1976-06-04 Amsterdam, Olympia’s Ronde van Nederland

Leo van Vliet echt de sterkste
Westlandse debutant winnaar van Olympia’s Ronde 1976

’s morgens: 8e etappe A: Nibbixwoud, individuele tijdrit 23,3 km:
De minuten van de waarheid. De eenzame confrontatie met de klok leverde Olympia’s Ronde een winnaar op. Want op tempobeul Arie Hassink na, maakte Leo van Vliet de beste tijd. Slechts 7 seconden verloor de westlander op zijn ploegmakker, die halverwege 10 tikken winst had veroverd. Gerrie van Gerwen, evenals Van Vliet een erg sterke finish, was 11 seconden langzamer dan Hassink. Verrassende Brokelman negentien. Michel Jacobs stelde teleur, al bleef hij Schür en Van Lamoen voor.

De pas 20-jarige Leonardus Quirinus Machutus van Vliet, op één na jongste zoon uit een gezin met negen kinderen toonde zich een compleet coureur. Liet zien in de waaier te durven duiken, spurtte als het erop aan kwam harder dan wie ook. Kwam in de Limburgse heuvels door pech niet toe aan een demonstratie van zijn capaciteiten als klimmer maar was steeds met de besten mee: eindwinst in het eind-, punten en combinatieklassement.

Voor Fons van Katwijk betekende dit, in oranje, een eind van de illusies. De SOKA-man kon niet tegen de spanning op, kreeg door zijn toppositie niet de inspiratie die nodig was om Van Vliet in supervorm te stuiten. Liefst 49 seconden moest hij prijsgeven. Veel meer dan de vijftien die hij in het voordeel was. De trui ging derhalve naar het Amstel-kamp. Krott: “voor het eerst heeft Leo zich echt leeggereden.

Door Henk Kruithof, weekblad “Wielersport”

Niet “tollend” ditmaal, maar op de veertien. Met een 53-blad voorop. “Ik heb wat tegen hem moeten praten om hem te overtuigen, maar nu heeft ie gezien dat ook hij dit kan”. Van Vliet zelf: “Voor Van Katwijk was ik in feite nooit bang. Veel meer angst had ik voor Schür en Van Gerwen. Dat zijn in dit werk de te kloppen mannen. Ongelofelijk dat ik die zomaar heb verslagen”.

Uitslag tijdrit:
1. A. Hassink (Amstel) 30.55 (met bon. 30.40), 2. L. van Vliet (Amstel) 31.02 (met bon. 30.52), 3. G. van Gerwen (Van Erp) 31.06 (met. bon. 31.01), 4. G. Brokelman (Bossche Staalbouw) 31.14, 5. M. Jacobs (Michelin) 31.16, 6. F. Schür (Ketting-Shimano) 31.26, 7. B. van Lamoen (Batavus) 31.32, 8. H. Lubberding (Van Erp-Saicis) 31.36, 9. T. Gevers (Bossche Staalbouw) 31.49, 10. P. Kuys (Batavus) 31.51, 11. F. van Katwijk (Soka-Gazelle) 31.51, 12. S. Tsjelpakov (Rusland) 31.54, 13. S. Gousseinov (Rusland) 31.56, 14. J. Bakker (Ketting-Shimano) 31.56, 15. A. Scheffer (Ketting-Shimano) 31.57, 16. P. Martinez (Spanje) 52.00, 17. V. Basko (Rusland) 32.02, 18. W. Lugtenburg (Michelin) 32.03, 19. G. Mak (Bossche Staalbouw) 32.06, 20. R. Akker (Bossche Staalbouw) 32.14, 21. G. Schipper (Michelin) 32.22, 22. A. van Houwelingen (Amstel) 32.26, 23. A. Deusing (Bik Sloopwerken) 32.29, 24, K.v. d. Wereld (Ketting-Shimano) 32.31, 25. M. Gutierrez (Spanje) 32.32, 26. M. Pronk (Batavus) 32.35, 27. T. Hogervorst (Bossche Staalbouw) 32.36, 28. J. van Houwelingen (Militairen) 32.36, 29. S. Kaleev (Rusland) 32.37, 30. J. Moral (Spanje) 32.37

’s middags: 8e etappe B:  Nibbixwoud – Amsterdam 86 km:
Nadat Leo van Vliet mentaal zo sterk was geweest om in de ochtenduren zijn oranje trui terug te pakken, kon hem in feite op weg naar de hoofdstad weinig gebeuren. Een finish als in 1967, toen Cees Zoontjes zich op de streep naar een overwinning rekende, was niet meer mogelijk. Zaak voor de Amstel-gelederen alles bij elkaar te houden en in hoog tempo naar Amsterdam te rijden.

In Amsterdam wint Fons van Katwijk de laatste etappe voor Arie Hassink Peer Maas en Gerrie van Gerwen

Die tactiek slaagde. Natuurlijk, er waren aanvallers, Lughtenburg en Brokelman bijvoorbeeld. Daarna vooral Limburger Michel Jacobs. Met Akker, Groenewegen en Brokelman, daarna met Havik: vervolgens met spanjaard Guturiez en Ad Prinsen; later nog eens met Piet van Leeuwen. Steeds zonder “echt” weg te komen echter.

Enige andere opmerkelijke feiten: de lekke banden van Schür en het afhaken van Nico Hilberink, die na een val op één van de gevaarlijke wegen in de ambulance terecht kwam. Altijd veel publiek in de finale, maar op een parcours dat te veel gevaar voor de vermoeide renners inhoudt.

De resterende vijf Krott-discipelen lieten zich niet meer verrassen. Het werd in de 1e van Swindenstraat een massale aankomst waarbij Fons van Katwijk met zijn tweede (SOKA-Gazelle’s derde) ritzege de Ronde voor zijn sponsor meer dan goed maakte. Hassink schoof aan het wiel van de winnaar over de meet. Precies de plaats die nodig was om het “zilver” vast te houden. In de groep nam Van Vliet geen risico meer. Zijn triomf was immers zeker. De prestatie-prijs in de achtste etappe was voor Michel Jacobs (Michelin Banden).

