schijndel, Reuter, Hellemons, v. d. Broek e.a. Overige vermeldenswaardige gebeurtenissen doen zich de volgende ronden niet voor. Het peloton wordt in stukken uiteengerukt. Als we met de volgauto tegen het einde van de 7e ronde langs de renners rijden zijn Bronger en C. Valentijn weg met Overweel en v. d. Baan aan hun wiel. Stuyts heeft 45 sec. achterstand op deze leiders. C. Valentijn weg. Een renner in vorm weet dikwijls zelf niet waartoe hij in staat is. Dat zien we de volgende ronde als we met onze volgauto langs de renners suizen. We rijden eerst het grote peloton voorbij, waarin we zien van Amsterdam, v. d. Ruit, Gageldonk, van Tichelt, Vaessen, de Hoog, Lambrichs e.a. Piet Gommans, de landskampioen 1936 demarreert om op een groep voor hem te geraken, waarbij we o.a. zien Gijsen, Stuyts, v. d. Star, v. d. Baan, Verveer, en Saarloos. We passeren dan Bronger en Overweel en moeten dan ver rijden Kees Valentijn zit zeker met 2 min. voorsprong op de grote groep. Kees vertelde ons na afloop dat hij van mening was dat de overige renners gevallen waren want hij was nog niet eens van plan geweest om zó hard weg te komen! Kees Valentijn rijdt dan in prachtig tempo gedurende 20 km alleen op kop maar Bronger en Overweel lopen op hem in en als de ketting van Valentijn afloopt gaan zij hem even voorbij. Kees heeft echter rap hersteld en krijgt terug aansluiting. Bij de tiende beklimming van de Cauberg neemt Stuyts een voorsprong. Alleen v. d Star kan hem volgen, en met een achterstand van ongeveer 5 sec. komt hij als tweede op de top aan. Bronger, Overweel, Gijzen, J. v. d. Baan en Valentijn jr., volgen op een halve minuut. Daarachter komt een peloton van 17 renners, dat  1 min. 25 sec. achter ligt en waarin we o.a. opmerken, J. Braspennincx, H. Sijen, Motké, Peek, H. de Hoog (de eerste amateur), J. Verveer, Middelkamp, A. van Schendel, A. Vaessen, Hopstaken. Het grote peloton, dat hierna  kwam en zeker een achterstand had van ongeveer 2 minuten werd aangevoerd door G. v. d. Ruit. Aan te stippen valt dat de Roosendaalsche amateur Hopstaken die nog in fraaie positie zat door pech moest opgeven. In het geheel waren nog slechts een goede 40 renners in koers. Prachtig werk van Bronger. Stuyts wordt al spoedig nagezet door Bronger. De Roosendaler nadere steeds meer op Stuyts die hij weet te bereiken. Met kracht demarreert Bronger over Stuyts heen die moet lossen en achter geraakt. Bronger vindt het nog wat te vroeg en laat zich inlopen door Verveer, Overweel, C. Valentijn en Saarloos. Verveer was dus prachtig bijgekomen. Middelkamp, Sijen, Braspennincx en Theuns trokken er ook tussenuit om zich bij de kop te voegen. Maar nu gaat Bronger plotseling weg en toont zijn capaciteiten. Na in de eerste ronde ongeveer 2 minuten te hebben achter gestaan, na al het werk, dat hij heeft moeten verzetten om deze achterstand in te lopen, na de bergen, die hij heeft moeten verzetten om bij te komen, na kilometers lang achter Stuyts aangejaagd te hebben, gaat hij…. rustig lopen. Met elke kilometer groeit zijn voorsprong en bij het begin van de 14e ronde heeft hij reeds 48 seconden veroverd op een groep van 8 achtervolgers: Overweel, J. Braspenninx, C. Valentijn, H. Sijen, J. Theuns, Middelkamp en J. Saarloos. Stuyts ligt op ongeveer 1,5 minuut, terwijl A. van Schendel is teruggevallen tot op ongeveer 2 minuten met H. de Hoog (1e amateur) en A. Maas aan zijn wiel. Telkens als Bronger de Cauberg opgaat wint hij veld. Zijn voorsprong groeit tot 54 sec. Maar dan gaat C. Valentijn in de achtervolgende groep aan het sleuren. In de 17e ronde liep Kees Valentijn Bronger in, die zich tactisch liet terugvallen met de bedoeling tegen het einde opnieuw voorsprong te nemen. C. Valentijn liep intussen 20 sec. uit, maar werd toen ook ingelopen. De strijd zou gestreden worden tussen Bronger, Verveer, Sijen, Theuns, Valentijn en Braspennincx met Bronger en C. Valentijn als de grote favorieten. Maar toen kwam voor Bronger bandbreuk terwijl 7 km voor het einde C. Valentijn wegens kettingpech de strijd moest staken. Kees Valentijn kreeg dit ongeval toen hij nog juist voorsprong had genomen…. De eindsprint is gereden tussen Johny Braspennincx en Verveer. Met 3 lengten voorsprong won Johny Braspenninx. Theuns en Sijen volgden op de derde en vierde plaats, aangezien Middelkamp, toen hij in de gaten kreeg dat er voor hem niets meer te verdienen viel dan een medaille, de strijd staakte. Theuns werd kampioen van de onafhankelijken en de Hoog (Amsterdam), die met 10 min. achterstand aankwam, werd amateur-kampioen. Een keurige prestatie van deze 17-jarige jongen. Dit kereltje was vrijdag even per fiets naar Valkenburg gekomen en had zonder verzorging de strijd aangepakt. De uitslagen bij de veteranen werd de oude Braspennincx kampioen, en met Theuns die bij Braspennincx inwoont, kreeg Princenhage dus drie kampioenen ineens.

