1938-08-31 Rotterdam, Ronde van Feijenoord

Koninginnedag 1938: Ronde van Feijenoord

Mooie overwinning  Jan Gommers

Mouke wint bij de amateurs

Onder enorme belangstelling van het publiek, er waren in den ochtend reeds voor de amateurs naar officiële schatting ruim 100.000 toeschouwers, werd gisteren de vierde ronde van Feijenoord verreden.

Het traject, dat evenals vorige jaren liep over Maashaven, Putschelaan, Hilledijk, Paul Krugerstraat, Bloemfonteinstraat en Maashaven, was 2,5 kilometer lang en moest door de amateurs 36 maal gereden worden.

De regeling van het verkeer stond onder leiding van commissaris Kok en den hoofdinspecteur Weekenstroo, geassisteerd door de inspecteurs Van der Most en Enklaar, en was tot in de perfectie verzorgd.

Foto John Gommers

Meer dan 100.000 toeschouwers zien de ereronde van Jan Gommers, winnaar van de Ronde van Feijenoord 1938

De ochtendrace 

Op het startsein vertrokken er plusminus 120 amateurs. Op dit buitengewoon goede traject — het bestaat bijna geheel uit de bekende Hamburger bestrating, waarin slechts een 600 meter „kinderhoofdjes” zitten — werd van start of een fel tempo ingezet.

De eerste 50 K.M. werden afgelegd in 1 uur 13 min. 55 sec. Toen begon er enige tekening in de strijd te komen. De felle jacht om de leiding bleef voortduren. De Belg Mouke nam het initiatief over en nestelde zich enige ronden lang aan den kop met Sprengelink en den Amsterdammer Wijdenes, die in een geweldig tempo er vandoor gingen.

Het bleef zo tot de laatste ronde, toen zij in een felle eindsprint voor de laatste maal over de streep stoven. Mouke won het duel en werd winnaar in den tijd van 2 uur 14 min. 57 sec.

De uitslag luidt:

1. Mouke, België
2. Luppers, Amsterdam
3. Sprengelink, Hengelo
4. Hordijk, Rotterdam
5. Nuyen, Rotterdam
6. Joosen, Made
7. Saes, Weert
8. Pippermans, Hoensbroek
9. van Vliet, Gouda
10. Lodewijks, Rotterdam

Twentsch dagblad Tubantia en Enschedesche courant 1 september 1938

De middagrace

Was het aantal toeschouwers bij de ochtendrace ver over de 100.000 te schatten, in de middaguren, toen de profs aan den start verschenen was het aantal toeschouwers nog veel groter.

Precies om 1.45 uur vertrokken de 68 profs en onafhankelijken voor de 150 kilometer race. Zestig maal moesten zij de finish passeren. Het valt dan ook niet te verwonderen, dat van de 68 deelnemers 39 het eind niet bereikt hebben. Deels door pech, en een nog groter aantal moest de vlag strijken voor het geweldige tempo, dat de leiders reden.

Reeds in de tweede ronde had Weemaes uit Bergen op Zoom de leiding genomen met een 40 M. voorsprong op het jagende peloton, waarin als van ouds Middelkamp achteraan bungelde. Het interesseerde hem voorlopig nog niets wat de renners in de kopgroep deden.

De Maasbode 1 september 1938

In de kopgroep was het een gedrang om de leiding te nemen. Dan weer was het Jan Gommers en ronden lang André de Korver uit Willemsdorp, die het tempo aangaf. Dit had tot gevolg, dat het peloton in stukken getrokken werd, want de Korver werd weer van de kop verdrongen door Overweel uit Rotterdam, die een ronde later moest bukken voor de macht van Kees Valentijn, die toen doorkwam met Jan Leeuwenburg aan het wiel en de Hagenaar Motke.

Maar toen was het weer gedaan, want de Korver hield weder vier ronden lang de leiding, terwijl John Braspenninx de rij sloot. De eerste 25 km. werden afgelegd in 38 min. 10 sec.

Jan Gommers deed rondenlang veel kopwerk, maar blijkbaar vond hij het nog wat te vroeg om er tussenuit te gaan, de Korver en Janus Hellemons hielden hem bovendien trouw gezelschap, zodat er van wegkomen geen sprake was.

Foto's archief John Gommers ( hartelijk dank John !)

Dan weer was het Jan Gommers en ronden lang André de Korver uit Willemsdorp, die het tempo aangaf. Dit had tot gevolg, dat het peloton in stukken getrokken werd..

In de 15e ronde zat de Korver weer aan de kop met Leeuwenburg en Willemse bij zich, terwijl Janus Hellemons met Theo Middelkamp het rennersveld sloten.

Weer was het Louis Motke, die in de 25e ronde als eerste doorkwam, gevolgd door Bervers uit Delft en Piet van Gerven, die een geweldige koers reden in een razend hoog tempo. Nu nam Arie Overweel het initiatief over en demarreerde hard aan den kop, scheurend en trekkend.