Uitslag:
1. F. van Katwijk (Soka-Gazelle) 1.51.06 (met bon. 1.50.51) 2. A. Hassink (Amstel) 1.51.06 (met bon. 1.50.56), 3. P. Maas (Soka-Gazelle) 1.51.06 (met bon. 1.51.01), 4. G. van Gerwen (Van Erp-Saicis) 1.51.06, 5. M. Purzla (Tsj.) z.t., 6. R. van Trigt (Michelin) z.t., 7. B. Huveneers (Olympia) z.t., 8. G. Nederlof (Bik Sloopwerken) z.t., 9. P. v. d. Kruys (Van Erp-Saicis) z.t., 10. P. Kuys (Batavus) zt. 11. J.v. d. Weide (Olympia) z.t., 12. G. Schipper (Michelin) z.t., 13. A. Scheffer (Ketting-Shimano) z.t., 14. C. Groenewegen (Olympia) z.t., 15. S. Kaleev (Rusland) z.t., 16. R. de Vries (Olympia) z.t., 17. T. Huyzen (Batavus) z.t., 18. R. Groen (Michelin) z.t., 19. V. Tsjapovalov (Rusl.) z.t., 20. M. Caldara (Italië) z.t., 21. L. van Vliet (Amstel) z.t., 22. F. Schür (Ketting- Shimano) z.t., 23. A. van Houwelingen (Amstel) z.t., 24. W. Lugtenburg (Michelin) z.t., 25. J. Bakker (Ketting-Shimano) z.t., 26. P. van Leeuwen (Van Erp-Saicis) zt, 27. A. Deusing (Bik Sloopwerken) 1.51.16, 28. S. Tsjelpakov (Rusland) z.t., 29. B. Alfonsel (Spanje) z.t., 30. R. Akker (Bossche Staalbouw) z.t.
De pechvogelprijs werd toegekend aan Nico Hilberink (Amstel Bier).

2e etappezege voor Fons van Katwijk

Fons van Katwijk en de eindwinnaar van het sprint-klassement Peer Maas

Waardig slot van Olympia’s Ronde
LEO VAN VLIET WINNAAR MET VEEL ALLURE

Dus toch Leo van Vliet Dus toch de man van wie zesdaagse-keizer Peter Post gistermiddag met smakkende lippen zei: „Góóóóh, wat een coureurtje zeg, is dat even klasse…”

Herman Krott

Donderdagavond nog leek Van Vliet de eindzege in Olympia’s Ronde van Nederland te hebben vergokt. Een kleine rekenfout op de Afsluitdijk kostte hem het oranje leiderstricot. Maar nadat in Nibbixwoud de eerste teleurstelling met een dikke keel was weggeslikt, sprak van Vliet al: „Die ronde, die heb ik nog niet verloren. Van Katwijk is in de tijdrit te pakken.” .

En Van Vliet, hij kreeg gelijk. Het gelijk van de sterkste. Het gelijk van de man, die van het hele peloton het meeste recht had op de eindzege in Olympia’s Ronde van Nederland. Twintig jaar is hij, deze zoon van een Westlandse transporteur, maar hij krijgt nu al de allure van een vedette. Hij praat goed hij gebruikt z’n hersens goed en vooral: hij fietst goed.

Natuurlijk, Leo van Vliet won de tijdrit niet. Daarvoor mankeert het hem nog aan pure kracht. Maar wie hem gisterochtend door de weidse polders rondom Nibbixwoud heeft zien jagen, moet toch op z’n minst onder de indruk zijn gekomen. Plat op z’n fiets, het koppie schuin naar voren en alleen maar bewegend met de benen, suisde hij als een grote, laagvliegende zwaan onder de grijze wolken door. Ploegleider Herman Krott: „Als ik die goser zie rijden, dan heb ik steeds de neiging om te roepen: „harder, harder.” Je ziet gewoon niet, dat hij zich inspant.”

Je ziet het inderdaad niet, maar hij doet het uiteraard wel. Leo van Vliet gaat desnoods door de grens. Dan doet het hem blijkbaar niets als die zeurende pijn in zijn bovenbenen steeds sterker wordt. Dan interesseert het hem blijkbaar helemaal niet als het slijm zich als watten vastpropt in het strottenhoofd.

door Rob van Dobbelsteen, Het Parool

Dan vergeet hij blijkbaar de zweetdruppels die zich vanaf het voorhoofd bijtend vastzetten in de ogen. Leo van Vliet nadat h j na de tijdrit te Nibbixwoud wel vijf minuten nodig had om weer enigszins op adem te komen met schorre stem: „Ik ben tot de bodem gegaan … tot de bodem … voor het eerst van m’n leven.”

Een instelling dan die Van Vliet de tweede plaats in de tijdrit opleverde. Achter Arie Hassink. die het 23 kilometer lange parkoers nog juist 7 seconden sneller aflegde. Van Vliet nadat hij de vreugdetranen met slinkse gebaren van de wangen had geboend: „Ik had er wel rekening mee gehouden, dat ik Fons van Katwijk zou pakken, maar dat ik zo dicht bij Arie zou eindigen en dat ik Gerrie van Gerwen zelfs zou kloppen, dat had ik nooit gedacht. Alleen maar gehoopt. Ik heb nu toch zeker weer de oranje trui, hè?”

Leo van Vliet had ‘m inderdaad weer. Fons van Katwijk immers werd op bijna een minuut gereden door Van Vliet, die na lang aarzelen zomaar een blad met 53 tandjes had laten monteren. Van Vliet: „Dat had ik nog nooit gereden. Ik rij normaal een 52. Ik heb vandaag mezelf ontdekt. Maar het was nu ook alles of niets.”

Op het podium de huldiging van de winnaars van het ploegenklassement: Van Erp-Saicis we zien v.l.n.r: Gerrie van Gerwen. Henk Mutsaers en Henk Lubberding

Het werd dus alles. Na een Ronde waarin hij bijzonder veel indruk maakte. Waarin hij de oranjetrui, de groene puntentrui en de witte trui van het combinatie klassement bemachtigde. Hij, debutant nota bene, werd ook door Arie Hassink (ploegmakker en tweede in het algemeen eindklassement) zonder veel omhaal als „de sterkste” aangemerkt. Arie, die met enig tandengeknars pas na de etappe naar Bladel (maandag) het kopmanschap van Van Vliet had aanvaard: „De beste heeft hier gewonnen.”