Hier volgen de uitslagen:

1 John Braspennincx, algemeen kampioen, tijd over 182 K.M. 5 uur 31 min. 37 sec.; 2 Jan Verveer, Lokeren (België), 3 Fred Mosterd, Rotterdam.

Onafhankelijken: 1 Jan Theuns, Princenhage, tijd 5 uur 32 min. 26 sec., 2 Hubert Sijen, Maastricht, 3 J. Saarloos, Rotterdam.

Amateurs: 1 Henk de Hoog, Amsterdam in 5 uur 41 min. 52 sec.; 2 L.Heeren, Breda, 3 Jan Banken, Ubach over Worms (Lb.)

Veteranen: 1 J. Braspennincx sr., Princenhage 50 K.M. in 1 uur 40 min. 10 sec., 2 . J. Willemsen, Nuth (Lb.), 3. W. Buitendijk, Rotterdam.

Sport in beeld De revue der sporten jrg 30 1937 no 46 14-06-1937

Een goede generale repetitie.

De nationale wegkampioenschappen droegen dit maal een bijzonder karakter omdat zij waren te beschouwen als een generale repetitie voor het volgende jaar, wanneer op het zelfde circuit de internationale wegkampioenschappen verreden zullen worden. Alle hens waren aan dek, om het verloop van de koers zo goed mogelijk te doen slagen. De besturen der gemeenten, waardoor heen het circuit gelegd was, hadden hun volle medewerking verleend, terwijl ook de Prov. Waterstaat zijn onmisbare steun verleende door het verkeer over de prov. wegen, die een deel van ’t circuit uitmaakten gesloten te houden en over andere wegen om te leggen. Een groot aantal rijksveldwachters en manschappen van de Koninklijke Marechaussee, wier directe chefs zich mede op de hoogte stelden van de loop der zaken, hielden goede orde langs de weg. De totale organisatie van de wegkampioenschappen berustte bij de Ver. „Valkenburgs Belang”. De regeling was in orde, zodat men met een gerust hart de wereldkampioenschappen in 1938 tegemoet kan zien. Valkenburg, Zuid-Limburg, de N.W.U. gaat een grote tijd tegemoet.

 

1935-10-05 1e Ronde van Valkenburg

In navolging van het succes van de eerste wielerwedstrijd voor beroepsrenners op Limburgse bodem zoals gehouden in 1934 te Eygelshoven (lees het verslag alhier) ontstond bij de Valkenburgse wielerclub “Vooruit” en het comité “Valkenburgs Belang” het voornemen ook in Valkenburg een criterium te organiseren. Het gemeentebestuur stond garant voor het financiële risico en de districtsconsul van de NWU, dhr. Moeskops gaf zijn goedkeuring voor het uitgestippelde 1700 meter lange parcours. De kleedgelegenheid voor de coureurs was gevestigd bij zwembadencomplex van Otermans

Ronde van Valkenburg 1935: Start en finish bij hotel Rozenhof, het huidige Chinees Indisch Restaurant China, foto © Jo Hendriks

Als men in een plaats voor het eerst, een ronde organiseert, kan het licht gebeuren, dat er aan de organisatie hapert. Bij het houden van een wedstrijd als deze komt zoveel kijken, dat de oppervlakkige toeschouwer er zich nauwelijks een denkbeeld van vormen kan. Valkenburgs Belang heeft echter op kranige wijze gewerkt, om de vele moeilijkheden te overwinnen en het is schitterend gelukt. Men heeft een terecht verdiend succes gehad. Tribunes waren gebouwd, men had voor een keurige afzetting gezorgd langs heel het parcours, een mergelmuur werd bij de destijds doodlopende Prins Bernhardlaan gedeeltelijk afgebroken om de renners doorgang te verlenen richting Koningswinkel alwaar de renners via het terrein van de Leeuw-bieren fabriek de finishstraat konden bereiken. Het stuk parcours vanaf die doorgang in de Prins Bernhardlaan naar de koningswinkel, langs de Geul en de zwembaden bestond uit een weiland waar voor de renners een met paaltjes afgerasterde met mergelgruis bestrooide weg was uitgezet. Een uitgebreide regelingscommissie voorkwam iedere ongerechtigheid. Deze en nog vele andere omstandigheden werkten samen  dat achtduizend bezoekers tevreden over het sportief gebeuren ’s avonds terugkeerden. Daar kwam nog bij dat het weer dat zich aanvankelijk nogal dreigend liet aanzien, echter rond het middaguur veel beter werd zodat menigeen die misschien niet van plan was naar Valkenburg te gaan, misschien op het laatste moment er toch nog toe is overgegaan. En men zal er geen spijt van gehad hebben….

Het 1700 meter lange parcours 1e Ronde van Valkenburg 4 oktober 1935

Jammer was dat door het optreden van een of meer personen, het bijna mogelijk was geweest, dat de wedstrijd voor een belangrijk gedeelte zou worden gestoord. Op het weggedeelte achter het Pavillon, bij de Prins Bernhardlaan, had men namelijk de laffe streek uitgehaald door spijkertjes op de weg te strooien, om daardoor te bereiken, dat de renners zoveel mogelijk lekke banden zouden krijgen en om deze reden de strijd zouden moeten staken. Gelukkig is het zover niet gekomen, omdat veldwachters, commissieleden en personen uit het publiek het bijtijds merkten en ervoor konden zorgen, dat de spijkers zo veel mogelijk van de weg werden verwijderd. Het verloop van de wedstrijd werd hierdoor gelukkig niet verstoord.