Lauwers kreeg een lekke band en kon nog juist bij de verzorgingspost van rijwiel verwisselen, maar dit oponthoud had zoveel tijd gevergd, dat zijn achterstand hopeloos was, in de 30e ronde gaf hij dan ook de ongelijke strijd op.

De Maasbode 1 september 1938

Andere renners kwamen bij het hoofdpeloton en het was de Rotterdammer van Gent, die in de 27e ronde de leiding nam, rondenlang wist hij deze te behouden, maar Middelkamp joeg er zo hard op los, dat hij van Gent toch te pakken kreeg en in het hoofdpeloton opnam, er zo voor zorgend, dat hij geen kwaad meer kon doen. In die groep zaten Gerrit van der Ruit, Aad Van Amsterdam en John Braspennincx.

Het gevecht werd echter onverminderd voortgezet want op een gegeven moment gingen Kees Valentijn en Frans van der Zande er vandoor. Verscheidene ronden wisten zij zich aan de kop te handhaven, ondanks het feit, dat zij danig op de huid gezeten werden door een groep van acht renners. Jammer genoeg konden de leiders tegen zo’n overmacht niet op en de groep Van der Ruit c.s. haalde ook deze vluchtelingen terug.

Niemand wenste voorlopig Gommers te achterhalen. Het gevolg was dat deze steeds verder uitliep. Nu werd het jagende peloton wakker….

Toen zag Jan Gommers zijn kans schoon, met een sprong was hij weg, nam 100 meter, daarop volgden Van Amsterdam en van der Ruit, Braspennincx en de anderen. Gommers had de smaak te pakken, zette hard door en nu kwam hij, steeds zijn voorsprong vergrotend, ronde na ronde alleen door.

Dat bracht in de groep, die aanvankelijk de leiding had, nogal enige consternatie, maar van een jacht was nog geen sprake, niemand wenste voorlopig Gommers te achterhalen. Het gevolg was dat deze steeds verder uitliep en nu werd het jagende peloton wakker.

Jan Gommers had een voorsprong van enige minuten genomen en kwam onbedreigd als eerste over de streep, de andere renners zijn blijkbaar gedubbeld

Van Amsterdam sprong weg, maar van der Ruit lag op de loer en sprong mee en wel in zulk een geweldig tempo, dat Van Amsterdam en alle anderen, die aan het wiel zaten, moesten lossen.
En in die groep zaten Alfons Stuyts en Middelkamp, maar Gommers had nu reeds een voorsprong van enige minuten genomen en kwam onbedreigd als eerste over de streep.

De strijd in het tweede peloton werd een duel tussen van der Ruit en van der Zande, maar van der Ruit won het sprintje met enige lengten van v. d. Zande, die evenals de overige renners een schitterende wedstrijd gereden hebben.

Rechts winnaar Jan Gommers, links Gerrit van der Ruit

De uitslag:

1 Jan Gommers, Dongen, in 3 uur 50 min. 5 sec.
2 Gerrit van der Ruit, Capelle a. d. IJssel
3 Frans van der Zande, den Haag
4 Aad v. Amsterdam, Leiden
5 Kees Valentijn, St. Willebrord
6 Fiel Middelkamp, Kieldrecht
7 John Braspennincx, Princenhage
8 Alfons Stuyts, Hoogerheide
9 André de Korver, Willemsdorp
10 Arie Overweel, Rotterdam.

Provinciale Noordbrabantsche en ’s Hertogenbossche courant

Later meer over de avonturen van Jan Gommers naar aanleiding van zijn voorjaarstrainingen in Zuid Frankrijk en Afrika (wielerpionierswerk in het voorjaar van 1937 !!)

1938-07-04 Ronde van Gingelom (B)

JAN LAMBRICHS, in de wandeling een bescheiden Limburger, in de course een ontembare!

door Evert van Mokum

’t Was in het begin van den zomer toen wij te Gingelom, een klein plaatsje in België, een wegcourse volgden voor onafhankelijken.
Zestig kilometer waren achter den rug en nog een negentig hadden de deelnemers voor den boeg, toen de hemel als ’t ware openscheurde. De regen stroomde uit de grauwe lucht, de wind gierde door de jagende bomen en in de verte brak in alle hevigheid het onweer los.

Jan Lambrichs

Vooral in de omgeving van Sint Truiden was het noodweer, vloog de modder de renners in de ogen, waren zij vrijwel onherkenbaar geworden.

Op een gegeven moment keek een jonge renner, Jan Lambrichs genaamd, om en in het gezicht van den Nederlander was iets juichends te lezen, terwijl hij zijn vijf metgezellen Pol Verschueren, Croes, Polleur, Meesters en Michaels stuk voor stuk bekeek. Want met deze goed rijdende Belgen vormde de gezonde boerenjongen uit het Limburgse land van bronsgroen eikenhout het hoofdpeloton.

Ook wij namen de tegenstanders van Lambrichs eens rustig op. Wat een kringen rond de ogen van de lange Verschueren! Wat een trekken rond den neus van Michaels! En wat hing het hoofd van Croes diep weggedoken tussen de stevige armen!