De ploeg Van Erp-Saicis, winnaar van het ploegenklassement, v.l.n.r: Henk Mutsaers, Henk Lubberding, Piet van der Kruys en Piet van Leeuwen

Maar wat nu? Leo van Vliet is er nog niet helemaal uit. Hij is voorzichtig. Waakt zich ervoor al teveel hooi op de vork te nemen. Werkt nu naar het Nederlands kampioenschap toe èn uiteraard naar de Olympische Spelen. Maar daarna… ? Van Vliet: „Ik weet het nog niet. Aan prof worden, daar heb ik natuurlijk wel aan gedacht, maar wanneer, dat weet ik niet. Ik haast me niet.”

V.l.n.r: Gerrie van Gerwen. Henk Mutsaers, Henk Lubberding (verscholen achter de rondemiss Piet van der Kruys) en Piet van Leeuwen. Niet op de foto Hans Koot

Vader Piet van Vliet echter, vader van negen kinderen: „Toen-ie zestien was, toen haalde-ie zijn MAVO-diploma. Kwam-ie bij me op kantoor. Maar dat hield-ie niet uit. Is-ie bij mij bulldozermachinist  geworden. Dat ging wel. Maar van toen af-aan heeft hij wel steeds gezegd, pa ik wil wielrenner worden. En ik heb altijd gedacht, dat kan-ie. Want, meneer, het toch zon hete hè. Dat brandt van binnen bij die jongen.”

Wat onder meer bleek in zijn laatste jaar als junior. Leo van Vliet zaaide schrik en verderf onder zijn arme leeftijdsgenoten, ging 26 keer als eerste over de eindstreep en stapte als een „grote belofte” over naar de amateurs. Die „grote belofte” is hij nu helemaal. Vooral na zijn imponerende zege in  deze Olympia’s Ronde. Van Vliet zal zich internationaal natuurlijk nog moeten bewijzen en lijkt met dat magere lijfje van ‘m lichamelijk vrij breekbaar. Herman Krott echter, de man die hem zo voorzichtig mogelijk naar de top wil leiden: „Fausto Coppi… dat was toch ook zo’n iel ventje?”

Leo van Vliet, naast de eindzege in het Algemeen Klassement ook winnaar van het Punten- en Combinatieklassement !!

LEO VAN VLIET, de terechte winnaar van Olympia’s Ronde, en de rondemiss in de bloemen
Michel Jacobs stelde in tijdrit teleur Oranje trui definitief voor Leo van Vliet

Olympia’s Ronde van Nederland eindigde zoals hij negen dagen eerder begon. Met Leo van Vliet op de eerste en zijn ploegmakker Arie Hassink op de tweede plaats. In de tijdrace over 23 kilometer, die de korte slotetappe naar Amsterdam vooraf ging, toonden de twee Amstelrijders van Herman Krott dat zij met reden de dubbele victorie voor hun ploeg opeisten. Niemand bleek in deze tijdrace opgewassen tegen van Vliet en Hassink.

door Wiel Verheesen, Limburgs Dagblad

Herman Krott stond glunderend tussen zijn twee paradepaartjes die een gezonde rivaliteit tijdens de ronde niet uit de weg waren gegaan. Maar die elkaar toch niet in de wielen reden toen daags na het Limburgse weekeinde, de strategie voor de resterende etappes werd uitgestippeld. De tijdrace in Nibbixwoud verbrijzelde vooral de illusies van Fons van Katwijk. Het oranje leiderstricot die hij een dag eerder, tijdens een onvergetelijke etappe over de Afsluitdijk, had veroverd, moest hij voor de laatste rit begon weer ruilen voor het roodwitte tricot van de Sokaploeg.

In de 23 kilometer met het horloge als scherprechter was een ontketende Hassink („Eindelijk weer een tijdritoverwinning sinds drie jaar”) bijna een volle minuut en van Vliet 49 Seconden sneller dan van Katwijk. Fons van Katwijk revancheerde zich in de middaguren. Zijn woorden: „Pas op! De ronde is nog niet beslist en ik zal gegarandeerd nog aanvallen”, werden weliswaar niet bewaarheid, maar de Brabander slaagde er wél in de massasprint in de hoofdstad te winnen. Dat Hassink tweede werd en derhalve via voldoende bonificatie in het algemeen klassement eveneens op deze plaats bleef, deerde van Katwijk niet. „Deze nieuwe ritzege maakt Olympia’s Ronde voor mij toch weer helemaal goed”, aldus de enkele uren eerder diep ontgoochelde Sokacoureur. In de tijdrit waren overigens meerdere verliezers dan alleen maar van Katwijk. Gerrie van Gerwen bijvoorbeeld. Van een Michel-Jacobs-explosie bleek evenmin sprake. De rit die de enige Limburgse deelnemer een triomf had moeten bezorgen om althans zijn prestige ie redden, beëindigde hij in vijfde stelling. En dat was gezien zijn reputatie dit seizoen (2e in de tijdrit tijdens de Driedaagse van Noord-Holland en winnaar in het gevecht tegen de klok in de Ronde van Zeeuws Vlaanderen) wel enigszins teleurstellend. Op weg naar Amsterdam joeg Jacobs weliswaar onophoudelijk de ruimte in, maar de Amstelbrigade riep iedere onruststoker tot de orde.

Leo van Vliet dus op het erepodium. De coureur uit Honselersdijk was geen gelegenheidstriomfator. Hij behoorde reeds tot de Olympische selectie nog vóór hij onlangs de Ronde van de Haarlemmermeer won. Zijn naam had reeds een landelijke bekendheid nog vóór hij na de machtige proloog het eerste leiderstricot van Olympia’s Ronde mocht aantrekken. Hij verdween sedert die eerste kilometers in Scheveningen niet meer uit de voorste gelederen. Gedurende vijf etappes droeg hij het oranje tricot. „Toen ik aan de tijdrit begon geloofde ik overigens niet in het heroveren van de leiderstrui” zei hij naderhand. Herman Krott joeg zijn pupil extra hard op door hem toe te schreeuwen dat hij halverwege niet reeds veertig maar slechts tien seconden sneller had gereden dan van Katwijk. „Voor van Katwijk was ik echter niet bang, maar ik dacht zeker dat ik ten opzichte van Van Gerwen tekort zou schieten”, aldus van Vliet.

De triomfator van Olympia’s Ronde heeft voorlopig nog slechts één wens. Hij hoopt niet lang na de Olympische Spelen de stap naar het professionalisme te kunnen zetten. „Ik zit binnenkort negen jaar op de fiets”, verduidelijkte de bulldozermachinist uit het Westland. Nu wordt het langzamerhand tijd om te kijken of ik van de wielersport mijn beroep kan maken.”