De wedstrijd voor de profs was een zeer zware strijd en daar het parcours vooral op dit ene gedeelte zeer lastig te berijden is, werd er toch een schitterende tijd gemaakt. Er werd met ’n gemiddelde van 37.5 km gereden. Een woord van lof komt hier zeker toe aan de jonge Valentijn, die langen tijd alleen heeft gestreden doch tenslotte bezweek. Ook Kees Pellenaars kan op een schitterende koers terugzien, doch had te veel van zijn krachten geëist door telkens bij te spurten om in de eind spurt nog te kunnen winnen. De Belgen hebben ook ditmaal weer met de nodige tactiek gereden en wierpen zich pas op het laatste nippertje met volle kracht in den strijd. Een woord van hulde aan Lambrichs, die op het laatste door een val uit de strijd raakte, is hier zeer zeker op zijn plaats want gedurende heel den wedstrijd bleef hij bij de leidende groep. Ook Joep Clignet en Ramaekers kwamen door valpartijtjes achter, zo ook Muller. Ook Kortis reed een goede wedstrijd en eindigde als eerste Limburger. Valkenburg Omhoog heeft met deze ronde wel het nodige succes gehad.

Limburger koerier 4 oktober 1935

Voorbeschouwing Limburgs dagblad vrijdag 4 oktober 1935

Wie wint de ronde van Valkenburg?

Morgen wordt de Ronde van Valkenburg gehouden. Het comité dat met de organisatie hiervan is belast, heeft de zaken keurig voor elkaar gekregen, ’n Groot aantal prijzen zijn verzameld maar wat de sportliefhebbers meer zegt, is dat een veld van puike renners bij elkaar is gebracht. Om 12 uur starten de Nieuwelingen. Hieronder schuilen uitstekende krachten, die voor een spannende strijd kunnen zorgen. Om 1 uur starten de Amateurs waaronder zich verschillende renners van naam bevinden, die elkaar heftig de zegepalm zullen betwisten. Eerstens de Nederlandse kampioen op de weg 1935, Hein Jansen te Breda. Als men kampioen van Nederland is, moet men ook wat in de benen en spieren hebben. Nietwaar, Jansen? Maar Jansen moet er in Valkenburg ook niet te licht over gaan denken, want naast “de Rode Duivel” die Frans Reijnaerts heet, zal hij ook moeten afrekenen met den Maastrichtenaar Sijen, die in België woont en met Guill. Hermans van Banholt, eveneens een amateur, die in België in de kermiskoersen zijn leerschool heeft doorlopen. En Hermans zou morgen ook zo graag winnen en hij heeft veel voor door zijn rijden in België, evenals Sijen. Doch daar zijn er nog meer. Zou Juulke Beckers niets gelegen liggen aan een overwinning? De kampioen van Limburg op de baan 1935 (lange afstand) kan ook op den weg rijden en heeft hier reeds meermalen blijk van gegeven. En de sterke Martinussen van Gulpen, mogen we die door de zeef laten vallen? Bij lange niet! Roermond is sterk vertegenwoordigd door Lammertz, Schemen, Gommans (Reuver) en Motké. En uit het naburige Sibbe komt Jeufke Hendriks om de ronde te betwisten. Dat is er eentje, ja, om zo onopgemerkt als het spel in vollen gang is, er tussen uit te muizen en om doodeenvoudig als eerste over de eindstreep te bollen. Maar zulks zal in Valkenburg moeilijk gaan, omdat er vele goeden tussen zitten, die hun ogen den kost geven. De renners uit onze omgeving hebben natuurlijk wat voor op die van Roermond en daarom zullen we ook uit de „Zuidelijken” de overwinnaar moeten gaan zoeken. Maar bij de Zuidelijken mogen we kampioen Jansen niet uitsluiten. Vooruit dan Jansen, Sijen, Hermans Beckers, Martinussen, Lemmens (Gulpen), Hendriks en Frans Reijnaerts, in volle macht naar de eindstreep. Dan vrezen we dat Lemmens wat licht zal zijn en we de overwinnaar moeten zoeken tussen Jansen, Sijen, Hermans, Beckers, Martinussen, Hendriks en Frans Beijnaerts. Met dergelijke concurrentie moeten we Frans Reijnaerts laten vallen, ofschoon hij op training goed is, doch training is nog geen wedstrijd om de zege te bemachtigen.

Als Hubert Sijen mee start, we zagen hem o.a. rijden in Hoensbroek, dan vermoeden we dat zelfs onze Nederlandse kampioen het niet bij hem zal halen en dat zelfs een Hermans, Hendriks, Beckers en Martinussen voor hem moeten onderdoen. We sluiten dus met de amateurs met Sijen als vermoedelijke overwinnaar, doch met de overigen op de ereplaatsen. Aan hen om te bewijzen, dat we ons in hen vergieten en dat Sijen, zij het maar met een banddikte, bij een hunner tekort komt. De race tussen profs en onafhankelijke die om 2.30 starten, zal ongetwijfeld de meeste interesse trekken, al was het alleen maar om het starten van Pijnenburg, die te Valkenburg wil tonen, dat hij ook op de weg tot goede prestaties in staat is. Het zal Jan niet gemakkelijk gemaakt worden. Wegrenners als Valentijn, v.d. Ruit, van Oers, Heeren, Braspennincx en in mindere mate wat Pellenaars zullen het moeilijk kunnen verkroppen, dat Pijnenburg hen op de weg de loef zal afsteken. Onze Limburgse jongens zullen natuurlijk alles in het werk stellen, de beste prijzen in Limburg te houden.