Maar dan! op een gegeven ogenblik was Lambrichs weggesprongen. Hij nam 20 Meter! Hij nam er 30, 50, 100!

Er waren twee wegen en de pijlen waren door het hemelwater uitgewist.
„Vooruit, rechtdoor”, dacht de Hollander.

Echter, Lambrichs had de verkeerde weg genomen en moest terug keren. En niet alleen dat hij er zijn genomen voorsprong mee verspeelde, neen, de Nederlander verloor er nog een goede honderd meter terrein mee ….

Opnieuw gooide Jan er een schepje op, stormde in z’n eentje de leiders achterna, zoals de golven bij stormachtig weer op de kust komen aanrollen: ongenadig!
Nauwelijks was er aansluiting, of Lambrichs bombardeerde over de vluchtelingen heen.

Wat een moed! Wat een zelfbewustheid!

Eén tegen vijf! De ongelijke strijd duurde maar korten tijd. De Belgische renners hadden er een hoog tempo ingezet en wisten na prachtige samenwerking den van strijdlust blakende Hollander weer te achterhalen.

Toen kreeg Limburgse Jan pech aan zijn rijwiel. Maar gelukkig, hij kon op een andere fiets springen en de course vervolgen.

Nog 10 kilometer waren te rijden. Op een vreemde „velo” waagde Lambrichs wederom een weglooppoging. Tevergeefs! Zijn concurrenten verstonden elkaar opperbest. Eerst ging Verschueren hem halen! Dan weer Meesters en Croes! En ook Michaels en Polleur weerden zich bij de verschillende demarrages van den slanken Nederlander geducht!

Lambrichs won de eerste premie en won er nog een paar bij. En tenslotte ook de eindspurt! Met drie volle lengten op den tweede en bijna vijf lengten op den derde!
Het meest demarreren, het meest koplopen, steeds van voren als er moest worden geklommen, verkeerd rijden, pech aan z’n machine, de premies in grootse stijl winnen en dan nog zegevieren in den eindsprint als ’t ware op één been, wanneer men als rijder tot iets dergelijks in staat is, dan moet men toch wel met uitzonderlijke kwaliteiten bedeeld zijn, dan moet men zeer zeker de grote klasse bezitten!

Na afloop van den wedstrijd hebben wij dan ook tegenover tal van sportvrienden onze warme bewondering voor Lambrichs prachtige rijden geuit en Joris van den Bergh, den samensteller van de Nederlandsche ploeg voorde Ronde van Frankrijk, persoonlijk nog toegevoegd, dat de jonge Limburger voor ons als de beste Nederlandsche wegrenner geldt, een renner met zéér veel toekomst.

Nieuwe Tilburgsche Courant 7 Juli 1938

In het begin van dit jaar heeft Lambrichs ons nog één en ander van zijn korte, maar zeker briljante wielerloopbaan verteld. Aan 46 wegcourses nam Jan in 1938 deel, met een totaal van 7.295 km. Zes wedstrijden wist hij daarvan te winnen, o. m. in Brussel—Fléron over 170 km., waarin hij direct vanaf het startschot in z’n eentje wegliep en, terwijl er toch 54 puike renners van de partij waren, met ruim vier minuten voorsprong arriveerde.

Voorts behaalde de man uit Bunde tal van ereplaatsen, w.o. in de Ronden van Purmerend, Oosterhout, Beverloo, Hoogerheide, Tegelen, Herentals, Falisolle, Herk-de-Stad, Flémalle, enz., enz. En zat het den jeugdigen sportman in verschillende wedstrijden niet altijd mee, had hij toen veelal te kampen met band- en kettingpech, bepaald schitterend werk leverde Lambrichs in de Ronde van Luxemburg en die van Zwitserland over 8 etappes, met een totalen afstand van 1682 kilometer. Het was vooral in het land van Wilhelm Teil, dat Jan overduidelijk toonde een geboren ronde-renner te zijn door, tegenslag ten spijt, op de 12e plaats beslag te leggen, na meesterlijk werk te hebben geleverd.

De eerste maal, dat wij deze landgenoot zagen rijden, voelden we reeds bij intuïtie dat in deze coureur sluimerende krachten aanwezig moesten zijn, die hem, bij een goede levenswijze, later tot één der grote wegrenners zouden kunnen stempelen. En nadien hebben wij hem in zijn opgang gevolgd en bleek elke course voor dezen zoon van het land een trap naar de topklasse.

Lambrichs behoort tot de categorie renners die buiten de arena kalm en bescheiden door het leven gaan, maar in de wedstrijden zelf moeilijk zijn te temmen. Er tintelt wat in zijn rijden! Het zuidelijke bloed spreekt dan; hij bruist van levenslust en droomt van …. direct na het startschot er tussen uit te trekken, in z’n eentje, en dan de course winnen, liefst met zoveel minuten voorsprong.

De revue der sporten 1939, no 52, 24-07-1939
http://www.delpher.nl/nl/tijdschriften/view?identifier=dts%3A1693052%3Ampeg21%3A0013&query=met+de+renners+door+de+ronde&coll=dts&page=1&sortfield=datedesc