„Leo van Vliet is grootste talent van Nederland…”

Wie Leo van Vliet (20), de winnaar van Olympia’s amateurronde, wil portretteren kan er haast niet onderuit ploegleider Herman Krott van Amstel te raadplegen. Krott immers is de voornaamste leermeester van de renner uit Honselersdijk, die reeds op piepjonge leeftijd de top heeft bereikt.

Krott: „Van Vliet is het grootste talent van Nederland. Hij kan een heel grote crack worden”. Een gedurfde uitspraak van Krott. Maar misschien wel een juiste. Leo van Vliet heeft inderdaad erg veel méé. Dat hij kan klimmen bewees hij vorig jaar in de Spaanse Vuelta à Navarra, waar hij in het wiel bleef van. ’s werelds beste amateurs. Dat hij in wind en regen voor geen ander behoeft onder te doen bleek in diverse nationale klassiekers én in Olympia’s Ronde.

En dat hij als tijdrijder een renner van kaliber is, liet hij gisterochtend zien in de beslissende race van Olympia’s Ronde. Dat was de race tegen de klok in Nibbixwoud, waar hij als tweede finishte. Leo van Vliet, een  coureur met perspectief. Sommige insiders vergelijken hem met Joop Zoetemelk, Nederlands beste professional. En inderdaad bestaat er overeenkomst Van Vliet heeft dezelfde fraaie zit, lijkt in lichaamsbouw op Zoetemelk, en hij is een all-rounder. Maar daarmee is” niet gezegd dat Van Vliet ook een vedette zal worden. De weg naar de top van de beroepsrenners (Van Vliet wil volgend jaar overstappen) is nog lang. Herman Krott: „Leo is nog niet volgroeid. Hij moet bovendien nog veel leren en veel geduld hebben”. Het troetelkind van Krott zit als het ware op school. Hij doet ervaring op en test zichzelf.

Door Guido de Vries NRC Handelsblad

Gisteren heeft Van Vliet zich volgens zijn zeggen tenminste, voor het eerst in zijn leven compleet leeggereden. „De andere dagen in Olympia’s Ronde”, zegt hij, „ben ik niet eens tot op de bodem van mijn kunnen gegaan”. Dat klinkt wel wat overdreven uit de mond van een jonge winnaar, die wat public relations betreft overigens ver voor ligt op bijvoorbeeld Joop

Zoetemelk, de man, die de verzamelde wielerpers gewoonlijk maar bar weinig heeft te melden. Maar Leo van Vliet, het blijkt steeds weer, is dan ook bijzonder zelfbewust Hij zou er verstandig aan doen ervoor te waken dat dat geloof in eigen kunnen niet leidt tot zelfoverschatting. In dat verband kan het gedrag van zijn supporters zeer nadelig werken. Overal waar Van Vliet fietst wordt hij bejubeld en verafgood door een uitgebreide fanclub, waarvan zijn vader zo’n beetje het opperhoofd is. Het is in deze clan enkel en alleen „Vlietje”, die in tel is. Andere renners ziet men niet staan. Herman Krott probeert zijn leerling zoveel mogelijk aan deze boze invloeden, die gepaard gaan met goedbedoelde, maar ondeskundige adviezen, te onttrekken. En ook Van Vliet zelf lijkt er uiterlijk tamelijk koel. onder. Maar het blijft oppassen geblazen.

Peter Post, ploegleider van de profstal Raleigh, zei gisteren in Nibbixwoud: „Door de bemoeienissen van ouders en andere leken is er menige carrière van een aankomend talent naar de bliksem gegaan. Dat gedoe rond zo’n jongen als Van Vliet heb ik hier eens bekeken. “nee, zo hoort het niet. ’t is gevaarlijk”. Van Vliet, die zijn debuut maakte in Olympia’s Ronde, is opgenomen in de voorlopige Olympische wegselectie.

Zijn kans op definitieve uitzending heeft hij door deze zege uiteraard vergroot, temeer, daar het parcours in Montreal heuvelachtig en Van Vliet een klimmer is. Bondscoach Joop Middelink laat nog niets los over zijn keuze voor de Spelen, maar het kan bijna niet anders of Leo van Vliet gaat naar Montreal.

EINDKLASSEMENTEN:

Algemeen individueel:
1. L. van Vliet (Amstel) 28.07.52, 2. A. Hassink (Amstel) 28.08.18, 3. F. van Katwijk (Soka-Gazelle) 28.08.21, 4. G. van Gerwen (Van Erp-Saicis) 28.08.46, 5. J. Bakker (Ketting-Shimano) 28.09.15, 6. B. van Lamoen (Batavus) 28.09.17, 7. F. Schür (Ketting-Shimano) 28.09.24, 8. H.  Lubberding (Van Erp-Saicis) 28.10.05, 9. K. v. d. Wereld (Ketting-Shimano) 28.10.09, 10. A. Scheffer (Ketting-Shimano) 28.10.86, 11. P. v. d. Kruys (Van Erp-Saicis) 28.11.22, 12. M. Jacobs (Michelin) 28.18.46, 13. S. Gousseinov (Rusland) 28.14.07, 14. A. van Houwelingen (Amstel) 28.14.53, 15. A. v. d. Steen (Militairen) 28.15.08, 16. P. Kuys (Batavus) 28.15.14, 17. J. Huisjes (Soka-Gazelle) 28.15.45, 18. S. Kaleev (Rusland) 28.16.07, 19. P. Maas (Soka-Gazelle) 28.16.48, 20. M. Caldara (Italië) 28.17.30, 21. J. J. Moral (Spanje) 28.17.54, 22. M. Havik (Ketting-Shimano) 28.18.00, 23. T. de Lange (Michelin) 28.18.06, 24. V. Tsjapovalov (Rusland) 28.18.24, 25. K. Sint Nicolaas (Ketting-Shimano) 28.18.38, 26. T. ter Harmsel (Amstel) 28.19.57, 27. E. Koersen (Batavus) 28.20.20, 28. G. Mak (Bossche Staalbouw) 28.21.26, 29. R. Akker (Bossche Staalbouw) 28.23.17, 30. T. Gevers (Bossche Staalbouw) 28.24.53, 81. R. Groen (Michelin) 28.25.01, 32. A. Kramer (Soka-Gazelle 28.28.19, 33. FF. Pirard (Amstel) 28.28.21, 34. P. van Leeuwen (Van Erp-Saicis) 28.29.37, 35. P. Matousek (Tsj.) 28.31.01, 36. R. van Trigt (Michelin) 28.31.24, 837. M. Pronk (Batavus) 28.32.18, 38. T. Huyzen (Batavus) 28.32.37, 39. T. Zijlstra (Militairen) 28.32.38, 40, C. Daminelli (Itaië) 28.32.55, 41. M. Purzla (‘Tsj.) 28.34.45, 42. V. Basko (Rusland) 28.35.17, 43. G. Brokelman (Bossche Staalbouw) 28.35.53, 44, W. Lugtenburg (Michelin) 28.35.59, 45. S. Tsjelpakov (Rusland) 28.37.30, 46. Th. Hogervorst (Bossche Staalbouw) 28.40.09, 47. A. Deusing (Bik Sloopwerken) 28.41.09, 48. J. van Houwelingen (Militairen) 28.43.56, 49. G. Nederlof (Bik Sloopwerken) 28.44.46, 50. B. Huveneers (ASC Olympia) 28.45.54, Bl. J. Olde Meule (Militairen) 28.46.35, 52. P. Hoekstra (Batavus) 28.46.55, 53. P. Martinez (Spanje) 28.47.33, 54. M. Gutierrez (Spanje) 28.47.40, 55. A. van Trijen (Militairen) 28.48.04, 56. P. Buchacek (Tsj.) 28.49.44, 57. H. Mutsaars (Van Erp-Saicis) 28.50.55, 58. J. v. d. Weide (ASC Olympia) 28.51.09, 59. C. Groenewegen (ASC Olympia) 28.52.00, 60. A. Prinsen (Soka-Gazelle) 28.52.46, 61. B. Alfonsel (Spanje) 28.52.59, 62. J. Poslusny (Tsj.) 28.54.03, 68. J. Kuiken (Militairen) 29.00.44, 64. F. Francissen (ASC Olympia) 29.04.22, 65. G. Schipper (Michelin Banden) 29.06.28, 66. C. Tuit (Bossche Staalbouw) 29.11.48, 67. A. de Groot (Bik Sloopwerken) 29.12.04, 68. R. de Vries (ASC Olympia) 29.22.30.

Punten:
1. L. van Vliet (Amstel) 135 pnt. 2. F. van Katwijk (Soka-Gazelle) 128 pnt., 8. G. van Gerwen (Van Erp-Saicis) 127 pnt., 4. A. Hassink (Amstel) 121 pnt., 5. B. v. Lamoen (Batavus) 78 pnt., 6. P. Kuys (Batavus) 73 pnt., 7. J. Bakker (Ketting-Shimano) 72 pnt, 8. P. v. d. Kruys (Van Erp-Saicis) 58 pnt. 9, P. Maas (Soka-Gazelle) 55 pnt., 10. J. Huisjes (Soka-Gazelle) 55 pnt. 11. R. van Trigt (Michelin) 52 pnt.  52. V. Tsjapovalov (Rusland) 50 pnt.

 

Combinatie:
1. L. van Vliet (Amstel) 11 pnt, 2. B. van Lamoen (Batavus) 13 pnt., 3. F. van Katwijk (Soka-Gazelle) 15 pnt. 4. G. van Gerwen (Van Erp-Saicis) 18 pnt, 5. A. Hassink (Amstel) 21 pnt., 6. F. Schür (Ketting-Shimano) 25 pnt., 7. P. Maas (Soka-Gazelle) 29 pnt. 8. P. v. d. Kruys (Van Erp-Saicis) 32 pnt, 9. J. Bakker (Ketting-Shimano) 39 pnt. 10. A.v. d. Steen (Militairen) 40 pnt.

Sprint:
1. P. Maas (Soka-Gazelle) 66 pnt. 2. B. van Lamoen (Batavus) 51 pnt. 3. A. v. d. Steen (Militairen) 39 pnt. 4. E. Koersen (Batavus) 29 pnt., 5. F. Schür (Ketting-Shimano) 29 pnt. 6. V. Basko (Rusland) 23 pnt, 7. M. Purzla (Tsj.) 21 pnt., 8. P. Hoekstra (Batavus) 13 pnt, 9. L. van Vliet (Amstel) 12 pnt, 10. F. van Katwijk (Soka-Gazelle) 11 pnt.

Ploegen:
1. J. van Erp-Saicis 82.58.24, 2. Amstel Bier 82.59.25, 3. Ketting-Shimano 82.59.35, 4, Batavus 83.03.16, 5. Soka-Gazelle 83.11.48, 6. Rusland 83.13.32, 7. Michelin Banden 83.21.11, 8. Bossche Staalbouw 83.26.07, 9. Militairen 83.30.12, 10. Tsjechoslowakije 83.57.13, 11. Spanje 84.09.16, 12. ASC Olympia 84.25.54, 18. Bik Sloopwerken 85.01.42.

De prijs voor de grootste pechvogel kreeg Henk Mutsaars (Van Erp-Saicis).
De prestatie-prijs gedurende de gehele Ronde werd toegekend aan B. van Lamoen (Batavus).

 

 

 

1959-05-28 Nijmegen, 3e etappe Olympia’s Tour

Militair succes in Nijmegen

Hub Harings vertelde me van zijn zege in de 3e etappe van Olympia’s Ronde van Nederland in 1959, de rit naar Nijmegen. Hub: “Ik reed op kop door de bocht op het kazerneterrein om de sprint aan te trekken voor van Egmond, er lag daar grind. Volgens velen reed ik daar te rap maar kwam goed door de bocht. Achter me kraakte het echter, een aantal renners waaronder ook Ab van Egmond sloegen tegen de grond. Ik trok door en won met een nog 50-tal meters voorsprong”.

Ik vond een paar prachtige foto’s van bij de start van deze etappekoers te Amsterdam in het nationaal archief en las een vreemd, enigszins grappig artikel in Het Parool van 29 mei 1959:

Wethouder mr. G. van ’t Hull loste op het Museumplein het startschot van de Ronde van Nederland 1959. „Olympia’s Tour”. Bij het vertrek te Amsterdam de militaire ploeg van ploegleider Schulte op de eerste rij (in de leiderstrui Ab van Egmond, daarnaast van Dijk, Hugens, Harings (geheel links), Solaro, van Kouwenhoven en Visser), 2e lijn Denemarken en op de 3e lijn de Limburgse ploeg (Boss, Brunenberg, Doek, Knoops, Ramakers, Steuten en Willemsen).