May Velraeds uit Waubach

Naast deze renners van buiten Limburg vinden we als Limburgse deelnemers: Muller, Velraeds, Vluggen, Klignet, Wagenaars, Willy en Jeu Vroomen, Vinders, Korlis, Gebroeders Vaessen, Kempeneers, Lambrichs, van Wunnick, Benzen. Pekel, Scholten, Kersten, Wollenberg, Le Haen, Martens, Bindels, Helders, Ramaekers, Pex, Van de Belgen, die aan den start verschijnen, zijn Mertens, Duerlo, Verhaegen en de gebr. Cardinaels de meest gevreesde. Als men uit de grote groep deelnemers herhaalde malen schift, en de kansen berekent, blijven tenslotte Marinus Valentijn, van der Ruit, de Groen, de jonge Braspennincx, Pellenaars, Willy Vroomen, Muller, Velraets, Ebeling, Duerloo, Mertens, Mathie Cardinaels, Verhagen, Gardier, Juul Schepers over, die het meest voor den eerste prijs in aanmerking komen. Wij blijven menen, dat de drie Limburgers in de laatste zifting nog niet er door vallen, want de flinke prijzen werken aanlokkelijk en ze zullen alles of niets spelen om in Valkenburg te winnen! En Muller èn Willy Vroomen zouden het zo graag, terwijl Velraets meer in stilte belust is op een zege. Toch moeten we hem laten vallen, en in het geweld van een hevige sprint — als er ten minste op het laatste niet uit elkander wordt getrokken en verspreid komt te liggen — zal ook een Ebeling het wel niet kunnen bolwerken.

Links Kees Pellenaars rechts Jeu Vroomen

Wat rest ons nu nog? Valentijn, van der Ruit, de Groen, de jonge Braspennincx, Pellenaars, Willy Vroomen, Muller, Duerloo, Mertens, Cardinaels en Verhagen, want Gardier en Scheepers zien we in het laatste geweld bezwijken.

Moeten we nu vier Belgen tot bij de allerlaatsten overhouden? Wegcijferen kunnen we ze niet, want als Louis Duerloo (de winnaar van de laatste Ronde van Vlaanderen) en Jan Mertens, om er twee te noemen, die we tot het allerlaatste houden, uit pure lichaamskracht de pedalen gaan martelen en weest er van verzekerd dat het gebeurt, want het zijn zoveel frankskes die flinke prijzen, dan voorzien we, dat onze jonge Braspenninx, Muller en ook Pellenaars, al was hij in 1934 wereldkampioen bij de amateurs en al is hij een geboren wegrenner, voor dat machtsgeweld moeten zwichten.

Jan Pijnenburg

Laurents de Groen, de man die aast op een plaats in de Ronde van Frankrijk, hij zal zich vastklampen, hij zal zich geven met alles wat in zijn Hollands lichaamsgestel aan macht en spieren aanwezig is, want de heren van de N.W.U. zullen hem in de gaten houden. Daarbij de wegkampioen Marinus Valentijn en de sluwe van der Ruit, die kost wat kost willen laten zien, dat met hen niet te spotten valt en Willy Vroomen zullen ons inziens den helse dans tot aan de eindstreep moeten doormaken. De Groen, Valentijn, van der Ruit, Willy Vroomen, Duerloo en Mertens in een flank aan flankgevecht voor de mooiste zege van het laatste weg-wielerfeest in Limburg! Dat zal begeestering brengen en als de duizenden aanwezigen zich dan niet sparen om Valentijn, van der Ruit en ook onze Limburger Willy Vroomen aan te moedigen en ook om de Groen die aanmoedigingen te geven die een renner vleugels geeft, met andere woorden, als we onze vier kleppers de Groen, Valentijn, van der Ruit en Willy Vroomen langs het parcours aanmoedigen, dan moeten we dan een Belgische zege voorspellen? Nee, als die vier meekomen in de eindsprint, weet gij wat we dan zullen zien, het zij gegeven dat Willy Vroomen tot het laatste toe fris blijft?

Links Marinus Valentijn (Nederlands kampioen 1935) en rechts de belg Jan Mertens

Dan zien we die kleine Limburger zijn lang gerekt lijf in de laatste meters zijn fiets naar voren werpen en dan… Willy zoudt ge het klaar spelen om uw geweldig sterke tegenstrevers, zij het dan ook maar met een banddikte achter je te houden? Als dat gebeurt, dan krijg je een ovatie, zoals je die nimmer op een zesdaagse gehad hebt! Maar als Valentijn en de Groen met van der Ruit eens samenpakken en dermate demarreren en als echte baanduivels zullen te werk gaan, zo, dat Willy en ook de twee Belgen hun wiel niet kunnen houden? Dan zien we onzen landskampioen Marinus Valentijn zegevieren en geheel alleen als eerste over den eindstreep suizen. Doch omgekeerd kunnen ook Duerloo en Mertens champavie spelen en er tussen uit suizen. We krijgen dan een kans voor een Belgische overwinning, doch ook twee kansen, namelijk een voor een buiten-Limburgse overwinning, Valentijn, de Groen of van der Ruit en één voor een- Limburgse eindsprintoverwinning met Willy Vroomen. Wat zal het worden? We hopen, dat het Valentijn of Vroomen zal zijn, doch mocht het een Belg worden en dan houden we op Mertens, dan zal hij even uitbundig worden toegejuicht alsof het een was uit onze eigen streek. Sport moet immers geen grenzen kennen.

DEELNEMERS PROFS EN ONAFHANKELIJKEN. (Over 60 ronden).

Nederlanders: Jan Quax, Koumans, Mariens, Le Haen, L. de Groen, Ger. Bindels, Jos. Pex, H. Helders, C. Wollenberg, Piet Kersten, P. Ramakers, W. Scholten, R. Pekel, W. Renzen, P. van Wunnick, J. Clignet, J. Lambrichs, K. Kempeneers, H. Kortis, J. Vinders, Karel Vaessen, Am. Vaessen, H. Wagenaar, P. Vluggen, Math. Velraeds, Mathieu Vroomen, Willy Vroomen, E. Muller, J. Braspenninx, K. Valentijn. F. Mosterd, J. Pijnenburg, Kees Pellenaars, Cees Heeren, A. Braspennincx, Thijs van Oers, G. v. d. Buit, M. Valentijn.

Buitenlanders: Leon Donnay, Jos. Hamal, P. Cardeynaels, K. Verpoorten, Jules Schepers, Jos. Lambet, M. Cardeynaels, Karel Verhaegen, Frans Gardier, Louis Duerloo, Pol Mertens, A. Ebeling.

Amateurs (over 25 ronden)

P. Bovendeaard Sittard; H. Sijen Maastricht; L. Motke Roermond; F. Schipper Bingelrade; J. Hendriks Tilburg; Ch. Kropma Nijmegen; W. Kleyne Nijmegen; H. Peters Eindhoven; Jos. Hendriks Sibbe; J. Schemen Roermond; J. Kloth Kerkrade; Frans Reynaerts Valkenburg; J. L. Stevelmans Lutterade; N. de Vries Simpelveld; P. L. Gommans Reuver; Chris v. Dooren Maastricht; Mart. Mulders Schaesberg; W. van Ommeren Amby; H. Eykenboom Rothem-Meerssen; N. Slangen Maastricht; J. Gulikers Maastricht; H. Ramakers Klimmen; J. Geilenkirchen Spekholzerheide; J. Meyer Chèvremont; A. Volkers Maastricht; Math. Diriks Maastricht; N. de Witte Brunssum; H. J. Luthjens Schaesberg; Guill. Hermans Banholt; W. Lemmens Gulpen; H. Jansen Breda; H. Martinussen Gulpen; Fr. Lammerts Roermond; M. Lebon Maastricht; M. Wolfhagen Brunssum; Jules Beckers Heer.

Nieuwelingen (over 15 ronden).

Pijnenburg, Tilburg; Ch. Hofman, Roermond; N. Ploum, Chèvremont; R. Scheepers, Stein; .Oosterbosch, Schinveld; Hub. Steijns, Maastricht; H. Knarren, Vaals; W. Smeets, Heer; J. Kurent, Neerbeek; H. v.d. Berg, Berg a.d. Maas; Theo Kicken, Heerlen; J. Nacken, Kerkrade; H. van Loo Gulpen; J. Banken Ubach over Worms; A. Jansen Nieuwenhagen; J. Kohlen, Heerlen; N. Bogaert, Maastricht; N. J. Janssen, Waubach; H. Vossen, Heerlen; P. Willems, Maastricht; W. Plum, Kerkrade; F. Mulders, Schaesberg;- J. Scheeren, Terwinselen; J. Penders, Geleen; .1. Quaedvlieg, Heerlen; J. Hilgers, Rumpen; H. Dortans, Heerlerheide; Nico Jansen, Maastricht; Victor Reynaerts, Valkenburg; E. M. Vliegen, Hoensbroek; J. v.d. Gard, Nieuwenhagen; A. J. Janssen, Kerkrade.

 

Wedstrijdverslag Limburgsch dagblad  7-10-1935

De eerste plaats wederom van een Belg

Scheepers wint bij de profs de eerste Ronde van Valkenburg

Van Loo en Sijen winnen resp. bij nieuwelingen en amateurs

De Ronde van Valkenburg is een sportfestijn geworden voor lekkerbekken: een voortreffelijke organisatie (de grondslag voor het welslagen!), een prachtig herfstzonnetje, „kampf-freudige” renners en een geestdriftig en talrijk publiek!