TOER-LANTIJNEN Misleidende eindsprint van een „tandestoker”

Gistermorgen om tien over half twaalf stormde in de Snijderskazerne te Nijmegen vlak achter de reclame-karavaan van Olympia’s toer een renner in een blauw tricot op de eindstreep af. Zijn benen wentelden in tomeloze vaart, zijn armen rukten aan het gebogen stuur, van zijn hoofd lag de hele voorzijde op de bidon en was alleen het achterste gedeelte zichtbaar. Enkele centimeters voor de finishlijn strekte de blauwe renner zijn rug en hief juichend z’n armen ten hemel.

Gerrit Schutte is weer „wielergeneraal”. Zijn dienstplichtige troetelkinderen in Olympia’s Toer door Nederland beschikken over het beste materiaal wat er is. Maar, zo vindt Schulte, dat materiaal moet dan ook op de beste manier gebruikt worden. Voor de start inspecteerde hij alle onderdelen. „Dat zadel moet je zó zetten,” commandeert hij. Foto: collectie Anefo

Ongeveer 500 officieren, onderofficieren, korporaals en manschappen van de Koninklijke Luchtmacht draaiden hun ogen gelijktijdig met de coureur over de eindstreep en zagen in een flits zijn rugnummer: 11. De weinige gelukkigen met een programma van Olympia’s Toer door Nederland zochten snel naar de naam van nummer elf. Cristensen van de Deense ploeg, gonsde het even later langs de rijen. Alleen de hoogste baas van de Nijmeegse militairen, de kazerne-commandant Tennissen, had in die ene flitsende seconde de zegevierende renner herkend. Het was de tandarts van de Snijderskazerne, de eerste luitenant W. G. A. Welp. De zege van tandarts Welp sloeg als een bom in het kampement. Commandant Teunissen zei ons, toen ook de „echte” winnaar, Hub Harings, over de eindstreep was gesneld en burger en militair eendrachtelijk rond de aantrekkelijk gedekte tafels in de onderofficiersmess zaten: “Hij heeft ons allemaal te grazen gehad, die tandenstoker.”

Museumplein Amsterdam, bij de start van Olympia’s Ronde van Nederland 1959. Foto: collectie Anefo

Vreemd. Een meer gedetailleerd verslag van de etappe vond ik in andere krant, het Overijssels dagblad:

Overijssels dagblad 29 mei 1959

Zelfs de heuvels van Berg en Dal konden in de eerste korte halve etappe van de derde dag geen scheiding inde rennerskaravaan teweeg brengen. ‘ Toch kwam de militair Hub Harings met acht seconden voorsprong op het terrein van de Snijderskazerne te Nijmegen als eerste over de eindstreep.

Museumplein Amsterdam, bij de start van Olympia’s Ronde van Nederland 1959. Foto: collectie Anefo

Nog geen 300 meter voor die streep had zich ineen van de onoverzichtelijke bochten op het kazerneterrein een valpartij voorgedaan, waarbij onder meer Ab van Egmond, Bart Solaro en Harry Scholten, die toen aan het hoofd van het peloton aan het wiel van Harings reden, betrokken werden. Door de verwarring kon Harings, die de sprint voor Van Egmond had moeten aantrekken, toen die acht seconden uitlopen. Hij veroverde tevens de voor de militairen zo belangrijke minuut bonificatie, waardoor hun achterstand op de ploeg van de Zwaluw tot iets meer dan twee minuten slonk.

Start van de 1e etappe van Olympia’s Tour, de Ronde van Nederland voor amateurs 1959 te Amsterdam. Foto: collectie Anefo

De Zwaluwrijders hadden de koers geheel beheerst. Zij voerden het tempo in deze rit door de prachtige Overijsselse en Gelderlandse landouwen zo hoog op, dat bijna niemand weg kon komen. Dick Enthoven, die het na 30 km probeerde, kreeg de Zwaluw van der Sluis mee om het tempo te drukken, en zelfs de hulp van Vander Steen en Aanraad kon dit groepje geen voldoende voorsprong opleveren. Vander Sluis vervulde zijn knechtenrol uitstekend en was er weer bij toen Boom een tot mislukking gedoemde vlucht ondernam.

Olympia’s Toer door Arnhem op weg naar Nijmegen. Het peloton snelt, het damcircuit op, de brug tegemoet. De grote middagpauze werd gehouden in de Snijderskazerne te Nijmegen, waar de renners de gasten waren van het garnizoen. Er was toen een parcours van 98 km verreden en vooral bij de heuvels van Berg en Dal hadden de renners hard getrapt. Deze halve etappe eindigde met een sprint rondom de kazerne, die met een kleine voorsprong werd gewonnen door Harings; hij had het parcours in 2 uur 3 minuten en 6 seconden afgelegd. Tijdens de rondrit om de kazerne had in een bocht nog een valpartij plaats, waarbij drie renners waren betrokken. Het liep allemaal nog tamelijk goed af alleen met schrammen en builen. Om half vier vanmiddag vertrokken de renners voor de tweede helft van de etappe, die hen door Limburg voert. De uitslag van de halve etappe van hedenmiddag luidt: 1. Harings; 2. Wuurman; 3. Niesten; 4. v. d. Steen; 5. Corstjens; 6, Visser en 7. Van Smirren.   Arnhemsche Courant 28 mei 1959

De uitslag luidde: 1. Harings (militaire ploeg) 2.23.06 (met bonificatie 2.22. 06); 2. Wuurman (Le Champion) 2.23.14 (m. bon. 2.22.44); 3. Niesten (Wilhelmina) 2.23.14 (m. bon. 2.22.59); 4. Van der Steen (Wilhelmina) 2.23.14, 5. Corstjens (Wilhelmina) zt., 6. Enemark (Denemarken) z.t, 7. Wim van Smirren (Le Champion) z.t., 8. Scholten (Spartaan) z.t., 9. Swaneveld (Feyenoord) z.t.
De leiding in het algemeen klassement bleef in handen van Huub Zilverberg. Zijn ploeg „De Zwaluw” behield de leiding in het ploegenklassement.
De groene trui (puntenklassement) werd veroverd door Harry Scholten (Spartaan).