Om met het laatste het eerste te beginnen. De mensenmassa, die zich tegen twaalf uur Valkenburgwaarts bewoog, groeide in den loop van de middag aan tot een kleine volksverhuizing. Officiële gegevens zijn ons nog niet bekend, maar volgens een zeer bevoegde autoriteit waren minstens 8000 toeschouwers aanwezig, terwijl andere niet minder deskundige schatters dachten dat de 10.000 wel zou bereikt zijn. Hoe het ook zij, Valkenburg’s inwonertal was drie- tot viermaal vergroot en deze „annexatie” was duidelijk merkbaar: overal was het druk. Het was druk langs het hele parcours, dat dank zij de medewerking van de zeer talrijke politie, keurig was afgezet; het was druk op de tribunes bij begin- en eindstreep, waar onder vrolijk wapperende vlaggen ruim duizend mensen hadden plaats gevonden, en na de ronde was het nog druk in de vele laaf- en lesgelegenheden, waar de resultaten aan een diepgaande bespreking werden onderworpen. Het fraaie herfstzonnetje, dat in het Geuldal een blijde en prettige sfeer schiep, heeft haar zeer gewaardeerde medewerking eveneens ten volle gegeven. De mensen lagen rustig in het gras, als ware het midzomer, en genoten van het sportieve gebeuren, waarbij ze dan nog een zonnebad als extra-premie verdienden. Om het feest beter te overzien, waren enige toekomstige aspirant-renners in een appelboom gekropen, waar ze door den sterken arm werden verwijderd, terwijl andere verwoede supporters fakirsneigingen vertoonden door op een met glas bestrooiden muur te klimmen. De spanning bleek zo groot, dat deze geestdriftelingen dit eerst bemerkten, toen de races waren afgelopen, zeer tot nadeel van hun zitvlak, dat lichtelijk beschadigd was.

Over de organisatie was men algemeen vol lof. De scherpe kantjes van de bochten zullen bij een herhaling van deze ronde worden afgevijld, zodat het Roode Kruis afdeling Valkenburg, geassisteerd door de voortreffelijke transport  colonne van de afd. Heerlen, veel minder, hulp behoeven te verlenen. Een paar valpartijtjes met min-ernstige blessures schijnen een der onvermijdelijke kanten van het rennersberoep te zijn. Maar de stemming rond de Ronde was zeer vergenoegd.

De nieuwelingen starten.

Om 12.15 uur wordt door de voorzitter van Valkenburgs Belang het startschot gelost en stormen 32 nieuwelingen de baan op om het circuit, dat 1650 meter lang is, 15 keren af te trappen.De eerste ronde wordt geleid door A. Jansen, Kerkrade, die de premie binnenpalmt voor Reinarts en de hele groep is intact.In de tweede ronde is het Banken die als eerste de meet passeert voor Oosterbosch, doch de hele groep blijft bij elkaar.In de derde ronde geeft Kicken wegens een val op, Boogaert is achter geraakt en Kohlen leidt de groep. In de volgende ronde komt Nico Jansen aan het hoofd van de groep voorbij en is Nacken door een val achter geraakt.In de vijfde ronde krijgen we de eerste sprint voor de Wolf & Hertzdahl premie, bestaande uit een prachtige gabardinejas, en het is v. Loo die als eerste passeert voor Penders en Vossen.In de zesde ronde komen Hilgers, A. Jansen en W. Plum met enkele meters voorsprong op de groep voorbij, maar in de volgende ronde is weer alles hersteld. Smeets geeft op wegens vallen.Vossen heeft in de 8ste ronde kettingdefect en staakt den strijd evenals Dortants.In de 10e ronde weet van Loo een kleine voorsprong te nemen en begint de groep zich iets te scheiden, v. Loo weet zijn voorsprong te vergroten tot 80 meter. Het peloton wordt in enkele groepen verdeeld, waarbij Penders, v. d. Berg en Hoffman, alsmede de jonge Pijnenburg zich onderscheiden. Er wordt op de vluchter geweldig jacht gemaakt, maar deze blijft flink doorzetten en weet zijn voorsprong te behouden.

De uitslag van de Nieuwelingen luidde:

  1. Harry van Loo, Gulpen, in 40 min. 25 sec.
  2. Charles Hofman, Roermond, op 20 sec.
  3. A. Pijnenburg, Tilburg.
  4. Kohlen, Heerlen.
  5. Victor Reijnaerts, Valkenburg.
  6. Oosterbosch, Schinveld.
  7. P. Willems, Maastricht.
  8. W. Plum, Kerkrade.
  9. N. Jansen, Waubach.
  10. Nico Jansen, Maastricht.
  11. A. Jansen, Kerkrade.
  12. Penders, Geleen.
  13. A. Jansen, Nieuwenhagen.
  14. J. Hilgers, Rumpen.
    De premie van Wolf & Hertzdahl werd gewonnen door H. v. Loo met 15 punten.

De amateurs starten.

Om 1.15 uur lost Pijnenburg het startschot voor 33 amateurs, die 25 ronden moeten doen. De eerste ronde wordt geleid door den Ned. kampioen H. Jansen, die met enkele meters voorsprong de finish passeert en de ronde aflegt in 2 min. 27 sec, hetgeen de kortste tijd is die er gemaakt is. Hij wordt gevolgd door Peters en Geilenkirchen, waarna de hele groep. Reeds in de 2e ronde raken enkele renners achter. In de 4e ronde krijgen we de eerste Wolf & Hertzdahlspurt, die gewonnen wordt door Ramaekers, die enkele meters voor Sijen en Hermans passeert. Reynaerts volgt op 1.30 min. Beckers geeft in de 6e ronde wegens val de strijd op. De tweede W. & H.-spurt is voor Kleijne, gevolgd door Wolfhagen en Sijen. De groep blijft goed gesloten. Reynaerts en Lebon geven op. Even later laten Eykenboom en Motke het ook staan.