Klik en lees Het Parool 28 mei 1959

Klik en lees De Maasbode 28 mei 1959

1968-08-20 De Ronde van Honselersdijk

Leo Duyndam haalt ’t niet, Ward Sels wel

Leo Duyndams vroege vlucht schraagde het optimisme van de twintigduizend in. Honselersdijks nauwe straten samengestroomde supporters. Een paar sterke mannen erbij en het peloton ziet hem nooit meer terug, zo redeneerde men. Maar kenners oordeelden anders. Zij noemden Duyndams drieste poging „gekkenwerk” en wachtten op de klap die komen moest. En hij kwam, de koers was nog niet half gedaan. Honselersdijk berustte, maar de hoop op een flonkerende finale van de favoriet bleef. Echter, in de adembenemende finish streden anderen vooraan. Ward Sels, de Belg, greep de bloemen, Duyndams naam ontbreekt bij de twintig besten…

Foto’s : Ruud Hoff

Van onze verslaggever LOET VAN SCHELLEBEEK, Het vrije volk 21-08-1968

Het was het vuurwerk aan het slot van een volmaakt volksfeest. Honselersdijk, heel het Westland was uitgelopen om de vedetten te bejubelen.’ Ze waren er allemaal: Jan Janssen, stralend in het geel, zijn vazallen uit de Tour, Eddie Beugels, Arie den Hartog en wegkampioen Eef Dolman, „zesdagenkeizer” Peter Post, sprintkampioen Gerard Koel, Rinie Wagtmans, Harrie Steevens, Harm Ottenbros, allemaal…

En ze boden spannende strijd.
Dat begon al meteen na het startschot van locoburgemeester Hordijk. Aangemoedigd door vele vette premies – zelden zag men een koers, zo overladen met prijzen – waagden menigeen zich buiten de beschutting van de grote groep, maar een duidelijke afscheiding wist alleen Duyndam te bevechten. Vijfentwintig seconden was de uiterste marge die de fel reagerende hoofdmacht toestond. Dat bleek niet voldoende, zeker niet toen Jan Janssen en Evert Dolman hoogstpersoonlijk de jacht gingen leiden.

Niet lang bleven daarna de gelederen gesloten. Het was Limburgse Jan Harings die de lont aanstak.. Rinie Wagtmans dichtte het gat en samen ontstalen zij ronde na ronde-seconden aan het toch zeker niet sukkelende veld. ‘Wie weet wat er van hun vlucht was geworden, als daar niet plotseling dat meisje was geweest.

Jan Harings trof het ongeluk, hij smakte tegen het plaveisel. Alleen moest Wagtmans proberen de jachtende meute op afstand te houden, het was onbegonnen werk. Met nog 25 ronden streek de groep (met opgelapte Jantje Harings) op de eenzame vluchteling neer. De strijd was weer open.

Honselersdijk schreeuwde toen om Duyndam. Men voelde: hier lag Leo’s kans. Maar mét Duyndam sprongen ook pittige prijsvechters Ward Sels en Gerard Vianen naar de vrijheid en dat gedoogde Dolman niet. De finale naderde, demarrages schroefden de spanning naar grote hoogte. Maar niemand kwam weg, de spurt moest uitkomst brengen. Baansprinter Koel vergiste zich in Sels’ sterke eindschot en wist zich al ver voor de meet verslagen.

De uitslag luidt
Professionals: 100 km in 2 uur, 22 min., 18 sec.
1. Ward Sels (België)
2. Gerard Koel (Adam)
3. Juul v. d. Flaas (België)
4. Cor Schuuring (Amsterdam)
5. Harrie Steevens (Elsloo)
6. Peter Post (Amstelveen)
7. Maarten Breure (Rotterdam)
8. J. de Roo (Kruiningen)
9. Jan Harings (Sibbe)
10. Jo van Seggelen (Budel-schoot)
11. Harm Ottenbros (Hoogerheide)
12. Rinie Wagtmans (St. Willebrórd)
13. Gilmore (Engeland)
14. Henny Peters (Haarlem)
15. Wim Schepers (Stein)
16. Johnny Brouwer (Rotterdam)
17. Cees Zoontjes (Tilburg)
18. Eef Dolman (Weustenrade)
19. Tiemen Groen (Follega)
20. Gerard Vianen (Kockenge)

Adspiranten: 20 km in 31 min. 10sec:
1. C. van Bragt (Lage Zwaluwe),
2. N. de Vries( Vlaardingen),
3. L. den Hartich (Blaakschendijk),
4. R. Aversteeg (R’dam),
5. H. van den Adel (Papendrecht),
6. F. Grootzwagers (R’dam),
7. G. Post (Aalsmeer),’
8. H. Sollevelt (Den Lier),
9. G.Broeren (Bolnes),
10. H: Kraal (Papendrecht).

Geheugen van Nederland
Maker Ruud Hoff
Vervaardigingsjaar 20 augustus 1968
Collectie Algemeen Nederlands Persbureau – Fotoarchief, 1963-1968
http://www.geheugenvannederland.nl/nl/geheugen/results…

STEEVENS VIJFDE IN HONSELERSDIJK
HONSELERSDIJK

De Belg Ward Sels heeft dinsdagavond in Honselersdijk een profcriterium over 100 kilometer gewonnen. In de eindsprint van het volledige peloton liet de Belg Gerard Koel en zijn landgenoot Jules van der Flaas achter zich. Harrie Steevens werd vijfde.

De uitslag luidt: 1. Ward Sels (België) de 100 km in 2.22.8; 2. Gerard Koel (Amsterdam); 3. Jules van der Flaes (België); 4. Cor Schuuring (Amsterdam); 5. Harrie Steeyens (Elsloo); 6. Jo de Roo (Kruiningen); 7. Maarten Breure (Rotterdam); 8. Harm Ottenbros (Ossendrecht); 9. Jan Harings (Sibbe); 10. Jo van Seggelen (Budelschoot).
Limburgs dagblad 21-08-1968

Foto”s: MakerRuud HoffVervaardigingsjaar20 augustus 1968CollectieAlgemeen Nederlands Persbureau – Fotoarchief, 1963-1968

Ronde van Honselersdijk 1968 – De allereerste professionele Wielerronde in het Westland:

Het idee om een professionele wielerronde in het dorp te organiseren kwam van George van der Enden en Dirk van Staalduinen en werd praktisch opgepakt door Dirk van der Pol, voorzitter van de damclub die het café als vaste standplaats had.

Café Bij ’t Hof had een centrale rol in het wielerleven, Dirk het benodigde netwerk en Honselersdijk een groot aantal fanatieke wielerliefhebbers. In George beschikte men over een begenadigd speaker en degene die hier achterop de motor zat en verslag deed aan de jury. Dat maakte het eigenlijk vanzelfsprekend dat Dirk en George, samen met die andere liefhebbers, het initiatief namen om dit evenement in Honselersdijk op te zetten met Bij ’t Hof als centraal punt. De organisatie was in handen van het plaatselijk wielercomité, de Honselersdijkse Ondernemersvereniging en andere plaatselijke cafés.

Een geslaagd evenement begint met goede voorbereidingen: een draaiboek. Dat is er voor elk evenement en zeker voor dit unieke wielerevenement. Dat kon je wel aan Dirk van Staalduinen overlaten. Op de voorgrond stond speaker George van der Enden, met achter hem Dirk: op zijn best wanneer hij maar op de achtergrond kon werken. Vaststellen wat er georganiseerd moest worden, de juiste mensen daarbij zoeken en deze bij elkaar brengen in het café en vanuit zijn positie alles in de gaten houden en bijsturen waar nodig. Een onopvallende maar essentiële taak die hem op het lijf was geschreven. Zo vormden George en Dirk een onverslaanbaar team. Behalve wanneer je met beroemdheden te maken hebt. Vraag dat maar aan Francien….

Francien: George en Dirk waren twee handen op een buik in hun liefde voor het wielrennen. Het was op een zaterdagavond, juli 1968, dat de telefoon ging en George het idee opperde. Dirk was er meteen voor te vinden. En hoe ze het voor elkaar kregen weet ik niet meer, maar al drie weken later ging de eerste Honselersdijkse profronde van start! En het was niet zomaar wat: Jan Janssen, de eerste Nederlandse tourwinnaar, startte. Dat kon niet anders als een groot succes worden en dat werd het ook. Het was verschrikkelijk druk in het dorp en de kranten stonden er van vol.’

Het hebben van de goede contacten is natuurlijk essentieel. Fred Racké en Henk Kruithof van de Haagsche Courant waren zulke contacten, waardoor er voldoende startgeld beschikbaar kwam. Henk Kruithof versloeg de Westlandse wielerrondes en Fred, ook fanatiek wielerliefhebber, alleen de profrondes. Na het succes van de eerste sprak het eigenlijk vanzelf dat er een tweede profronde moest komen en die kwam er ook, in 1969. En toen stond tourwinnaar Eddy Merckx aan de start! Toen was Honselersdijk en ons café te klein voor alle belangstellenden. Wat een heksenketel was dat.

Door de betrokkenheid van de Haagsche Courant werd er in die krant, in de Westlandsche Coutant en Het Binnenhof optimaal gebruik gemaakt van publiciteit vooraf. Dat leidde tot een onverwacht hoog bezoekersaantal.

“Honselersdijk één avond een grote heksenketel” kopte de Haagsche Courant, de dag nadien. “Vol, overvol, was Honselersdijk gisteravond. Het anders zo rustige, landelijke tuindersdorp barstte bijna uit zijn voegen. Samengeperst langs een elfhonderd meter lange strook klontten meer dan 20.000 mensen op elkaar.”
Dat was maar liefst een viervoud van het inwonertal van Honselersdijk!

Francien: Die eerste keer was natuurlijk niet zomaar een ronde. Allereerst hadden Dirk en George de eerste Nederlandse winnaar van de Tour de France: Jan Janssen aan de start weten te contracteren, met hulp van de Haagsche Courant! De favoriet was natuurlijk onze eigen Leo Duyndam, maar die won de ronde helaas niet.

Vooraf in De Haagsche Courant: “Eerzame huismoeders slingerden met de grootst mogelijke stemverheffing aanmoedigingen naar Leo Duyndam tijdens zijn vertwijfelde vlucht. Na de finale de teleurstelling. Geen bloemen voor Leo Duyndam, zelfs geen plaats bij de eerste twintig voor de naar de overwinning toegesmeekte coureur. Maar het Westlands wielerpubliek is sportief. Winnaar Ward Sels kreeg een daverend applaus.

Francien en ik lopen rustig langs de vele hoogtepunten. En dan staat daar opeens dat tv-scherm, onopvallend in een hoekje. Daar wordt steeds de video herhaald van de onthulling van een beeldje ter herinnering aan het Westlandse wielertalent Leo Duyndam. En daar, volkomen onverwacht en onvoorbereid, ziet Francien haar Dirk en zichzelf voorbij komen. We zijn er alle twee even stil van en laten het bezinken in de Hooiberg. Daarna bekijken we de video nog eens. Bij Francien komen allerlei herinneringen boven: aan Dirk, aan George en aan al die aanwezige fietsers die na afloop van de onthulling op de fiets stapten naar Bij ’t Hof, waar Francien al op ze wachtte met koffie.

Francien: ‘Ik was op mijn post, zoals altijd.’ In de Hooiberg vertelt Francien het verhaal van de profrondes in het Westland en haar rol daarin.

‘De voorbereidingen vonden zoals gebruikelijk voor alle wielerrondes plaats in het zaaltje van het café.De eigenaren van de wielerzaken in het Westland, George van der Enden, Tony Viskil en Jan van Vliet kwamen bij elkaar en de afspraken werden gemaakt. Daarna volgde een luchtiger element: de verkiezing van een Rondemiss. Hiervoor waren een aantal lieftallige dames opgetrommeld die in nette kleding langs de heren van de organisatie paradeerden. De Rondemiss bleef dat hele wielerjaar in functie. De heren kozen de in hun ogen meest aantrekkelijke en representatieve dame.’

De ogen van Francien beginnen te glimmen bij de herinnering aan deze avonden.
‘Na afloop van de missverkiezing werd er een feestje gebouwd in het zaaltje. Alle kandidates dansten; rock- en rollden dat het een lieve lust was: het ging er feestelijk aan toe tot in de kleine uurtjes!

En toen was het zover: de eerste Honselersdijkse profronde in1968. Bij aanvang van een ronde moesten deelnemende renners zich in het zaaltje melden voor plaatsbewijzen en rugnummers. Na afloop van de ronde kwamen de renners daar hun enveloppen met beloning ophalen en daarna dineerde het organiserende comité en de jury in het café met de genodigden, de wielercomités van alle andere Westlandse gemeentes, de politie en de EHBO-medewerkers.