1e Ronde van Valkenburg 1935: Doorkomst van de amateurs bij hotel Continental in de Emmalaan de renners nemen aanstonds de bocht richting Prins Bernhardlaan. Foto © Jo Hendriks

In de 13e ronde krijgen we weer de W. & H.-spurt, die het volgende resultaat geeft: Geilenkirchen, Meyer en Sijen. De Witte volgt op groten afstand en geeft op, evenals Luttjens, die bandenpech heeft. Wolfhagen raakt een ronde achter en komt in de 17e ronde als eerste over de meet.  In de 19e ronde krijgen we de W. &. H.-spurt, welke door Sijen gewonnen wordt voor Stevelmans en Gommans. Sijen heeft een kleine voor sprong op de groep, die in twee delen is getrokken en behoud deze enkele ronden. In de 22ste ronde is hij weer bij het peloton, dat door Kleijne geleid wordt. Hermans, Banholt, die in de 17e ronde door pech is achtergeraakt, zet moedig voort en heeft reeds een flink gedeelte van zijn achterstand ingelopen. Martinussen geeft de strijd op.

De amateurs tijdens de 1e Ronde van Valkenburg 1935: De bocht Emmalaan- Prins Bernhardlaan, foto © Jo Hendriks

In de 23ste ronde gaat Sijen er weer vandoor en passeert in de 24ste ronde met enige voorsprong op de groep, welke door Jansen geleid wordt. Hermans komt goed opzetten en is reeds over groep 2 op de eerste groep gekomen en werkt zich verder naar voren. Sijen laat zich nu niet meer inlopen en zet flink door.

Maastrichtenaar Sjaak Sijen was de eerste die bij de amateurs de finish passeerde

De uitslag van de Amateurs luidde:

  1. Hubert Sijen Maastricht, tijd 1 uur 6 min. 10 sec.
  2. Piet Gommans, Reuver.
  3. Giel Hermans, Banholt.
  4. Hein Jansen, Breda.
  5. M. Dirix, Maastricht.
  6. Slangen, Maastricht.
  7. Kleijne, Nijmegen.
  8. Geilenkirchen, Spekholzerheide.
  9. Kropma, Nijmegen.
  10. Peters, Eindhoven.
  11. Stevelmans, Lutterade.
  12. Volkers, Maastricht.
  13. Meyer, Chèvremont.
  14. J. Kloth, Kerkrade.
  15. Bovendeaard, Sittard.
  16. Gulikers, Maastricht.
  17. Lammerts, Roermond.
  18. Ramaekers, Klimmen.
    De gabardinejas van Wolf & Herlzdal is voor Sijen met 20 punten.

Een woord van lof voor Sijen die prachtig wist te winnen. Ook voor Hermans, Banholt die zijn achterstand op schitterende wijze wist op te halen en nog als 3e wist te eindigen.

Om den Grooten Prijs van Valkenburg, snapshot 100 km strijd der beroepsrijders

De profs en onafhankelijken aan het werk.

Om 3.30 uur wordt door Burgemeester Hens het startschot gelost voor de Profs, en Onafhankelijken en stormen een 50-tal rijders het parcours op, er dienen 60 ronden afgelegd te worden. We vrezen het ergste voor de eerste scherpe bocht in de Plenkert, de bontgekleurde massa glijdt op werkelijk bewonderenswaardige wijze naar beneden.

Burgemeester Hens geeft het startschot bij de start van de beroepsrenners, de renners zijn vertrokken voor de koers over 100 km

De eerste ronde wordt afgelegd in 2 min. 31 sec. en ’t is de kleine Vroomen die met Valentijn en Pellenaars de leiding heeft. Alles is intact en Hermans met Martens sluiten de lange sliert. In de 3e ronde komt Koumans geheel alleen voorbij terwijl de groep op korten afstond volgt. Bindels is iets achter geraakt. Ook de volgende ronde komt Coumans alleen voorbij gesneld en heeft zijn voorsprong vergroot. De groep wordt geleid door Le Haen en Kees Valentijn. Ebeling heeft pech gehad en volgt een tijdje later evenals Bindels.

De bocht van de Plenkert naar de Emmalaan

Koumans die met 10 sec. voorsprong aan de kop lag krijgt dan pedaalbreuk en raakt enkele ronde achter. De premie van ƒ 10 door Burg. Hens geschonken weet Velraeds te winnen. In de 6e ronde komt de Wolf & Hertzdahl spurt welke door M. Valentijn gewonnen wordt voor K. Verhagen en J. Scheepers. Enex raakt ook achter. Helders geeft wegens valpartij op. Dit is geen wonder want er gebeuren ontzettend veel valpartijen in het geïmproviseerde gedeelte waar men door de weiden rijdt.

Bij de doodlopende Prins Bernhardlaan is een stuk mergelmuur afgebroken alwaar de renners hun weg vervolgen door een stuk grasland

De gebroeders Vroomen zijn achter geraakt. Mathieu Vroomen blijft enkele malen achter en maakt dan gangmakersdiensten voor zijn broer Willy, hetgeen we heel normaal vinden doch de jury staat dit niet toe en doet Mathieu Vroomen uit de koers verwijderen. Willy die een ronde achter raakte geeft de strijd dan ook op. Bindels, v. Wurmst, Quax en Ebeling zijn ook reeds een ronde achter, van Oers komt enkele malen met 50 tot 60 meter voorsprong alleen voorbij doch krijgt dan kettingdefect. Daarna is het Mosterd die een 6-tal ronden lang de leiding heeft. In 1 uur zijn afgelegd 36 km 800 meter. Jan Pijnenburg, die geruime tijd in de groep zat raakt achter. Weliswaar haalt hij van zijn achterstand flink op, doch geeft in de 28e ronde de strijd op.

De renners rijden richting het Zwembadencomplex van Otermans (bouwjaar 1932) door de weide.

De oude Cees Heeren komt dan enkele malen als eerste voorbij. Jan Lambrichs weet zich bij de W. en H. sprints enkele malen flink te onderscheiden en leidt voor deze premie met de meeste punten. Van Oers en Martens staken de strijd. Door een valpartij welke een 10-tal rijders betrekt geven ook Vinders en Rensen de strijd op. Ook Jan Pisters geeft dan op. Kees Pellenaars heeft machinedefect en verwisselt van rijwiel, doch weet te vervolgen en zelfs enkele malen als eerste te passeren. Kees Valentijn komt dan zijn neus aan het venster steken en gaat er op ’n gegeven moment vandoor en weet alleen de leiding te nemen.

Nabij de zwembaden van Otermans, waar in 1935 nog geen toegangsweg vanuit het centrum van Valkenburg is aangelegd

Vanaf de 40ste ronde zit de jonge Kees Valentijn alleen, Pellenaars heeft nogmaals defect en komt met flinke achterstand voorbij, doch zet de strijd moedig voort. In 2 uur zijn 73.600 km afgelegd. In de 46e ronde wordt Valentijn ingelopen door Hamal en Ramaekers die door een val een ronde achter is geraakt. Nog steeds is de groep gescheiden van de vluchters en het is Cees Heeren die met Mostard de leiding heeft. Het talrijke publiek dat we op minstens 10.000 schatten, ziet een Hollandse overwinning tegemoet daar Kees Valentijn moedig voort zet. In de groep weten ook Kortis en Muller zich te onderscheiden.

De renners rijden bij de Koningswinkel over de brug het terrein van de bierbrouwerij op, door de grote poort van de brouwerij aan de Plenkert rijden de renners richting finish

Intussen is het Pellenaars gelukt om de groep weer in te lopen, welke krachtsinspanning luid wordt toegejuicht. De jury besluit om de renners, die een of meerdere ronden achter zijn uit de strijd te nemen. In de 54e ronde komen Hamal, Le Haan, Kersten, K. Valentijn, M. Valentijn en Pellenaars alleen voorbij, even later gevolgd door groep 2, terwijl iets later groep 3 passeert. In de 57e ronde is de stand: Gardier en Hamal gevolgd door Heesen en Pellenaars; op 40 meter volgen M. Cardeynaels, Duerloo, Donnay, Marinus Valentijn en Kees Valentijn met de groep Mosterd en J. Braspennincx met Muller en Le Haan volgen op korte afstand.

Rugnummer 45 wisselt van fiets nabij de bierbrouwerij

In de 58e ronde is het Gardier die leidt met Heesen, M. Valentijn, Pellenaars en Donnay, zodat we 3 Nederlanders en 2 Belgen bij elkaar hebben zitten en dus een Hollandse zege niet is uitgesloten. De groep, getrokken door de Belgen K. Verhaegen en Jules Scheepers volgt op 60 meter en zet flink na en weten bij de leiders te komen, zodat in de 59e ronde de hele groep bij elkander ligt, die samen de laatste ronde inzetten. De Belgen beginnen zich naar voren te werken en nemen de leiding.

De laatste meters van de koers voor de profs, de belg Scheepers wint voor zijn landgenoten Duerloo en Cardinaels

Het wordt een geweldige strijd waarbij Marinus Valentijn en Kees Pellenaars er nog alles opzetten, doch de Belgen zijn onweerstaanbaar en stormen met 3 man tegelijk over de streep, waarbij zich Jules Scheepers de snelste toonde en zich voor Louis Duerloo ( winnaar van de Ronde van Vlaanderen 1935) en Matje Cardinaals wist te plaatsen, direct gevolgd door Marinus Valentijn en Kees Pellenaars.

De winnaar bij de profs: Jules Scheepers

De uitslag van de Amateurs luidde:

1 Jules Scheepers, België in 2 u. 37 m. 59 s.
2 Louis Duerloo, België
3 Mathieu Cardeynaels, België
4 Marinus Valentijn
5 Kees Pellenaars
6 K. Verhaegen, België
7 Cees Heeren
8 Joseph Lambot, België
9 Jef Hamal, België
10 Laurens de Groen
11 H. Cortis, 1e Limburger.
12 Pierre Cardeynaels, België
13 Kees Valentijn
14 John Braspennincx
15 F. Mosterd
16 Le Haen, Limburg.
17 Ernst Muller Limburg.
De premie van Wolf en Hertzdahl viel ten deel aan Kees Valentijn met 14 punten.
De premie van Wolf en Hertzdahl voor de beste Limburger was voor Lambrichs met 12 punten.

Valkenburg dat met zijn Grote KAWEEWEE prijs het wielerseizoen afsloot viel de eer te beurt het wielerseizoen op de weg 1936 op gelijke wijze te openen, want de Ronde van Valkenburg is de eerste, die onder de NWU bepalingen in Zuid-Limburg wordt verreden, dat was namelijk op Zaterdag, 2 Mei 1936. Een verslag van deze wielergebeurtenis is hier terug te vinden. 

Nagekomen krantenartikelen n.a.v. de 1e Ronde van Valkenburg:

Limburgsch dagblad 12 oktober 1935

Limburger Koerier 12 oktober 1935